Zum Hauptinhalt

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
12 DECEMBER 2017. - Ministerieel besluit tot wijziging van diverse bepalingen van het ministerieel besluit van 3 april 2015 tot het verlenen van subsidies voor beheerovereenkomsten met toepassing van Verordening (EU) nr. 1305/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling
Titre
12 DECEMBRE 2017. - Arrêté ministériel modifiant diverses dispositions de l'arrêté ministériel du 3 avril 2015 relatif à l'octroi de subventions à des contrats de gestion en application du Règlement (UE) n° 1305/2013 du Parlement européen et du Conseil du 17 décembre 2013 relatif au soutien au développement rural par le Fonds européen agricole pour le développement rural
Dokumentinformationen
Numac: 2018030235
Datum: 2017-12-12
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2018030235
Date: 2017-12-12
Moniteur: Voir
Tekst (22)
Texte (22)
Artikel 1. In artikel 37, tweede lid, van het ministerieel besluit van 3 april 2015 tot het verlenen van subsidies voor beheerovereenkomsten met toepassing van Verordening (EU) nr. 1305/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in punt 2° wordt het woord "strobalen" vervangen door de woorden "stro- of hooibalen";
  2° in punt 3° wordt het woord "strobalen" vervangen door het woord "balen" en wordt het woord "strobaal" vervangen door het woord "baal".
Article 1er. Dans l'article 37, alinéa deux, de l'arrêté ministériel du 3 avril 2015 relatif à l'octroi de subventions à des contrats de gestion en application du Règlement (UE) n° 1305/2013 du Parlement européen et du Conseil du 17 décembre 2013 relatif au soutien au développement rural par le Fonds européen agricole pour le développement rural, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le point 2°, les mots " balles de paille " sont remplacés par les mots " balles de paille ou de foin " ;
  2° dans le point 3°, les mots " balles de paille " sont remplacés par le mot " balles " et les mots " balle de paille " sont remplacés par le mot " balle ".
Art. 2. In artikel 42, eerste lid, 6°, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het ministerieel besluit van 8 december 2016, worden de woorden "aan weerszijden" opgeheven.
Art. 2. Dans l'article 42, alinéa premier, 6°, du même arrêté, inséré par l'arrêté ministériel du 8 décembre 2016, les mots " de part et d'autre, " sont abrogés.
Art. 3. In artikel 45, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt punt 7° vervangen door wat volgt:
  "7° er mogen geen gaten voorkomen in de haag.".
Art. 3. Dans l'article 45, alinéa premier, du même arrêté, le point 7° est remplacé par ce qui suit :
  " 7° il ne peut pas y avoir de trous dans la haie. ".
Art. 4. In artikel 48, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt punt 6° vervangen door wat volgt:
  "6° er mogen geen gaten voorkomen in de kaphaag.".
Art. 4. Dans l'article 48, alinéa premier, du même arrêté, le point 6° est remplacé par ce qui suit :
  " 6° il ne peut pas y avoir de trous dans la haie vive. ".
Art. 5. In artikel 51, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt punt 6° vervangen door wat volgt:
  "6° er mogen geen gaten voorkomen in de heg;".
Art. 5. Dans l'article 51, alinéa premier, du même arrêté, le point 6° est remplacé par ce qui suit :
  " 6° il ne peut pas y avoir de trous dans la haie basse ; ".
Art. 6. In artikel 54, eerste lid, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het ministerieel besluit van 8 december 2016, wordt punt 6° vervangen door wat volgt:
  "6° er mogen geen gaten voorkomen in de houtkant;".
Art. 6. Dans l'article 54, alinéa premier, du même arrêté, modifié par l'arrêté ministériel du 8 décembre 2016, le point 6° est remplacé par ce qui suit :
  " 6° il ne peut pas y avoir de trous dans le bord boisé. ".
