Artikel 1. Artikel 233 van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming wordt vervangen door wat volgt:
"Art.233. § 1. In dit artikel wordt verstaan onder niet rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning:
1° een persoonlijke-assistentiebudget als vermeld in hoofdstuk IV/1 van het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap;
2° ondersteuning door een multifunctioneel centrum voor minderjarige personen met een handicap met toepassing van artikel 7 of 9, § 2, van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 februari 2016 houdende erkenning en subsidiëring van multifunctionele centra voor minderjarige personen met een handicap;
3° persoonsvolgende middelen voor minderjarige personen met een handicap met dringende noden als vermeld in artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 maart 2017 over persoonsvolgende middelen voor minderjarige personen met een handicap met dringende noden;
4° een budget voor niet rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning.
§ 2. Ter uitvoering van artikel 5, § 2, van het decreet van 25 april 2014 houdende de persoonsvolgende financiering voor personen met een handicap en tot hervorming van de wijze van financiering van de zorg en de ondersteuning voor personen met een handicap erkent het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap of de toegangspoort een gebruiker voor de toepassing van dit boek automatisch als persoon met een handicap met een duidelijk vast te stellen behoefte aan zorg en ondersteuning als vermeld in artikel 4, eerste lid, 2°, van het voormelde decreet, als die persoon aan al de volgende voorwaarden voldoet:
1° hij beschikt over een attest dat aantoont dat hij recht heeft op zorgtoeslag voor kinderen met een specifieke ondersteuningsbehoefte, of op bijkomende kinderbijslag op basis van minstens twaalf punten op de medisch-sociale schaal, samengesteld uit pijler P1, P2 en P3;
2° hij maakt geen gebruik van niet rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning.
§ 3. Het recht op een basisondersteuningsbudget wordt geopend voor personen die gebruikmaken van niet rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning en die ondersteuning vrijwillig stopzetten om een basisondersteuningsbudget te verkrijgen, als ze voldoen aan de volgende aanvullende cumulatieve voorwaarden:
1° ze maken gebruik van niet rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning, met uitzondering van crisishulpverlening;
2° ze zetten het gebruik van de niet-rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning, vermeld in punt 1°, vrijwillig stop door de stopzetting en de datum van de stopzetting te melden aan het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap.
Het recht op een basisondersteuningsbudget, vermeld in het eerste lid, wordt geopend op de datum van het einde van de opzegtermijn.".
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
23 DECEMBER 2020. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming, wat betreft de wijziging van het basisondersteuningsbudget
Titre
23 DECEMBRE 2020. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l'arrêté du Gouvernement flamand du 30 novembre 2018 portant exécution du décret du 18 mai 2018 relatif à la protection sociale flamande, en ce qui concerne la modification du budget d'assistance de base
Dokumentinformationen
Info du document
Tekst (9)
Texte (9)
Article 1er. L'article 233 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 30 novembre 2018 portant exécution du décret du 18 mai 2018 relatif à la protection sociale flamande est remplacé par ce qui suit :
" Art. 233. § 1er. Dans le présent article, on entend par soins et soutien non directement accessibles :
1° un budget d'assistance personnelle au sens du chapitre IV/I du décret du 7 mai 2004 portant création de l'Agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique " Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap " (Agence flamande pour les Personnes handicapées) ;
2° le soutien par un centre multifonctionnel pour mineurs handicapés en application de l'article 7 ou 9, § 2, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 février 2016 portant agrément et subventionnement de centres multifonctionnels pour personnes handicapées mineures ;
3° les aides personnalisées aux personnes handicapées mineures ayant des besoins urgents telles que visées à l'article 2 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 mars 2017 relatif au versement d'aides personnalisées aux personnes handicapées mineures ayant des besoins urgents ;
4° un budget pour les soins et le soutien non directement accessibles.
