Zum Hauptinhalt

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
21 OKTOBER 2021. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot wijziging van het koninklijk besluit van 7 juni 2007 betreffende het opleidingsfonds dienstencheques
Titre
21 OCTOBRE 2021. - Arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale modifiant l'arrêté royal du 7 juin 2007 concernant le fonds de formation titres-services
Dokumentinformationen
Numac: 2021042959
Datum: 2021-10-21
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2021042959
Date: 2021-10-21
Moniteur: Voir
Tekst (12)
Texte (12)
Artikel 1. In artikel 2 van het koninklijk besluit van 7 juni 2007 betreffende het opleidingsfonds dienstencheques, voor het laatst gewijzigd door het koninklijk besluit van 22 juli 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° het 1ste paragraaf, tweede streepje wordt aangevuld met de volgende zinnen:
  "Het proces van competentievalidering wordt beschouwd als een doelstelling van specialisatie of professionele mobiliteit van de dienstenchequewerknemer binnen de dienstenchequesector of binnen gelijk welke andere sector. Dit proces omvat de begeleiding, de voorbereiding en het afleggen van de testen om de verworven vaardigheden te certificeren.";
  2° lid 3 van paragraaf 2 wordt aangevuld met de volgende zin:
  "Ze kan worden gegeven via contactonderwijs of op afstand.";
  3° lid 4 van paragraaf 2 wordt aangevuld met volgende zin:
  "Ze kan worden gegeven via contactonderwijs of op afstand.";
  4° artikel 2 wordt aangevuld met een paragraaf 4, die als volgt luidt:
  " § 4. Wordt de opleiding op afstand gegeven, dan moet ze voldoen aan onderstaande minimale criteria:
  1° de aanvraag voor de goedkeuring, zoals bedoeld in artikel 5, § 1, van een opleiding op afstand bevat een specifieke motivatie met daarin de redenen waarom een opleiding op afstand ofwel een gelijkaardig voordeel oplevert als een opleiding ter plaatse, ofwel een bijkomend of een ander voordeel oplevert wat betreft de doeltreffendheid ervan en de meerwaarde voor de werknemer.
  In alle gevallen bevat de aanvraag een motivatie die aantoont dat het collectieve aspect van een opleiding in groep niet van primordiaal belang is voor de werknemer die vanop afstand opgeleid wordt.
  2° de opleiding moet live interactie toelaten tussen de werknemer en de opleider alsook tussen de werknemers onderling die deelnemen aan de opleiding;
  3° de opleiding wordt uitsluitend gegeven tijdens de werkuren zoals ze opgenomen zijn in het arbeidsreglement van de werkgever, van maandag tot vrijdag, door een opleider die les geeft met behulp van een communicatiemiddel dat het begrip door en uitwisselingen met alle werknemers die deelnemen aan de opleiding toelaat;
  4° voorafgaandelijk aan de opleiding ontvangt elke ingeschreven werknemer enerzijds digitale toelichting die de te volgen stappen beschrijft om aan te melden bij de voorgestelde opleiding, en anderzijds een didactische drager waar de inhoud van de opleiding wordt samengebracht. De software en de didactische drager worden ter beschikking van de Gewestelijke Werkgelegenheidsinspectie gehouden in geval van controle.
  De minister mag de lijst aanvullen van de minimale criteria waaraan opleidingen op afstand moeten voldoen.".
Article 1er. A l'article 2 de l'arrêté royal du 7 juin 2007 concernant le fonds de formation titres-services, modifié en dernier lieu par l'arrêté royal du 22 juillet 2009, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le paragraphe premier, 2e tiret est complété par les phrases suivantes :
  " Le parcours de validation des compétences est considérée comme un objectif de spécialisation ou de mobilité professionnelle du travailleur titres-services au sein du secteur titres-services ou au sein de tout autre secteur. Ce parcours comprend l'accompagnement, la préparation et le passage des épreuves en vue de certifier les compétences détenues. " ;
  2° l'alinéa 3 du paragraphe 2 est, complété par la phrase suivante :
  " Elle peut être dispensée en présentiel ou à distance. " ;
  3° l'alinéa 4 du paragraphe 2 est complété par la phrase suivante :
  " Elle peut être dispensée en présentiel ou à distance. " ;
  4° l'article 2 est complété par un paragraphe 4, rédigé comme suit :
  " § 4. Lorsque la formation est dispensée à distance, elle doit répondre aux critères minimaux suivants :
  1° la demande d'approbation visée à l'article 5, § 1er d'une formation dispensée en distanciel contient une motivation spécifique précisant les raisons pour lesquelles le distanciel apporte soit un bénéfice équivalent à une formation dispensée en présentiel, soit un bénéfice supplémentaire ou différent, en ce qui concerne son efficacité et sa plus-value pour le travailleur.
