Zum Hauptinhalt

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
8 DECEMBER 2023. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het Vlaams personeelsstatuut van 13 januari 2006, wat betreft het omstandigheidsverlof in het kader van pleegzorg en andere bepalingen
Titre
8 DECEMBRE 2023. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant le statut du personnel flamand du 13 janvier 2006, en ce qui concerne le congé de circonstance dans le cadre du placement familial et d'autres dispositions
Dokumentinformationen
Numac: 2023048432
Datum: 2023-12-08
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2023048432
Date: 2023-12-08
Moniteur: Voir
Tekst (12)
Texte (12)
Artikel 1. In artikel VI 30ter, 2°, d), van het Vlaams personeelsstatuut van 13 januari 2006, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juli 2011, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° de zinsnede "vermeld in artikel 218 van het O.C.M.W.-decreet," wordt opgeheven;
  2° de zinsnede "de OCMW-verenigingen," wordt vervangen door de zinsnede "de verenigingen en vennootschappen voor maatschappelijk welzijn,";
  3° tussen de woorden "met uitzondering van" en de woorden "de ziekenhuisverenigingen" worden de woorden "de autonome verzorgingsinstellingen en" ingevoegd.
Article 1er. A l'article VI 30ter, 2°, d), du statut du personnel flamand du 13 janvier 2006, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 1er juillet 2011, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le membre de phrase " visé à l'article 218 du décret relatif au C.P.A.S., " est abrogé ;
  2° le membre de phrase " des associations de C.P.A.S., " est remplacé par le membre de phrase " les associations et sociétés d'action sociale, " ;
  3° les mots " des établissements de soins autonomes et " sont insérés entre les mots " à l'exception " et les mots " des associations d'hôpitaux ".
Art. 2. In artikel VII 12, § 1, 4°, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007 en gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 20 april 2018, 6 september 2019 en 23 september 2022, wordt in de tabel de rij
  "
Art. 2. Dans l'article VII 12, § 1er, 4°, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 mars 2007 et modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 20 avril 2018, 6 septembre 2019 et 23 septembre 2022, dans le tableau, le rang
  "
Vakantiewerker bij het Agentschap Opgroeien regie als arts. De tewerkstelling als vakantiewerker-arts is alleen mogelijk tijdens de maanden juli, augustus en september die aansluiten op het academiejaar waarin de student het diploma van master in de geneeskunde heeft behaald, en op voorwaarde dat de student aansluitend op de tewerkstelling als jobstudent niet in dienst wordt genomen bij Agentschap Opgroeien regie. 80 % van A121
Vakantiewerker bij het Agentschap Opgroeien regie als arts. De tewerkstelling als vakantiewerker-arts is alleen mogelijk tijdens de maanden juli, augustus en september die aansluiten op het academiejaar waarin de student het diploma van master in de geneeskunde heeft behaald, en op voorwaarde dat de student aansluitend op de tewerkstelling als jobstudent niet in dienst wordt genomen bij Agentschap Opgroeien regie. 80 % van A121
."