§ 2. En exécution de l'article 5, § 2, du décret du 25 avril 2014 portant le financement personnalisé pour des personnes handicapées et portant réforme du mode de financement des soins et du soutien pour des personnes handicapées, l'Agence flamande pour les personnes handicapées ou la porte d'entrée reconnait automatiquement, pour l'application du présent livre, un usager comme personne handicapée avec un besoin de soins et de soutien clairement constaté, tel que visé à l'article 4, alinéa 1er, 2°, du décret précité, si cette personne remplit toutes les conditions suivantes :
1° elle dispose d'une attestation démontrant qu'elle a droit à l'allocation de soins pour des enfants ayant un besoin de soutien spécifique, ou à l'allocation familiale supplémentaire sur la base d'au moins douze points sur l'échelle médico-sociale, constituée des piliers P1, P2 et P3 ;
2° elle n'utilise pas de soins et de soutien non directement accessibles.
§ 3. Le droit à un budget d'assistance de base est ouvert pour les personnes qui utilisent des soins et du soutien non directement accessibles et qui mettent volontairement fin à l'assistance en vue de l'obtention d'un budget d'assistance de base, lorsqu'elles remplissent les conditions cumulatives complémentaires suivantes :
1° elles utilisent des soins et du soutien non directement accessibles, à l'exception de l'aide de crise ;
2° elles mettent volontairement fin aux soins et au soutien non directement accessibles visés au point 1°, en notifiant la cessation et la date de cessation à l'Agence flamande pour les personnes handicapées.
Le droit au budget d'assistance de base visé à l'alinéa 1er est ouvert à la date de la fin du délai de préavis. ".
" Art. 233. § 1er. Dans le présent article, on entend par soins et soutien non directement accessibles :
1° un budget d'assistance personnelle au sens du chapitre IV/I du décret du 7 mai 2004 portant création de l'Agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique " Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap " (Agence flamande pour les Personnes handicapées) ;
2° le soutien par un centre multifonctionnel pour mineurs handicapés en application de l'article 7 ou 9, § 2, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 février 2016 portant agrément et subventionnement de centres multifonctionnels pour personnes handicapées mineures ;
3° les aides personnalisées aux personnes handicapées mineures ayant des besoins urgents telles que visées à l'article 2 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 mars 2017 relatif au versement d'aides personnalisées aux personnes handicapées mineures ayant des besoins urgents ;
4° un budget pour les soins et le soutien non directement accessibles.
§ 2. En exécution de l'article 5, § 2, du décret du 25 avril 2014 portant le financement personnalisé pour des personnes handicapées et portant réforme du mode de financement des soins et du soutien pour des personnes handicapées, l'Agence flamande pour les personnes handicapées ou la porte d'entrée reconnait automatiquement, pour l'application du présent livre, un usager comme personne handicapée avec un besoin de soins et de soutien clairement constaté, tel que visé à l'article 4, alinéa 1er, 2°, du décret précité, si cette personne remplit toutes les conditions suivantes :
1° elle dispose d'une attestation démontrant qu'elle a droit à l'allocation de soins pour des enfants ayant un besoin de soutien spécifique, ou à l'allocation familiale supplémentaire sur la base d'au moins douze points sur l'échelle médico-sociale, constituée des piliers P1, P2 et P3 ;
2° elle n'utilise pas de soins et de soutien non directement accessibles.
§ 3. Le droit à un budget d'assistance de base est ouvert pour les personnes qui utilisent des soins et du soutien non directement accessibles et qui mettent volontairement fin à l'assistance en vue de l'obtention d'un budget d'assistance de base, lorsqu'elles remplissent les conditions cumulatives complémentaires suivantes :
1° elles utilisent des soins et du soutien non directement accessibles, à l'exception de l'aide de crise ;
2° elles mettent volontairement fin aux soins et au soutien non directement accessibles visés au point 1°, en notifiant la cessation et la date de cessation à l'Agence flamande pour les personnes handicapées.
Le droit au budget d'assistance de base visé à l'alinéa 1er est ouvert à la date de la fin du délai de préavis. ".
Art. 2. Artikel 637 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 maart 2019, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 637. Personen aan wie vóór 1 januari 2021 een basisondersteuningsbudget is toegekend in het kader van de geleidelijke invoering van het basisondersteuningsbudget, blijven het basisondersteuningsbudget behouden zolang ze voldoen aan de aanvullende cumulatieve voorwaarden, vermeld in artikel 638 tot en met 641/1 van dit besluit, en de voorwaarden, vermeld in artikel 4 van het decreet van 25 april 2014 houdende de persoonsvolgende financiering voor personen met een handicap en tot hervorming van de wijze van financiering van de zorg en de ondersteuning voor personen met een handicap.".