Art. 7. In artikel 57 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het eerste lid wordt punt 7° vervangen door wat volgt:
  "7° er mogen geen gaten voorkomen in de houtkant.";
  2° in het tweede lid, 4°, worden tussen het woord "houtkant" en de woorden "als vermeld" de woorden "of heg" ingevoegd;
  3° in het tweede lid, 7°, worden tussen het woord "houtkant" en de woorden "als vermeld" de woorden "of heg" ingevoegd.
Art. 7. Dans l'article 57 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans l'alinéa premier, le point 7° est remplacé par ce qui suit :
  " 7° il ne peut pas y avoir de trous dans le bord boisé. ".
  2° dans l'alinéa deux, 4°, les mots " ou une haie basse " sont insérés entre les mots " dans un bord boisé " et les mots " telles que visées " ;
  3° dans l'alinéa deux, 7°, les mots " ou une haie basse " sont insérés entre les mots " dans un bord boisé " et les mots " telles que visées ".
Art. 8. In artikel 60, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt punt 6° vervangen door wat volgt:
  "6° er mogen geen gaten voorkomen in de knotbomenrij;".
Art. 8. Dans l'article 60, alinéa premier, du même arrêté, le point 6° est remplacé par ce qui suit :
  " 6° il ne peut pas y avoir de trous dans la rangée d'arbres têtards ; ".
Art. 9. In artikel 61/2, eerste lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het ministerieel besluit van 8 december 2016, wordt punt 6° vervangen door wat volgt:
  "6° er mogen geen gaten voorkomen in de houtsingel;".
Art. 9. Dans l'article 61/2, alinéa premier, du même arrêté, inséré par l'arrêté ministériel du 8 décembre 2016, le point 6° est remplacé par ce qui suit :
  " 6° il ne peut pas y avoir de trous dans la bande boisée ; ".
Art. 10. In artikel 79 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het eerste lid wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
  "1° de ligging van de bloemenstrook is geschikt om het beheerpakket op toe te passen volgens de beoordeling van de maatschappij;";
  2° in het tweede lid wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
  "1° de bloemenstrook wordt tot stand gebracht door de strook jaarlijks voor 1 mei in te zaaien met een eenjarig bloemenmengsel of door de strook voor 1 mei van het eerste jaar van de beheerovereenkomst in te zaaien met een meerjarig mengsel van vlinderbloemigen. De voorwaarden waaraan het eenjarige bloemenmengsel of het meerjarige mengsel van vlinderbloemigen moet voldoen, zijn opgenomen in bijlage 5, die bij dit besluit is gevoegd;";
  3° in het tweede lid wordt punt 5° vervangen door wat volgt:
  "5° op de bloemenstrook mogen alleen de volgende activiteiten worden uitgevoerd:
  a) inzaaien of herinzaaien;
  b) frezen voor de inzaai of herinzaai;
  c) maaien en afvoeren van het maaisel;";
  4° in het tweede lid worden punt 8° en 9° vervangen door wat volgt:
  "8° als een meerjarig mengsel van vlinderbloemigen wordt ingezaaid, wordt de bloemenstrook als volgt beheerd om de bloei beter te spreiden:
  a) de volledige bloemenstrook wordt jaarlijks gemaaid in de periode vanaf 15 september tot en met 15 oktober, waarbij het maaisel wordt afgevoerd;
  b) vanaf het eerste jaar dat volgt op het jaar van de inzaai, mag de bloemenstrook daarnaast jaarlijks gemaaid worden in de periode vanaf 1 januari tot en met 15 mei, waarbij het maaisel wordt afgevoerd. Als in de voormelde periode gemaaid wordt, moet minimaal de helft van de breedte van de strook behouden blijven;"
  9° als een meerjarig mengsel van vlinderbloemigen wordt ingezaaid, mag de strook in het tweede jaar dat volgt op het jaar van de inzaai van het meerjarige mengsel van vlinderbloemigen, voor 1 mei heringezaaid worden met een eenjarig bloemenmengsel of een meerjarig mengsel van vlinderbloemigen dat voldoet aan de voorwaarden, vermeld in bijlage 5, die bij dit besluit is gevoegd;";
  5° aan het tweede lid wordt een punt 10° toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "10° als een eenjarig bloemenmengsel wordt ingezaaid, mag de strook in een daaropvolgend jaar voor 1 mei heringezaaid worden met een meerjarig mengsel van vlinderbloemigen dat voldoet aan de voorwaarden, vermeld in bijlage 5, die bij dit besluit is gevoegd.".
