Zum Hauptinhalt

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
30 JANUARI 2026. - Decreet tot wijziging van de Vlaamse Codex Dierenwelzijn van 17 mei 2024
Titre
30 JANVIER 2026. - Décret modifiant le Code flamand du bien-être des animaux du 17 mai 2024
Dokumentinformationen
Numac: 2026001313
Datum: 2026-01-30
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2026001313
Date: 2026-01-30
Moniteur: Voir
Tekst (26)
Texte (26)
Artikel 1. Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid.
Article 1er. Le présent décret règle une matière régionale.
Art. 2. In artikel 3 van de Vlaamse Codex Dierenwelzijn van 17 mei 2024 worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° er wordt een punt 10° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "10° /1 gastgezin: een natuurlijke persoon die op initiatief van een dierenasiel dieren opvangt op een andere plaats dan in het dierenasiel zelf;";
  2° in punt 13° en 16° wordt de zinsnede ", die voldoet aan de bepalingen van dit decreet en de uitvoeringsbesluiten ervan" geschrapt.
Art. 2. A l'article 3 du Code flamand du bien-être des animaux du 17 mai 2024, les modifications suivantes sont apportées :
  1° il est inséré un point 10° /1, rédigé comme suit :
  " 10° /1 famille d'accueil : une personne physique qui, à l'initiative d'un refuge pour animaux, accueille des animaux dans un lieu autre que le refuge pour animaux lui-même ; " ;
  2° dans les points 13° et 16°, les mots " qui satisfont aux dispositions du présent décret et de ses arrêtés d'exécution " sont supprimés.
Art. 3. Aan artikel 17, § 2, eerste lid, van hetzelfde decreet wordt een punt 7° toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "7° de verzorging van de dieren.".
Art. 3. L'article 17, § 2, alinéa 1er, du même décret est complété par un point 7°, rédigé comme suit :
  " 7° les soins aux animaux. ".
Art. 4. In artikel 18 van hetzelfde decreet wordt het eerste lid opgeheven.
Art. 4. Dans l'article 18 du même décret, l'alinéa 1er est abrogé.
Art. 5. Aan artikel 19, tweede lid, van hetzelfde decreet wordt een punt 4° toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "4° de wijze van verantwoording van de subsidies, met inbegrip van de controle op de naleving van de voorwaarden voor de subsidies.".
Art. 5. L'article 19, alinéa 2, du même décret est complété par un point 4°, rédigé comme suit :
  " 4° le mode de justification des subventions, y compris le contrôle du respect des conditions relatives aux subventions. ".
Art. 6. In artikel 23, tweede lid, van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° aan punt 2° worden de woorden "en de procedure voor de beoordeling van de aanvraag" toegevoegd;
  2° er wordt een punt 4° toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "4° de procedure voor de terugvordering van de subsidies.".
Art. 6. A l'article 23, alinéa 2, du même décret, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le point 2° est complété par les mots " et la procédure d'évaluation de la demande " ;
  2° il est ajouté un point 4°, rédigé comme suit :
  " 4° la procédure de recouvrement des subventions. ".
Art. 7. Aan artikel 27, eerste lid, van hetzelfde decreet wordt een zin toegevoegd, die luidt als volgt:
  "Dieren worden ook niet verhandeld bij de koper thuis, tenzij:
  1° het initiatief van de koper zelf uitgaat;
  2° het gaat om een verkoop op afspraak tussen professionele houders, in het kader van regelmatig voorkomende transacties.".
Art. 7. L'article 27, alinéa 1er, du même décret est complété par une phrase, rédigée comme suit :
  " Les animaux ne sont pas non plus commercialisés au domicile de l'acheteur, sauf si :
  1° l'initiative émane de l'acheteur lui-même ;
  2° il s'agit d'une vente sur rendez-vous entre détenteurs professionnels, dans le cadre de transactions régulières. ".
Art. 8. In artikel 31, tweede lid, van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in punt 2° wordt tussen de woorden "de identificatie" en de woorden "en het land van oorsprong" de zinsnede ", de persoon of inrichting van herkomst" ingevoegd;
  2° er wordt een punt 5° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "5° /1 het kweken van dieren;";
  3° er wordt een punt 9° toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "9° de instanties of personen waaraan de dieren worden verkocht.".
Art. 8. A l'article 31, alinéa 2, du même décret, les modifications suivantes sont apportées :
  1° au point 2°, le membre de phrase " , la personne ou l'établissement d'origine " est inséré entre les mots " l'identification " et les mots " et le pays d'origine " ;
  2° il est inséré un point 5° /1, rédigé comme suit :
  " 5° /1 l'élevage d'animaux ; " ;
  3° il est inséré un point 9°, rédigé comme suit :
  " 9° les instances ou personnes auxquelles les animaux sont vendus. ".
Art. 9. In artikel 33 van hetzelfde decreet wordt paragraaf 2 vervangen door wat volgt:
  " § 2. De Vlaamse Regering bepaalt de procedure om het certificaat van goedkeuring van het wegvervoermiddel, vermeld in artikel 18 van verordening (EG) Nr. 4/2005 van de Raad van 22 december 2004 inzake de bescherming van dieren tijdens het vervoer en daarmee samenhangende activiteiten en tot wijziging van de Richtlijnen 64/432/EEG en 93/119/EG en van Verordening (EG) Nr. 4255/97, aan te vragen, uit te reiken, te schorsen of in te trekken. De Vlaamse Regering bepaalt het tarief van de retributie en de regels voor de betaling van de retributie om een certificaat van goedkeuring te verkrijgen.".
Art. 9. Dans l'article 33 du même décret, le paragraphe 2 est remplacé par ce qui suit :
  " § 2. Le Gouvernement flamand fixe la procédure de demande, d'octroi, de suspension ou de retrait du certificat d'agrément des moyens de transport par route, visé à l'article 18 du règlement (CE) n° 4/2005 du Conseil du 22 décembre 2004 relatif à la protection des animaux pendant le transport et les opérations annexes et modifiant les directives 64/432/CEE et 93/119/CE et le règlement (CE) n° 4255/97. Le Gouvernement flamand détermine le tarif de la redevance et les règles de paiement de la redevance pour l'obtention d'un certificat d'agrément. ".
