Artikel 1. Aan artikel 8 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 oktober 2016 houdende de voorwaarden van de vaststelling, de uitbetaling en de terugvordering van de subsidies van de zorgkassen in het kader van de Vlaamse sociale bescherming, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 28 mei 2021 en 17 december 2021, wordt een vijfde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"Vanaf het jaar 2024 wordt het bedrag, vermeld in het eerste lid, dat wordt geïndexeerd conform artikel 16, eerste lid, verhoogd met 187.500 euro.".
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
12 JANUARI 2024. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 oktober 2016 houdende de voorwaarden van de vaststelling, de uitbetaling en de terugvordering van de subsidies van de zorgkassen in het kader van de Vlaamse sociale bescherming, wat betreft een verhoging van de vergoeding van de indicatiestellingen en eenmalige, bijkomende subsidies voor de jaren 2023 en 2024
Titre
12 JANVIER 2024. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 octobre 2016 établissant les conditions de la fixation, du paiement et du recouvrement des subventions allouées aux caisses d'assurance soins dans le cadre de la Protection sociale flamande, en ce qui concerne une augmentation de l'indemnité des indications et des subventions uniques et supplémentaires pour les années 2023 et 2024
Dokumentinformationen
Info du document
Tekst (8)
Texte (8)
Article 1er. L'article 8 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 octobre 2016 établissant les conditions de la fixation, du paiement et du recouvrement des subventions allouées aux caisses d'assurance soins dans le cadre de la Protection sociale flamande, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 28 mai 2021 et 17 décembre 2021, est complété par un alinéa 5, rédigé comme suit :
" A partir de l'année 2024, le montant visé à l'alinéa 1er, tel qu'indexé conformément à l'article 16, alinéa 1er, est majoré de 187 500 euros. ".
" A partir de l'année 2024, le montant visé à l'alinéa 1er, tel qu'indexé conformément à l'article 16, alinéa 1er, est majoré de 187 500 euros. ".
Art. 2. In artikel 10, eerste lid, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2021, wordt het bedrag "398.208 euro" vervangen door het bedrag "220.889 euro".
Art. 2. Dans l'article 10, alinéa 1er, du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 décembre 2021, le montant " 398.208 euros " est remplacé par le montant " 220 889 euros ".
Art. 3. Aan hoofdstuk 2, afdeling 4, onderafdeling 5, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2021, wordt een artikel 13/7 toegevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 13/7. § 1. Het agentschap kent aan de erkende zorgkassen voor de jaren 2023 en 2024 een bijkomende subsidie toe voor werkingskosten voor investeringen in ICT-toepassingen voor de tegemoetkomingen voor:
1° revalidatieziekenhuizen;
2° revalidatieconventies;
3° de psychiatrische verzorgingstehuizen;
4° de initiatieven van beschut wonen;
5° de multidisciplinaire begeleidingsequipes voor palliatieve verzorging.
De bijkomende subsidie, vermeld in het eerste lid, wordt aangewend voor de ontwikkeling en het onderhoud van de ICT-toepassingen binnen de Vlaamse sociale bescherming, vermeld in het eerste lid. De voormelde bijkomende subsidie bedraagt 71.536,97 euro.
Het agentschap verdeelt vanaf 1 december 2023 over de erkende zorgkassen een voorschot van 80% van het bedrag, vermeld in het tweede lid. Het voormelde bedrag wordt op de volgende wijze verdeeld:
1° Christelijke Mutualiteit - Zorgkas Vlaanderen: 22.359,60 euro;
2° Neutrale Zorgkas Vlaanderen: 3359,38 euro;
3° Solidaris Zorgkas: 14.507,70 euro;
4° Zorgkas van de Liberale Ziekenfondsen: 4441,02 euro;
5° Helan, Zorgkas van de Onafhankelijke Ziekenfondsen: 12.561,89 euro.