Art. 10. Dans l'article 79 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans l'alinéa premier, le point 1° est remplacé par ce qui suit :
  " 1° l'implantation de la bande de fleurs peut faire l'objet de l'application du paquet de gestion conformément à l'évaluation de la société ; " ;
  2° dans l'alinéa deux, le point 1° est remplacé par ce qui suit :
  " 1° la bande de fleurs est réalisée par l'ensemencement annuel de la bande avant le 1er mai avec un mélange de fleurs annuelles ou par l'ensemencement de la bande avant le 1er mai de la première année du contrat de gestion avec un mélange de légumineuses pluriannuelles. Les conditions auxquelles doivent répondre le mélange de fleurs annuelles ou le mélange de légumineuses pluriannuelles sont reprises dans l'annexe 5, jointe au présent arrêté ; " ;
  3° dans l'alinéa deux, le point 5° est remplacé par ce qui suit :
  " 5° uniquement les activités suivantes peuvent être exécutées sur la bande de fleurs :
  a) l'ensemencement ou le réensemencement ;
  b) le fraisage avant l'ensemencement ou le réensemencement ;
  c) le fauchage et l'évacuation des déchets du fauchage ; " ;
  2° dans l'alinéa deux, les points 8° et 9° sont remplacés par ce qui suit :
  " 8° lorsqu'un mélange de légumineuses pluriannuelles est ensemencé, la bande de fleurs est gérée de la manière suivante afin de permettre une meilleure répartition de la floraison :
  a) dans la période du au 15 septembre au 15 octobre inclus, la bande de fleurs entière est fauchée annuellement, les déchets du fauchage étant évacués ;
  b) à partir de la première année suivant l'année de l'ensemencement, la bande de fleurs peut être fauchée annuellement dans la période du 1er janvier au 15 mai inclus, les déchets du fauchage étant évacués. Lorsqu'un fauchage est effectué dans la période précitée, au moins la moitié de la largeur de la bande doit être maintenue ; "
  9° lorsqu'un mélange de légumineuses pluriannuelles est ensemencé, la bande de fleurs peut être réensemencée avant le 1er mai dans la deuxième année suivant l'année d'ensemencement du mélange de légumineuses pluriannuelles avec un mélange de fleurs annuelles ou un mélange de légumineuses pluriannuelles qui remplit les conditions visées à l'annexe 5 jointe au présent arrêté ; " ;
  5° à l'alinéa deux, il est ajouté un point 10°, rédigé comme suit :
  " 10° lorsqu'un mélange de fleurs annuelles est ensemencé, la bande est réensemencée dans une année suivante avant le 1er mai avec un mélange de légumineuses pluriannuelles qui remplit les conditions visées à l'annexe 5 jointe au présent arrêté. ".