Art. 10. In artikel 34 van hetzelfde decreet wordt de zinsnede "gedaan te Doha op 11 oktober 2012" vervangen door de woorden "zoals van kracht op de dag waarop de dieren worden besteld of verzonden".
Art. 10. Dans l'article 34 du même décret, le membre de phrase " signée à Doha le 11 octobre 2012 " est remplacé par les mots " telle qu'en vigueur le jour auquel les animaux sont commandés ou envoyés ".
Art. 11. In artikel 39 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1, 4°, worden de woorden "personeel in de slachthuizen die in contact komen" vervangen door de woorden "personeel in de slachthuizen dat in contact komt";
  2° in paragraaf 2 wordt het woord "ervan" vervangen door het woord "daarvoor";
  3° in paragraaf 3, tweede lid, 1°, wordt het woord "tot" vervangen door het woord "houdende";
  4° in paragraaf 3, tweede lid, 2°, wordt tussen het woord "bepalen" en de woorden "van het getuigschrift" de zinsnede "voor het aanvragen, uitreiken, schorsen of intrekken" ingevoegd;
  5° in paragraaf 3, tweede lid, 2°, worden de woorden "en van het" vervangen door de woorden "en het".
Art. 11. A l'article 39 du même décret, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le texte néerlandais du paragraphe 1er, 4°, les mots " personeel in de slachthuizen die in contact komen " sont remplacés par les mots " personeel in de slachthuizen dat in contact komt " ;
  2° dans le texte néerlandais du paragraphe 2, le mot " ervan " est remplacé par le mot " daarvoor " ;
  3° dans le texte néerlandais du paragraphe 3, alinéa 2, 1°, le mot " tot " est remplacé par le mot " houdende " ;
  4° dans le paragraphe 3, alinéa 2, 2°, les mots " les modalités relatives au certificat " sont remplacés par les mots " les modalités relatives à la demande, à l'octroi, à la suspension ou au retrait du certificat " ;
  5° dans le texte néerlandais du paragraphe 3, alinéa 2, 2°, les mots " en van het " sont remplacés par les mots " en het ".
Art. 12. In artikel 40, § 1, eerste lid, van hetzelfde decreet worden de woorden "overtredingen van de personen" vervangen door de woorden "overtredingen door de personen".
Art. 12. Dans le texte néerlandais de l'article 40, § 1er, alinéa 1er, du même décret, les mots " overtredingen van de personen " sont remplacés par les mots " overtredingen door de personen ".
Art. 13. In artikel 63 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 20 december 2024, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° paragraaf 2 wordt vervangen door wat volgt:
  " § 2. Het Vlaams Dierenwelzijnsfonds wordt gespijsd met:
  1° de volgende opbrengsten:
  a) de retributie voor de aanvragen tot erkenning, vermeld in artikel 8, § 2, tweede lid, van dit decreet;
  b) de bijdrage voor de identificatie en registratie van honden en katten, vermeld in artikel 14 van dit decreet;
  c) de retributie voor de aanvragen tot erkenning, vermeld in artikel 17, § 3, van dit decreet;
  d) de retributie voor het toekennen van het certificaat van goedkeuring van het wegvervoermiddel, vermeld in artikel 33, § 2, van dit decreet;
  e) de retributie voor het toekennen van de vergunning, vermeld in artikel 33, § 3, van dit decreet;
  f) de retributie voor de aanvragen tot erkenning, vermeld in artikel 33, § 4, van dit decreet;
  g) de retributie voor de aanvragen tot erkenning, vermeld in artikel 49, § 1, tweede lid, van dit decreet;
  h) de retributie voor de opdrachten die zijn uitgevoerd door de dierenartsen die door het departement zijn aangesteld, vermeld in artikel 65, § 2, tweede lid, van dit decreet;
  i) de administratieve geldboetes, vermeld in artikel 70, § 3, van dit decreet;
  j) de administratieve boetes, vermeld in artikel 41bis van de wet van 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren;
  k) de geldsommen, vermeld in artikel 70, § 3, van dit decreet;";
  2° schenkingen, legaten en sponsoring;
  3° vrijwillige bijdragen van de proefdiergebruikers voor onderzoek naar en promotie van alternatieven voor dierproeven;
  4° rechtsplegingsvergoedingen die in het kader van rechtszaken opgelegd kunnen worden;
  5° de inning van onkosten die bij verantwoordelijken worden teruggevorderd en die voortvloeien uit de inbeslagname van hun verwaarloosde dieren;
  6° de inning van onkosten die bij verantwoordelijken worden teruggevorderd en die voortvloeien uit het uitvoeren van maatregelen met toepassing van artikel 64, § 2/1, vierde lid, van dit decreet.".
  2° in paragraaf 3, derde lid, wordt de zinsnede "de procedure voor het aanvragen en verlenen van de subsidies, de uitbetaling, de verantwoording en het toezicht" vervangen door de zinsnede "de procedure voor het aanvragen, beoordelen en verlenen van de subsidies, de uitbetaling, de verantwoording, het toezicht en de terugvordering ervan".
Art. 13. A l'article 63 du même décret, modifié par le décret du 20 décembre 2024, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le paragraphe 2 est remplacé par ce qui suit :
  " § 2. Le Fonds flamand pour le bien-être animal est alimenté par :
  1° les recettes suivantes :
  a) la redevance pour les demandes d'agrément, visée à l'article 8, § 2, alinéa 2, du présent décret ;
  b) la contribution pour l'identification et l'enregistrement des chiens et des chats, visée à l'article 14 du présent décret ;
  c) la redevance pour les demandes d'agrément, visée à l'article 17, § 3, du présent décret ;
  d) la redevance pour l'octroi du certificat d'agrément des moyens de transport par route, visée à l'article 33, § 2, du présent décret ;
  e) la redevance pour l'octroi de l'autorisation, visée à l'article 33, § 3, du présent décret ;
  f) la redevance pour les demandes d'agrément, visée à l'article 33, § 4, du présent décret ;
  g) la redevance pour les demandes d'agrément, visée à l'article 49, § 1er, alinéa 2, du présent décret ;
  h) la redevance pour les missions effectuées par les vétérinaires désignés par le département, visée à l'article 65, § 2, alinéa 2, du présent décret ;
  i) les amendes administratives, visées à l'article 70, § 3, du présent décret ;
  j) les amendes administratives, visées à l'article 41bis de la loi du 14 août 1986 relative à la protection et au bien-être des animaux ;
  k) les sommes d'argent, visées à l'article 70, § 3, du présent décret ;
  2° les dons, les legs et les parrainages ;
  3° les contributions volontaires des utilisateurs d'animaux d'expérience pour la recherche et la promotion d'alternatives aux expériences sur animaux ;
  4° les indemnités de procédure qui peuvent être imposées dans le cadre d'une action judiciaire ;
  5° la perception des frais recouvrés auprès des parties responsables et découlant de la saisie de leurs animaux négligés ;
  6° la perception des frais recouvrés auprès des parties responsables et découlant de l'exécution des mesures en application de l'article 64, § 2/1, alinéa 4, du présent décret. ".
