Zum Hauptinhalt

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
5 SEPTEMBER 2025. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming, wat betreft de berekening van het budget voor de revalidatieziekenhuizen voor het dienstjaar 2025
Titre
5 SEPTEMBRE 2025. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l'arrêté du Gouvernement flamand du 30 novembre 2018 portant exécution du décret du 18 mai 2018 relatif à la protection sociale flamande, en ce qui concerne le calcul du budget des hôpitaux de revalidation pour l'exercice 2025
Dokumentinformationen
Numac: 2025007262
Datum: 2025-09-05
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2025007262
Date: 2025-09-05
Moniteur: Voir
Tekst (11)
Texte (11)
Artikel 1. Aan artikel 534/14 van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 november 2021, wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "In afwijking van het eerste lid wordt het budget voor het dienstjaar 2025 op 1 januari 2025 en op 1 juli 2025 vastgesteld.".
Article 1er. Dans l'article 534/14 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 30 novembre 2018 portant exécution du décret du 18 mai 2018 relatif à la protection sociale flamande, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 novembre 2021, il est inséré un alinéa 3, rédigé comme suit :
  " Par dérogation à l'alinéa 1er, le budget pour l'exercice 2025 est fixé le 1er janvier 2025 et le 1er juillet 2025. ".
Art. 2. Aan artikel 534/16 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 november 2021 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 23 december 2022, wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "Vanaf het dienstjaar 2025 wordt het basisbudget aangevuld met een bedrag voor hr-versterking.".
Art. 2. Dans l'article 534/16 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 novembre 2021 et modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 23 décembre 2022, il est inséré un alinéa 3, rédigé comme suit :
  " A partir de l'exercice 2025, le budget de base est complété par un montant destiné au renforcement des ressources humaines. ".
Art. 3. Aan artikel 534/17 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 november 2021 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 23 december 2022, worden een vierde tot en met een zevende lid toegevoegd, die luiden als volgt:
  "Vanaf het dienstjaar 2025 wordt aan het basisbudget een bedrag van 296.749 euro toegekend met het oog op hr-versterking door de introductie van een nieuwe medewerker of bijkomende arbeidstijd om de uitvoering van bijkomende administratie te ondersteunen in het kader van de IFIC.
  Het bedrag, vermeld in het vierde lid, wordt verdeeld over de revalidatieziekenhuizen op basis van de volgende toewijzingen:
  1° minder dan 90 vte: 0 vte;
  2° minimaal 90 vte en maximaal 300 vte: 0,5 vte;
  3° meer dan 300 vte en maximaal 900 vte: 0,75 vte;
  4° meer dan 900 vte: 1 vte.
  Het bedrag per revalidatieziekenhuis, vermeld in het vijfde lid, wordt berekend op basis van al de volgende gegevens:
  1° de waardering van één vte tegen een bedrag van 91.309,33 euro. Dat komt overeen met de IFIC-categorie 16 met tien jaar ervaring;
  2° het aantal vte zoals gerapporteerd voor de berekening van de IFIC-meerkosten voor het budget dat wordt vastgelegd op 1 januari 2025.
  De bedragen, vermeld in het vierde lid en zesde lid, 1°, worden gekoppeld aan het spilindexcijfer 130,67 (1 februari 2025; basis 2013=100).".
Art. 3. Dans l'article 534/17 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 novembre 2021 et modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 23 décembre 2022, il est inséré des alinéas 4 à 7, rédigés comme suit :
  " A partir de l'exercice 2025, un montant de 296 749 euros est attribué au budget de base en vue du renforcement des ressources humaines par l'introduction d'un nouveau collaborateur ou d'un temps de travail supplémentaire afin de soutenir l'exécution d'une administration supplémentaire dans le cadre de l'IFIC.
  Le montant visé à l'alinéa 4, est réparti entre les hôpitaux de revalidation sur la base des attributions suivantes :
  1° moins de 90 ETP : 0 ETP ;
  2° au minimum 90 ETP et au maximum 300 ETP : 0,5 ETP ;
  3° plus de 300 ETP et au maximum 900 ETP : 0,75 ETP ;
  4° plus de 900 ETP : 1 ETP.