  vervangen door de rij
  "
Travailleur de vacances auprès de l'Agence Grandir régie comme médecin. La mise à l'emploi comme travailleur de vacances-médecin n'est possible que pendant les mois de juillet, d'août et de septembre après l'année académique pendant laquelle l'étudiant a obtenu le diplôme de master en médecine, et à condition que l'étudiant ne soit pas engagé auprès de l'Agence Grandir régie faisant suite à son emploi comme étudiant jobiste. 80 % de A121
Travailleur de vacances auprès de l'Agence Grandir régie comme médecin. La mise à l'emploi comme travailleur de vacances-médecin n'est possible que pendant les mois de juillet, d'août et de septembre après l'année académique pendant laquelle l'étudiant a obtenu le diplôme de master en médecine, et à condition que l'étudiant ne soit pas engagé auprès de l'Agence Grandir régie faisant suite à son emploi comme étudiant jobiste. 80 % de A121
. "
  est remplacé par le rang
  "
Vakantiewerker met het diploma van master in de geneeskunde bij het agentschap Opgroeien regie als arts, op voorwaarde dat de vakantiewerker na het behalen van het voormelde diploma verder studeert en blijft voldoen aan de voorwaarden om als jobstudent te kunnen worden tewerkgesteld. De tewerkstelling als arts is ook mogelijk tijdens de maanden juli, augustus en september die aansluiten op het laatste academiejaar, op voorwaarde dat de student aansluitend op zijn tewerkstelling als jobstudent niet in dienst wordt genomen bij het agentschap Opgroeien regie of het agentschap Opgroeien. 80% van A121
Vakantiewerker met het diploma van master in de geneeskunde bij het agentschap Opgroeien regie als arts, op voorwaarde dat de vakantiewerker na het behalen van het voormelde diploma verder studeert en blijft voldoen aan de voorwaarden om als jobstudent te kunnen worden tewerkgesteld. De tewerkstelling als arts is ook mogelijk tijdens de maanden juli, augustus en september die aansluiten op het laatste academiejaar, op voorwaarde dat de student aansluitend op zijn tewerkstelling als jobstudent niet in dienst wordt genomen bij het agentschap Opgroeien regie of het agentschap Opgroeien. 80% van A121
".
Travailleur de vacances titulaire du diplôme de master en médecine auprès de l'agence Grandir régie comme médecin, à condition que le travailleur de vacances poursuive ses études après l'obtention du diplôme précité et qu'il continue à remplir les conditions d'emploi en tant qu'étudiant jobiste. La mise à l'emploi comme médecin est également possible pendant les mois de juillet, août et septembre qui s'inscrivent dans la dernière année académique, à condition que l'étudiant ne soit pas engagé auprès de l'Agence Grandir régie ou l'Agence Grandir faisant suite à son emploi comme étudiant jobiste. 80 % de A121
Travailleur de vacances titulaire du diplôme de master en médecine auprès de l'agence Grandir régie comme médecin, à condition que le travailleur de vacances poursuive ses études après l'obtention du diplôme précité et qu'il continue à remplir les conditions d'emploi en tant qu'étudiant jobiste. La mise à l'emploi comme médecin est également possible pendant les mois de juillet, août et septembre qui s'inscrivent dans la dernière année académique, à condition que l'étudiant ne soit pas engagé auprès de l'Agence Grandir régie ou l'Agence Grandir faisant suite à son emploi comme étudiant jobiste. 80 % de A121
".
Art. 3. In artikel VII 78, tweede lid van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 27 januari 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° de woorden "een termijn van drie maanden" worden vervangen door de zinsnede "de termijn vermeld in het eerste lid";
  2° tussen het woord "maand" en het woord "verhoogd" worden de woorden "na de indiening" ingevoegd;
  3° de zinsnede "een intrest van 3% (op jaarbasis)" wordt vervangen door de woorden "de wettelijke intrestvoet".
Art. 3. A l'article VII 78, alinéa 2 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 27 janvier 2017, les modifications suivantes sont apportées :
  1° les mots " un délai de trois mois " sont remplacés par le membre de phrase " le délai mentionné à l'alinéa 1er " ;
  2° dans le texte néerlandais, les mots " na de indiening " sont insérés entre le mot " maand " et le mot " verhoogd " ;
  3° le membre de phrase " d'un intérêt de 3 % (sur base annuelle) " est remplacé par les mots " du taux d'intérêt légal ".
Art. 4. In artikel VII 80 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 27 januari 2017 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 6 september 2019, worden volgende de wijzigingen aangebracht:
  1° paragraaf 1 wordt vervangen door wat volgt:
  " § 1. Het personeelslid dat een eigen motorvoertuig gebruikt, ontvangt een forfaitaire kilometervergoeding, als vermeld in artikel 74 van het koninklijk besluit van 13 juli 2017 tot vaststelling van de toelagen en vergoedingen van de personeelsleden van het federaal openbaar ambt.