  2° dans le paragraphe 3, alinéa 3, le membre de phrase " la procédure de demande et d'octroi des subventions, de paiement, de justification et de contrôle " est remplacé par le membre de phrase " la procédure de demande, d'évaluation et d'octroi des subventions, de leur paiement, de leur justification, de leur contrôle et de leur récupération ".
Art. 14. In artikel 64 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 2 wordt het zevende lid opgeheven;
  2° er wordt een paragraaf 2/1 ingevoegd, die luidt als volgt:
  " § 2/1. De personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, kunnen alle andere nodige maatregelen dan de maatregelen, vermeld in het tweede lid, treffen of opleggen om de naleving te verzekeren van de bepalingen van dit decreet, de uitvoeringsbesluiten ervan en de Europese verordeningen, beschikkingen en besluiten ter zake.
  Naast de maatregelen, vermeld in het eerste lid, kan de Vlaamse Regering het volgende bepalen:
  1° de maatregelen aangaande de huisvesting en verzorging van de dieren of het aantal dieren dat gehouden kan worden, die beperkingen van grondrechten inhouden die de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, kunnen treffen of opleggen en de voorwaarden waaronder hiervan gebruikgemaakt kan worden;
  2° de dwingende toezichtrechten die de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, kunnen gebruiken.
  De persoon aan wie de maatregelen, vermeld in het eerste en tweede lid, worden opgelegd, is verplicht die uit te voeren. Het is verboden de maatregelen, getroffen door de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, teniet te doen, tenzij het anders bepaald is door de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°.
  De eventuele kosten voor het departement als gevolg van de maatregelen, vermeld in het eerste en tweede lid, worden verhaald op de verantwoordelijke van het dier.";
  3° in paragraaf 4 wordt voor het enige lid een lid ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Voor de toepassing van deze paragraaf wordt verstaan onder bevoegde autoriteit: de bevoegde autoriteit, vermeld in artikel 3, 3. van verordening (EU) 2017/625 van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2017 betreffende officiële controles en andere officiële activiteiten die worden uitgevoerd om de toepassing van de levensmiddelen- en diervoederwetgeving en van de voorschriften inzake diergezondheid, dierenwelzijn, plantgezondheid en gewasbeschermingsmiddelen te waarborgen, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 999/2001, (EG) nr. 396/2005, (EG) Nr. 4069/2009, (EG) Nr. 4107/2009, (EU) Nr. 4151/2012, (EU) nr. 652/2014, (EU) 2016/429 en (EU) 2016/2031 van het Europees Parlement en de Raad, de Verordeningen (EG) Nr. 4/2005 en (EG) Nr. 4099/2009 van de Raad en de Richtlijnen 98/58/EG, 1999/74/EG, 2007/43/EG, 2008/119/EG en 2008/120/EG van de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 854/2004 en (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad, de Richtlijnen 89/608/EEG, 89/662/EEG, 90/425/EEG, 91/496/EEG, 96/23/EG, 96/93/EG en 97/78/EG van de Raad en Besluit 92/438/EEG van de Raad (verordening officiële controles), en bevoegd voor het uitoefenen van officiële controles op naleving van de op Unieniveau vastgestelde regels aangaande de in artikel 1, 2., a), c), d), e) en f), van dezelfde verordening bepaalde toepassingsgebieden.";
  4° in paragraaf 4 wordt de zinsnede "die zijn vastgesteld door officiële controle-instanties in het buitenland, maar die begaan zijn op het grondgebied van het Vlaamse Gewest" vervangen door de zinsnede "die begaan zijn op het grondgebied van het Vlaamse Gewest, na vaststellingen op basis van een melding door een bevoegde autoriteit in het buitenland";
  5° paragraaf 5 wordt vervangen door wat volgt:
  " § 5. Een proces-verbaal dat is opgesteld door de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 2°, wordt bezorgd aan het openbaar ministerie. Een afschrift van het proces-verbaal, opgesteld door de personen, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2°, wordt, op hetzelfde moment als de verzending van het proces-verbaal aan het openbaar ministerie, bezorgd aan de personeelsleden, vermeld in artikel 70, § 2.";
  6° in paragraaf 6, derde lid, wordt punt 3° vervangen door wat volgt:
  "3° de vermelding dat, als er geen gevolg wordt gegeven aan de waarschuwing, een proces-verbaal van overtreding wordt opgesteld dat wordt bezorgd aan het openbaar ministerie en aan de personeelsleden, vermeld in artikel 70, § 2.";
  7° er wordt een paragraaf 6/1 ingevoegd, die luidt als volgt:
  " § 6/1. Het proces-verbaal, vermeld in paragraaf 4, en het proces-verbaal van waarschuwing, vermeld in paragraaf 6, kunnen worden ondertekend met een gekwalificeerde elektronische handtekening als vermeld in artikel 3, punt 12, van verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG.".
Art. 14. A l'article 64 du même décret, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 2, l'alinéa 7 est abrogé ;
  2° il est inséré un paragraphe 2/1, rédigé comme suit :
  " § 2/1. Les personnes visées au paragraphe 1er, alinéa 1er, 1° et 2°, peuvent prendre ou imposer toutes les mesures nécessaires autres que les mesures visées à l'alinéa 2, pour assurer le respect des dispositions du présent décret, de ses arrêtés d'exécution et des règlements et décisions européens pertinents.