  Dans tous les cas, elle contient une motivation démontrant que l'aspect collectif de la formation donnée en groupe n'est pas primordial pour le travailleur formé en distanciel.
  2° la formation doit permettre une interaction en direct entre le travailleur et le formateur ainsi qu'entre les travailleurs participant à la formation ;
  3° la formation est donnée exclusivement durant les heures de travail reprises au règlement de travail de l'employeur, du lundi au vendredi, par un formateur donnant la formation via un moyen de communication permettant la compréhension et l'échange avec tous les travailleurs participants à la formation ;
  4° préalablement à la formation, chaque travailleur inscrit reçoit, d'une part, un didacticiel, expliquant au travailleur la marche à suivre pour se connecter à la formation proposée et d'autre part, un support pédagogique rassemblant le contenu de la formation. Le didacticiel et le support pédagogique sont tenus à la disposition de l'Inspection régionale de l'Emploi en cas de contrôle.
  Le ministre peut compléter la liste des critères minimaux auxquels les formations à distance doivent satisfaire. ".
Art. 2. In artikel 3 van hetzelfde besluit, voor het laatst gewijzigd door het koninklijk besluit van 10 oktober 2013, wordt het bedrag van "14,50 EUR" telkens vervangen door het bedrag van "15,50 EUR" en wordt het bedrag van "40 EUR" telkens vervangen door het bedrag van " 45 EUR ".
Art. 2. Dans l'article 3 du même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté royal du 10 octobre 2013, le montant de " 14, 50 EUR " est à chaque fois remplacé par le montant de " 15,50 EUR " et le montant de " 40 EUR " est à chaque fois remplacé par le montant de " 45 EUR ".
Art. 3. In artikel 5 van hetzelfde besluit, voor het laatst gewijzigd door het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 16 mei 2019, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1, worden de woorden "uitsluitend via elektronische weg" ingevoegd tussen de woorden "deze opleiding" en de woorden "tot het secretariaat";
  2° in paragraaf 2, lid 1, worden de woorden ", uitsluitend via elektronische weg," ingevoegd tussen de woorden "bevestigt zo spoedig mogelijk" en de woorden "de ontvangst van de aanvraag";
  3° in paragraaf 2, lid 1, wordt het woord "brief" vervangen door het woord "e-mail";
  4° in paragraaf 2, lid 2, wordt het woord "brief" vervangen door het woord "e-mail";
  5° in paragraaf 4, lid 4, worden de woorden ", uitsluitend via elektronische weg," ingevoegd tussen de woorden "geeft " en de woorden " kennis van de beslissing tot goedkeuring";
  6° in paragraaf 4, lid 4, worden de woorden ", uitsluitend via elektronische weg," ingevoegd tussen het woord "eveneens" en de woorden "een afschrift van de beslissing";
  7° in paragraaf 4, lid 5, worden de woorden "onbepaalde duur of tot de Minister deze geldigheidsduur herziet" vervangen door de woorden "vijf jaar";
  8° artikel 5 wordt aangevuld met een paragraaf 5 die als volgt luidt:
  " § 5. De steunontvangende onderneming zoals bedoeld in artikel 2ter van de wet kan gebruik maken van de goedkeuring van opleiding die de overdragende onderneming ontvangen heeft. De steunontvangende onderneming licht het bestuur in over de juridische wijziging.".