"Art. 637. Personen aan wie vóór 1 januari 2021 een basisondersteuningsbudget is toegekend in het kader van de geleidelijke invoering van het basisondersteuningsbudget, blijven het basisondersteuningsbudget behouden zolang ze voldoen aan de aanvullende cumulatieve voorwaarden, vermeld in artikel 638 tot en met 641/1 van dit besluit, en de voorwaarden, vermeld in artikel 4 van het decreet van 25 april 2014 houdende de persoonsvolgende financiering voor personen met een handicap en tot hervorming van de wijze van financiering van de zorg en de ondersteuning voor personen met een handicap.".
Art. 2. L'article 637 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 mars 2019, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 637. Les personnes auxquelles un budget d'assistance de base a été octroyé avant le 1er janvier 2021 dans le cadre de la mise en place progressive du budget d'assistance de base, continuent à recevoir le budget d'assistance de base tant qu'elles répondent aux conditions cumulatives complémentaires, visées aux articles 638 à 641/1 du présent arrêté, et aux conditions visées à l'article 4 du décret du 25 avril 2014 portant le financement personnalisé pour des personnes handicapées et portant réforme du mode de financement des soins et du soutien pour des personnes handicapées. ".
" Art. 637. Les personnes auxquelles un budget d'assistance de base a été octroyé avant le 1er janvier 2021 dans le cadre de la mise en place progressive du budget d'assistance de base, continuent à recevoir le budget d'assistance de base tant qu'elles répondent aux conditions cumulatives complémentaires, visées aux articles 638 à 641/1 du présent arrêté, et aux conditions visées à l'article 4 du décret du 25 avril 2014 portant le financement personnalisé pour des personnes handicapées et portant réforme du mode de financement des soins et du soutien pour des personnes handicapées. ".
Art. 3. In artikel 638 van hetzelfde besluit wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
"1° beschikken over een automatische erkenning van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap of de toegangspoort als persoon met een handicap met een duidelijk vast te stellen behoefte aan zorg en ondersteuning als vermeld in artikel 4, eerste lid, 2°, van het decreet van 25 april 2014 houdende de persoonsvolgende financiering voor personen met een handicap en tot hervorming van de wijze van financiering van de zorg en de ondersteuning voor personen met een handicap als die persoon in uitvoering van artikel 5, § 2, van het voormelde decreet beschikt over een attest dat aantoont dat hij in aanmerking komt voor een budget voor niet rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning;".
"1° beschikken over een automatische erkenning van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap of de toegangspoort als persoon met een handicap met een duidelijk vast te stellen behoefte aan zorg en ondersteuning als vermeld in artikel 4, eerste lid, 2°, van het decreet van 25 april 2014 houdende de persoonsvolgende financiering voor personen met een handicap en tot hervorming van de wijze van financiering van de zorg en de ondersteuning voor personen met een handicap als die persoon in uitvoering van artikel 5, § 2, van het voormelde decreet beschikt over een attest dat aantoont dat hij in aanmerking komt voor een budget voor niet rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning;".
Art. 3. A l'article 638 du même arrêté, le point 1° est remplacé par ce qui suit :
" 1° disposer d'un agrément automatique de l'Agence flamande pour les personnes handicapées ou de la porte d'entrée comme personne handicapée avec un besoin de soins et de soutien clairement constaté, tel que visé à l'article 4, alinéa 1er, 2°, du décret du 25 avril 2014 portant le financement personnalisé pour des personnes handicapées et portant réforme du mode de financement des soins et du soutien pour des personnes handicapées si, en exécution de l'article 5, § 2, du décret précité, cette personne dispose d'une attestation démontrant qu'elle est éligible à un budget pour les soins et le soutien non directement accessibles ; ".