  Outre les mesures visées à l'alinéa 1er, le Gouvernement flamand peut préciser ce qui suit :
  1° les mesures relatives à l'hébergement et aux soins des animaux ou au nombre d'animaux pouvant être détenus, qui impliquent des restrictions des droits fondamentaux, que les personnes visées au paragraphe 1er, alinéa 1er, 1° et 2°, peuvent prendre ou imposer, et les conditions permettant le recours à celles-ci ;
  2° les droits de supervision contraignants dont peuvent se prévaloir les personnes visées au paragraphe 1er, alinéa 1er, 1° et 2°.
  La personne à qui les mesures visées aux alinéas 1 et 2 sont imposées est tenue de les exécuter. Il est interdit d'annuler les mesures prises par les personnes visées au paragraphe 1er, alinéa 1er, 1° et 2°, sauf disposition contraire des personnes visées au paragraphe 1er, alinéa 1er, 1° et 2°.
  Les frais éventuels encourus par le département en raison des mesures, visées aux alinéas 1 et 2, sont récupérés auprès de la personne responsable de l'animal. " ;
  3° dans le paragraphe 4, avant l'alinéa unique, il est inséré un alinéa, rédigé comme suit :
  " Pour l'application du présent paragraphe, on entend par autorité compétente, l'autorité compétente visée à l'article 3, 3 du règlement (UE) 2017/625 du Parlement européen et du Conseil du 15 mars 2017 concernant les contrôles officiels et les autres activités officielles servant à assurer le respect de la législation alimentaire et de la législation relative aux aliments pour animaux ainsi que des règles relatives à la santé et au bien-être des animaux, à la santé des végétaux et aux produits phytopharmaceutiques, modifiant les règlements du Parlement européen et du Conseil (CE) n° 999/2001, (CE) n° 396/2005, (CE) n° 4069/2009, (CE) n° 4107/2009, (UE) n° 4151/2012, (UE) n° 652/2014, (UE) 2016/429 et (UE) 2016/2031, les règlements du Conseil (CE) n° 4/2005 et (CE) n° 4099/2009 ainsi que les directives du Conseil 98/58/CE, 1999/74/CE, 2007/43/CE, 2008/119/CE et 2008/120/CE, et abrogeant les règlements du Parlement européen et du Conseil (CE) n° 854/2004 et (CE) n° 882/2004, les directives du Conseil 89/608/CEE, 89/662/CEE, 90/425/CEE, 91/496/CEE, 96/23/CE, 96/93/CE et 97/78/CE ainsi que la décision 92/438/CEE du Conseil (règlement sur les contrôles officiels), et chargée de l'exercice de contrôles officiels du respect des règles établies au niveau de l'Union relatives aux champs d'application déterminés à l'article 1, 2., a), c), d), e) et f), du même règlement. " ;
  4° dans le paragraphe 4, le membre de phrase " qui ont été constatées par des organismes de contrôle officiels à l'étranger, mais qui ont été commises sur le territoire de la Région flamande " est remplacé par le membre de phrase " qui ont été commises sur le territoire de la Région flamande, après des constatations sur la base d'une notification par une autorité compétente à l'étranger " ;
  5° le paragraphe 5 est remplacé par ce qui suit :
  " § 5. Le procès-verbal établi par les personnes visées au paragraphe 1er, alinéa 1er, 2°, est remis au ministère public. Une copie du procès-verbal établi par les personnes visées au paragraphe 1er, alinéa 1er, 1° et 2°, est transmise, en même temps que la transmission du procès-verbal au ministère public, aux membres du personnel visés à l'article 70, § 2. " ;
  6° dans le paragraphe 6, alinéa 3, le point 3° est remplacé par ce qui suit :
  " 3° la mention que si aucune suite n'est donnée à l'avertissement, un procès-verbal d'infraction sera établi et remis au ministère public et aux membres du personnel visés à l'article 70, § 2. " ;
  7° il est inséré un paragraphe 6/1, rédigé comme suit :
  " § 6/1. Le procès-verbal, visé au paragraphe 4, et le procès-verbal d'avertissement, visé au paragraphe 6, peuvent être signés au moyen d'une signature électronique qualifiée telle que définie à l'article 3.12 du règlement (UE) n° 910/2014 du Parlement européen et du Conseil du 23 juillet 2014 sur l'identification électronique et les services de confiance pour les transactions électroniques au sein du marché intérieur et abrogeant la directive 1999/93/CE. ".
Art. 15. In artikel 66 van hetzelfde decreet wordt tussen de woorden "besluiten ter zake" en de woorden "wordt gestraft met" de zinsnede ", er opdracht toe heeft gegeven of er haar medewerking aan heeft verleend," ingevoegd.
Art. 15. Dans l'article 66 du même décret, le membre de phrase ", qui a ordonné l'infraction ou y a participé, " est inséré entre le mot " pertinents " et les mots " est punie ".
Art. 16. In hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 20 december 2024, wordt een artikel 69/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Art. 69/1. § 1. Het personeelslid, vermeld in artikel 70, § 2, kan tot de administratieve afhandeling overgaan, tenzij de procureur des Konings binnen negentig dagen na de dag waarop die het proces-verbaal heeft ontvangen, meedeelt dat hij tot strafrechtelijke afhandeling zal overgaan. Het openbaar ministerie kan op dossierspecifiek gemotiveerd verzoek, binnen de termijn van negentig dagen, die termijn één keer met ten hoogste negentig dagen verlengen. In dat geval brengt het openbaar ministerie het personeelslid, vermeld in artikel 70, § 2, hiervan onmiddellijk op de hoogte. Als de procureur des Konings niet binnen de termijn van negentig dagen, die eventueel wordt verlengd, aan het personeelslid, vermeld in artikel 70, § 2, heeft meegedeeld dat hij tot strafrechtelijke afhandeling overgaat, vervalt de strafvordering.
  De personeelsleden, vermeld in artikel 70, § 2, kunnen een protocol afsluiten met het college van procureurs-generaal waarin de bezorging aan deze personeelsleden van de dossiers waarvoor tot administratieve afhandeling kan worden overgegaan, wordt geregeld. Indien een dergelijk protocol niet bestaat, kunnen de vermelde personeelsleden in de gevallen waarin tot administratieve afhandeling kan worden overgegaan, de procureur des Konings verzoeken het dossier te bezorgen.
