Artikel 1. Artikel 1, 2°, van het koninklijk besluit van 3 mei 2003 betreffende het statuut van de militairen van het reservekader van de krijgsmacht, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 29 januari 2016, wordt aangevuld met de bepalingen onder e), f) en g), luidende:
"e) "overgang": de opname bedoeld in artikel 71/1 van de wet;
f) "promotie op diploma": de opname bedoeld in artikel 71/2 van de wet;
g) de wet van 28 februari 2007: de wet van 28 februari 2007 tot vaststelling van het statuut van de militairen en kandidaat-militairen van het actief kader van de krijgsmacht.".
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
12 SEPTEMBER 2018. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 mei 2003 betreffende het statuut van de militairen van het reservekader van de Krijgsmacht
Titre
12 SEPTEMBRE 2018. - Arrêté royal modifiant l'arrêté royal du 3 mai 2003 relatif au statut des militaires du cadre de réserve des Forces armées
Dokumentinformationen
Info du document
Inhoud
Tekst (59)
Texte (59)
HOOFDSTUK 1. - Wijziging van het koninklijk besluit van 3 mei 2003 betreffende het statuut van de militairen van het reservekader van de krijgsmacht
CHAPITRE 1er. - Modification de l'arrêté royal du 3 mai 2003 relatif au statut des militaires du cadre de réserve des forces armées
Article 1er. L'article 1er, 2°, de l'arrêté royal du 3 mai 2003 relatif au statut des militaires du cadre de réserve des forces armées, modifié par l'arrêté royal du 29 janvier 2016, est complété par les e), f) et g), rédigés comme suit:
"e) "passage": l'admission visée à l'article 71/1 de la loi;
f) "promotion sur diplôme": l'admission visée à l'article 71/2 de la loi;
g) la loi du 28 février 2007: la loi du 28 février 2007 fixant le statut des militaires et candidats militaires du cadre actif des forces armées.".
"e) "passage": l'admission visée à l'article 71/1 de la loi;
f) "promotion sur diplôme": l'admission visée à l'article 71/2 de la loi;
g) la loi du 28 février 2007: la loi du 28 février 2007 fixant le statut des militaires et candidats militaires du cadre actif des forces armées.".
Art. 2. In hetzelfde besluit wordt een artikel 1bis ingevoegd, luidende:
"Art. 1bis. De minister is de overheid bedoeld in artikel 19, § 3, artikel 32, § 2, artikel 33, § 2, tweede lid, artikel 34, § 1, tweede lid, artikel 36, eerste lid, artikel 39, eerste lid, artikel 42, artikel 43, artikel 45, tweede lid, artikel 50, vierde lid, artikel 52, artikel 63, artikel 68, artikel 69, artikel 72, derde lid, artikel 71/3 en artikel 74 van de wet.
De overheid bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de wet, is de minister of de overheid die hij aanduidt.
De overheid bedoeld in artikel 33, § 1, tweede lid van de wet, is de DGHR.
De overheid bedoeld in de artikelen 26, 65bis en 73, tweede lid, van de wet is de DGHR of de door hem aangewezen overheid.
De overheid bedoeld in artikel 32, § 4, vierde lid van de wet is de korpscommandant.".
"Art. 1bis. De minister is de overheid bedoeld in artikel 19, § 3, artikel 32, § 2, artikel 33, § 2, tweede lid, artikel 34, § 1, tweede lid, artikel 36, eerste lid, artikel 39, eerste lid, artikel 42, artikel 43, artikel 45, tweede lid, artikel 50, vierde lid, artikel 52, artikel 63, artikel 68, artikel 69, artikel 72, derde lid, artikel 71/3 en artikel 74 van de wet.
De overheid bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de wet, is de minister of de overheid die hij aanduidt.
De overheid bedoeld in artikel 33, § 1, tweede lid van de wet, is de DGHR.
De overheid bedoeld in de artikelen 26, 65bis en 73, tweede lid, van de wet is de DGHR of de door hem aangewezen overheid.
De overheid bedoeld in artikel 32, § 4, vierde lid van de wet is de korpscommandant.".
Art. 2. Dans le même arrêté, il est inséré un article 1bis rédigé comme suit:
"Art. 1bis. Le ministre est l'autorité visée à l'article 19, § 3, l'article 32, § 2, l'article 33, § 2, alinéa 2, l'article 34, § 1, alinéa 2, l'article 36, alinéa 1er, l'article 39, alinéa 1er, l'article 42, l'article 43, l'article 45, alinéa 2, l'article 50, alinéa 4, l'article 52, l'article 63, l'article 68, l'article 69, l'article 72, alinéa 3, l'article 71/3 et l'article 74 de la loi.
L'autorité visée à l'article 37, alinéa 1er, de la loi, est le ministre ou l'autorité qu'il désigne.
L'autorité visée à l'article 33, § 1er, alinéa 2, de la loi, est le DGHR.
L'autorité visée aux articles 26, 65bis et 73, alinéa 2, de la loi est le DGHR ou l'autorité qu'il désigne.
L'autorité visée à l'article 32, § 4, alinéa 4, de la loi, est le chef de corps.".
"Art. 1bis. Le ministre est l'autorité visée à l'article 19, § 3, l'article 32, § 2, l'article 33, § 2, alinéa 2, l'article 34, § 1, alinéa 2, l'article 36, alinéa 1er, l'article 39, alinéa 1er, l'article 42, l'article 43, l'article 45, alinéa 2, l'article 50, alinéa 4, l'article 52, l'article 63, l'article 68, l'article 69, l'article 72, alinéa 3, l'article 71/3 et l'article 74 de la loi.
L'autorité visée à l'article 37, alinéa 1er, de la loi, est le ministre ou l'autorité qu'il désigne.
L'autorité visée à l'article 33, § 1er, alinéa 2, de la loi, est le DGHR.
L'autorité visée aux articles 26, 65bis et 73, alinéa 2, de la loi est le DGHR ou l'autorité qu'il désigne.
L'autorité visée à l'article 32, § 4, alinéa 4, de la loi, est le chef de corps.".
Art. 3. In artikel 3ter van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de woorden "van niveau C" worden ingevoegd tussen de woorden "van reserveonderofficier" en de woorden "te kunnen verwerven";
2° in de Franse tekst, wordt het woord "certificat" vervangen door het woord "diplôme" en wordt het woord "supérieur" opgeheven;
3° het artikel wordt aangevuld met een lid, luidende:
"Om de hoedanigheid van reserveonderofficier van niveau B te kunnen verwerven, moet de kandidaat-reserveonderofficier van de basis bijzondere werving houder zijn van een voor het uitoefenen van zijn functies noodzakelijke bachelor of van een gelijkwaardig diploma of getuigschrift.".
1° de woorden "van niveau C" worden ingevoegd tussen de woorden "van reserveonderofficier" en de woorden "te kunnen verwerven";
2° in de Franse tekst, wordt het woord "certificat" vervangen door het woord "diplôme" en wordt het woord "supérieur" opgeheven;
3° het artikel wordt aangevuld met een lid, luidende:
"Om de hoedanigheid van reserveonderofficier van niveau B te kunnen verwerven, moet de kandidaat-reserveonderofficier van de basis bijzondere werving houder zijn van een voor het uitoefenen van zijn functies noodzakelijke bachelor of van een gelijkwaardig diploma of getuigschrift.".
Art. 3. A l'article 3ter du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les modifications suivantes sont apportées:
1° les mots "du niveau C" sont insérés entre les mots "de sous-officier de réserve" et les mots ", le candidat sous-officier de réserve";
2° le mot "certificat" est remplacé par le mot "diplôme" et le mot "supérieur" est abrogé;
3° l'article est complété par un alinéa, rédigé comme suit:
"Pour pouvoir acquérir la qualité de sous-officier de réserve du niveau B, le candidat sous-officier de réserve du recrutement spécial de base doit être titulaire d'un bachelier nécessaire à l'exécution de ses fonctions ou d'un diplôme ou d'un certificat équivalent.".
1° les mots "du niveau C" sont insérés entre les mots "de sous-officier de réserve" et les mots ", le candidat sous-officier de réserve";
2° le mot "certificat" est remplacé par le mot "diplôme" et le mot "supérieur" est abrogé;
3° l'article est complété par un alinéa, rédigé comme suit:
"Pour pouvoir acquérir la qualité de sous-officier de réserve du niveau B, le candidat sous-officier de réserve du recrutement spécial de base doit être titulaire d'un bachelier nécessaire à l'exécution de ses fonctions ou d'un diplôme ou d'un certificat équivalent.".
Art. 4. In artikel 3quater van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de woorden "van niveau A" worden ingevoegd tussen de woorden "van reserveofficier" en de woorden "te kunnen verwerven";
2° het artikel wordt aangevuld met twee leden, luidende:
"Om de hoedanigheid van reserveofficier van niveau A te kunnen verwerven, moet de kandidaat-reserveofficier van de basis bijzondere werving houder zijn van een voor het uitoefenen van zijn functies noodzakelijke master of van een gelijkwaardig diploma of getuigschrift.