§ 2. Het agentschap verdeelt het saldo van 20% van het bedrag, vermeld in paragraaf 1, tweede lid, op de volgende wijze:
1° Christelijke Mutualiteit - Zorgkas Vlaanderen: 5589,90 euro;
2° Neutrale Zorgkas Vlaanderen: 839,84 euro;
3° Solidaris Zorgkas: 3626,92 euro;
4° Zorgkas van de Liberale Ziekenfondsen: 1110,25 euro;
5° Helan, Zorgkas van de Onafhankelijke Ziekenfondsen: 3140,47 euro.
Het agentschap betaalt het saldo uit nadat het agentschap het kostenoverzicht en de achterliggende bewijsstukken van de zorgkassen over de aanwending van de subsidie heeft goedgekeurd.".
"Art. 13/7. § 1. Het agentschap kent aan de erkende zorgkassen voor de jaren 2023 en 2024 een bijkomende subsidie toe voor werkingskosten voor investeringen in ICT-toepassingen voor de tegemoetkomingen voor:
1° revalidatieziekenhuizen;
2° revalidatieconventies;
3° de psychiatrische verzorgingstehuizen;
4° de initiatieven van beschut wonen;
5° de multidisciplinaire begeleidingsequipes voor palliatieve verzorging.
De bijkomende subsidie, vermeld in het eerste lid, wordt aangewend voor de ontwikkeling en het onderhoud van de ICT-toepassingen binnen de Vlaamse sociale bescherming, vermeld in het eerste lid. De voormelde bijkomende subsidie bedraagt 71.536,97 euro.
Het agentschap verdeelt vanaf 1 december 2023 over de erkende zorgkassen een voorschot van 80% van het bedrag, vermeld in het tweede lid. Het voormelde bedrag wordt op de volgende wijze verdeeld:
1° Christelijke Mutualiteit - Zorgkas Vlaanderen: 22.359,60 euro;
2° Neutrale Zorgkas Vlaanderen: 3359,38 euro;
3° Solidaris Zorgkas: 14.507,70 euro;
4° Zorgkas van de Liberale Ziekenfondsen: 4441,02 euro;
5° Helan, Zorgkas van de Onafhankelijke Ziekenfondsen: 12.561,89 euro.
§ 2. Het agentschap verdeelt het saldo van 20% van het bedrag, vermeld in paragraaf 1, tweede lid, op de volgende wijze:
1° Christelijke Mutualiteit - Zorgkas Vlaanderen: 5589,90 euro;
2° Neutrale Zorgkas Vlaanderen: 839,84 euro;
3° Solidaris Zorgkas: 3626,92 euro;
4° Zorgkas van de Liberale Ziekenfondsen: 1110,25 euro;
5° Helan, Zorgkas van de Onafhankelijke Ziekenfondsen: 3140,47 euro.
Het agentschap betaalt het saldo uit nadat het agentschap het kostenoverzicht en de achterliggende bewijsstukken van de zorgkassen over de aanwending van de subsidie heeft goedgekeurd.".
Art. 3. Le chapitre 2, section 4, sous-section 5, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 décembre 2021, est complété par un article 13/7, rédigé comme suit :
" Art. 13/7. § 1er. L'agence accorde aux caisses d'assurance soins agréées pour les années 2023 et 2024 une subvention supplémentaire pour les frais de fonctionnement des investissements dans des applications TIC pour les interventions aux :
1° hôpitaux de revalidation ;
2° conventions de revalidation ;
3° maisons de soins psychiatriques ;
4° initiatives d'habitation protégée ;
5° équipes d'accompagnement multidisciplinaires de soins palliatifs.
La subvention supplémentaire, visée à l'alinéa 1er, est affectée au développement et à l'entretien des applications TIC au sein de la protection sociale flamande, visée à l'alinéa 1er. La subvention supplémentaire précitée s'élève à 71 536,97 euros.
A partir du 1er décembre 2023, l'agence répartit parmi les caisses d'assurance soins agréées une avance de 80% du montant visé à l'alinéa 2. Le montant précité est réparti comme suit :
1° Christelijke Mutualiteit - Zorgkas Vlaanderen : 22 359,60 euros ;
2° Neutrale Zorgkas Vlaanderen : 3 359,38 euros ;
3° Solidaris Zorgkas : 14 507,70 euros ;
4° Zorgkas van de Liberale Ziekenfondsen : 4 441,02 euros ;
5° Helan, Zorgkas van de Onafhankelijke Ziekenfondsen : 12 561,89 euros.