  § 2. De personeelsleden, vermeld in artikel 70, § 2, kunnen met het college van procureurs-generaal een protocol sluiten waarin wordt overeengekomen om bepaalde misdrijven in beginsel altijd administratief te vervolgen.
  Het protocol, vermeld in het eerste lid, bevat al de volgende elementen:
  1° de beschrijving van de misdrijven die in beginsel administratief worden vervolgd;
  2° de eventuele bijkomende voorwaarden waaraan voldaan moet zijn om een misdrijf in beginsel administratief te kunnen vervolgen;
  3° de kennisgeving van de misdrijven aan het openbaar ministerie;
  4° de gevallen waarin en de voorwaarden waaronder het openbaar ministerie alsnog kan beslissen tot de strafrechtelijke afhandeling;
  5° de geldigheidsduur van het protocol.
  De Vlaamse Regering kan de nadere regels bepalen voor de maximale geldigheidsduur van het protocol, vermeld in het eerste lid.
  De Vlaamse Regering keurt het protocol goed en maakt het bekend op de website van het departement.
  Als in toepassing van het protocol wordt overgegaan tot administratieve afhandeling, vervalt de strafvordering.".
Art. 16. Dans le même décret, modifié par le décret du 20 décembre 2024, il est inséré un article 69/1, rédigé comme suit :
  " Art. 69/1. § 1er. Le membre du personnel visé à l'article 70, § 2, peut procéder au traitement administratif, sauf si le procureur du Roi fait savoir, dans les nonante jours suivant la date à laquelle il a reçu le procès-verbal, qu'il procédera au traitement pénal. Le ministère public peut, sur demande motivée spécifique au dossier, dans le délai de nonante jours, prolonger ce délai une fois de nonante jours au maximum. Dans ce cas, le ministère public en informe immédiatement le membre du personnel visé à l'article 70, § 2. Si, dans le délai de nonante jours, éventuellement prolongé, le procureur du Roi n'a pas fait savoir au membre du personnel visé à l'article 70,
  § 2, qu'il procédera au traitement pénal, l'action publique est éteinte.
  Les membres du personnel visés à l'article 70, § 2, peuvent conclure un protocole avec le collège des procureurs généraux régissant la remise à ces membres du personnel des dossiers pouvant faire l'objet d'un traitement administratif. En l'absence d'un tel protocole, les membres du personnel précités peuvent, dans les cas pouvant faire l'objet d'un traitement administratif, demander au procureur du Roi de leur transmettre le dossier.
  § 2. Les membres du personnel visés à l'article 70, § 2, peuvent conclure avec le collège des procureurs généraux un protocole, acceptant en principe de toujours poursuivre certains délits sur le plan administratif.
  Le protocole, visé à l'alinéa 1er, comprend tous les éléments suivants :
  1° la description des délits qui font en principe l'objet de poursuites administratives ;
  2° les conditions supplémentaires éventuelles qui doivent être remplies pour qu'un délit puisse en principe faire l'objet de poursuites administratives ;
  3° la notification des délits au ministère public ;
  4° les cas et les conditions dans lesquels le ministère public peut encore décider de procéder au traitement pénal ;
  5° la durée de validité du protocole.
  Le Gouvernement flamand peut déterminer les modalités relatives à la durée de validité maximale du protocole, visé à l'alinéa 1er.
  Le Gouvernement flamand approuve le protocole et le publie sur le site web du département.
  Si, en application du protocole, un traitement administratif est engagé, l'action publique est éteinte. ".
Art. 17. Artikel 70 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt:
  "Art. 70. § 1. In dit artikel wordt verstaan onder:
  1° beveiligde zending: de zending die gebeurt via een van de volgende betekeningswijzen:
  a) een elektronisch aangetekende zending;
  b) een aangetekende brief;
  c) een afgifte tegen ontvangstbewijs;
  d) een betekening door een gerechtsdeurwaarder;
  2° kennisgeving: een schriftelijke mededeling die wordt gedaan met een beveiligde zending.
  De Vlaamse Regering kan andere betekeningswijzen dan de betekeningswijzen, vermeld in het eerste lid, 1°, die toelaten om de datum van kennisgeving vast te stellen, toelaten.
  § 2. De Vlaamse Regering stelt een of meer statutaire of contractuele personeelsleden aan binnen het departement die bij overtreding van dit decreet, de uitvoeringsbesluiten ervan of de Europese verordeningen, beschikkingen en besluiten ter zake een administratieve geldboete kunnen opleggen of een alternatieve sanctie of een geldsom kunnen voorstellen.
  § 3. Een administratieve geldboete kan worden opgelegd of een alternatieve sanctie of een geldsom kan worden voorgesteld aan de personen die het misdrijf hebben uitgevoerd, er opdracht toe hebben gegeven of er hun medewerking aan hebben verleend.
  Bij de bepaling van het bedrag van de administratieve geldboete of, in voorkomend geval, bij de voorstelling van een alternatieve sanctie of een geldsom wordt rekening gehouden met al de volgende factoren:
  1° de ernst van het misdrijf;
  2° de frequentie waarmee en de omstandigheden waarin het misdrijf is gepleegd of beëindigd.
  Het bedrag van de administratieve geldboete of van de geldsom mag niet lager zijn dan de helft van het minimum noch hoger dan het maximum van de geldboete die voor de overtreding is bepaald, vermeld in artikel 66. Bij samenloop van verschillende overtredingen kunnen de bedragen van de boetes of de geldsommen worden samengevoegd.
  § 4. Voor ze een administratieve geldboete opleggen, kunnen de personeelsleden, vermeld in paragraaf 2, aan de overtreder een alternatieve sanctie of een geldsom voorstellen die wordt betaald binnen negentig dagen na de kennisgeving ervan aan de overtreder.
  De volgende alternatieve sancties kunnen conform het eerste lid worden voorgesteld:
  1° een vorming die het departement heeft georganiseerd of goedgekeurd;
  2° een taakstraf die minstens 20 uur en maximaal 45 uur bedraagt;
  3° verplichte professionele begeleiding door een instantie of persoon die het departement aanwijst om het dierenwelzijnsprobleem dat het voorwerp is van de overtreding, te verhelpen.