Om de hoedanigheid van reserveofficier van niveau A te kunnen verwerven, moet de kandidaat-reserveofficier van de laterale bijzondere werving houder zijn van een master of van een gelijkwaardig diploma of getuigschrift en de beroepservaring in het beoogde domein bezitten waarvan de minimale duur bepaald wordt in artikel 23bis van het koninklijk besluit van 11 september 2003 betreffende de werving van de militairen.".
1° de woorden "van niveau A" worden ingevoegd tussen de woorden "van reserveofficier" en de woorden "te kunnen verwerven";
2° het artikel wordt aangevuld met twee leden, luidende:
"Om de hoedanigheid van reserveofficier van niveau A te kunnen verwerven, moet de kandidaat-reserveofficier van de basis bijzondere werving houder zijn van een voor het uitoefenen van zijn functies noodzakelijke master of van een gelijkwaardig diploma of getuigschrift.
Om de hoedanigheid van reserveofficier van niveau A te kunnen verwerven, moet de kandidaat-reserveofficier van de laterale bijzondere werving houder zijn van een master of van een gelijkwaardig diploma of getuigschrift en de beroepservaring in het beoogde domein bezitten waarvan de minimale duur bepaald wordt in artikel 23bis van het koninklijk besluit van 11 september 2003 betreffende de werving van de militairen.".
Art. 4. A l'article 3quater du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les modifications suivantes sont apportées:
1° les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "d'officier de réserve" et les mots ", le candidat officier de réserve";
2° l'article est complété par deux alinéas, rédigés comme suit:
"Pour pouvoir acquérir la qualité d'officier de réserve du niveau A, le candidat officier de réserve du recrutement spécial de base doit être titulaire d'un master nécessaire à l'exécution de ses fonctions ou d'un diplôme ou d'un certificat équivalent.
Pour pouvoir acquérir la qualité d'officier de réserve du niveau A, le candidat officier de réserve du recrutement spécial latéral doit être titulaire d'un master ou d'un diplôme ou d'un certificat équivalent et posséder une expérience professionnelle dans le domaine visé dont la durée est fixée dans l'article 23bis de l'arrêté royal du 11 septembre 2003 relatif au recrutement des militaires.".
1° les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "d'officier de réserve" et les mots ", le candidat officier de réserve";
2° l'article est complété par deux alinéas, rédigés comme suit:
"Pour pouvoir acquérir la qualité d'officier de réserve du niveau A, le candidat officier de réserve du recrutement spécial de base doit être titulaire d'un master nécessaire à l'exécution de ses fonctions ou d'un diplôme ou d'un certificat équivalent.
Pour pouvoir acquérir la qualité d'officier de réserve du niveau A, le candidat officier de réserve du recrutement spécial latéral doit être titulaire d'un master ou d'un diplôme ou d'un certificat équivalent et posséder une expérience professionnelle dans le domaine visé dont la durée est fixée dans l'article 23bis de l'arrêté royal du 11 septembre 2003 relatif au recrutement des militaires.".
Art. 5. In artikel 8 van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° het eerste lid wordt vervangen als volgt:
"Op aanvraag van de reserveonderofficier van niveau B of van niveau C kunnen opeenvolgende wederdienstnemingen als, naargelang het geval, reserveonderofficier van niveau B of van niveau C aangegaan worden.";
2° het tweede lid wordt vervangen als volgt:
"De onderofficier bedoeld in artikel 11 van de wet en de onderofficier bedoeld in artikel 11bis van de wet, die voldoen aan de voorwaarden, kunnen een wederdienstneming als, naargelang het geval, reserveonderofficier van niveau B of van niveau C aangaan.".
1° het eerste lid wordt vervangen als volgt:
"Op aanvraag van de reserveonderofficier van niveau B of van niveau C kunnen opeenvolgende wederdienstnemingen als, naargelang het geval, reserveonderofficier van niveau B of van niveau C aangegaan worden.";
2° het tweede lid wordt vervangen als volgt:
"De onderofficier bedoeld in artikel 11 van de wet en de onderofficier bedoeld in artikel 11bis van de wet, die voldoen aan de voorwaarden, kunnen een wederdienstneming als, naargelang het geval, reserveonderofficier van niveau B of van niveau C aangaan.".
Art. 5. A l'article 8 du même arrêté, remplacé par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les modifications suivantes sont apportées:
1° l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit:
"A la demande du sous-officier de réserve du niveau B ou du niveau C, des rengagements successifs comme, selon le cas, sous-officier de réserve du niveau B ou du niveau C peuvent être signés.";
2° l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit:
"Le sous-officier visé à l'article 11 de la loi et le sous-officier visé à l'article 11bis de la loi qui satisfont aux conditions, peuvent souscrire un rengagement comme, selon le cas, sous-officier de réserve du niveau B ou du niveau C.".
1° l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit:
"A la demande du sous-officier de réserve du niveau B ou du niveau C, des rengagements successifs comme, selon le cas, sous-officier de réserve du niveau B ou du niveau C peuvent être signés.";
2° l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit:
"Le sous-officier visé à l'article 11 de la loi et le sous-officier visé à l'article 11bis de la loi qui satisfont aux conditions, peuvent souscrire un rengagement comme, selon le cas, sous-officier de réserve du niveau B ou du niveau C.".
Art. 6. In artikel 11 van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° het eerste lid wordt vervangen als volgt:
"Op aanvraag van de reserveofficier van niveau A of van niveau B kunnen opeenvolgende wederdienstnemingen als, naargelang het geval, reserveofficier van niveau A of van niveau B aangegaan worden.";
2° het tweede lid wordt vervangen als volgt:
"De officier bedoeld in artikel 10 van de wet en de officier bedoeld in artikel 10bis van de wet die voldoen aan de voorwaarden, kunnen een wederdienstneming als, naargelang het geval, reserveofficier van niveau A of van niveau B aangaan.".
1° het eerste lid wordt vervangen als volgt:
"Op aanvraag van de reserveofficier van niveau A of van niveau B kunnen opeenvolgende wederdienstnemingen als, naargelang het geval, reserveofficier van niveau A of van niveau B aangegaan worden.";
2° het tweede lid wordt vervangen als volgt:
"De officier bedoeld in artikel 10 van de wet en de officier bedoeld in artikel 10bis van de wet die voldoen aan de voorwaarden, kunnen een wederdienstneming als, naargelang het geval, reserveofficier van niveau A of van niveau B aangaan.".
Art. 6. A l'article 11 du même arrêté, remplacé par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les modifications suivantes sont apportées:
1° l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit:
"A la demande de l'officier de réserve du niveau A ou du niveau B, des rengagements successifs comme, selon le cas, officier de réserve du niveau A ou du niveau B peuvent être signés.";
2° l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit:
"L'officier visé à l'article 10 de la loi et l'officier visé à l'article 10bis de la loi qui satisfont aux conditions, peuvent souscrire un rengagement comme, selon le cas, officier de réserve du niveau A ou du niveau B.".
1° l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit:
"A la demande de l'officier de réserve du niveau A ou du niveau B, des rengagements successifs comme, selon le cas, officier de réserve du niveau A ou du niveau B peuvent être signés.";
2° l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit:
"L'officier visé à l'article 10 de la loi et l'officier visé à l'article 10bis de la loi qui satisfont aux conditions, peuvent souscrire un rengagement comme, selon le cas, officier de réserve du niveau A ou du niveau B.".
Art. 7. In hetzelfde besluit wordt een artikel 15bis ingevoegd, luidende:
"Art. 15bis. In het geval bedoeld in artikel 32, § 1, 3°, van de wet, wordt de procedure gevolgd bedoeld in de artikelen 25 tot 28 van het koninklijk besluit van 14 oktober 2013 tot vaststelling van de procedure betreffende de statutaire maatregelen toepasselijk op de militairen van het actief kader en tot wijziging van meerdere koninklijke besluiten betreffende de militaire tucht.
In afwijking van artikel 27 van het koninklijk besluit van 14 oktober 2013 tot vaststelling van de procedure betreffende de statutaire maatregelen toepasselijk op de militairen van het actief kader en tot wijziging van meerdere koninklijke besluiten betreffende de militaire tucht, kan de DGHR, indien de betrokken reservemilitair of kandidaat-reservemilitair zijn argumenten niet meedeelt of indien de DGHR oordeelt dat de argumenten van de betrokken reservemilitair of kandidaat-reservemilitair ongegrond zijn, een voorstel zenden aan de overheid bedoeld in artikel 32, § 2, van de wet, om de verbreking van de dienstneming of wederdienstneming uit te spreken.".
"Art. 15bis. In het geval bedoeld in artikel 32, § 1, 3°, van de wet, wordt de procedure gevolgd bedoeld in de artikelen 25 tot 28 van het koninklijk besluit van 14 oktober 2013 tot vaststelling van de procedure betreffende de statutaire maatregelen toepasselijk op de militairen van het actief kader en tot wijziging van meerdere koninklijke besluiten betreffende de militaire tucht.