§ 2. L'agence répartit le solde de 20% du montant, visé au paragraphe 1er, alinéa 2, de la manière suivante :
1° Christelijke Mutualiteit - Zorgkas Vlaanderen : 5 589,90 euros ;
2° Neutrale Zorgkas Vlaanderen : 839,84 euros ;
3° Solidaris Zorgkas : 3 626,92 euros ;
4° Zorgkas van de Liberale Ziekenfondsen : 1 110,25 euros ;
5° Helan, Zorgkas van de Onafhankelijke Ziekenfondsen : 3 140,47 euros.
L'agence paie le solde après avoir approuvé le relevé des frais et les pièces justificatives sous-jacentes des caisses d'assurance soins concernant l'utilisation de la subvention. ".
" Art. 13/7. § 1er. L'agence accorde aux caisses d'assurance soins agréées pour les années 2023 et 2024 une subvention supplémentaire pour les frais de fonctionnement des investissements dans des applications TIC pour les interventions aux :
1° hôpitaux de revalidation ;
2° conventions de revalidation ;
3° maisons de soins psychiatriques ;
4° initiatives d'habitation protégée ;
5° équipes d'accompagnement multidisciplinaires de soins palliatifs.
La subvention supplémentaire, visée à l'alinéa 1er, est affectée au développement et à l'entretien des applications TIC au sein de la protection sociale flamande, visée à l'alinéa 1er. La subvention supplémentaire précitée s'élève à 71 536,97 euros.
A partir du 1er décembre 2023, l'agence répartit parmi les caisses d'assurance soins agréées une avance de 80% du montant visé à l'alinéa 2. Le montant précité est réparti comme suit :
1° Christelijke Mutualiteit - Zorgkas Vlaanderen : 22 359,60 euros ;
2° Neutrale Zorgkas Vlaanderen : 3 359,38 euros ;
3° Solidaris Zorgkas : 14 507,70 euros ;
4° Zorgkas van de Liberale Ziekenfondsen : 4 441,02 euros ;
5° Helan, Zorgkas van de Onafhankelijke Ziekenfondsen : 12 561,89 euros.
§ 2. L'agence répartit le solde de 20% du montant, visé au paragraphe 1er, alinéa 2, de la manière suivante :
1° Christelijke Mutualiteit - Zorgkas Vlaanderen : 5 589,90 euros ;
2° Neutrale Zorgkas Vlaanderen : 839,84 euros ;
3° Solidaris Zorgkas : 3 626,92 euros ;
4° Zorgkas van de Liberale Ziekenfondsen : 1 110,25 euros ;
5° Helan, Zorgkas van de Onafhankelijke Ziekenfondsen : 3 140,47 euros.
L'agence paie le solde après avoir approuvé le relevé des frais et les pièces justificatives sous-jacentes des caisses d'assurance soins concernant l'utilisation de la subvention. ".
Art. 4. In artikel 15, § 2, eerste lid, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt het bedrag "75 euro" vervangen door het bedrag "100 euro".
Art. 4. Dans l'article 15, § 2, alinéa 1er, du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, le montant " 75 euros " est remplacé par le montant " 100 euros ".
Art. 5. Aan hoofdstuk 4 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018 en het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2023, wordt een artikel 15/4 toegevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 15/4. § 1. Het agentschap kent aan de verzekeringsinstellingen voor de jaren 2023 en 2024 een bijkomende subsidie toe voor werkingskosten voor investeringen in ICT-toepassingen. De voormelde bijkomende subsidie wordt aangewend voor de ontwikkeling en het onderhoud van alle ICT-toepassingen die nodig zijn voor de opdrachten conform het overnamedecreet. De voormelde bijkomende subsidie bedraagt 517.888,23 euro.