" 1° disposer d'un agrément automatique de l'Agence flamande pour les personnes handicapées ou de la porte d'entrée comme personne handicapée avec un besoin de soins et de soutien clairement constaté, tel que visé à l'article 4, alinéa 1er, 2°, du décret du 25 avril 2014 portant le financement personnalisé pour des personnes handicapées et portant réforme du mode de financement des soins et du soutien pour des personnes handicapées si, en exécution de l'article 5, § 2, du décret précité, cette personne dispose d'une attestation démontrant qu'elle est éligible à un budget pour les soins et le soutien non directement accessibles ; ".
Art. 4. Artikel 639 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.
Art. 4. L'article 639 du même arrêté est abrogé.
Art. 5. In artikel 640 van hetzelfde besluit wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
"1° beschikken over een automatische erkenning van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap of de toegangspoort als persoon met een handicap met een duidelijk vast te stellen behoefte aan zorg en ondersteuning als vermeld in artikel 4, eerste lid, 2°, van het decreet van 25 april 2014 houdende de persoonsvolgende financiering voor personen met een handicap en tot hervorming van de wijze van financiering van de zorg en de ondersteuning voor personen met een handicap als die persoon in uitvoering van artikel 5, § 2, van het voormelde decreet beschikt over een attest dat aantoont dat hij in aanmerking komt voor een budget voor niet rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning;".
"1° beschikken over een automatische erkenning van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap of de toegangspoort als persoon met een handicap met een duidelijk vast te stellen behoefte aan zorg en ondersteuning als vermeld in artikel 4, eerste lid, 2°, van het decreet van 25 april 2014 houdende de persoonsvolgende financiering voor personen met een handicap en tot hervorming van de wijze van financiering van de zorg en de ondersteuning voor personen met een handicap als die persoon in uitvoering van artikel 5, § 2, van het voormelde decreet beschikt over een attest dat aantoont dat hij in aanmerking komt voor een budget voor niet rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning;".
Art. 5. A l'article 640 du même arrêté, le point 1° est remplacé par ce qui suit :
" 1° disposer d'un agrément automatique de l'Agence flamande pour les personnes handicapées ou de la porte d'entrée comme personne handicapée avec un besoin de soins et de soutien clairement constaté, tel que visé à l'article 4, alinéa 1er, 2°, du décret du 25 avril 2014 portant le financement personnalisé pour des personnes handicapées et portant réforme du mode de financement des soins et du soutien pour des personnes handicapées si, en exécution de l'article 5, § 2, du décret précité, cette personne dispose d'une attestation démontrant qu'elle est éligible à un budget pour les soins et le soutien non directement accessibles ; ".
" 1° disposer d'un agrément automatique de l'Agence flamande pour les personnes handicapées ou de la porte d'entrée comme personne handicapée avec un besoin de soins et de soutien clairement constaté, tel que visé à l'article 4, alinéa 1er, 2°, du décret du 25 avril 2014 portant le financement personnalisé pour des personnes handicapées et portant réforme du mode de financement des soins et du soutien pour des personnes handicapées si, en exécution de l'article 5, § 2, du décret précité, cette personne dispose d'une attestation démontrant qu'elle est éligible à un budget pour les soins et le soutien non directement accessibles ; ".
Art. 6. Artikel 641 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 641. Vanaf 1 augustus 2017 tot en met 31 december 2020 is het recht op een basisondersteuningsbudget geopend voor :
1° personen met een attest verhoogde kinderbijslag van minstens twaalf punten op de medisch-sociale schaal, samengesteld uit pijler P1, P2 en P3, die niet gebruikmaken van niet rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning;
2° jongvolwassenen van 21 tot en met 25 jaar die beschikken over een score van minstens twaalf punten op de medisch-sociale schaal die wordt gebruikt om de graad van zelfredzaamheid te evalueren met het oog op het onderzoek naar het recht op de integratietegemoetkoming en die niet gebruikmaken van niet rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning.
De toekenningsbeslissing van de gebruikers, vermeld in het eerste lid, 2°, kan zonder leeftijdsvoorwaarden worden verlengd conform artikel 236.