In afwijking van artikel 27 van het koninklijk besluit van 14 oktober 2013 tot vaststelling van de procedure betreffende de statutaire maatregelen toepasselijk op de militairen van het actief kader en tot wijziging van meerdere koninklijke besluiten betreffende de militaire tucht, kan de DGHR, indien de betrokken reservemilitair of kandidaat-reservemilitair zijn argumenten niet meedeelt of indien de DGHR oordeelt dat de argumenten van de betrokken reservemilitair of kandidaat-reservemilitair ongegrond zijn, een voorstel zenden aan de overheid bedoeld in artikel 32, § 2, van de wet, om de verbreking van de dienstneming of wederdienstneming uit te spreken.".
Art. 7. Dans le même arrêté, il est inséré un article 15bis rédigé comme suit:
"Art. 15bis. Dans le cas visé à l'article 32, § 1er, 3°, de la loi, la procédure visée aux articles 25 à 28 de l'arrêté royal du 14 octobre 2013 fixant la procédure relative aux mesures statutaires applicables aux militaires du cadre actif et modifiant divers arrêtés royaux relatifs à la discipline militaire, est suivie.
En dérogation de l'article 27 de l'arrêté royal du 14 octobre 2013 fixant la procédure relative aux mesures statutaires applicables aux militaires du cadre actif et modifiant divers arrêtés royaux relatifs à la discipline militaire, le DGHR peut, si le militaire de réserve ou le candidat militaire de réserve concerné ne fait pas connaître ses arguments ou si le DGHR juge les arguments du militaire de réserve ou du candidat militaire de réserve concerné irrecevables, transmettre une proposition à l'autorité visée à l'article 32, § 2, de la loi, pour prononcer la résiliation de l'engagement ou du rengagement.".
"Art. 15bis. Dans le cas visé à l'article 32, § 1er, 3°, de la loi, la procédure visée aux articles 25 à 28 de l'arrêté royal du 14 octobre 2013 fixant la procédure relative aux mesures statutaires applicables aux militaires du cadre actif et modifiant divers arrêtés royaux relatifs à la discipline militaire, est suivie.
En dérogation de l'article 27 de l'arrêté royal du 14 octobre 2013 fixant la procédure relative aux mesures statutaires applicables aux militaires du cadre actif et modifiant divers arrêtés royaux relatifs à la discipline militaire, le DGHR peut, si le militaire de réserve ou le candidat militaire de réserve concerné ne fait pas connaître ses arguments ou si le DGHR juge les arguments du militaire de réserve ou du candidat militaire de réserve concerné irrecevables, transmettre une proposition à l'autorité visée à l'article 32, § 2, de la loi, pour prononcer la résiliation de l'engagement ou du rengagement.".
Art. 8. In artikel 37 van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 26 december 2013, worden de woorden "kandidaat-reservemilitair" vervangen door het woord "reservemilitair";
2° tussen het tweede en het derde lid wordt een lid ingevoegd, luidende:
"De kandidaat-reservemilitair bedoeld in artikel 4, 2° /1, b) en 3°, b) van de wet, wordt van de militaire basisvorming en van de gespecialiseerde militaire opleiding vrijgesteld.";
3° in het vroegere vijfde lid, dat het zesde lid wordt, worden de woorden "eerste tot vierde lid" vervangen door de woorden "eerste tot het vijfde lid".
1° in het eerste lid, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 26 december 2013, worden de woorden "kandidaat-reservemilitair" vervangen door het woord "reservemilitair";
2° tussen het tweede en het derde lid wordt een lid ingevoegd, luidende:
"De kandidaat-reservemilitair bedoeld in artikel 4, 2° /1, b) en 3°, b) van de wet, wordt van de militaire basisvorming en van de gespecialiseerde militaire opleiding vrijgesteld.";
3° in het vroegere vijfde lid, dat het zesde lid wordt, worden de woorden "eerste tot vierde lid" vervangen door de woorden "eerste tot het vijfde lid".
Art. 8. A l'article 37 du même arrêté, remplacé par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les modifications suivantes sont apportées:
1° dans l'alinéa 1er, modifié par l'arrêté royal du 26 décembre 2013, les mots "candidat militaire de réserve" sont remplacé par les mots "militaire de réserve";
2° un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 2 et 3:
"Le candidat militaire de réserve visé à l'article 4, 2° /1, b) et 3°, b) de la loi, est dispensé de la formation militaire de base et de l'instruction militaire spécialisée.";
3° dans l'alinéa 5 ancien, devenant l'alinéa 6, les mots "à l'alinéa 1er à 4" sont remplacés par les mots "aux alinéas 1er à 5".
1° dans l'alinéa 1er, modifié par l'arrêté royal du 26 décembre 2013, les mots "candidat militaire de réserve" sont remplacé par les mots "militaire de réserve";
2° un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 2 et 3:
"Le candidat militaire de réserve visé à l'article 4, 2° /1, b) et 3°, b) de la loi, est dispensé de la formation militaire de base et de l'instruction militaire spécialisée.";
3° dans l'alinéa 5 ancien, devenant l'alinéa 6, les mots "à l'alinéa 1er à 4" sont remplacés par les mots "aux alinéas 1er à 5".
Art. 9. In artikel 40 van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
a) in de bepaling onder 1°, worden de woorden "van niveau B en van niveau C" ingevoegd tussen de woorden "de kandidaat-reserveonderofficier" en de woorden "die geslaagd is";
b) in de bepaling onder 2°, worden de woorden "van niveau A" ingevoegd tussen de woorden "de kandidaat-reserveofficier" en de woorden "die geslaagd is".
a) in de bepaling onder 1°, worden de woorden "van niveau B en van niveau C" ingevoegd tussen de woorden "de kandidaat-reserveonderofficier" en de woorden "die geslaagd is";
b) in de bepaling onder 2°, worden de woorden "van niveau A" ingevoegd tussen de woorden "de kandidaat-reserveofficier" en de woorden "die geslaagd is".
Art. 9. Dans l'article 40, du même arrêté, remplacé par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les modifications suivantes sont apportées:
a) dans le 1°, les mots "du niveau B et du niveau C" sont insérés entre les mots "le candidat sous-officier de réserve" et les mots "qui a réussi";
b) dans le 2°, les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "le candidat officier de réserve" et les mots "qui a réussi".
a) dans le 1°, les mots "du niveau B et du niveau C" sont insérés entre les mots "le candidat sous-officier de réserve" et les mots "qui a réussi";
b) dans le 2°, les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "le candidat officier de réserve" et les mots "qui a réussi".
Art. 10. In artikel 41 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de woorden "van niveau A" ingevoegd tussen de woorden "De kandidaat-reserveofficier" en de woorden "die geslaagd is";
2° in het tweede lid, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de woorden "van niveau A" ingevoegd tussen de woorden "De kandidaat-reserveofficier" en de woorden "van de laterale bijzondere werving" en worden de woorden "de fase van gespecialiseerde professionele opleiding" vervangen door de woorden "de gespecialiseerde professionele vorming".
1° in het eerste lid, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de woorden "van niveau A" ingevoegd tussen de woorden "De kandidaat-reserveofficier" en de woorden "die geslaagd is";
2° in het tweede lid, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de woorden "van niveau A" ingevoegd tussen de woorden "De kandidaat-reserveofficier" en de woorden "van de laterale bijzondere werving" en worden de woorden "de fase van gespecialiseerde professionele opleiding" vervangen door de woorden "de gespecialiseerde professionele vorming".
Art. 10. A l'article 41 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées:
1° dans l'alinéa 1er, modifié par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "Le candidat officier de réserve" et les mots "qui a réussi";
2° dans l'alinéa 2, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "Toutefois, le candidat officier de réserve" et les mots "du recrutement spécial latéral" et les mots "la phase d'instruction militaire spécialisée" sont remplacés par les mots "la formation professionnelle spécialisée".
1° dans l'alinéa 1er, modifié par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "Le candidat officier de réserve" et les mots "qui a réussi";
2° dans l'alinéa 2, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "Toutefois, le candidat officier de réserve" et les mots "du recrutement spécial latéral" et les mots "la phase d'instruction militaire spécialisée" sont remplacés par les mots "la formation professionnelle spécialisée".
Art. 11. Artikel 43 van hetzelfde besluit, opgeheven bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, wordt hersteld als volgt:
"Art. 43. De nadere regels en periodiciteit inzake de beoordeling van de fysieke geschiktheid en de medische geschiktheid van de reservemilitair worden bepaald in een reglement.".
"Art. 43. De nadere regels en periodiciteit inzake de beoordeling van de fysieke geschiktheid en de medische geschiktheid van de reservemilitair worden bepaald in een reglement.".
Art. 11. L'article 43 du même arrêté, abrogé par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, est rétabli dans la rédaction suivante:
"Art. 43. Les modalités et la périodicité de l'appréciation relatives à l'aptitude physique et à l'aptitude médicale du militaire de réserve sont fixées dans un règlement.".
"Art. 43. Les modalités et la périodicité de l'appréciation relatives à l'aptitude physique et à l'aptitude médicale du militaire de réserve sont fixées dans un règlement.".