  Het voorstel voor een alternatieve sanctie of om een geldsom te betalen schorst de procedure tot het opleggen van een administratieve geldboete op.
  In de volgende gevallen kunnen de personeelsleden, vermeld in paragraaf 2, geen administratieve boete opleggen:
  1° de overtreder voert de alternatieve sanctie, vermeld in het eerste lid, tijdig en integraal uit en kan een getuigschrift of attest voorleggen om dat te bewijzen;
  2° de overtreder betaalt de geldsom, vermeld in het eerste lid, tijdig en integraal;
  Het voorstel voor een alternatieve sanctie of om een geldsom te betalen vervalt van rechtswege en de administratieve sanctieprocedure wordt hervat als de alternatieve sanctie niet tijdig en integraal wordt uitgevoerd of de geldsom niet tijdig en integraal wordt betaald.
  § 5. Het personeelslid, vermeld in paragraaf 2, brengt de betrokkene met een beveiligde zending op de hoogte van het voornemen om een administratieve geldboete op te leggen. De betrokkene wordt uitgenodigd om binnen dertig dagen na de kennisgeving van dat bericht schriftelijk een verweer mee te delen.
  Als de betrokkene daarom verzoekt, kan die de documenten op basis waarvan het voornemen tot het opleggen van een administratieve geldboete is genomen, inzien en er een kopie van ontvangen.
  Het personeelslid, vermeld in paragraaf 2, beslist nadat die het verweer heeft ontvangen of, als de betrokkene geen verweer indient, nadat de termijn, vermeld in het eerste lid, is verstreken, over het opleggen van de administratieve geldboete en brengt de betrokkene met een beveiligde zending op de hoogte van die beslissing.
  In voorkomend geval betaalt de betrokkene de administratieve geldboete binnen negentig kalenderdagen na de kennisgeving van de beslissing, vermeld in het derde lid.
  § 6. Er kan geen administratieve geldboete worden opgelegd of een alternatieve sanctie of een geldsom worden voorgesteld meer dan drie jaar na de datum waarop het proces-verbaal is afgesloten.
  De daden van onderzoek of van vervolging die zijn verricht binnen de termijn, vermeld in het eerste lid, stuiten de loop ervan, zelfs ten aanzien van personen die niet betrokken waren bij die daden.
  In geval van een stuiting als vermeld in het tweede lid kan geen administratieve geldboete worden opgelegd of een alternatieve sanctie of een geldsom worden voorgesteld meer dan drie jaar na de datum waarop het proces-verbaal dat volgt uit de daden van onderzoek of van vervolging, vermeld in het tweede lid, is afgesloten.
  § 7. De Vlaamse Regering kan de procedurele en praktische modaliteiten bepalen voor het opleggen van de administratieve geldboete en voor het voorstellen van de alternatieve sanctie of de geldsom.".
Art. 17. L'article 70 du même décret est remplacé par ce qui suit :
  " Art. 70. § 1er. Dans le présent article, on entend par :
  1° envoi sécurisé : l'envoi se fait selon l'un des modes de notification suivants :
  a) un envoi recommandé électronique ;
  b) une lettre recommandée ;
  c) une remise contre récépissé ;
  d) une signification par un huissier de justice ;
  2° notification : une communication écrite qui est faite par envoi sécurisé.
  Le Gouvernement flamand peut autoriser des modes de notification autres que ceux visés à l'alinéa 1er, 1°, qui permettent d'établir la date de notification.
  § 2. Le Gouvernement flamand désigne un ou plusieurs membres du personnel statutaires ou contractuels au sein du département qui, en cas de violation du présent décret, de ses arrêtés d'exécution ou des règlements et décisions européens pertinents, peuvent infliger une amende administrative ou proposer une sanction alternative ou une somme d'argent.
  § 3. Une amende administrative peut être infligée ou une sanction alternative ou une somme d'argent peut être proposée aux personnes qui ont commis le délit, qui l'ont ordonné ou qui y ont participé.
  Lors de la détermination du montant de l'amende administrative ou, le cas échéant, lors de la proposition d'une sanction alternative ou d'une somme d'argent, tous les facteurs suivants sont pris en considération :
  1° la gravité du délit ;
  2° la fréquence et les circonstances dans lesquelles le délit a été commis ou a pris fin.
  Le montant de l'amende administrative ou de la somme d'argent ne peut être inférieur à la moitié du minimum ni supérieur au maximum de l'amende prévue pour l'infraction, visée à l'article 66. Si plusieurs infractions sont commises simultanément, les montants des amendes ou des sommes d'argent peuvent être cumulés.
  § 4. Avant d'infliger une amende administrative, les membres du personnel visés au paragraphe 2 peuvent proposer au contrevenant une sanction alternative ou une somme d'argent à payer dans les nonante jours suivant la notification de celle-ci au contrevenant.
  Les sanctions alternatives suivantes peuvent être proposées conformément à l'alinéa 1er :
  1° une formation organisée ou approuvée par le département ;
  2° un travail d'intérêt général d'une durée minimale de 20 heures et maximale de 45 heures ;
  3° un accompagnement professionnel obligatoire par un organisme ou une personne désignée par le département pour remédier au problème en matière de bien-être animal qui fait l'objet de l'infraction.
  La proposition d'une sanction alternative ou d'une somme d'argent suspend la procédure d'imposition d'une amende administrative.
  Dans les cas suivants, les membres du personnel visés au paragraphe 2 ne peuvent infliger d'amende administrative :
  1° le contrevenant exécute la sanction alternative visée à l'alinéa 1er, dans les délais et intégralement et peut présenter un certificat ou une attestation pour le prouver ;
  2° le contrevenant paie la somme d'argent visée à l'alinéa 1er dans les délais et intégralement ;
  La proposition d'une sanction alternative ou de paiement d'une somme d'argent échoit de plein droit et la procédure de sanction administrative est reprise si la sanction alternative n'est pas exécutée dans les délais et intégralement ou si la somme d'argent n'est pas payée dans les délais et intégralement.