  Als een fiets of speedpedelec wordt gebruikt, bedraagt de vergoeding 0,25 euro per kilometer.";
  2° in paragraaf 3, eerste lid, wordt de zinsnede "jaarlijks op 1 juli" vervangen door de woorden "per kwartaal";
  3° aan paragraaf 3 wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "Het aangepaste bedrag van de kilometervergoeding als een eigen motorvoertuig wordt gebruikt, als vermeld in paragraaf 1, is van toepassing vanaf de eerste dag van de maand die volgt op de bekendmaking van het aangepaste bedrag in het Belgisch Staatsblad.".
Art. 4. A l'article VII 80 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 mars 2007, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 27 janvier 2017 et modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 septembre 2019, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit :
  " § 1er. Le membre du personnel qui utilise son propre véhicule à moteur reçoit une indemnité kilométrique forfaitaire, telle que visée à l'article 74 de l'arrêté royal du 13 juillet 2017 fixant les indemnités et allocations des membres du personnel de la fonction publique fédérale.
  En cas d'utilisation d'une bicyclette ou d'un speed pedelec, l'indemnité s'élève à 0,25 euros par kilomètre. " ;
  2° dans le paragraphe 3, alinéa 1er, le membre de phrase " Chaque année au 1er juillet " est remplacé par le membre de phrase " Chaque trimestre " ;
  3° le paragraphe 3 est complété par un alinéa 3 rédigé comme suit :
  " Le montant adapté de l'indemnité kilométrique en cas d'utilisation du propre véhicule à moteur, tel que visé au paragraphe 1er, s'applique à partir du 1er jour du mois suivant la publication du montant adapté au Moniteur belge. ".
Art. 5. In artikel VII 85septies, eerste lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 6 september 2019, worden tussen het woord "overnachting" en het woord "worden", de woorden "en het ontbijt" ingevoegd.
Art. 5. Dans l'article VII 85septies, alinéa 1er, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 septembre 2019, les mots " et le petit-déjeuner " sont insérés entre les mots " la nuitée " et le mot " sont " .
Art. 6. In artikel VII 85octies van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 6 september 2019, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het eerste lid worden tussen het woord "overnachting" en de woorden "ter plaatse" de woorden "en het ontbijt" ingevoegd;
  2° in het tweede lid worden tussen het woord "overnachting" en het woord "zelf" de woorden "en het ontbijt" ingevoegd.
Art. 6. A l'article VII 85octies du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 septembre 2019, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans l'alinéa 1er, les mots " et le petit-déjeuner " sont insérés entre le mot " nuitée " et les mots " doivent être " ;
  2° dans l'alinéa 2, les mots " et le petit-déjeuner, " sont insérés entre le mot " nuitée " et les mots " il a droit ".
Art. 7. In artikel VII 85novies van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 6 september 2019, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in § 2 worden na het woord "maaltijden" de woorden "met uitzondering van de ontbijtkosten" ingevoegd, en wordt het woord "kleine" geschrapt;
  2° in § 5 worden volgende wijzigingen aangebracht:
  a. het woord "kleine" wordt vervangen door het woord "andere";
  b. punt 1° wordt geschrapt, en de andere punten worden hernummerd;
  c. in huidig punt 4°, dat punt 3° wordt, wordt "5%" vervangen door "20%" en wordt het woord "kleine" vervangen door "andere".
Art. 7. A l'article VII 85novies du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 septembre 2019, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le § 2, les mots ", à l'exception des frais pour le petit-déjeuner " sont insérés après le mot " repas " et le mot " menues " est supprimé ;
  2° au paragraphe 5, les modifications suivantes sont apportées :
  a. le mot " menues " est remplacé par le mot " autres " ;
  b. le point 1° est supprimé et les autres points sont renumérotés ;
  c. dans l'actuel point 4°, qui devient le point 3°, " 5% " est remplacé par " 20% " et le mot " menues " est remplacé par le mot " autres ".