Art. 11. In artikel 112/2, tweede lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het ministerieel besluit van 8 december 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° punt 6° en 7° worden vervangen door wat volgt:
  "6° de luzernestrook wordt jaarlijks drie keer gemaaid, waarbij het maaisel wordt afgevoerd binnen vijftien dagen na het maaien. De eerste maaibeurt wordt uitgevoerd in de periode vanaf 1 mei tot en met 31 mei. De tweede maaibeurt wordt minstens zestig dagen later dan de eerste maaibeurt uitgevoerd en uiterlijk voor 1 september. De derde maaibeurt vindt plaats in de periode vanaf 1 oktober tot en met 1 maart van het daaropvolgende kalenderjaar. De derde maaibeurt mag vervangen worden door klepelen of door maaien zonder dat het maaisel afgevoerd wordt. In het eerste jaar van de beheerovereenkomst en in het jaar dat de luzerne heringezaaid wordt, mag ook de eerste maaibeurt vervangen worden door klepelen of maaien zonder afvoer van het maaisel;
  7° op de luzernestrook mogen alleen de volgende activiteiten worden uitgevoerd:
  a) inzaaien of herinzaaien;
  b) frezen voor de inzaai of herinzaai;
  c) maaien of klepelen, en afvoeren van het maaisel;";
  2° er wordt een punt 9° toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "9° op de luzernestrook worden geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen opgebracht, behalve voor de inzaai van de luzerne.".
Art. 11. Dans l'article 112/2, alinéa deux, du même arrêté, inséré par l'arrêté ministériel du 8 décembre 2016, les modifications suivantes sont apportées :
  1° les points 6° et 7° sont remplacés par ce qui suit :
  " 6° la bande de luzerne est fauchée trois fois par an, les déchets du fauchage étant évacués dans les quinze jours qui suivent le fauchage. Le premier fauchage intervient dans la période du 1er mai au 31 mai. Le deuxième fauchage est réalisé au moins soixante jours plus tard que le premier et au plus tard avant le 1er septembre. Le troisième fauchage se déroule entre le 1er octobre et le 1er mars de l'année calendaire suivante. Le troisième fauchage peut être remplacé par un débroussaillage ou par un fauchage sans évacuation des déchets du fauchage. Dans la première année du contrat de gestion et dans l'année du réensemencement de la luzerne, le premier fauchage peut également être remplacé par un débroussaillage ou un fauchage sans évacuation des déchets du fauchage ;
  7° " 7° uniquement les activités suivantes peuvent être exécutées sur la bande de luzerne :
  a) l'ensemencement ou le réensemencement ;
  b) le fraisage avant l'ensemencement ou le réensemencement ;
  c) le fauchage ou le débroussaillage, et l'évacuation des produits du fauchage ; " ;
  2° il est ajouté un point 9°, rédigé comme suit :
  " 9° aucun engrais ou améliorant du sol n'est épandu sur la bande de luzerne, sauf pour l'ensemencement de la luzerne. ".
Art. 12. In artikel 112/8, tweede lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het ministerieel besluit van 8 december 2016, wordt punt 10° vervangen door wat volgt:
  "10° de beheerder houdt een register bij waarin per luzernestrook alle maaidata en klepeldata worden genoteerd. De voormelde data worden uiterlijk zeven dagen na het maaien of klepelen in het register genoteerd.".
Art. 12. Dans l'article 112/8, alinéa deux, du même arrêté, inséré par l'arrêté ministériel du 8 décembre 2016, le point 10° est remplacé par ce qui suit :
  " 10° le gestionnaire tient un registre dans lequel toutes les dates de fauchage et les dates de débroussaillage sont notées par bande de luzerne. Les dates précitées sont notées dans le registre au plus tard sept jours suivant le fauchage ou le débroussaillage. ".
Art. 13. Bijlage 2 bij hetzelfde besluit wordt vervangen door bijlage 1, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 13. L'annexe 2 au même arrêté est remplacée par l'annexe 1re, jointe au présent arrêté.
Art. 14. Aan bijlage 4 bij hetzelfde besluit wordt een punt 10° toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "10° de bloemenstroken, aangelegd via het beheerpakket aanleg en onderhoud bloemenstrook, vermeld in artikel 79.".
Art. 14. L'annexe 4, jointe au même arrêté, est complétée par un point 10°, rédigé comme suit :
  " 10° les bandes de fleurs aménagées au moyen du paquet de gestion aménagement et entretien bande de fleurs visées à l'article 79. ".