Art. 3. A l'article 5 du même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 16 mai 2019, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 1er, les mots " exclusivement par voie électronique " sont insérés entre le mot " adresse " et les mots " une demande d'approbation " ;
  2° dans le paragraphe 2, alinéa 1er, les mots " , exclusivement par voie électronique, " sont insérés entre le mot " accuse " et les mots " dans les plus brefs délais " ;
  3° dans le paragraphe 2, à l'alinéa 1er, le mot " électronique " est ajouté après le mot " courrier " ;
  4° dans le paragraphe 2, à l'alinéa, le mot " électronique " est inséré entre les mots " courrier " et " précité " ;
  5° dans le paragraphe 4, alinéa 4, les mots " exclusivement par voie électronique " sont insérés entre le mot " notifie " et les mots " la décision d'approbation " ;
  6° dans le paragraphe 4, alinéa 4, les mots " exclusivement par voie électronique " sont insérés entre le mot " également " et les mots " une copie de la décision " ;
  7° dans le paragraphe 4, alinéa 5, les mots " indéterminée ou jusqu'à ce que le Ministre revoie cette durée de validité " sont remplacés par les mots " de cinq ans " ;
  8° l'article 5 est complété par un paragraphe 5 rédigé comme suit :
  " § 5. L'entreprise bénéficiaire visée à l'article 2ter de la loi peut se prévaloir d'une décision d'approbation de formation obtenue par l'entreprise cédante. L'entreprise bénéficiaire informe l'administration de la transformation juridique. ".
Art. 4. In artikel 6, voor het laatst gewijzigd door het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 23 maart 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1, lid 1, worden de woorden "uitsluitend via elektronische weg" ingevoegd tussen de woorden "van deze opleidingskosten" en het woord "richten";
  2° in paragraaf 1, lid 3, 1°, wordt het woord ", voornaam " ingevoegd tussen het woord "naam" en de woorden "en handtekening van de begeleider" en wordt het woord "voornaam" ingevoegd tussen het woord "naam" en de woorden "en handtekening van de dienstencheque-werknemer";
  3° in paragraaf 1, lid 3, 2°, worden de woorden ",naam en voornaam," ingevoegd tussen de woorden "met rijksregisternummer" en " voor elk van die dienstenchequeswerknemers ";
  4° in paragraaf 1, lid 3, 3°, worden de woorden "naam, voornaam" toegevoegd tussen de woorden "met" en "rijksregisternummer";
  5° paragraaf 2 wordt aangevuld met de zin "De erkende onderneming bewaart op de maatschappelijke zetel de originele exemplaren van de documenten zoals bedoeld in § 1 gedurende een periode van 5 jaar vanaf de datum van indiening van haar aanvraag.";
  6° in dezelfde paragraaf wordt de datum "30 juni" vervangen door de datum "31 maart";
  7° in paragraaf 3, lid 1, wordt het woord "brief" vervangen door het woord "e-mail;
  8° in dezelfde paragraaf 3, lid 2, worden de woorden "uitsluitend via elektronische weg" ingevoegd tussen de woorden "haar aanvraag" en de woorden "te vervolledigen";
  9° artikel 6 wordt aangevuld met een paragraaf 4 die als volgt luidt:
  " § 4. Het bestuur is verantwoordelijk voor de verwerking van de persoonsgegevens van de werknemers en de lesgevers die ze ontvangt in het kader van de terugbetalingsaanvragen.
  Het bestuur bewaart de stukken zoals bedoeld in paragraaf 1 gedurende 10 jaar en vernietigt ze na afloop van die periode.".
Art. 4. A l'article 6, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 23 mars 2017, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 1er, alinéa 1er, les mots " exclusivement par voie électronique " sont insérés entre le mot " adresser " et les mots " une demande de remboursement " ;
  2° dans le paragraphe 1er, alinéa 3, 1°, les mots " , le prénom " sont insérés entre les mots " le nom " et les mots " et la signature du formateur " et les mots le prénom " sont insérées entre les mots " le nom " et les mots " et la signature du travailleur titre-service " ;
  3° dans le paragraphe 1er, alinéa 3, 2°, les mots " comprenant leur nom et prénom, " sont insérés entre les mots " les différents travailleurs titres-services " et " et par le formateur interne ";
  4° dans le paragraphe 1er, alinéa 3, 3°, les mots " le nom, le prénom, " sont ajoutés entre les mots " comprenant " et " le numéro de registre national ";
  5° le paragraphe 2 est complété par la phrase " L'entreprise agréée conserve au siège social les originaux des documents mentionnés au § 1er durant une période de 5 ans à compter de la date d'introduction de sa demande. " ;
  6° dans le même paragraphe 2, la date du " 30 juin " est remplacée par la date du " 31 mars " ;
  7° dans le paragraphe 3, alinéa 1er, le mot " électronique " est inséré après le mot " courrier " ;
  8° dans le même paragraphe 3, alinéa 2, les mots " exclusivement par voie électronique " sont insérés entre les mots " sa demande " et les mots " dans les deux mois " ;
  9° l'article 6 est complété par un paragraphe 4 rédigé comme suit :
  " § 4. L'administration est responsable du traitement des données à caractère personnel des travailleurs et des formateurs reçues dans le cadre des demandes de remboursement.