Art. 12. In artikel 45 van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid worden de woorden "van niveau A" ingevoegd tussen de woorden "De kandidaat-reserveofficier" en de woorden "die geslaagd is" en worden de woorden "van niveau A" ingevoegd tussen de woorden "als reserveofficier" en de woorden "heeft ondertekend, wordt benoemd";
2° in het tweede lid, worden de woorden "van niveau A" ingevoegd tussen de woorden "De kandidaat-reserveofficier" en de woorden "van de laterale bijzondere werving" en worden de woorden "van niveau A" ingevoegd tussen de woorden "als reserveofficier" en de woorden "heeft ondertekend, wordt evenwel benoemd".
1° in het eerste lid worden de woorden "van niveau A" ingevoegd tussen de woorden "De kandidaat-reserveofficier" en de woorden "die geslaagd is" en worden de woorden "van niveau A" ingevoegd tussen de woorden "als reserveofficier" en de woorden "heeft ondertekend, wordt benoemd";
2° in het tweede lid, worden de woorden "van niveau A" ingevoegd tussen de woorden "De kandidaat-reserveofficier" en de woorden "van de laterale bijzondere werving" en worden de woorden "van niveau A" ingevoegd tussen de woorden "als reserveofficier" en de woorden "heeft ondertekend, wordt evenwel benoemd".
Art. 12. A l'article 45 du même arrêté, remplacé par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les modifications suivantes sont apportées:
1° dans l'alinéa 1er, les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "Le candidat officier de réserve" et les mots "qui a réussi" et les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "comme officier de réserve" et les mots "est nommé au grade";
2° dans l'alinéa 2, les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "Toutefois, le candidat officier de réserve" et les mots "issu du recrutement spécial latéral" et les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "comme officier de réserve" et les mots "est nommé au grade".
1° dans l'alinéa 1er, les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "Le candidat officier de réserve" et les mots "qui a réussi" et les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "comme officier de réserve" et les mots "est nommé au grade";
2° dans l'alinéa 2, les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "Toutefois, le candidat officier de réserve" et les mots "issu du recrutement spécial latéral" et les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "comme officier de réserve" et les mots "est nommé au grade".
Art. 13. In hetzelfde besluit wordt een artikel 45bis ingevoegd, luidende:
"Art. 45bis. De kandidaat-reserveonderofficier van niveau B van de basis bijzondere werving die geslaagd is in de vormingscyclus en die een wederdienstneming als reserveonderofficier van niveau B heeft ondertekend, wordt benoemd in de graad van eerste sergeant-majoor.".
"Art. 45bis. De kandidaat-reserveonderofficier van niveau B van de basis bijzondere werving die geslaagd is in de vormingscyclus en die een wederdienstneming als reserveonderofficier van niveau B heeft ondertekend, wordt benoemd in de graad van eerste sergeant-majoor.".
Art. 13. Dans le même arrêté, il est inséré un article 45bis rédigé comme suit:
"Art. 45bis. Le candidat sous-officier de réserve du niveau B du recrutement spécial de base qui a réussi le cycle de formation et qui a signé un rengagement comme sous-officier de réserve du niveau B est nommé au grade de premier sergent-major.".
"Art. 45bis. Le candidat sous-officier de réserve du niveau B du recrutement spécial de base qui a réussi le cycle de formation et qui a signé un rengagement comme sous-officier de réserve du niveau B est nommé au grade de premier sergent-major.".
Art. 14. In artikel 46 van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de woorden "van niveau C van de normale werving" ingevoegd tussen de woorden "De kandidaat-reserveonderofficier" en de woorden "die geslaagd is" en worden de woorden "van niveau C" ingevoegd tussen de woorden "als reserveonderofficier" en de woorden "heeft ondertekend, wordt benoemd".
Art. 14. Dans l'article 46 du même arrêté, remplacé par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les mots "du niveau C du recrutement normal" sont insérés entre les mots "Le candidat sous-officier de réserve" et les mots "qui a réussi" et les mots "du niveau C" sont insérés entre les mots "comme sous-officier de réserve" et les mots "est nommé au grade".
Art. 15. In hetzelfde besluit wordt een artikel 47bis ingevoegd, luidende:
"Art. 47bis. De graad van de reserveonderofficier wordt door de chef Defensie verleend.
De graad van de reservevrijwilliger wordt verleend door de korpscommandant van betrokkene op voordracht van de eenheidscommandant.".
"Art. 47bis. De graad van de reserveonderofficier wordt door de chef Defensie verleend.
De graad van de reservevrijwilliger wordt verleend door de korpscommandant van betrokkene op voordracht van de eenheidscommandant.".
Art. 15. Dans le même arrêté, il est inséré un article 47bis rédigé comme suit:
"Art. 47bis. Le grade de sous-officier de réserve est conféré par le chef de la Défense.
Le grade de volontaire de réserve est conféré par le chef de corps du concerné, sur la proposition du commandant d'unité.".
"Art. 47bis. Le grade de sous-officier de réserve est conféré par le chef de la Défense.
Le grade de volontaire de réserve est conféré par le chef de corps du concerné, sur la proposition du commandant d'unité.".
Art. 16. In artikel 49 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste, tweede en derde lid, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de woorden "of eerste sergeant-majoor" ingevoegd tussen de woorden "de graad van onderluitenant" en de woorden "of sergeant of";
2° in het vierde lid, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 26 december 2013, worden de woorden "luitenant, eerste sergeant of korporaal" vervangen door de woorden "luitenant, adjudant, voor de onderofficier van niveau B, eerste sergeant, voor de onderofficier van niveau C, of korporaal".
1° in het eerste, tweede en derde lid, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de woorden "of eerste sergeant-majoor" ingevoegd tussen de woorden "de graad van onderluitenant" en de woorden "of sergeant of";
2° in het vierde lid, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 26 december 2013, worden de woorden "luitenant, eerste sergeant of korporaal" vervangen door de woorden "luitenant, adjudant, voor de onderofficier van niveau B, eerste sergeant, voor de onderofficier van niveau C, of korporaal".
Art. 16. A l'article 49 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées:
1° dans les alinéas 1er, 2 et 3, modifiés par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les mots "ou de premier sergent-major" sont chaque fois insérés entre les mots "le grade de sous-lieutenant" et les mots "ou de sergent ou";
2° dans l'alinéa 4, modifié par l'arrêté royal du 26 décembre 2013, les mots "lieutenant, premier sergent ou caporal" sont remplacés par les mots "lieutenant, adjudant, pour le sous-officier du niveau B, premier sergent pour le sous-officier du niveau C, ou caporal".
1° dans les alinéas 1er, 2 et 3, modifiés par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les mots "ou de premier sergent-major" sont chaque fois insérés entre les mots "le grade de sous-lieutenant" et les mots "ou de sergent ou";
2° dans l'alinéa 4, modifié par l'arrêté royal du 26 décembre 2013, les mots "lieutenant, premier sergent ou caporal" sont remplacés par les mots "lieutenant, adjudant, pour le sous-officier du niveau B, premier sergent pour le sous-officier du niveau C, ou caporal".
Art. 17. In artikel 51, tweede lid, van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 26 december 2013, worden de woorden "De militair die, krachtens de artikelen 10, 1°, 11, 1°, en 12, 1°, van de wet, in het reservekader toegelaten wordt, en de militair bedoeld in de artikelen 10, 2°, b), c) en e), 11, 2°, b) en d), en 12, 2°, b) en c), van de wet" vervangen door de woorden "De militair die, krachtens de artikelen 10, 1°, 10bis, 1°, 11, 1°, 11bis, 1°, en 12, 1°, van de wet, in het reservekader toegelaten wordt, en de militair bedoeld in de artikelen 10, 2°, b), 10bis, 2°, b), c) en d), 11, 2°, b), 11bis, 2°, b) en c), en 12, 2°, b) en c), van de wet".
Art. 17. Dans l'article 51, alinéa 2, du même arrêté, remplacé par l'arrêté royal du 26 décembre 2013, les mots "Toutefois, le militaire qui, en vertu des articles 10, 1°, 11, 1°, et 12, 1°, de la loi, est admis dans le cadre de réserve et le militaire visé aux articles 10, 2°, b), c) et e), 11, 2°, b) et d), et 12, 2°, b) et c), de la loi" sont remplacés par les mots "Toutefois, le militaire qui, en vertu des articles 10, 1°, 10bis, 1°, 11, 1°, 11bis, 1°, et 12, 1°, de la loi, est admis dans le cadre de réserve et le militaire visé aux articles 10, 2°, b), 10bis, 2°, b), c) et d), 11, 2°, b), 11bis, 2°, b) et c), et 12, 2°, b) et c), de la loi".
Art. 18. In artikel 52bis van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° het eerste lid wordt aangevuld met de volgende zin:
"De nadere regels worden vastgelegd in een reglement.";
2° het artikel wordt aangevuld met drie leden, luidende:
"De beroepsproef kan worden uitgesteld overeenkomstig de regels voorzien in het eerste en tweede lid.