Art. 15. In bijlage 5 bij hetzelfde besluit, vervangen bij het ministerieel besluit van 8 december 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° paragraaf 2 wordt vervangen door wat volgt:
  " § 2. Als in het kader van het beheerpakket aanleg en onderhoud bloemenstrook een bloemenmengsel of mengsel van vlinderbloemigen ingezaaid moet worden, moet voldaan worden aan al de volgende voorwaarden:
  1° de bloemenstrook wordt uitsluitend ingezaaid met een eenjarig bloemenmengsel of meerjarig mengsel van vlinderbloemigen als vermeld in de volgende tabel b);
  2° het eenjarige bloemenmengsel of meerjarige mengsel van vlinderbloemigen wordt ingezaaid volgens de zaaihoeveelheid, vermeld in de volgende tabel b);
  3° de Tübinger- en Brandenburgerbloemenmengsels zijn eenjarige bloemenmengsels;
  4° het meerjarige mengsel van vlinderbloemigen bestaat uit de soorten, vermeld in de volgende tabel b). Het maximale percentage van een soort die opgenomen mag worden in het meerjarige mengsel van vlinderbloemigen, is vermeld in de volgende tabel b);
  5° het eenjarige bloemenmengsel bestaat uit de soorten, vermeld in de volgende tabel b). Het maximale percentage van een soort die opgenomen mag worden in het eenjarige bloemenmengsel is vermeld in de volgende tabel b);
  Tabel b)
Art. 15. Dans l'annexe 5 au même arrêté, remplacée par l'arrêté ministériel du 8 décembre 2016, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le paragraphe 2 est remplacé par ce qui suit :
  " § 2. Lorsqu'un mélange de fleurs ou un mélange de légumineuses doit être ensemencé dans le cadre du paquet de gestion aménagement et entretien de la bande de fleurs, toutes les conditions suivantes doivent être remplies :
  1° la bande n'est réalisée que par l'ensemencement d'un mélange de fleurs annuelles ou d'un mélange de légumineuses pluriannuelles tel que visé au tableau suivant b) ;
  2° le mélange de fleurs annuelles ou le mélange de légumineuses pluriannuelles est ensemencé conformément à la quantité de semences visée au tableau suivant b) ;
  3° les mélanges de fleurs Tübinger et Brandenburger sont des mélanges de fleurs annuelles ;
  4° le mélange de légumineuses pluriannuelles se compose des espèces visées au tableau suivant b). Le pourcentage maximal d'une espèce qui peut être repris au mélange de légumineuses pluriannuelles est visé au tableau suivant b) ;
  5° le mélange de fleurs annuelles se compose des espèces visées au tableau suivant b). Le pourcentage maximal d'une espèce qui peut être repris au mélange de fleurs annuelles est mentionné au tableau suivant b) ;
  Tableau b)
Nederlandse benaming bloemenmengsels en mengsels van vlinderbloemigen wetenschappelijke naam zaaihoeveelheid: minimaal gewicht per hectare maximaal percentage van het ingezaaide gewicht
Tübinger  kg/ha  
Brandenburger  10 kg/ha  
eenjarig bloemenmengsel  10 kg/ha  
korenbloem Centaurea cyanus  15 %
grote klaproos Papaver rhoeas  15 %
echte kamille Matricaria chamomilla  10 %
groep: kruisbloemigen (minstens twee van de onderstaande soorten en altijd zwarte mosterd):   30 %
koolzaad Brassica napus   
raapzaad Brassica rapa subsp. oleifera   
zwarte mosterd Brassica nigra   
groep: vlinderbloemigen (minstens drie van de onderstaande soorten):    
luzerne Medicago sativa  
bonte wikke Vicia villosa  30 %
vogelwikke Vicia cracca   
esparcette Onobrychis viccifolia   
incarnaatklaver Trifolium incarnatum   
meerjarig mengsel van vlinderbloemigen  15 kg/ha  
rode klaver Trifolium pratense  40 %
luzerne Medicago sativa  10 %
vogelwikke Vicia cracca  15 %