In het eerste lid, 1°, wordt verstaan onder niet-rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning:
1° een persoonlijke-assistentiebudget als vermeld in hoofdstuk IV/1 van het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap;
2° ondersteuning door een multifunctioneel centrum voor minderjarige personen met een handicap met toepassing van artikel 7 of artikel 9, § 2, van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 februari 2016 houdende erkenning en subsidiëring van multifunctionele centra voor minderjarige personen met een handicap;
3° persoonsvolgende middelen voor minderjarige personen met een handicap met dringende noden als vermeld in artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 maart 2017 over persoonsvolgende middelen voor minderjarige personen met een handicap met dringende noden;
4° een budget voor niet-rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning."
"Art. 641. Vanaf 1 augustus 2017 tot en met 31 december 2020 is het recht op een basisondersteuningsbudget geopend voor :
1° personen met een attest verhoogde kinderbijslag van minstens twaalf punten op de medisch-sociale schaal, samengesteld uit pijler P1, P2 en P3, die niet gebruikmaken van niet rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning;
2° jongvolwassenen van 21 tot en met 25 jaar die beschikken over een score van minstens twaalf punten op de medisch-sociale schaal die wordt gebruikt om de graad van zelfredzaamheid te evalueren met het oog op het onderzoek naar het recht op de integratietegemoetkoming en die niet gebruikmaken van niet rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning.
De toekenningsbeslissing van de gebruikers, vermeld in het eerste lid, 2°, kan zonder leeftijdsvoorwaarden worden verlengd conform artikel 236.
In het eerste lid, 1°, wordt verstaan onder niet-rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning:
1° een persoonlijke-assistentiebudget als vermeld in hoofdstuk IV/1 van het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap;
2° ondersteuning door een multifunctioneel centrum voor minderjarige personen met een handicap met toepassing van artikel 7 of artikel 9, § 2, van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 februari 2016 houdende erkenning en subsidiëring van multifunctionele centra voor minderjarige personen met een handicap;
3° persoonsvolgende middelen voor minderjarige personen met een handicap met dringende noden als vermeld in artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 maart 2017 over persoonsvolgende middelen voor minderjarige personen met een handicap met dringende noden;
4° een budget voor niet-rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning."
Art. 6. L'article 641 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 641. A partir du 1er août 2017 jusqu'au 31 décembre 2020, le droit à un budget d'assistance de base est ouvert :
1° aux personnes avec une attestation d'allocations familiales majorées d'au moins douze points sur l'échelle médico-sociale, composée des piliers P1, P2 et P3, ne recourant pas à des soins et du soutien non directement accessibles ;
2° aux jeunes adultes de 21 à 25 ans inclus, qui disposent d'un score d'au moins douze points sur l'échelle médico-sociale utilisée pour l'évaluation du degré d'autonomie en vue de l'examen du droit à l'allocation d'intégration, et ne recourant pas à des soins et du soutien non directement accessibles.
La décision d'octroi des usagers, visée à l'alinéa 1er, 2°, peut être prolongée sans conditions d'âge, conformément à l'article 236.
Dans l'alinéa 1er, 1°, on entend par soins et soutien non directement accessibles :
1° un budget d'assistance personnelle au sens du chapitre IV/I du décret du 7 mai 2004 portant création de l'Agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique " Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap " (Agence flamande pour les Personnes handicapées) ;
2° le soutien par un centre multifonctionnel pour mineurs handicapés en application de l'article 7 ou article 9, § 2, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 février 2016 portant agrément et subventionnement de centres multifonctionnels pour personnes handicapées mineures ;
3° les aides personnalisées aux personnes handicapées mineures ayant des besoins urgents telles que visées à l'article 2 dans l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 mars 2017 relatif au versement d'aides personnalisées aux personnes handicapées mineures ayant des besoins urgents ;
4° un budget pour les soins et le soutien non directement accessibles. "
" Art. 641. A partir du 1er août 2017 jusqu'au 31 décembre 2020, le droit à un budget d'assistance de base est ouvert :
1° aux personnes avec une attestation d'allocations familiales majorées d'au moins douze points sur l'échelle médico-sociale, composée des piliers P1, P2 et P3, ne recourant pas à des soins et du soutien non directement accessibles ;
2° aux jeunes adultes de 21 à 25 ans inclus, qui disposent d'un score d'au moins douze points sur l'échelle médico-sociale utilisée pour l'évaluation du degré d'autonomie en vue de l'examen du droit à l'allocation d'intégration, et ne recourant pas à des soins et du soutien non directement accessibles.