Wegens uitzonderlijke redenen of wegens dienstredenen te beoordelen door de DGHR, kan een reservemilitair, voorafgaand aan zijn aanduiding of aanvaarding, het uitstel van zijn deelneming aan een vorming van de voortgezette vorming vragen. De nadere regels worden vastgelegd in een reglement.
Indien de DGHR een uitstel verleent, stelt hij de sessie van cursussen vast waaraan de re-servemilitair wordt aangehecht.".
1° het eerste lid wordt aangevuld met de volgende zin:
"De nadere regels worden vastgelegd in een reglement.";
2° het artikel wordt aangevuld met drie leden, luidende:
"De beroepsproef kan worden uitgesteld overeenkomstig de regels voorzien in het eerste en tweede lid.
Wegens uitzonderlijke redenen of wegens dienstredenen te beoordelen door de DGHR, kan een reservemilitair, voorafgaand aan zijn aanduiding of aanvaarding, het uitstel van zijn deelneming aan een vorming van de voortgezette vorming vragen. De nadere regels worden vastgelegd in een reglement.
Indien de DGHR een uitstel verleent, stelt hij de sessie van cursussen vast waaraan de re-servemilitair wordt aangehecht.".
Art. 18. A l'article 52bis du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les modifications suivantes sont apportées:
1° l'alinéa 1er est complété par la phrase suivante:
"Les modalités sont fixées dans un règlement.";
2° l'article est complété avec trois alinéas, rédigés comme suit:
"L'épreuve professionnelle peut être ajournée conformément aux règles visées à l'alinéa 1er et 2.
Pour des raisons exceptionnelles ou pour des raisons de service à apprécier par le DGHR, un militaire de réserve peut, préalablement à sa désignation ou à son agrément, solliciter l'ajournement de sa participation à une formation de la formation continuée. Les modalités sont fixées dans un règlement.
Si le DGHR accorde un ajournement, il fixe la session de cours à laquelle le militaire de réserve est rattaché.".
1° l'alinéa 1er est complété par la phrase suivante:
"Les modalités sont fixées dans un règlement.";
2° l'article est complété avec trois alinéas, rédigés comme suit:
"L'épreuve professionnelle peut être ajournée conformément aux règles visées à l'alinéa 1er et 2.
Pour des raisons exceptionnelles ou pour des raisons de service à apprécier par le DGHR, un militaire de réserve peut, préalablement à sa désignation ou à son agrément, solliciter l'ajournement de sa participation à une formation de la formation continuée. Les modalités sont fixées dans un règlement.
Si le DGHR accorde un ajournement, il fixe la session de cours à laquelle le militaire de réserve est rattaché.".
Art. 19. In artikel 53 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid, worden de woorden "hun korps" vervangen door de woorden "hun vakrichting";
2° in het tweede lid, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de woorden "het medisch technisch korps" vervangen door de woorden "de vakrichting "medische technieken"" en worden de woorden "hun korps" vervangen door "hun vakrichting";
3° in het derde lid, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de woorden "hun korps" vervangen door de woorden "hun vakrichting".
1° in het eerste lid, worden de woorden "hun korps" vervangen door de woorden "hun vakrichting";
2° in het tweede lid, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de woorden "het medisch technisch korps" vervangen door de woorden "de vakrichting "medische technieken"" en worden de woorden "hun korps" vervangen door "hun vakrichting";
3° in het derde lid, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de woorden "hun korps" vervangen door de woorden "hun vakrichting".
Art. 19. A l'article 53 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées:
1° dans l'alinéa 1er, les mots "leur corps" sont remplacés par les mots "leur filière de métiers";
2° dans l'alinéa 2, modifié par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les mots "du corps technique médical" sont remplacés par les mots "de la filière de métiers "techniques médicales"" et les mots "leur corps" sont remplacés par les mots "leur filière de métiers";
3° dans l'alinéa 3, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les mots "leur corps" sont remplacés par les mots "leur filière de métiers".
1° dans l'alinéa 1er, les mots "leur corps" sont remplacés par les mots "leur filière de métiers";
2° dans l'alinéa 2, modifié par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les mots "du corps technique médical" sont remplacés par les mots "de la filière de métiers "techniques médicales"" et les mots "leur corps" sont remplacés par les mots "leur filière de métiers";
3° dans l'alinéa 3, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les mots "leur corps" sont remplacés par les mots "leur filière de métiers".
Art. 20. In artikel 54 van hetzelfde besluit, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid, worden de woorden "wordt in een reglement bepaald" vervangen door de woorden "en de nadere regels worden in een reglement bepaald";
2° het artikel wordt aangevuld met twee leden, luidende:
"De reserveofficier van niveau A of van niveau B, gesproten uit het actief kader, die reeds geslaagd is in de basis stafvorming in het beroepskader, is vrijgesteld van de voortgezette vorming voor de overgang naar de graad van kapitein van het reservekader.
De reserveofficier van niveau A, gesproten uit het actief kader, die reeds geslaagd is in de voortgezette vorming voor bevordering tot de graad van majoor in het beroepskader, is vrijgesteld van de voortgezette vorming voor de overgang naar de graad van majoor van het reservekader.".
1° in het eerste lid, worden de woorden "wordt in een reglement bepaald" vervangen door de woorden "en de nadere regels worden in een reglement bepaald";
2° het artikel wordt aangevuld met twee leden, luidende:
"De reserveofficier van niveau A of van niveau B, gesproten uit het actief kader, die reeds geslaagd is in de basis stafvorming in het beroepskader, is vrijgesteld van de voortgezette vorming voor de overgang naar de graad van kapitein van het reservekader.
De reserveofficier van niveau A, gesproten uit het actief kader, die reeds geslaagd is in de voortgezette vorming voor bevordering tot de graad van majoor in het beroepskader, is vrijgesteld van de voortgezette vorming voor de overgang naar de graad van majoor van het reservekader.".
Art. 20. A l'article 54 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées:
1° dans l'alinéa 1er, les mots ", est fixé dans un règlement" sont remplacés par les mots "et les modalités, sont fixés dans un règlement";
2° l'article est complété avec deux alinéas, rédigés comme suit:
"L'officier de réserve du niveau A ou du niveau B, issu du cadre actif, qui a déjà réussi la formation de base d'état-major dans le cadre de carrière, est dispensé de la formation continué pour l'accession au grade du capitaine du cadre de réserve.
L'officier de réserve du niveau A, issu du cadre actif, qui a déjà réussi la formation continuée pour l'avancement dans le grade du major au cadre de carrière, est dispensé de la formation continuée pour l'accession au grade du major du cadre de réserve.".
1° dans l'alinéa 1er, les mots ", est fixé dans un règlement" sont remplacés par les mots "et les modalités, sont fixés dans un règlement";
2° l'article est complété avec deux alinéas, rédigés comme suit:
"L'officier de réserve du niveau A ou du niveau B, issu du cadre actif, qui a déjà réussi la formation de base d'état-major dans le cadre de carrière, est dispensé de la formation continué pour l'accession au grade du capitaine du cadre de réserve.
L'officier de réserve du niveau A, issu du cadre actif, qui a déjà réussi la formation continuée pour l'avancement dans le grade du major au cadre de carrière, est dispensé de la formation continuée pour l'accession au grade du major du cadre de réserve.".
Art. 21. In artikel 56 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 26 december 2013, worden de woorden "het kader der beroepsofficieren" vervangen door de woorden "het actief kader".
Art. 21. Dans l'article 56 du même arrêté, modifié par l'arrêté royal du 26 décembre 2013, les mots "du cadre des officiers de carrière qui" sont remplacés par les mots "du cadre actif".
Art. 22. In artikel 57bis, § 2, 2°, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de woorden "die bestaan" vervangen door de woorden "die het bijwonen van een vormingscyclus omvatten, die bestaat".
Art. 22. Dans l'article 57bis, § 2, 2°, du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les mots "qui consistent" sont remplacés par les mots "qui comprennent un cycle de formation, qui consiste".
Art. 23. In artikel 58 van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1, worden de woorden "van niveau A" ingevoegd tussen de woorden "Geen reserveofficier" en de woorden ", met uitzondering van";
2° in paragraaf 2, wordt de bepaling onder 2° vervangen als volgt:
"2° voorafgaand aan de vormingsfase hernomen in de bevorderingsprestaties ter voorbereiding van de beroepsproeven, het bewijs leveren van een voldoende werkbare kennis van het Engels, zoals bedoeld in artikel 58quater;";
3° paragraaf 2 wordt aangevuld met de bepaling onder 3°, luidende:
"3° de bevorderingsprestaties ter voorbereiding van de beroepsproeven volbracht hebben, die het bijwonen van een vormingscyclus omvatten, die bestaat uit het volgen van een informatiefase, het doorlopen van een zelfstudiefase van ten minste vier en maximum acht maanden en het slagen in een vormingsfase van drie weken, die opgesplitst kan worden.".