incarnaatklaver Trifolium incarnatum  10 %
esparcette Onobrychis viccifolia  10 %
bonte wikke Vicia villosa  15 %
Nederlandse benaming bloemenmengsels en mengsels van vlinderbloemigen wetenschappelijke naam zaaihoeveelheid: minimaal gewicht per hectare maximaal percentage van het ingezaaide gewichtTübinger kg/ha Brandenburger 10 kg/ha eenjarig bloemenmengsel 10 kg/ha korenbloem Centaurea cyanus 15 %grote klaproos Papaver rhoeas 15 %echte kamille Matricaria chamomilla 10 %groep: kruisbloemigen (minstens twee van de onderstaande soorten en altijd zwarte mosterd): 30 %koolzaad Brassica napus raapzaad Brassica rapa subsp. oleifera zwarte mosterd Brassica nigra groep: vlinderbloemigen (minstens drie van de onderstaande soorten): luzerne Medicago sativa bonte wikke Vicia villosa 30 %vogelwikke Vicia cracca esparcette Onobrychis viccifolia incarnaatklaver Trifolium incarnatum meerjarig mengsel van vlinderbloemigen 15 kg/ha rode klaver Trifolium pratense 40 %luzerne Medicago sativa 10 %vogelwikke Vicia cracca 15 %incarnaatklaver Trifolium incarnatum 10 %esparcette Onobrychis viccifolia 10 %bonte wikke Vicia villosa 15 %
";
  2° in paragraaf 3, tabel c), wordt het woord "zomertarwe" vervangen door het woord " tarwe" en wordt het woord "zomerhaver" vervangen door het woord "haver".
Dénomination française mélanges de fleurs et mélanges de légumineuses nom scientifique quantité de semences : poids minimum par ha pourcentage maximum du poids ensemencé
Tübinger  kg/ha  
Brandenburger  10 kg/ha  
mélange de fleurs annuelles  10 kg/ha  
bleuet Centaurea cyanus  15 %
coquelicot Papaver rhoeas  15 %
camomille vraie Matricaria chamomilla  10 %
groupe : cruciféracées (au moins deux des espèces mentionnées ci-dessous et toujours comprenant de la moutarde noire) :   30 %
colza Brassica napus   
navette Brassica rapa subsp. oleifera   
moutarde noire Brassica nigra   
groupe : légumineuses (au moins trois des espèces mentionnées ci-dessous) :    
luzerne Medicago sativa  30 %
vesce velue Vicia villosa   
vesce cracca Vicia cracca   
sainfoin Onobrychis viciifolia   
trèfle incarnat Trifolium incarnatum   
mélange de légumineuses pluriannuelles  15 kg/ha  
trèfle des prés Trifolium pratense  40 %
luzerne Medicago sativa  10 %
vesce cracca Vicia cracca  15 %
trèfle incarnat Trifolium incarnatum  10 %
sainfoin Onobrychis viciifolia  10 %
vesce velue Vicia villosa  15 %
Dénomination française mélanges de fleurs et mélanges de légumineuses nom scientifique quantité de semences : poids minimum par ha pourcentage maximum du poids ensemencéTübinger kg/ha Brandenburger 10 kg/ha mélange de fleurs annuelles 10 kg/ha bleuet Centaurea cyanus 15 %coquelicot Papaver rhoeas 15 %camomille vraie Matricaria chamomilla 10 %groupe : cruciféracées (au moins deux des espèces mentionnées ci-dessous et toujours comprenant de la moutarde noire) : 30 %colza Brassica napus navette Brassica rapa subsp. oleifera moutarde noire Brassica nigra groupe : légumineuses (au moins trois des espèces mentionnées ci-dessous) : luzerne Medicago sativa 30 %vesce velue Vicia villosa vesce cracca Vicia cracca sainfoin Onobrychis viciifolia trèfle incarnat Trifolium incarnatum mélange de légumineuses pluriannuelles 15 kg/ha trèfle des prés Trifolium pratense 40 %luzerne Medicago sativa 10 %vesce cracca Vicia cracca 15 %trèfle incarnat Trifolium incarnatum 10 %sainfoin Onobrychis viciifolia 10 %vesce velue Vicia villosa 15 %
" ;
  2° dans le paragraphe 3, tableau c), les mots " froment de printemps " sont remplacés par le mot " froment " et les mots " avoine d'été " sont remplacés par le mot " avoine ".