  § 5. Le membre du personnel visé au paragraphe 2 informe la personne concernée par envoi sécurisé de l'intention de lui infliger une amende administrative. La personne concernée est invitée à présenter une défense écrite dans un délai de trente jours à compter de la notification de cette intention.
  Si la personne concernée en fait la demande, elle peut consulter les documents sur la base desquels l'intention d'infliger une amende administrative a été prise et en recevoir une copie.
  Le membre du personnel, visé au paragraphe 2, décide, après avoir reçu la défense ou, si la personne concernée ne présente pas de défense, après l'expiration du délai visé à l'alinéa 1er, d'infliger l'amende administrative et informe la personne concernée de cette décision par envoi sécurisé.
  Le cas échéant, la personne concernée paie l'amende administrative dans les nonante jours calendaires suivant la notification de la décision visée à l'alinéa 3.
  § 6. Aucune amende administrative ne peut être infligée, aucune sanction alternative ni aucune somme d'argent ne peut être proposée plus de trois ans après la date à laquelle le procès-verbal a été clôturé.
  Les actes d'instruction ou de poursuite accomplis dans le délai visé à l'alinéa 1er, interrompent ce délai, même à l'égard des personnes qui n'étaient pas impliquées dans ces actes.
  En cas d'interruption telle que visée à l'alinéa 2, aucune amende administrative ne peut être infligée ni aucune sanction alternative ou somme d'argent proposée plus de trois ans après la date à laquelle le procès-verbal résultant des actes d'instruction ou de poursuite visés à l'alinéa 2 a été clôturé.
  § 7. Le Gouvernement flamand peut déterminer les modalités procédurales et pratiques pour l'imposition de l'amende administrative et pour la proposition de la sanction alternative ou de la somme d'argent. ".
Art. 18. Artikel 71 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt:
  "Art. 71. Het bedrag van de administratieve geldboete of van de geldsom, vermeld in artikel 70, § 3, wordt verhoogd met de opdeciemen die van toepassing zijn op de strafrechtelijke geldboeten.
  De Vlaamse Regering stelt de wijze vast waarop de administratieve geldboete of geldsom, vermeld in het eerste lid, wordt betaald.".
Art. 18. L'article 71 du même décret est remplacé par ce qui suit :
  " Art. 71. Le montant de l'amende administrative ou de la somme d'argent, visée à l'article 70, § 3, est majoré des décimes additionnels applicables aux amendes pénales.
  Le Gouvernement flamand arrête les modalités de fixation de l'amende administrative ou de la somme d'argent, visée à l'alinéa 1er. ".
Art. 19. In artikel 73 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1 en paragraaf 3, eerste lid, wordt de zinsnede "artikel 70, § 1," vervangen door de zinsnede "artikel 70, § 3,";
  2° in paragraaf 1 en paragraaf 3, eerste lid, wordt de zinsnede "artikel 64, § 2, zevende lid," vervangen door de zinsnede "artikel 64, § 2/1, vierde lid,";
  3° in paragraaf 1 worden de woorden "een ambtenaar of ambtenaren" vervangen door de woorden "een of meer statutaire of contractuele personeelsleden";
  4° in paragraaf 3, vierde lid, worden de woorden "de ambtenaar" vervangen door de woorden "het personeelslid" en worden de woorden "de voormelde ambtenaar" vervangen door de zinsnede "het personeelslid, vermeld in paragraaf 1,".
Art. 19. A l'article 73 du même décret, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 1er et le paragraphe 3, alinéa 1er, le membre de phrase " l'article 70, § 1er, " est remplacé par le membre de phrase " l'article 70, § 3, " ;
  2° dans le paragraphe 1er et le paragraphe 3, alinéa 1er, le membre de phrase " l'article 64, § 2, alinéa 7, " est remplacé par le membre de phrase " l'article 64, § 2/1, alinéa 4, " ;
  3° dans le paragraphe 1er, les mots " un fonctionnaire ou des fonctionnaires " sont remplacés par les mots " un ou plusieurs membres du personnel statutaires ou contractuels " ;
  4° dans le paragraphe 3, alinéa 4, les mots " du fonctionnaire " sont remplacés par les mots " du membre du personnel ", et les mots " le fonctionnaire précité " sont remplacés par le membre de phrase " le membre du personnel, visé au paragraphe 1er, ".
Art. 20. In artikel 74 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° de woorden "de ambtenaar" worden vervangen door de woorden "het personeelslid";
  2° de zinsnede "artikel 70, § 1," wordt vervangen door de zinsnede "artikel 70, § 3,";
  3° de zinsnede "artikel 64, § 2, zevende lid," wordt vervangen door de zinsnede "artikel 64, § 2/1, vierde lid,".
Art. 20. A l'article 74 du même décret, les modifications suivantes sont apportées :
  1° les mots " le fonctionnaire " sont remplacés par les mots " le membre du personnel " ;
  2° le membre de phrase " l'article 70, § 1er, " est remplacé par le membre de phrase " l'article 70, § 3, " ;
  3° le membre de phrase " l'article 64, § 2, alinéa 7, " est remplacé par le membre de phrase " l'article 64, § 2/1, alinéa 4, ".
Art. 21. In artikel 75 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° de woorden "De ambtenaar die" worden vervangen door de woorden "Het personeelslid dat";
  2° de woorden "die ambtenaar" worden vervangen door de woorden "dat personeelslid".
Art. 21. A l'article 75 du même décret, les modifications suivantes sont apportées :
  1° les mots " Le fonctionnaire " sont remplacés par les mots " Le membre du personnel " ;
  2° dans le texte néerlandais, les mots " die ambtenaar " sont remplacés par les mots " dat personeelslid ".