  Le montant par hôpital de revalidation visé à l'alinéa 5, est calculé sur la base de toutes les données suivantes :
  1° l'évaluation d'un ETP à un montant de 91 309,33 euros.Cela correspond à la catégorie IFIC 16 avec dix années d'expérience ;
  2° le nombre d'ETP tel que rapporté pour le calcul des surcoûts IFIC pour le budget fixé au 1er janvier 2025.
  Les montants visés à l'alinéa 4 et à l'alinéa 6, 1°, sont liés à l'indice pivot 130,67 (1er février 2025 ; base 2013=100). ".
Art. 4. Aan artikel 534/18 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 november 2021, wordt een punt 3° toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "3° een eenmalig bedrag in het budget voor het dienstjaar 2025 om de arbeidsomstandigheden van het zorgpersoneel te bevorderen.".
Art. 4. Dans l'article 534/18 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 novembre 2021, il est inséré un point 3°, rédigé comme suit :
  " 3° un montant unique dans le budget pour l'année de service 2025 afin de promouvoir les conditions de travail du personnel soignant. ".
Art. 5. Aan boek 3/4, deel 2, titel 3, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 november 2021 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2023, wordt een hoofdstuk 4, dat bestaat uit artikel 534/23/1, toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "Hoofdstuk 4. Een eenmalig bedrag in het budget voor het dienstjaar 2025 om de arbeidsomstandigheden van het zorgpersoneel te bevorderen
  Art. 534/23/1. Om de arbeidsomstandigheden van het zorgpersoneel te verbeteren met het oog op het verhogen van de aantrekkelijkheid van de sector wordt voor het dienstjaar 2025 een eenmalige provisionele financiering van 432.000 euro toegekend.
  Het bedrag, vermeld in het eerste lid, wordt gekoppeld aan het spilindexcijfer 130,67 (1 februari 2025; basis=2013).
  Het bedrag, vermeld in het eerste lid, wordt verdeeld over de revalidatieziekenhuizen op basis van het aantal erkende bedden dat bekend is bij het Departement Zorg op 1 januari 2025.
  De eenmalige provisionele financiering, vermeld in het eerste lid, dekt alle aankopen die bedoeld zijn om het zorgpersoneel te helpen en te ontlasten.
  Een revalidatieziekenhuis komt in aanmerking voor een bedrag als vermeld in het derde lid, als al de volgende voorwaarden zijn vervuld:
  1° het revalidatieziekenhuis draagt bij in de helft van de kosten van daadwerkelijk gedane aankopen;
  2° het revalidatieziekenhuis legt aan het Departement Zorg een aankoopfactuur voor die gedateerd is tussen 1 juli 2025 en 31 december 2026;
  3° het revalidatieziekenhuis stelt een samenvattend verslag op met een overzicht van de daadwerkelijk gedane uitgaven. Het samenvattende verslag wordt uiterlijk op 31 maart 2027 ingediend bij het Departement Zorg op de wijze die het Departement Zorg bepaalt.
  De eenmalige provisionele financiering, vermeld in het eerste lid, wordt afgerekend op basis van de voorwaarden, vermeld in het vijfde lid, in het budget voor het dienstjaar 2028.".
Art. 5. Dans le livre 3/4, partie 2, titre 3, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 novembre 2021 et modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 12 mai 2023, il est inséré un chapitre 4, composé de l'article 534/23/1, rédigé comme suit :
  " Chapitre 4. Un montant unique dans le budget pour l'exercice 2025 afin de promouvoir les conditions de travail du personnel soignant.
  Art. 534/23/1. Afin d'améliorer les conditions de travail du personnel soignant en vue d'accroître l'attractivité du secteur, un financement provisoire unique de 432 000 euros est attribué pour l'exercice 2025.
  Le montant visé à l'alinéa 1er, est lié à l'indice pivot 130,67 (1er février 2025 ; base=2013).
  Le montant visé à l'alinéa 1er, est réparti entre les hôpitaux de revalidation sur la base du nombre de lits agréés connu auprès du Département Soins au 1er janvier 2025.
  Le financement provisoire unique visé à l'alinéa 1er, couvre tous les achats destinés à aider et à soulager le personnel soignant.
  Un hôpital de revalidation est éligible à un montant tel que visé à l'alinéa 3, si toutes les conditions suivantes sont remplies :
  1° l'hôpital de revalidation contribue à la moitié des coûts des achats effectivement réalisés ;
  2° l'hôpital de revalidation soumet au Département Soins une facture d'achat datée entre le 1er juillet 2025 et le 31 décembre 2026 ;
  3° l'hôpital de revalidation établit un rapport de synthèse accompagné d'une vue d'ensemble des dépenses effectivement réalisées. Le rapport de synthèse est introduit au plus tard le 31 mars 2027 auprès du Département Soins, selon les modalités fixées par le Département Soins.