Het agentschap verdeelt vanaf 1 oktober 2023 tussen de verzekeringsinstellingen een voorschot van 80% van het bedrag, vermeld in het eerste lid. Het voormelde bedrag wordt op de volgende wijze verdeeld:
1° Landsbond der Christelijke Mutualiteiten: 121.393 euro;
2° Landsbond van de Neutrale Ziekenfondsen: 18.685,41 euro;
3° Nationaal Verbond van Socialistische Mutualiteiten: 87.750,98 euro;
4° Landsbond van Liberale Mutualiteiten: 23.657,13 euro;
5° Landsbond van de Onafhankelijke Ziekenfondsen: 72.545,78 euro;
6° Hulpkas voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering: 44.911,27 euro;
7° Kas der Geneeskundige Verzorging van HR Rail: 45.367,01 euro.
§ 2. Het agentschap verdeelt het saldo van 20% van het bedrag, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, op de volgende wijze tussen de verzekeringsinstellingen:
1° Landsbond der Christelijke Mutualiteiten: 30.348,25 euro;
2° Landsbond van de Neutrale Ziekenfondsen: 4.671,35 euro;
3° Nationaal Verbond van Socialistische Mutualiteiten: 21.937,75 euro;
4° Landsbond van Liberale Mutualiteiten: 5.914,28 euro;
5° Landsbond van de Onafhankelijke Ziekenfondsen: 18.136,45 euro;
6° Hulpkas voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering: 11.227,82 euro;
7° Kas der Geneeskundige Verzorging van HR Rail: 11.341,75 euro.
§ 3. Het agentschap betaalt aan de verzekeringsinstelling het saldo van 20% van het bedrag, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, uit nadat het agentschap het kostenoverzicht en de achterliggende bewijsstukken van de verzekeringsinstellingen over de aanwending van de subsidie heeft goedgekeurd.".
"Art. 15/4. § 1. Het agentschap kent aan de verzekeringsinstellingen voor de jaren 2023 en 2024 een bijkomende subsidie toe voor werkingskosten voor investeringen in ICT-toepassingen. De voormelde bijkomende subsidie wordt aangewend voor de ontwikkeling en het onderhoud van alle ICT-toepassingen die nodig zijn voor de opdrachten conform het overnamedecreet. De voormelde bijkomende subsidie bedraagt 517.888,23 euro.
Het agentschap verdeelt vanaf 1 oktober 2023 tussen de verzekeringsinstellingen een voorschot van 80% van het bedrag, vermeld in het eerste lid. Het voormelde bedrag wordt op de volgende wijze verdeeld:
1° Landsbond der Christelijke Mutualiteiten: 121.393 euro;
2° Landsbond van de Neutrale Ziekenfondsen: 18.685,41 euro;
3° Nationaal Verbond van Socialistische Mutualiteiten: 87.750,98 euro;
4° Landsbond van Liberale Mutualiteiten: 23.657,13 euro;
5° Landsbond van de Onafhankelijke Ziekenfondsen: 72.545,78 euro;
6° Hulpkas voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering: 44.911,27 euro;
7° Kas der Geneeskundige Verzorging van HR Rail: 45.367,01 euro.
§ 2. Het agentschap verdeelt het saldo van 20% van het bedrag, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, op de volgende wijze tussen de verzekeringsinstellingen:
1° Landsbond der Christelijke Mutualiteiten: 30.348,25 euro;
2° Landsbond van de Neutrale Ziekenfondsen: 4.671,35 euro;
3° Nationaal Verbond van Socialistische Mutualiteiten: 21.937,75 euro;
4° Landsbond van Liberale Mutualiteiten: 5.914,28 euro;
5° Landsbond van de Onafhankelijke Ziekenfondsen: 18.136,45 euro;
6° Hulpkas voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering: 11.227,82 euro;
7° Kas der Geneeskundige Verzorging van HR Rail: 11.341,75 euro.
§ 3. Het agentschap betaalt aan de verzekeringsinstelling het saldo van 20% van het bedrag, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, uit nadat het agentschap het kostenoverzicht en de achterliggende bewijsstukken van de verzekeringsinstellingen over de aanwending van de subsidie heeft goedgekeurd.".