La décision d'octroi des usagers, visée à l'alinéa 1er, 2°, peut être prolongée sans conditions d'âge, conformément à l'article 236.
Dans l'alinéa 1er, 1°, on entend par soins et soutien non directement accessibles :
1° un budget d'assistance personnelle au sens du chapitre IV/I du décret du 7 mai 2004 portant création de l'Agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique " Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap " (Agence flamande pour les Personnes handicapées) ;
2° le soutien par un centre multifonctionnel pour mineurs handicapés en application de l'article 7 ou article 9, § 2, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 février 2016 portant agrément et subventionnement de centres multifonctionnels pour personnes handicapées mineures ;
3° les aides personnalisées aux personnes handicapées mineures ayant des besoins urgents telles que visées à l'article 2 dans l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 mars 2017 relatif au versement d'aides personnalisées aux personnes handicapées mineures ayant des besoins urgents ;
4° un budget pour les soins et le soutien non directement accessibles. "
Art. 7. In artikel 641/1 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 maart 2019, wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
"1° beschikken over een automatische erkenning van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap of de toegangspoort als persoon met een handicap met een duidelijk vast te stellen behoefte aan zorg en ondersteuning als vermeld in artikel 4, eerste lid, 2°, van het decreet van 25 april 2014 houdende de persoonsvolgende financiering voor personen met een handicap en tot hervorming van de wijze van financiering van de zorg en de ondersteuning voor personen met een handicap als die persoon in uitvoering van artikel 5, § 2, van het voormelde decreet beschikt over een attest dat aantoont dat hij in aanmerking komt voor een budget voor niet rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning;".
"1° beschikken over een automatische erkenning van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap of de toegangspoort als persoon met een handicap met een duidelijk vast te stellen behoefte aan zorg en ondersteuning als vermeld in artikel 4, eerste lid, 2°, van het decreet van 25 april 2014 houdende de persoonsvolgende financiering voor personen met een handicap en tot hervorming van de wijze van financiering van de zorg en de ondersteuning voor personen met een handicap als die persoon in uitvoering van artikel 5, § 2, van het voormelde decreet beschikt over een attest dat aantoont dat hij in aanmerking komt voor een budget voor niet rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning;".
Art. 7. Dans l'article 641/1 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 mars 2019, le point 1° est remplacé par ce qui suit :
" 1° disposer d'un agrément automatique de l'Agence flamande pour les personnes handicapées ou de la porte d'entrée comme personne handicapée avec un besoin de soins et de soutien clairement constaté, tel que visé à l'article 4, alinéa 1er, 2°, du décret du 25 avril 2014 portant le financement personnalisé pour des personnes handicapées et portant réforme du mode de financement des soins et du soutien pour des personnes handicapées si, en exécution de l'article 5, § 2, du décret précité, cette personne dispose d'une attestation démontrant qu'elle est éligible à un budget pour les soins et le soutien non directement accessibles ; ".
" 1° disposer d'un agrément automatique de l'Agence flamande pour les personnes handicapées ou de la porte d'entrée comme personne handicapée avec un besoin de soins et de soutien clairement constaté, tel que visé à l'article 4, alinéa 1er, 2°, du décret du 25 avril 2014 portant le financement personnalisé pour des personnes handicapées et portant réforme du mode de financement des soins et du soutien pour des personnes handicapées si, en exécution de l'article 5, § 2, du décret précité, cette personne dispose d'une attestation démontrant qu'elle est éligible à un budget pour les soins et le soutien non directement accessibles ; ".
Art. 8. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2021.
Art. 8. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er janvier 2021.
Art. 9. De Vlaamse minister, bevoegd voor de sociale bescherming, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 9. Le Ministre flamand ayant la protection sociale dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.