  Le financement provisoire unique visé à l'alinéa 1er, est liquidé sur la base des conditions visées à l'alinéa 5, dans le budget pour l'année de service 2028. ".
Art. 6. Aan artikel 534/25, § 5, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 november 2021, worden een derde tot en met zesde lid toegevoegd, die luiden als volgt:
  "Om de impact te dekken van de implementatie van de IFIC op het bedrag van de gefinancierde premie aan de revalidatieziekenhuizen die beschikken over personeel dat valt onder het paritair comité 330, worden de bedragen voor Aa, Ab, Ac en Ad, vermeld in paragraaf 3, derde lid, 1°, a) tot en met d), en 2°, a) tot en met d), verhoogd met 1,06% vanaf 1 januari 2018 tot en met 31 december 2020.
  Om de impact te dekken van de implementatie van de IFIC op het bedrag van de gefinancierde premie aan de revalidatieziekenhuizen, worden de bedragen voor Aa, Ab, Ac en Ad, vermeld in paragraaf 3, derde lid, 1°, a) tot en met d), en 2°, a) tot en met d), vanaf 1 januari 2021 tot en met 31 december 2021 verhoogd met 3,44% voor de revalidatieziekenhuizen die beschikken over personeel dat valt onder het paritair comité 330, en met 2,91% voor de openbare revalidatieziekenhuizen.
  Vanaf 1 januari 2022 worden de bedragen voor Aa, Ab, Ac en Ad, vermeld in paragraaf 3, derde lid, 1°, a) tot en met d), en 2°, a) tot en met d), verhoogd met 5,81% voor alle revalidatieziekenhuizen.
  De verhoging voor de dienstjaren 2018 tot en met 2023, vermeld in het derde tot en met het vijfde lid, wordt vereffend via een herziening op het budget voor het dienstjaar 2025. De percentages die worden berekend vanaf het dienstjaar 2024, worden gebruikt bij de berekening vanaf de toekenning van het budget vanaf het dienstjaar 2026.".
Art. 6. Dans l'article 534/25, § 5, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 novembre 2021, il est inséré des alinéas 3 à 6, rédigés comme suit :
  " Afin de couvrir l'impact de la mise en oeuvre de l'IFIC sur le montant de la prime financée aux hôpitaux de revalidation disposant de personnel relevant de la commission paritaire 330, les montants pour Aa, Ab, Ac et Ad, visés au paragraphe 3, alinéa 3, 1°, a) à d), et 2°, a) à d), sont augmentés de 1,06 % du 1er janvier 2018 au 31 décembre 2020.
  Afin de couvrir l'impact de la mise en oeuvre de l'IFIC sur le montant de la prime financée aux hôpitaux de rééducation, les montants pour Aa, Ab, Ac et Ad visés au paragraphe 3, alinéa 3, 1°, a) à d), et 2°, a) à d), sont augmentés, du 1er janvier 2021 au 31 décembre 2021, de 3,44 % pour les hôpitaux de revalidation disposant de personnel relevant de la commission paritaire 330 et de 2,91 % pour les hôpitaux publics de revalidation.
  A partir du 1er janvier 2022, les montants pour Aa, Ab, Ac et Ad visés au paragraphe 3, alinéa 3, 1°, a) à d), et 2°, a) à d), sont augmentés de 5,81 % pour tous les hôpitaux de revalidation.
  L'augmentation pour les exercices 2018 à 2023 visée aux alinéas 3 jusqu'à 5, est liquidée par une révision du budget pour l'exercice 2025. Les pourcentages calculés à partir de l'exercice 2024 sont utilisés lors du calcul à partir de l'attribution du budget de l'exercice 2026. ".
Art. 7. Aan artikel 534/28, 2°, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 november 2021, wordt een punt c) toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "c) de bedragen, vastgesteld conform artikel 534/31/1;".
Art. 7. Dans l'article 534/28, 2°, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 novembre 2021, il est inséré un point c), rédigé comme suit :
  " c) les montants fixés conformément à l'article 534/31/1 ; ".