1° in paragraaf 1, worden de woorden "van niveau A" ingevoegd tussen de woorden "Geen reserveofficier" en de woorden ", met uitzondering van";
2° in paragraaf 2, wordt de bepaling onder 2° vervangen als volgt:
"2° voorafgaand aan de vormingsfase hernomen in de bevorderingsprestaties ter voorbereiding van de beroepsproeven, het bewijs leveren van een voldoende werkbare kennis van het Engels, zoals bedoeld in artikel 58quater;";
3° paragraaf 2 wordt aangevuld met de bepaling onder 3°, luidende:
"3° de bevorderingsprestaties ter voorbereiding van de beroepsproeven volbracht hebben, die het bijwonen van een vormingscyclus omvatten, die bestaat uit het volgen van een informatiefase, het doorlopen van een zelfstudiefase van ten minste vier en maximum acht maanden en het slagen in een vormingsfase van drie weken, die opgesplitst kan worden.".
Art. 23. A l'article 58 du même arrêté, remplacé par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les modifications suivantes sont apportées:
1° dans le paragraphe 1er, les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "Nul officier de réserve" et les mots ", à l'exception de";
2° dans le paragraphe 2, le 2° est remplacé par ce qui suit:
"2° préalablement à la phase de formation reprise dans les prestations d'avancement en préparation aux épreuves professionnelles, fourni la preuve d'une connaissance pratique suffisante de l'anglais comme visé à l'article 58quater;";
3° le paragraphe 2 est complété par le 3° rédigé comme suit:
"3° effectué les prestations d'avancement en préparation aux épreuves professionnelles, qui comprennent un cycle de formation, qui consiste à suivre une phase d'information, à parcourir une phase d'étude personnelle de minimum quatre et maximum huit mois et à réussir une phase de formation de trois semaines, qui peut être scindée.".
1° dans le paragraphe 1er, les mots "du niveau A" sont insérés entre les mots "Nul officier de réserve" et les mots ", à l'exception de";
2° dans le paragraphe 2, le 2° est remplacé par ce qui suit:
"2° préalablement à la phase de formation reprise dans les prestations d'avancement en préparation aux épreuves professionnelles, fourni la preuve d'une connaissance pratique suffisante de l'anglais comme visé à l'article 58quater;";
3° le paragraphe 2 est complété par le 3° rédigé comme suit:
"3° effectué les prestations d'avancement en préparation aux épreuves professionnelles, qui comprennent un cycle de formation, qui consiste à suivre une phase d'information, à parcourir une phase d'étude personnelle de minimum quatre et maximum huit mois et à réussir une phase de formation de trois semaines, qui peut être scindée.".
Art. 24. In artikel 58bis, § 2, 3°, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de woorden "die bestaan" vervangen door de woorden "die het bijwonen van een vormingscyclus omvatten, die bestaat".
Art. 24. Dans l'article 58bis, § 2, 3°, du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les mots "qui consistent" sont remplacés par les mots "qui comprennent un cycle de formation, qui consiste".
Art. 25. In artikel 58quater van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 26 december 2013, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid, worden de woorden "door een organisme erkend door de directeur-generaal vorming georganiseerd wordt" vervangen door de woorden "wordt georganiseerd door een organisme erkend door de DGHR";
2° in het tweede lid, worden de woorden "artikelen 58bis" vervangen door de woorden "artikelen 58, 58bis";
3° het derde lid wordt opgeheven.
1° in het eerste lid, worden de woorden "door een organisme erkend door de directeur-generaal vorming georganiseerd wordt" vervangen door de woorden "wordt georganiseerd door een organisme erkend door de DGHR";
2° in het tweede lid, worden de woorden "artikelen 58bis" vervangen door de woorden "artikelen 58, 58bis";
3° het derde lid wordt opgeheven.
Art. 25. A l'article 58quater du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009 et modifié par l'arrêté royal du 26 décembre 2013, les modifications suivantes sont apportées:
1° dans l'alinéa 1er, les mots "un test organisé par un organisme reconnu par le directeur général de la formation" sont remplacés par les mots "un test organisé par un organisme reconnu par le DGHR";
2° dans l'alinéa 2, les mots "articles 58bis" sont remplacés par les mots "articles 58, 58bis";
3° l'alinéa 3 est abrogé.
1° dans l'alinéa 1er, les mots "un test organisé par un organisme reconnu par le directeur général de la formation" sont remplacés par les mots "un test organisé par un organisme reconnu par le DGHR";
2° dans l'alinéa 2, les mots "articles 58bis" sont remplacés par les mots "articles 58, 58bis";
3° l'alinéa 3 est abrogé.
Art. 26. Artikel 59 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
"Art. 59. De reserveonderofficieren van niveau C kunnen slechts tot de hogere graad worden bevorderd nadat de beroepsonderofficieren van niveau C van hun vakrichting die in de graad van sergeant dezelfde anciënniteit hebben als zij en die inzake bevordering een normale loopbaan hebben gehad, tot deze graad zijn bevorderd.
De reserveonderofficieren van niveau B kunnen slechts tot de hogere graad worden bevorderd nadat de beroepsonderofficieren van niveau B van hun vakrichting die in de graad van eerste sergeant-majoor dezelfde anciënniteit hebben als zij en die inzake bevordering een normale loopbaan hebben gehad, tot deze graad zijn bevorderd.".
"Art. 59. De reserveonderofficieren van niveau C kunnen slechts tot de hogere graad worden bevorderd nadat de beroepsonderofficieren van niveau C van hun vakrichting die in de graad van sergeant dezelfde anciënniteit hebben als zij en die inzake bevordering een normale loopbaan hebben gehad, tot deze graad zijn bevorderd.
De reserveonderofficieren van niveau B kunnen slechts tot de hogere graad worden bevorderd nadat de beroepsonderofficieren van niveau B van hun vakrichting die in de graad van eerste sergeant-majoor dezelfde anciënniteit hebben als zij en die inzake bevordering een normale loopbaan hebben gehad, tot deze graad zijn bevorderd.".
Art. 26. L'article 59 du même arrêté, est remplacé par ce qui suit:
"Art. 59. Les sous-officiers de réserve du niveau C ne peuvent être promus au grade supérieur qu'après la promotion à ce grade des sous-officiers de carrière du niveau C de leur filière de métiers de même ancienneté qu'eux dans le grade de sergent, et qui ont eu au point de vue de l'avancement une carrière normale.".
Les sous-officiers de réserve du niveau B ne peuvent être promus au grade supérieur qu'après la promotion à ce grade des sous-officiers de carrière du niveau B de leur filière de métiers de même ancienneté qu'eux dans le grade de premier sergent-major, et qui ont eu au point de vue de l'avancement une carrière normale.".
"Art. 59. Les sous-officiers de réserve du niveau C ne peuvent être promus au grade supérieur qu'après la promotion à ce grade des sous-officiers de carrière du niveau C de leur filière de métiers de même ancienneté qu'eux dans le grade de sergent, et qui ont eu au point de vue de l'avancement une carrière normale.".
Les sous-officiers de réserve du niveau B ne peuvent être promus au grade supérieur qu'après la promotion à ce grade des sous-officiers de carrière du niveau B de leur filière de métiers de même ancienneté qu'eux dans le grade de premier sergent-major, et qui ont eu au point de vue de l'avancement une carrière normale.".
Art. 27. Artikel 60 van hetzelfde besluit, gewijzigd door het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, wordt vervangen als volgt:
"Art. 60. § 1. Om binnen het reservekader tot eerste sergeant-majoor te kunnen worden bevorderd, moet de reserveonderofficier van niveau C slagen voor de beroepsproeven bedoeld in artikel 61, eerste lid, 2°, van de wet. Het programma van deze proeven en de nadere regels worden bepaald in een reglement.
Om binnen het reservekader tot adjudant te kunnen worden bevorderd, moet de reserveonderofficier van niveau B slagen voor de beroepsproeven bedoeld in artikel 61bis, eerste lid, van de wet. Het programma van deze proeven en de nadere regels worden bepaald in een reglement.
Om binnen het reservekader tot adjudant-chef te kunnen worden bevorderd, moet de reserveonderofficier van niveau C slagen voor de beroepsproeven bedoeld in artikel 62, eerste lid, van de wet. Het programma van deze proeven en de nadere regels worden bepaald in een reglement.
Om binnen het reservekader tot adjudant-chef te kunnen worden bevorderd, moet de reserveonderofficier van niveau B de bevorderingsprestaties ter voorbereiding van de beroepsproeven bedoeld in artikel 62, tweede lid, van de wet op regelmatige wijze volbracht hebben. Het programma van deze prestaties en de nadere regels worden bepaald in een reglement.
Om binnen het reservekader tot adjudant-majoor te kunnen worden bevorderd, moet de reserve-onderofficier van niveau B slagen voor de beroepsproeven bedoeld in artikel 62bis, eerste lid, van de wet. Het programma van deze proeven en de nadere regels worden bepaald in een reglement.