  L'administration conserve les pièces visées au paragraphe 1er pendant 10 ans et les détruit ensuite. ".
Art. 5. In artikel 6bis van hetzelfde besluit, voor het laatst gewijzigd door het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 23 maart 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1, lid 2, worden de woorden ", uitsluitend via elektronische weg," ingevoegd tussen de woorden "voor de start van de opleiding" en de woorden "een aanvraag tot goedkeuring";
  2° in paragraaf 2 worden de woorden "via elektronische weg" ingevoegd tussen de woorden "zo spoedig mogelijk" en "de ontvangst van de aanvraag";
  3° in dezelfde paragraaf 2, lid 1 wordt het woord "brief" vervangen door het woord "e-mail";"
  4° in paragraaf 4, lid 6, eerste zin, worden de woorden "uitsluitend via elektronische weg" ingevoegd tussen het woord "geeft" en de woorden "kennis van de beslissing" en worden, in de tweede zin, de woorden "via elektronische weg" ingevoegd tussen het woord "eveneens" en de woorden "een afschrift van de beslissing";
  5° in dezelfde paragraaf 4, laatste lid, worden de woorden "onbepaalde duur of tot de Minister deze geldigheidsduur herziet" vervangen door de woorden "vijf jaar".
Art. 5. A l'article 6bis du même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 23 mars 2017, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, les mots " exclusivement par voie électronique, " sont insérés entre le mot " adresse, " et les mots " avant le début de la formation " ;
  2° dans le paragraphe 2, les mots " , par voie électronique, " sont insérés entre le mot " réception " et les mots " de la demande " ;
  3° dans le même paragraphe 2, 1e alinéa le mot " électronique " est ajouté après les mots " le même courrier " ;
  4° dans le paragraphe 4, alinéa 6, première phrase, les mots " exclusivement par voie électronique " sont insérés entre le mot " notifie " et les mots " la décision d'approbation " et, dans la seconde phrase, les mots " par voie électronique " sont insérés entre le mot " également " et les mots " une copie de la décision " ;
  5° dans le même paragraphe 4, dernier alinéa, les mots " indéterminée ou jusqu'à ce que le Ministre revoie cette durée de validité " sont remplacés par les mots " de cinq ans ".
Art. 6. In artikel 6ter van hetzelfde besluit, voor het laatst gewijzigd door het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 23 maart 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1, lid 1, worden de woorden "uitsluitend via elektronische weg" ingevoegd tussen de woorden "kan ze" en de woorden " een aanvraag tot gedeeltelijke";
  2° in dezelfde paragraaf 1, lid 2, wordt het woord "elektronisch" ingevoegd tussen de woorden "bevat een" en het woord "dossier";
  3° in dezelfde paragraaf 1, lid 3, 1°, wordt het woord ", voornaam" ingevoegd tussen de woorden "eindduur, naam" en de woorden "en handtekening van de begeleider" en wordt het woord "voornaam" ingevoegd tussen de woorden "begeleider, naam" en de woorden "en handtekening van de dienstencheque-werknemer;
  4° in dezelfde paragraaf 1, lid 3, 2°, worden de woorden "naam, voornaam en" ingevoegd tussen de woorden "met" en "rijksregisternummer";
  5° paragraaf 2 wordt aangevuld met de zin "De erkende onderneming bewaart op de maatschappelijke zetel de originele exemplaren van de documenten zoals bedoeld in § 1 gedurende een periode van 5 jaar vanaf de datum van indiening van haar aanvraag. ";
  6° in dezelfde paragraaf 2 wordt de datum "30 juni" vervangen door de datum "31 maart";
  7° in paragraaf 3, in leden 1 en 2, wordt het woord "brief" telkens vervangen door het woord "e-mail";
  8° artikel 6ter wordt aangevuld met een paragraaf 4 die als volgt luidt:
  " § 4. Het bestuur is verantwoordelijk voor de verwerking van de persoonsgegevens van de werknemers en de opleiders die ze ontvangt in het kader van de terugbetalingsaanvragen.