Art. 5. Le chapitre 4 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018 et modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 12 mai 2023, est complété par un article 15/4, rédigé comme suit :
" Art. 15/4. § 1er. L'agence accorde aux organismes assureurs pour les années 2023 et 2024 une subvention supplémentaire pour les frais de fonctionnement des investissements dans des applications TIC. La subvention supplémentaire précitée est utilisée pour le développement et le maintien de toutes les applications TIC nécessaires aux missions, conformément au Décret Reprise. La subvention supplémentaire précitée s'élève à 517 888,23 euros.
A partir du 1er octobre 2023, l'agence répartit parmi les organismes assureurs une avance de 80% du montant, visé à l'alinéa 1er. Le montant précité est réparti comme suit :
1° Landsbond der Christelijke Mutualiteiten : 121 393 euros ;
2° Landsbond van de Neutrale Ziekenfondsen : 18 685,41 euros ;
3° Nationaal Verbond van Socialistische Mutualiteiten : 87 750,98 euros ;
4° Landsbond van Liberale Mutualiteiten : 23 657,13 euros ;
5° Landsbond van de Onafhankelijke Ziekenfondsen : 72 545,78 euros ;
6° Hulpkas voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering : 44 911,27 euros ;
7° Kas der Geneeskundige Verzorg van HR Rail : 45 367,01 euros.
§ 2. L'agence répartit parmi les organismes assureurs le solde de 20% du montant visé au paragraphe 1er, alinéa 1er, de la manière suivante :
1° Landsbond der Christelijke Mutualiteiten : 30 348,25 euros ;
2° Landsbond van de Neutrale Ziekenfondsen : 4 671,35 euros ;
3° Nationaal Verbond van Socialistische Mutualiteiten : 21 937,75 euros ;
4° Landsbond van Liberale Mutualiteiten : 5 914,28 euros ;
5° Landsbond van de Onafhankelijke Ziekenfondsen : 18 136,45 euros ;
6° Hulpkas voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering : 11 227,82 euros ;
7° Kas der Geneeskundige Verzorg van HR Rail : 11 341,75 euros.
§ 3. L'agence paie à l'organisme assureur le solde de 20% du montant visé au paragraphe 1er, alinéa 1er, après avoir approuvé le relevé des frais et les pièces justificatives sous-jacentes des organismes assureurs concernant l'utilisation de la subvention. ".
" Art. 15/4. § 1er. L'agence accorde aux organismes assureurs pour les années 2023 et 2024 une subvention supplémentaire pour les frais de fonctionnement des investissements dans des applications TIC. La subvention supplémentaire précitée est utilisée pour le développement et le maintien de toutes les applications TIC nécessaires aux missions, conformément au Décret Reprise. La subvention supplémentaire précitée s'élève à 517 888,23 euros.
A partir du 1er octobre 2023, l'agence répartit parmi les organismes assureurs une avance de 80% du montant, visé à l'alinéa 1er. Le montant précité est réparti comme suit :
1° Landsbond der Christelijke Mutualiteiten : 121 393 euros ;
2° Landsbond van de Neutrale Ziekenfondsen : 18 685,41 euros ;
3° Nationaal Verbond van Socialistische Mutualiteiten : 87 750,98 euros ;
4° Landsbond van Liberale Mutualiteiten : 23 657,13 euros ;
5° Landsbond van de Onafhankelijke Ziekenfondsen : 72 545,78 euros ;
6° Hulpkas voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering : 44 911,27 euros ;
7° Kas der Geneeskundige Verzorg van HR Rail : 45 367,01 euros.
§ 2. L'agence répartit parmi les organismes assureurs le solde de 20% du montant visé au paragraphe 1er, alinéa 1er, de la manière suivante :
1° Landsbond der Christelijke Mutualiteiten : 30 348,25 euros ;
2° Landsbond van de Neutrale Ziekenfondsen : 4 671,35 euros ;
3° Nationaal Verbond van Socialistische Mutualiteiten : 21 937,75 euros ;
4° Landsbond van Liberale Mutualiteiten : 5 914,28 euros ;
5° Landsbond van de Onafhankelijke Ziekenfondsen : 18 136,45 euros ;
6° Hulpkas voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering : 11 227,82 euros ;
7° Kas der Geneeskundige Verzorg van HR Rail : 11 341,75 euros.