Art. 8. In artikel X 61 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 23 mei 2008, 15 december 2017 en 3 september 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° aan punt 3° /1 wordt de zinsnede "van het personeelslid, de echtgeno(o)te of samenwonende partner" toegevoegd;
  2° punt 3° /2 wordt vervangen door wat volgt:
  "
Art. 8. A l'article X 61 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 23 mai 2008, 15 décembre 2017 et 3 septembre 2021, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le point 3° /1 est complété par le membre de phrase " du membre du personnel, de l'épou(x)(se) ou du partenaire cohabitant ;
  2° le point 3° /2 est remplacé par ce qui suit :
  "
3° /2 Overlijden van de pleegvader, pleegmoeder, stiefpleegvader of stiefpleegmoeder van het personeelslid, van de echtgeno(o)t(e) of de samenwonende partner in het kader van langdurige pleegzorg op het moment van het overlijden of in het verleden 4 werkdagen
3° /2 Overlijden van de pleegvader, pleegmoeder, stiefpleegvader of stiefpleegmoeder van het personeelslid, van de echtgeno(o)t(e) of de samenwonende partner in het kader van langdurige pleegzorg op het moment van het overlijden of in het verleden 4 werkdagen
";
  3° punt 3° /3 wordt vervangen door wat volgt:
  "
3° /2 Décès du père d'accueil, de la mère d'accueil, du beau-père d'accueil, de la belle-mère d'accueil du membre du personnel, de l'épou(x)(se) ou du partenaire cohabitant dans le cadre du placement familial de longue durée au moment du décès ou dans le passé 4 jours ouvrables
3° /2 Décès du père d'accueil, de la mère d'accueil, du beau-père d'accueil, de la belle-mère d'accueil du membre du personnel, de l'épou(x)(se) ou du partenaire cohabitant dans le cadre du placement familial de longue durée au moment du décès ou dans le passé 4 jours ouvrables
" ;
  3° le point 3° /3 est remplacé par ce qui suit :
  "
3° /3 Overlijden van een pleegkind of van de pleegmoeder, pleegvader, stiefpleegvader of stiefpleegmoeder van het personeelslid, de echtgeno(o)t(e) of de samenwonende partner in het kader van kortdurende pleegzorg op het moment van het overlijden 1 werkdag
3° /3 Overlijden van een pleegkind of van de pleegmoeder, pleegvader, stiefpleegvader of stiefpleegmoeder van het personeelslid, de echtgeno(o)t(e) of de samenwonende partner in het kader van kortdurende pleegzorg op het moment van het overlijden 1 werkdag
"
  4° in punt 4° worden tussen het woord "kind" en het woord "van" de woorden "of een pleegkind in het kader van langdurige pleegzorg op het moment van het huwelijk of in het verleden" ingevoegd;
  5° punt 7° wordt vervangen door wat volgt:
  "
3° /3 Décès d'un enfant placé ou de la mère d'accueil, du père d'accueil, du beau-père d'accueil ou de la belle-mère d'accueil, de l'épou(x)(se) ou du partenaire cohabitant dans le cadre du placement familial de courte durée au moment du décès 1 jour ouvrable
3° /3 Décès d'un enfant placé ou de la mère d'accueil, du père d'accueil, du beau-père d'accueil ou de la belle-mère d'accueil, de l'épou(x)(se) ou du partenaire cohabitant dans le cadre du placement familial de courte durée au moment du décès 1 jour ouvrable
" ;
  4° dans le point 4°, les mots " ou d'un enfant placé dans le cadre du placement familial de longue durée au moment du mariage ou dans le passé " sont insérés entre le mot " enfant " et le mot " du " ;
  5° le point 7° est remplacé par ce qui suit :
  "
Huwelijk of wettelijke samenwoning van een bloed- of aanverwant van het personeelslid, van de echtgeno(o)t(e) of van de samenwonende partner: de dag van de plechtigheid
 - in de eerste graad, die geen kind is;  
 - in de tweede graad.
7° Huwelijk of wettelijke samenwoning van een bloed- of aanverwant van het personeelslid, van de echtgeno(o)t(e) of van de samenwonende partner: de dag van de plechtigheid - in de eerste graad, die geen kind is; - in de tweede graad.