  Het bestuur bewaart de stukken zoals bedoeld in paragraaf 1 gedurende 10 jaar en vernietigt ze na afloop van die periode.".
Art. 6. A l'article 6ter, du même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 23 mars 2017, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 1er, alinéa 1er, les mots " exclusivement par voie électronique " sont insérés entre le mot " adresser " et les mots " une demande de remboursement " ;
  2° dans le même paragraphe 1er, alinéa 2, le mot " électronique " est inséré entre le mot " dossier " et le mot " comportant " ;
  3° dans le même paragraphe 1er, alinéa 3, 1°, les mots " le prénom " sont insérés entre les mots " fin, le nom " et les mots " et la signature du formateur " et les mots " le prénom " sont insérés entre les mots " formateur, le nom " et les mots " et la signature du travailleur titre-service ";
  4° dans le même paragraphe 1er, alinéa 3, 2°, les mots " le nom, le prénom et " sont insérés entre le mot " comprenant " et les mots " le numéro de registre national " ;
  5° le paragraphe 2 est complété par la phrase " L'entreprise agréée conserve au siège social les originaux des documents mentionnés au § 1er durant une période de 5 ans à compter de la date d'introduction de sa demande. " ;
  6° dans le même paragraphe 2, la date du " 30 juin " est remplacée par la date du " 31 mars " ;
  7° dans le paragraphe 3, dans les alinéas 1er et 2, le mot " électronique " est à chaque fois inséré après le mot " courrier " ;
  8° l'article 6ter est complété par un paragraphe 4 rédigé comme suit :
  " § 4. L'administration est responsable du traitement des données à caractère personnel des travailleurs et des formateurs reçues dans le cadre des demandes de remboursement.
  L'administration conserve les pièces visées au paragraphe 1er pendant 10 ans et les détruit ensuite. ".
Art. 7. In artikel 6quater van hetzelfde besluit, voor het laatst gewijzigd door het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 23 maart 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1 wordt lid 2 aangevuld met de zin "De aanvraag wordt enkel via elektronische weg ingediend.";
  2° in dezelfde paragraaf 1, lid 6, 1°, worden de woorden "naam, voornaam en" ingevoegd tussen de woorden "met" en "vermelding van het rijksregisternummer";
  3° in paragraaf 2 wordt het 1ste lid aangevuld met de zin "De erkende onderneming bewaart op de maatschappelijke zetel de originele exemplaren van de documenten zoals vermeld in § 1 gedurende een periode van 5 jaar vanaf de datum van indiening van haar aanvraag.";
  4° in dezelfde paragraaf 2, lid 1, wordt de datum "30 juni" vervangen door de datum "31 maart";
  5° in dezelfde paragraaf 2, lid 2 en lid 3, wordt "brief" vervangen door het woord "e-mail";"
  6° artikel 6quater wordt aangevuld met een paragraaf 3 die als volgt luidt:
  " § 3. Het bestuur is verantwoordelijk voor de verwerking van de persoonsgegevens van de werknemers en de opleiders die ze ontvangt in het kader van de terugbetalingsaanvragen.
  Het bestuur bewaart de stukken zoals bedoeld in paragraaf 1 gedurende 10 jaar en vernietigt ze na afloop van die periode.".
Art. 7. A l'article 6quater, du même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 23 mars 2017, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 1er, l'alinéa 2 est complété par la phrase " La demande est introduite exclusivement par voie électronique. " ;
  2° dans le même paragraphe 1er, alinéa 6, 1°, les mots " le nom, le prénom, " sont insérés entre le mot " comprenant " et les mots " la mention du ";
  3° dans le paragraphe 2, l'alinéa 1er est complété par la phrase " L'entreprise agréée conserve au siège social les originaux des documents mentionnés au § 1er durant une période de 5 ans à compter de la date d'introduction de sa demande. " ;
  4° dans le même paragraphe 2, alinéa 1er, la date du " 30 juin " est remplacée par la date du " 31 mars " ;
  5° dans le même paragraphe 2, dans les alinéas 2 et 3, le mot " électronique " est à chaque fois inséré après le mot " courrier " ;
  6° l'article 6quater est complété par un paragraphe 3 rédigé comme suit :
  " § 3. L'administration est responsable du traitement des données à caractère personnel des travailleurs et des formateurs reçues dans le cadre des demandes de remboursement.