Art. 8. In artikel 534/30 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 november 2021 en gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 23 december 2022 en 26 januari 2024, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° aan paragraaf 1 wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "Om de procentuele verhoging van de premies, vermeld in artikel 534/25, § 5, derde en vierde lid, te financieren, wordt voor de dienstjaren 2018 tot en met 2023 in een corrigerend budget voorzien in het budget dat wordt vastgelegd op 1 juli 2025.";
  2° er wordt een paragraaf 10 toegevoegd, die luidt als volgt:
  " § 10. Ter uitvoering van de collectieve arbeidsovereenkomst van 19 december 2023 inzake de toekenning van de VIA 6 toeslag 2023, ter uitvoering van het zesde Vlaams intersectoraal akkoord van 30 maart 2021, luik III, deel III, 1.1. PC330 geregionaliseerd en luik III, Algemene principes, 1. Actualisatie en besteding budget, wat betreft de aanwending van de onbenutte middelen, wordt een bedrag van maximaal 887.840 euro toegevoegd aan het corrigerende budget van de private revalidatieziekenhuizen voor het dienstjaar 2025.
  Het bedrag, vermeld in het eerste lid, wordt gekoppeld aan het spilindexcijfer 128,11 (1 mei 2024; basis 2013=100).
  Het corrigerende budget van de private revalidatieziekenhuizen voor het dienstjaar 2025, vermeld in het eerste lid, vertegenwoordigt een bedrag van maximaal 454,75 euro bruto voor voltijds tewerkgestelde werknemers in 2023.
  De vzw IF.IC berekent het budget per revalidatieziekenhuis.".
Art. 8. Dans l'article 534/30 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 novembre 2021 et modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand du 23 décembre 2022 et du 26 janvier 2024, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le paragraphe 1er est complété par un alinéa 3, rédigé comme suit :
  " Afin de financer l'augmentation en pourcentage des primes, visée à l'article 534/25, § 5, alinéas 3 et 4, un budget correctif est prévu pour les exercices 2018 à 2023 dans le budget fixé au 1er juillet 2025. "
  2° il est ajouté un paragraphe 10, rédigé comme suit :
  " § 10. En exécution de la CCT du 19 décembre 2023 relative à l'attribution du supplément VIA 6 2023, en exécution du sixième accord intersectoriel flamand du 30 mars 2021, volet III, partie III, 1.1. CP330 régionalisée et volet III, Principes généraux, 1. Actualisation et dépense du budget en termes d'affectation des fonds non utilisés, un montant maximum de 887 840 euros est ajouté au budget correctif des hôpitaux privés de revalidation pour l'exercice 2025.
  Le montant, visé à l'alinéa 1er, est lié à l'indice pivot 128,11 (1er mai 2024 ; base 2013=100).
  Le budget correctif des hôpitaux privés de revalidation pour l'exercice 2025, visé à l'alinéa 1er, représente un montant maximum de 454,75 euros brut pour les travailleurs occupés à temps plein en 2023.
  L'ASBL IF.IC calcule le budget par hôpital de revalidation. ".
Art. 9. In hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2024, wordt een artikel 534/31/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Art. 534/31/1. De eenmalige provisionele financiering, vermeld in artikel 534/23/1, wordt in het corrigerende budget voor het dienstjaar 2028 afgerekend.
  De afrekening, vermeld in het eerste lid, is het verschil tussen het bedrag dat conform artikel 534/23/1 wordt toegekend, en de helft van de kosten van de daadwerkelijk gedane en aanvaarde aankopen om de arbeidsomstandigheden van het zorgpersoneel te verbeteren.".
Art. 9. Dans le même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 5 juillet 2024, il est inséré un article 534/31/1, rédigé comme suit :
  " Art. 534/31/1. Le financement provisoire unique, visé à l'article 534/23/1, est liquidé dans le budget correctif pour l'année de service 2028.
  La liquidation, visée à l'alinéa 1er, est la différence entre le montant attribué conformément à l'article 534/23/1 et la moitié des coûts des achats effectivement réalisés et acceptés en vue d'améliorer les conditions de travail du personnel soignant. ".
Art. 10. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2025.
Art. 10. Le présent arrêté produit ses effets le 1er juillet 2025.
Art. 11. De Vlaamse minister, bevoegd voor de gezondheids- en woonzorg, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 11. Le ministre flamand qui a les Soins de santé et les Soins résidentiels dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.