";
  6° er wordt een zesde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "Voor de toepassing van het eerste lid, 5° tot en met 7°, worden de verwantschappen binnen een pleegzorgsituatie gelijkgesteld met de respectieve verwantschappen buiten een pleegzorgsituatie, vermeld in het eerste lid, 5° tot en met 7°. De gebeurtenissen, vermeld in punt 5° tot en met 7°, geven alleen aanleiding tot omstandigheidsverlof als de voormelde verwantschappen kaderen in een situatie van langdurige pleegzorg op het moment van de gebeurtenis of in het verleden.".
Mariage ou cohabitation légale d'un parent ou allié du membre du personnel, de l'épou(x)(se) ou du partenaire cohabitant : le jour de la cérémonie
 - au premier degré, qui n'est pas un enfant ;  
 - au deuxième degré.
7° Mariage ou cohabitation légale d'un parent ou allié du membre du personnel, de l'épou(x)(se) ou du partenaire cohabitant : le jour de la cérémonie - au premier degré, qui n'est pas un enfant ; - au deuxième degré.
" ;
  6° il est ajouté un alinéa 6, rédigé comme suit :
  " Pour l'application de l'alinéa 1er, 5° à 7°, les liens de parenté dans une situation de placement familial sont assimilés aux liens de parenté respectifs en dehors d'une situation de placement familial visés à l'alinéa 1er, 5° à 7°. Les événements visés aux points 5° à 7° ne donnent lieu à un congé de circonstance que si les liens de parenté précités s'inscrivent dans une situation de placement familial de longue durée au moment de l'événement ou dans le passé. ".
Art. 9. In artikel XI 1 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007, 29 april 2011, 3 februari 2012 en 1 februari 2013, wordt de zinsnede "leeftijd van 65 jaar" telkens vervangen door de woorden "wettelijke pensioenleeftijd".
Art. 9. Dans l'article XI 1 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 16 mars 2007, 29 avril 2011, 3 février 2012 et 1er février 2013, le membre de phrase " l'âge de 65 ans " est chaque fois remplacé par les mots " l'âge légal de la pension ".
Art. 10. In artikel XI 8bis, § 1, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 april 2019, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het derde lid wordt de zinsnede ", een vermindering in het kader van zorgkrediet of een vermindering in het kader van een medisch bijstandsverlof " opgeheven;
  2° in het vierde lid worden de woorden "ouderschapsverlof of palliatief verlof" vervangen door de woorden "zorgkrediet of een federaal zorgverlof als die vermindering niet voor onbepaalde tijd is gesloten".
Art. 10. A l'article XI 8bis, § 1er, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 avril 2019, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans l'alinéa 3, le membre de phrase ", d'une réduction dans le cadre d'un crédit soins ou d'une réduction dans le cadre d'un congé d'assistance médicale. " est abrogé ;
  2° dans l'alinéa 4, les mots " d'un congé parental ou d'un congé pour soins palliatifs " sont remplacés par les mots " d'un crédit-soins ou d'un congé pour soins fédéral si cette réduction n'a pas été convenue pour une durée indéterminée ".
Art. 11. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2024, met uitzondering van:
  1° artikel 2, dat uitwerking heeft met ingang van 1 mei 2023;
  2° artikel 5, 6 en 7, die uitwerking hebben met ingang van 15 februari 2023;
  3° artikel 10, dat uitwerking heeft met ingang van 10 november 2022
Art. 11. Le présent arrêté produit ses effets le 1er janvier 2024, à l'exception :
  1° de l'article 2, qui produit ses effets le 1er mai 2023 ;
  2° des articles 5, 6 et 7, qui produisent leurs effets le 15 février 2023 ;
  3° de l'article 10, qui produit ses effets le 10 novembre 2022.
Art. 12. De Vlaamse minister, bevoegd voor de human resources, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 12. Le ministre flamand qui a les ressources humaines dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.