  L'administration conserve les pièces visées au paragraphe 1er pendant 10 ans et les détruit ensuite. ".
Art. 8. In artikel 8 van hetzelfde besluit, vervangen door het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 23 maart 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° paragraaf 1 wordt aangevuld met een tweede lid, luidende:
  "De kennisgeving, door het bestuur, van de aan de erkende ondernemingen toegekende budgetten vindt uitsluitend via elektronische weg plaats.".
  2° in paragraaf 2, lid 2, worden de bedragen "1.000", "750", "500" en "250" respectievelijk vervangen door de bedragen "1.250", "1.000", "750" en "500".
Art. 8. A l'article 8 du même arrêté remplacé par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 23 mars 2017, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le paragraphe 1er est complété par un alinéa 2 rédigé comme suit :
  " La notification, par l'administration, des budgets attribués aux entreprises agréées a lieu exclusivement par voie électronique. ".
  2° au paragraphe 2, alinéa 2, les montants de " 1000 ", " 750 ", " 500 " et " 250 " sont respectivement remplacés par les montants de " 1250 ", " 1000 ", " 750 " et " 500 ".
Art. 9. In artikel 9bis, ingevoegd door het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 23 maart 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1, worden de woorden "uitsluitend via elektronische weg" ingevoegd tussen de woorden "bezorgt ze" en de woorden "een opleidingsplan";
  2° in paragraaf 2 worden de woorden "via elektronische weg" ingevoegd tussen de woorden "bevestigt" en "de ontvangst van dit plan";
  3° in paragraaf 3 worden de woorden "via elektronische weg" ingevoegd tussen de woorden "van de Commissie" en de woorden "mee aan het bestuur ";
  4° artikel 9bis wordt aangevuld met een paragraaf 5 die als volgt luidt:
  " § 5. Wanneer de geldigheid van het opleidingsplan zoals bedoeld in paragraaf 1 is verstreken of wanneer de erkende onderneming het opleidingsplan heeft uitgevoerd en deze erkende onderneming een nieuw opleidingsplan indient, voegt de onderneming bij dit opleidingsplan een zelfevaluatie betreffende elk jaar van het vorige opleidingsplan, met vermelding van:
  1° de redenen waarom zij beschouwt, of niet, haar opleidingsverplichtingen in acht te hebben genomen en het opleidingsplan te hebben uitgevoerd zoals het aanvankelijk was opgesteld;
  2° het aantal werknemers die tijdens het betrokken jaar werden aangeworven en die de opleidingen hebben kunnen volgen waarin het plan voorziet, het aantal werknemers met een anciënniteit van meer dan 6 maanden binnen de erkende onderneming evenals het aantal voltijds equivalenten voor elk jaar waarop het opleidingsplan betrekking heeft;
  3° de volgende elementen:
  - De titel van de opleiding,
  - Het aantal opleidingsuren,
  - In voorkomend geval, het goedkeuringsnummer van de opleiding,
  - De datum van de opleiding,
  - Het aantal werknemers aanwezig op iedere opleiding,
  - Het feit of een ander fonds al dan niet een toelage toekent.".