Art. 22. In artikel 76 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° aan paragraaf 1, tweede lid, worden een punt 15° tot en met 20° toegevoegd, die luiden als volgt:
  "15° de personen die een mogelijke overtreding van dit decreet of de uitvoeringsbesluiten ervan of de Europese verordeningen, beschikkingen en besluiten melden aan het departement;
  16° de personen die contact opnemen met het departement;
  17° de personen die verbonden zijn aan een van de inrichtingen, vermeld in artikel 17;
  18° de personen die dieren houden, verzorgen en gebruiken, vermeld in artikel 25;
  19° de personen die dieren houden en gebruiken in circussen en rondreizende tentoonstellingen, vermeld in artikel 26;
  20° de personen, vermeld in artikel 32.";
  2° in paragraaf 1, derde lid, wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
  "1° de voor- en achternaam, het adres, het rijksregisternummer, het nummer van de identiteitskaart, het paspoortnummer, de telefonische contactgegevens, het e-mailadres en de contactgegevens van de persoonlijke sociale media;";
  3° aan paragraaf 1, derde lid, worden een punt 8° tot en met 14° toegevoegd, die luiden als volgt:
  "8° de nummerplaat van het voertuig en chassisnummer van het voertuig;
  9° de nationaliteit en de geboortedatum;
  10° de identificatienummers van dieren;
  11° de ordenummers van dierenartsen;
  12° de bankrekeningnummers;
  13° de sancties, andere dan strafrechtelijke veroordelingen;
  14° het voogdijschap, de voorlopig bewindvoerder, de internering en de plaatsing.";
  4° in paragraaf 2, eerste lid, wordt het woord "bewaringstermijnen" vervangen door het woord "bewaartermijnen";
  5° aan paragraaf 2, eerste lid, wordt de zinsnede "en beantwoorden aan de bepalingen, vermeld in artikel III.87 van het voormelde decreet" toegevoegd;
  6° in paragraaf 2, tweede lid, 3°, wordt de zinsnede "of, sanctionering" vervangen door de woorden "of sanctionering";
  7° in paragraaf 3 wordt de zin "De Vlaamse Regering kan ook de entiteiten waaraan en doeleinden waarvoor de persoonsgegevens mogen worden verstrekt, nader omschrijven." opgeheven;
  8° er wordt een paragraaf 4 toegevoegd, die luidt als volgt:
  " § 4. Het departement kan de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 1, derde lid, bezorgen aan het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen om de gegevens te raadplegen die noodzakelijk zijn voor controles die worden uitgevoerd in het kader van de regelgeving over de dierengezondheid.".
Art. 22. A l'article 76 du même décret, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le paragraphe 1er, alinéa 2, est complété par des points 15° à 20°, rédigés comme suit :
  " 15° les personnes qui signalent au département une éventuelle infraction au présent décret ou à ses arrêtés d'exécution ou aux règlements et décisions européens ;
  16° les personnes qui prennent contact avec le département ;
  17° les personnes liées à l'un des établissements visés à l'article 17 ;
  18° les personnes qui détiennent, soignent et utilisent des animaux, visées à l'article 25 ;
  19° les personnes qui détiennent et utilisent des animaux dans les cirques et les expositions itinérantes, visées à l'article 26 ;
  20° les personnes visées à l'article 32. " ;
  2° dans le paragraphe 1er, alinéa 3, le point 1° est remplacé par ce qui suit :
  " 1° les nom et prénom, l'adresse, le numéro de registre national, le numéro de la carte d'identité, le numéro de passeport, le numéro de téléphone, l'adresse e-mail et les coordonnées des médias sociaux personnels ; " ;
  3° le paragraphe 1er, alinéa 3, est complété par des points 8° à 14°, rédigés comme suit :
  " 8° la plaque d'immatriculation du véhicule et le numéro de châssis du véhicule ;
  9° la nationalité et la date de naissance ;
  10° les numéros d'identification des animaux ;
  11° les numéros d'ordre des vétérinaires ;
  12° les numéros de compte bancaire ;
  13° les sanctions, autres que les condamnations pénales ;
  14° la tutelle, l'administrateur provisoire, l'internement et le placement. " ;
  4° dans le texte néerlandais du paragraphe 2, alinéa 1er, le mot " bewaringstermijnen " est remplacé par le mot " bewaartermijnen " ;
  5° le paragraphe 2, alinéa 1er, est complété par le membre de phrase " et répondent aux dispositions visées à l'article III.87 du décret précité " ;
  6° dans le texte néerlandais du paragraphe 2, alinéa deux, 3°, le membre de phrase " of, sanctionering " est remplacé par les mots " of sanctionering " ;
  7° dans le paragraphe 3, la phrase " Le Gouvernement flamand peut également définir plus précisément les entités auxquelles et les finalités pour lesquelles les données à caractère personnel peuvent être fournies. " est abrogée ;
  8° il est inséré un paragraphe 4, rédigé comme suit :
  " § 4. Le département peut transmettre les données à caractère personnel visées au paragraphe 1er, alinéa 3, à l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire afin de consulter les données nécessaires aux contrôles effectués dans le cadre de la réglementation relative à la santé animale. ".
Art. 23. In artikel 82, § 2, van hetzelfde decreet wordt het woord "pelshouderijen" vervangen door het woord "pelsdierhouderijen".
Art. 23. Dans le texte néerlandais de l'article 82, § 2, du même décret, le mot " pelshouderijen " est remplacé par le mot " pelsdierhouderijen ".
Art. 24. In artikel 84 van hetzelfde decreet worden de woorden "kalveren die geslacht worden" vervangen door de zinsnede "kalveren, die geslacht worden".
Art. 24. Dans l'article 84 du même décret, les mots " veaux abattus " sont remplacés par le membre de phrase " veaux, abattus ".
Art. 25. In artikel 86 van hetzelfde decreet wordt punt 7° opgeheven.
Art. 25. Dans l'article 86 du même décret, le point 7° est abrogé.
Art. 26. Artikel 13, artikel 14, 1°, 2°, 5° en 6°, artikel 15, 16, 17, 18, artikel 19, 1° en 2°, artikel 20, 2° en 3°, en artikel 25 van dit decreet treden in werking op 1 maart 2026.
  Artikel 12 treedt in werking op de dag van de inwerkingtreding van artikel 40 van de Vlaamse Codex Dierenwelzijn van 17 mei 2024.
Art. 26. L'article 13, l'article 14, 1°, 2°, 5° et 6°, les articles 15, 16, 17, 18, l'article 19, 1° et 2°, l'article 20, 2° et 3°, et l'article 25 du présent décret entrent en vigueur le 1er mars 2026.
  L'article 12 entre en vigueur le jour de l'entrée en vigueur de l'article 40 du Code flamand du bien-être des animaux du 17 mai 2024.