§ 3. L'agence paie à l'organisme assureur le solde de 20% du montant visé au paragraphe 1er, alinéa 1er, après avoir approuvé le relevé des frais et les pièces justificatives sous-jacentes des organismes assureurs concernant l'utilisation de la subvention. ".
Art. 6. In artikel 16 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2021 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 20 januari 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid wordt de zinsnede "artikel 10, eerste lid," opgeheven;
2° er wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"De bedragen, vermeld in artikel 8, vijfde lid, artikel 10, eerste lid, en artikel 15, § 2, eerste lid, worden, met ingang van het kalenderjaar 2025, ieder jaar op 1 januari aangepast aan de ontwikkeling van het afgevlakte gezondheidsindexcijfer van de consumptieprijzen van de maand april van het voorgaande jaar ten opzichte van het afgevlakte gezondheidsindexcijfer van de consumptieprijzen van de maand april in 2023.".
1° in het eerste lid wordt de zinsnede "artikel 10, eerste lid," opgeheven;
2° er wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"De bedragen, vermeld in artikel 8, vijfde lid, artikel 10, eerste lid, en artikel 15, § 2, eerste lid, worden, met ingang van het kalenderjaar 2025, ieder jaar op 1 januari aangepast aan de ontwikkeling van het afgevlakte gezondheidsindexcijfer van de consumptieprijzen van de maand april van het voorgaande jaar ten opzichte van het afgevlakte gezondheidsindexcijfer van de consumptieprijzen van de maand april in 2023.".
Art. 6. A l'article 16 du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 décembre 2021 et modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 20 janvier 2023, les modifications suivantes sont apportées :
1° à l'alinéa 1er, le membre de phrase " l'article 10, alinéa premier, " est abrogé ;
2° il est ajouté un alinéa 3, rédigé comme suit :
" A partir de l'année calendaire 2025 les montants visés à l'article 8, alinéa 5, à l'article 10, alinéa 1er, et à l'article 15, § 2, alinéa 1er, sont adaptés annuellement au 1er janvier à l'évolution de l'indice santé lissé des prix à la consommation du mois d'avril de l'année précédente par rapport à l'indice santé lissé des prix à la consommation du mois d'avril en 2023. ".
1° à l'alinéa 1er, le membre de phrase " l'article 10, alinéa premier, " est abrogé ;
2° il est ajouté un alinéa 3, rédigé comme suit :
" A partir de l'année calendaire 2025 les montants visés à l'article 8, alinéa 5, à l'article 10, alinéa 1er, et à l'article 15, § 2, alinéa 1er, sont adaptés annuellement au 1er janvier à l'évolution de l'indice santé lissé des prix à la consommation du mois d'avril de l'année précédente par rapport à l'indice santé lissé des prix à la consommation du mois d'avril en 2023. ".
Art. 7. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2024.
Artikel 3 en 5 hebben uitwerking met ingang van 1 december 2023.
Artikel 3 en 5 hebben uitwerking met ingang van 1 december 2023.
Art. 7. Le présent arrêté produit ses effets à partir du 1er janvier 2024.
Les articles 3 et 5 produisent leurs effets à partir du 1er décembre 2023.
Les articles 3 et 5 produisent leurs effets à partir du 1er décembre 2023.
Art. 8. De Vlaamse minister, bevoegd voor de sociale bescherming, en de Vlaamse minister, bevoegd voor de gezondheids- en woonzorg, zijn, ieder wat hem of haar betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 8. Le ministre flamand ayant la protection sociale dans ses attributions et le ministre flamand ayant les soins de santé et les soins résidentiels dans ses attributions sont chargés, chacun en ce qui le concerne, de l'exécution du présent arrêté.