Art. 9. A l'article 9bis, inséré par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 23 mars 2017, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 1er, les mots " exclusivement par voie électronique " sont insérés entre le mot " transmet " et les mots " un plan de formation " ;
  2° dans le paragraphe 2, les mots " par voie électronique " sont insérés entre le mot " réception " et les mots " de ce plan " ;
  3° dans le paragraphe 3, les mots " par voie électronique " sont insérés entre le mot " communique " et les mots " la décision " ;
  4° l'article 9bis est complété par un paragraphe 5 rédigé comme suit :
  " § 5. Lorsque la validité du plan de formation mentionné au paragraphe 1er a expiré, ou lorsque le plan de formation a été exécuté par l'entreprise agréée, et que cette entreprise agréée introduit un nouveau plan de formation, l'entreprise joint à ce plan de formation une auto-évaluation portant sur chacune des années du précédent plan de formation, laquelle mentionne :
  1° les raisons pour lesquelles celle-ci estime, avoir, ou non, respecté ses obligations de formation et exécuté le plan de formation initialement prévu ;
  2° le nombre de travailleurs engagés au cours de l'année concernée qui ont pu bénéficier des formations prévues dans le plan, le nombre de travailleurs disposant d'une ancienneté de plus de 6 mois au sein de l'entreprise agréée, et le nombre d'équivalents temps plein pour chaque année couverte par le plan de formation ;
  3° les éléments suivants :
  - L'intitulé de la formation,
  - Le nombre d'heures de formation,
  - Le cas échéant, le numéro d'approbation de la formation,
  - La date de la formation,
  - Le nombre de travailleurs présents à chacune des formations.
  - S'il y a ou pas subsidiation par un autre fonds. ".
Art. 10. Artikel 10quater, ingevoegd door het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 23 maart 2017, wordt vervangen als volgt:
  "Art. 10quater. Bij afwijking van de artikelen 5, § 4, lid 5 en 6bis, § 4, lid 7, is de geldigheidsduur van 5 jaar van de goedkeuringsbeslissing niet van toepassing op volgende gevallen:
  1° de opleidingen die zijn goedgekeurd op verzoek van erkende ondernemingen die hun erkenning als dienstenchequebedrijf hebben verloren, vervallen op de datum van verlies van de erkenning;
  2° de opleidingen die zijn goedgekeurd door de commissie opleidingsfonds dienstencheques die is opgericht bij de federale overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, moeten vóór 31 december 2022 het voorwerp zijn van een aanvraag tot hernieuwing van deze goedkeuring.
  Bij gebreke vervallen ze op voornoemde datum.
  3° de opleidingen die vóór de inwerkingtreding van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 oktober 2021 tot wijziging van het koninklijk besluit van 7 juni 2007 betreffende het opleidingsfonds dienstencheques zijn goedgekeurd door de commissie opleidingsfonds dienstencheques die is opgericht bij het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, moeten vóór 31 december 2023 het voorwerp zijn van een beslissing tot hernieuwing van deze goedkeuring.
  Bij gebreke vervallen ze op voornoemde datum.".
Art. 10. L'article 10quater, inséré par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 23 mars 2017, est remplacé par ce qui suit :
  " Art. 10quater. Par dérogation aux articles 5, § 4, alinéa 5 et 6bis, § 4, alinéa 7, la durée de validité de la décision d'approbation de 5 ans n'est pas d'application dans les cas suivants :
  1° les formations qui ont été approuvées à la demande d'entreprises agréées qui ont perdu leurs agréments en titres-services viennent à échéance à la date de la perte de l'agrément ;
  2° les formations qui ont été approuvées par la commission fonds de formation titres-services instituée auprès du Service public fédéral Emploi, Travail et Concertation sociale devront faire l'objet d'une demande de renouvellement de cette approbation avant le 31 décembre 2022.
  A défaut, elles viennent à échéance à cette date.
  3° les formations qui ont été approuvées par la commission fonds de formation titres-services instituée auprès de la Région de Bruxelles-Capitale, avant l'entrée en vigueur de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 21 octobre 2021 modifiant l'arrêté royal du 7 juin 2007 concernant le fonds de formation titres-services, devront faire l'objet d'une décision de renouvellement de cette approbation avant le 31 décembre 2023.
  A défaut, elles viennent à échéance à cette date. ".
Art. 11. Dit besluit treedt in werking op 1 december 2021, met uitzondering van:
  1° artikelen 2 en 8, 2° die in werking treden op 1 januari 2022 ;
  2° de artikelen 4, 6°, 6, 6° et 7, 4° die in werking treden op 30 maart 2022.
Art. 11. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er décembre 2021, à l'exception :
  1° des articles 2 et 8, 2° qui entrent en vigueur le 1er janvier 2022 ;
  2° des articles 4, 6°, 6, 6° et 7, 4° qui entrent en vigueur le 30 mars 2022.
Art. 12. De minister bevoegd voor Werkgelegenheid is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 12. Le Ministre chargé de l'Emploi est chargé de l'exécution du présent arrêté.