§ 2. De reserveonderofficier van niveau C gesproten uit het actief kader, die reeds geslaagd is voor het examen voor de overgang naar de graad van eerste sergeant-majoor in het beroepskader, is vrijgesteld van de voortgezette vorming en de proeven voor de overgang naar de graad van eerste sergeant-majoor van het reservekader.
De reserveonderofficier van niveau C, gesproten uit het actief kader, die reeds geslaagd is voor het kwalificatie-examen voor de graad van adjudant-chef in het beroepskader, is vrijgesteld van de voortgezette vorming en de proeven voor de overgang naar de graad van adjudant-chef van niveau C van het reservekader.
De reserveonderofficier van niveau B, gesproten uit het actief kader, die reeds geslaagd is in de voortgezette vorming voor de overgang naar de graad van adjudant-chef in het beroepskader, bedoeld in artikel 112, tweede lid, 1°, van de wet van 28 februari 2007 is vrijgesteld van de voortgezette vorming voor de overgang naar de graad van adjudant-chef van niveau B van het reservekader.
De reserveonderofficier van niveau B, gesproten uit het actief kader, die reeds geslaagd is in het kwalificatie-examen voor de graad van adjudant-chef in het beroepskader, bedoeld in artikel 139/2, derde lid, 2°, van de wet van 28 februari 2007 is vrijgesteld van de beroepsproeven bedoeld in artikel 64bis, § 1, tweede lid, 2°.
§ 3. De reserveonderofficier van niveau C gesproten uit het actief kader die in dit kader een definitieve mislukking heeft ondergaan in het examen voor de overgang naar de graad van eerste sergeant-majoor of het kwalificatie-examen voor de graad van adjudant-chef of die definitief verzaakt heeft aan deelname aan de voortgezette vorming, is niet meer gemachtigd om zich aan te bieden voor de voortgezette vorming voor de overgang naar deze graden in het reservekader.
De reserveonderofficier van niveau B gesproten uit het actief kader die in dit kader een definitieve mislukking heeft ondergaan voor de vervolmakingscursus in het kader van de voortgezette vorming voor de overgang naar de graad van adjudant-chef bedoeld in artikel 112, tweede lid, 1°, van de wet van 28 februari 2007 of die definitief verzaakt heeft aan deelname aan deze voortgezette vorming, is niet meer gemachtigd om zich aan te bieden voor de voortgezette vorming voor de overgang naar deze graad in het reservekader.
De reserveonderofficier van niveau B gesproten uit het actief kader die in dit kader een definitieve mislukking heeft ondergaan voor het kwalificatie-examen voor de graad van adjudant-chef bedoeld in artikel 139/2, derde lid, 2°, van de wet van 28 februari 2007 of die definitief verzaakt heeft aan deelname aan dit examen, is niet meer gemachtigd om zich aan te bieden voor de beroepsproeven bedoeld in artikel 64bis, § 1, tweede lid, 2°. "
"Art. 60. § 1. Om binnen het reservekader tot eerste sergeant-majoor te kunnen worden bevorderd, moet de reserveonderofficier van niveau C slagen voor de beroepsproeven bedoeld in artikel 61, eerste lid, 2°, van de wet. Het programma van deze proeven en de nadere regels worden bepaald in een reglement.
Om binnen het reservekader tot adjudant te kunnen worden bevorderd, moet de reserveonderofficier van niveau B slagen voor de beroepsproeven bedoeld in artikel 61bis, eerste lid, van de wet. Het programma van deze proeven en de nadere regels worden bepaald in een reglement.
Om binnen het reservekader tot adjudant-chef te kunnen worden bevorderd, moet de reserveonderofficier van niveau C slagen voor de beroepsproeven bedoeld in artikel 62, eerste lid, van de wet. Het programma van deze proeven en de nadere regels worden bepaald in een reglement.
Om binnen het reservekader tot adjudant-chef te kunnen worden bevorderd, moet de reserveonderofficier van niveau B de bevorderingsprestaties ter voorbereiding van de beroepsproeven bedoeld in artikel 62, tweede lid, van de wet op regelmatige wijze volbracht hebben. Het programma van deze prestaties en de nadere regels worden bepaald in een reglement.
Om binnen het reservekader tot adjudant-majoor te kunnen worden bevorderd, moet de reserve-onderofficier van niveau B slagen voor de beroepsproeven bedoeld in artikel 62bis, eerste lid, van de wet. Het programma van deze proeven en de nadere regels worden bepaald in een reglement.
§ 2. De reserveonderofficier van niveau C gesproten uit het actief kader, die reeds geslaagd is voor het examen voor de overgang naar de graad van eerste sergeant-majoor in het beroepskader, is vrijgesteld van de voortgezette vorming en de proeven voor de overgang naar de graad van eerste sergeant-majoor van het reservekader.
De reserveonderofficier van niveau C, gesproten uit het actief kader, die reeds geslaagd is voor het kwalificatie-examen voor de graad van adjudant-chef in het beroepskader, is vrijgesteld van de voortgezette vorming en de proeven voor de overgang naar de graad van adjudant-chef van niveau C van het reservekader.
De reserveonderofficier van niveau B, gesproten uit het actief kader, die reeds geslaagd is in de voortgezette vorming voor de overgang naar de graad van adjudant-chef in het beroepskader, bedoeld in artikel 112, tweede lid, 1°, van de wet van 28 februari 2007 is vrijgesteld van de voortgezette vorming voor de overgang naar de graad van adjudant-chef van niveau B van het reservekader.
De reserveonderofficier van niveau B, gesproten uit het actief kader, die reeds geslaagd is in het kwalificatie-examen voor de graad van adjudant-chef in het beroepskader, bedoeld in artikel 139/2, derde lid, 2°, van de wet van 28 februari 2007 is vrijgesteld van de beroepsproeven bedoeld in artikel 64bis, § 1, tweede lid, 2°.
§ 3. De reserveonderofficier van niveau C gesproten uit het actief kader die in dit kader een definitieve mislukking heeft ondergaan in het examen voor de overgang naar de graad van eerste sergeant-majoor of het kwalificatie-examen voor de graad van adjudant-chef of die definitief verzaakt heeft aan deelname aan de voortgezette vorming, is niet meer gemachtigd om zich aan te bieden voor de voortgezette vorming voor de overgang naar deze graden in het reservekader.
De reserveonderofficier van niveau B gesproten uit het actief kader die in dit kader een definitieve mislukking heeft ondergaan voor de vervolmakingscursus in het kader van de voortgezette vorming voor de overgang naar de graad van adjudant-chef bedoeld in artikel 112, tweede lid, 1°, van de wet van 28 februari 2007 of die definitief verzaakt heeft aan deelname aan deze voortgezette vorming, is niet meer gemachtigd om zich aan te bieden voor de voortgezette vorming voor de overgang naar deze graad in het reservekader.
De reserveonderofficier van niveau B gesproten uit het actief kader die in dit kader een definitieve mislukking heeft ondergaan voor het kwalificatie-examen voor de graad van adjudant-chef bedoeld in artikel 139/2, derde lid, 2°, van de wet van 28 februari 2007 of die definitief verzaakt heeft aan deelname aan dit examen, is niet meer gemachtigd om zich aan te bieden voor de beroepsproeven bedoeld in artikel 64bis, § 1, tweede lid, 2°. "
Art. 27. L'article 60 du même arrêté, modifié par l'arrête royal du 16 octobre 2009, est remplacé par ce qui suit:
"Art. 60. § 1. Pour être nommé au grade de premier sergent-major dans le cadre de réserve, le sous-officier de réserve du niveau C doit réussir les épreuves professionnelles visées à l'article 61, alinéa 1er, 2°, de la loi. Le programme de ces épreuves et les modalités sont fixés dans un règlement.
Pour être nommé au grade d'adjudant dans le cadre de réserve, le sous-officier de réserve du niveau B doit réussir les épreuves professionnelles visées à l'article 61bis, alinéa 1er, de la loi. Le programme de ces épreuves et les modalités sont fixés dans un règlement.
Pour être nommé au grade d'adjudant-chef dans le cadre de réserve, le sous-officier de réserve du niveau C doit réussir les épreuves professionnelles visées à l'article 62, alinéa 1er, de la loi. Le programme de ces épreuves et les modalités sont fixés dans un règlement.
Pour être nommé au grade d'adjudant-chef dans le cadre de réserve, le sous-officier de réserve du niveau B doit avoir régulièrement suivi les prestations d'avancement en préparation des épreuves professionnelles visées à l'article 62, alinéa 2, de la loi. Le programme de ces prestations et les modalités sont fixés dans un règlement.
Pour être nommé au grade d'adjudant-major dans le cadre de réserve, le sous-officier de réserve du niveau B doit réussir les épreuves professionnelles visées à l'article 62bis, alinéa 1er, de la loi. Le programme de ces épreuves et les modalités sont fixés dans un règlement.
§ 2. Le sous-officier de réserve du niveau C issu du cadre actif, qui a déjà réussi l'examen pour l'accession au grade de premier sergent-major dans le cadre de carrière, est dispensé de la formation continuée et des épreuves pour l'accession au grade de premier sergent-major du cadre de réserve.