Art. 16. Bijlage 10 bij hetzelfde besluit, vervangen bij het ministerieel besluit van 8 december 2016, wordt vervangen door bijlage 2, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 16. L'annexe 10 au même arrêté, remplacée par l'arrêté ministériel du 8 décembre 2016, est remplacée par l'annexe 2, jointe au présent arrêté.
Art. 17. Bijlage 12 bij hetzelfde besluit, ingevoegd bij het ministerieel besluit van 8 december 2016 en vervangen bij het ministerieel besluit van 6 juli 2017, wordt vervangen door bijlage 3, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 17. L'annexe 12 au même arrêté, insérée par l'arrêté du Gouvernement flamand du 8 décembre 2016 et remplacée par l'arrêté ministériel du 6 juillet 2017, est remplacée par l'annexe 3, jointe au présent arrêté.
Art. 18. Op de beheerovereenkomsten die zijn gesloten vóór de inwerkingtreding van dit besluit, is het ministerieel besluit van 3 april 2015 tot het verlenen van subsidies voor beheerovereenkomsten met toepassing van Verordening (EU) nr. 1305/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling, zoals van kracht vóór de inwerkingtreding van dit besluit, van toepassing.
  In afwijking van het eerste lid is bijlage 10 van het voormelde ministerieel besluit, zoals van kracht na de inwerkingtreding van dit besluit, vanaf 1 januari 2018 van toepassing op de beheerovereenkomsten die zijn gesloten vóór de inwerkingtreding van dit besluit.
Art. 18. L'arrêté ministériel du 3 avril 2015 relatif à l'octroi de subventions à des contrats de gestion en application du Règlement (UE) n° 1305/2013 du Parlement européen et du Conseil du 17 décembre 2013 relatif au soutien au développement rural par le Fonds européen agricole pour le développement rural, tel qu'en vigueur avant l'entrée en vigueur du présent arrêté, s'applique aux contrats de gestion conclus avant l'entrée en vigueur du présent arrêté.
  Par dérogation à l'alinéa premier, l'annexe 10 de l'arrêté ministériel précité, tel qu'en vigueur après l'entrée en vigueur du présent arrêté, s'applique à partir du 10 janvier 2018 aux contrats de gestion conclus avant l'entrée en vigueur du présent arrêté.
BIJLAGEN.
ANNEXES.
Art. N1. Bijlage 2. - Beheergebieden voor de beheerdoelstelling botanisch beheer, beheerpakket soortenrijk grasland als vermeld in artikel 10.
  (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 07-02-2018, p. 9268)
Art. N1. Annexe 2. - Zones de gestion pour l'objectif de gestion botanique, paquet de gestion prairies riches en espèces tel que visé à l'article 10.
  (Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 07-02-2018, p. 9281)
Art. N2. Bijlage 10.
  (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 07-02-2018, p. 9271)
Art. N2. Annexe 10.
  (Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 07-02-2018, p. 9284)
Art. N3. Bijlage 12. - Beheergebieden voor weidevogelsoorten als vermeld in artikel 81, eerste lid, 1°.
  (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 07-02-2018, p. 9276)
Art. N3. Annexe 12. - Zone de gestion pour les espèces d'oiseaux des prairies telle que visée à l'article 81, premier alinéa, 1°.
  (Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 07-02-2018, p. 9289)