Le sous-officier de réserve du niveau C issu du cadre actif, qui a déjà réussi l'examen de qualification au grade d'adjudant-chef dans le cadre de carrière, est dispensé de la formation continuée et des épreuves pour l'accession au grade d'adjudant-chef du niveau C du cadre de réserve.
Le sous-officier de réserve du niveau B issu du cadre actif, qui a déjà réussi la formation continuée pour l'accession au grade d'adjudant-chef dans le cadre de carrière, visée à l'article 112, alinéa 2, 1°, de la loi du 28 février 2007, est dispensé de la formation continuée pour l'accession au grade d'adjudant-chef du niveau B du cadre de réserve.
Le sous-officier de réserve du niveau B issu du cadre actif, qui a déjà réussi l'examen de qualification au grade d'adjudant-chef dans le cadre de carrière, visé à l'article 139/2, alinéa 3, 2°, de la loi du 28 février 2007, est dispensé des épreuves professionnelles visées à l'article 64bis, § 1, alinéa 2, 2°.
§ 3. Le sous-officier de réserve du niveau C issu du cadre actif qui, dans ce cadre, a encouru un échec définitif aux épreuves pour l'accession au grade de premier sergent-major ou à l'examen de qualification au grade d'adjudant-chef ou qui a renoncé définitivement à présenter la formation continuée, n'est plus autorisé à se présenter à la formation continuée pour l'accession à ces grades dans le cadre de réserve.
Le sous-officier de réserve du niveau B issu du cadre actif qui, dans ce cadre, a encouru un échec définitif au cours de perfectionnement dans le cadre de la formation continuée pour l'accession au grade d'adjudant-chef visée à l'article 112, alinéa 2, 1°, de la loi du 28 février 2007, ou qui a renoncé définitivement à présenter la formation continuée, n'est plus autorisé à se présenter à la formation continuée pour l'accession à ce grade dans le cadre de réserve.
Le sous-officier de réserve du niveau B issu du cadre actif qui, dans ce cadre, a encouru un échec définitif à l'examen de qualification au grade d'adjudant-chef visé à l'article 139/2, alinéa 3, 2°, de la loi du 28 février 2007, ou qui a renoncé définitivement à présenter l'examen, n'est plus autorisé à se présenter aux épreuves professionnelles visées à l'article 64bis, § 1, alinéa 2, 2°. "
"Art. 60. § 1. Pour être nommé au grade de premier sergent-major dans le cadre de réserve, le sous-officier de réserve du niveau C doit réussir les épreuves professionnelles visées à l'article 61, alinéa 1er, 2°, de la loi. Le programme de ces épreuves et les modalités sont fixés dans un règlement.
Pour être nommé au grade d'adjudant dans le cadre de réserve, le sous-officier de réserve du niveau B doit réussir les épreuves professionnelles visées à l'article 61bis, alinéa 1er, de la loi. Le programme de ces épreuves et les modalités sont fixés dans un règlement.
Pour être nommé au grade d'adjudant-chef dans le cadre de réserve, le sous-officier de réserve du niveau C doit réussir les épreuves professionnelles visées à l'article 62, alinéa 1er, de la loi. Le programme de ces épreuves et les modalités sont fixés dans un règlement.
Pour être nommé au grade d'adjudant-chef dans le cadre de réserve, le sous-officier de réserve du niveau B doit avoir régulièrement suivi les prestations d'avancement en préparation des épreuves professionnelles visées à l'article 62, alinéa 2, de la loi. Le programme de ces prestations et les modalités sont fixés dans un règlement.
Pour être nommé au grade d'adjudant-major dans le cadre de réserve, le sous-officier de réserve du niveau B doit réussir les épreuves professionnelles visées à l'article 62bis, alinéa 1er, de la loi. Le programme de ces épreuves et les modalités sont fixés dans un règlement.
§ 2. Le sous-officier de réserve du niveau C issu du cadre actif, qui a déjà réussi l'examen pour l'accession au grade de premier sergent-major dans le cadre de carrière, est dispensé de la formation continuée et des épreuves pour l'accession au grade de premier sergent-major du cadre de réserve.
Le sous-officier de réserve du niveau C issu du cadre actif, qui a déjà réussi l'examen de qualification au grade d'adjudant-chef dans le cadre de carrière, est dispensé de la formation continuée et des épreuves pour l'accession au grade d'adjudant-chef du niveau C du cadre de réserve.
Le sous-officier de réserve du niveau B issu du cadre actif, qui a déjà réussi la formation continuée pour l'accession au grade d'adjudant-chef dans le cadre de carrière, visée à l'article 112, alinéa 2, 1°, de la loi du 28 février 2007, est dispensé de la formation continuée pour l'accession au grade d'adjudant-chef du niveau B du cadre de réserve.
Le sous-officier de réserve du niveau B issu du cadre actif, qui a déjà réussi l'examen de qualification au grade d'adjudant-chef dans le cadre de carrière, visé à l'article 139/2, alinéa 3, 2°, de la loi du 28 février 2007, est dispensé des épreuves professionnelles visées à l'article 64bis, § 1, alinéa 2, 2°.
§ 3. Le sous-officier de réserve du niveau C issu du cadre actif qui, dans ce cadre, a encouru un échec définitif aux épreuves pour l'accession au grade de premier sergent-major ou à l'examen de qualification au grade d'adjudant-chef ou qui a renoncé définitivement à présenter la formation continuée, n'est plus autorisé à se présenter à la formation continuée pour l'accession à ces grades dans le cadre de réserve.
Le sous-officier de réserve du niveau B issu du cadre actif qui, dans ce cadre, a encouru un échec définitif au cours de perfectionnement dans le cadre de la formation continuée pour l'accession au grade d'adjudant-chef visée à l'article 112, alinéa 2, 1°, de la loi du 28 février 2007, ou qui a renoncé définitivement à présenter la formation continuée, n'est plus autorisé à se présenter à la formation continuée pour l'accession à ce grade dans le cadre de réserve.
Le sous-officier de réserve du niveau B issu du cadre actif qui, dans ce cadre, a encouru un échec définitif à l'examen de qualification au grade d'adjudant-chef visé à l'article 139/2, alinéa 3, 2°, de la loi du 28 février 2007, ou qui a renoncé définitivement à présenter l'examen, n'est plus autorisé à se présenter aux épreuves professionnelles visées à l'article 64bis, § 1, alinéa 2, 2°. "
Art. 28. Artikel 61, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
"De reserveonderofficier van niveau B of van niveau C die twee jaar na de normale datum waarop hij tot de hogere graad had kunnen worden bevorderd, naargelang het geval, de bevorderingsprestaties niet heeft verricht of de bevorderingsprestaties niet op regelmatige wijze heeft volbracht of niet geslaagd is voor de beroepsproeven welke voor de graad zijn vereist, wordt geacht voorgoed van bevordering te hebben afgezien.".
"De reserveonderofficier van niveau B of van niveau C die twee jaar na de normale datum waarop hij tot de hogere graad had kunnen worden bevorderd, naargelang het geval, de bevorderingsprestaties niet heeft verricht of de bevorderingsprestaties niet op regelmatige wijze heeft volbracht of niet geslaagd is voor de beroepsproeven welke voor de graad zijn vereist, wordt geacht voorgoed van bevordering te hebben afgezien.".
Art. 28. L'article 61, alinéa 1er, du même arrêté, est remplacé par ce qui suit:
"Le sous-officier de réserve du niveau B ou du niveau C qui, deux ans après la date normale à laquelle il aurait pu être promu au grade supérieur, selon le cas, n'a pas effectué les prestations d'avancement ou n'a pas régulièrement suivi les prestations d'avancement ou n'a pas réussi les épreuves exigées pour ce grade est considéré comme ayant renoncé définitivement à l'avancement.".
"Le sous-officier de réserve du niveau B ou du niveau C qui, deux ans après la date normale à laquelle il aurait pu être promu au grade supérieur, selon le cas, n'a pas effectué les prestations d'avancement ou n'a pas régulièrement suivi les prestations d'avancement ou n'a pas réussi les épreuves exigées pour ce grade est considéré comme ayant renoncé définitivement à l'avancement.".
Art. 29. In artikel 62 van hetzelfde besluit worden de woorden "uit het kader der beroepsonderofficieren komt en die van bevordering heeft afgezien" vervangen door de woorden "uit het actief kader komt en die definitief verzaakt heeft aan bevordering".
Art. 29. Dans l'article 62 du même arrêté, les mots "issu du cadre des sous-officiers de carrière et qui a renoncé à l'avancement" sont remplacés par les mots "issu du cadre actif et définitivement renoncé à l'avancement".
Art. 30. In artikel 63 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de woorden "van niveau C" ingevoegd tussen de woorden "de reserveonderofficier" en de woorden "vijf jaar anciënniteit".
Art. 30. Dans l'article 63 du même arrêté, modifié par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les mots "du niveau C" sont insérés entre les mots "le sous-officier de réserve" et les mots "doit avoir cinq ans d'ancienneté".
Art. 31. In artikel 63bis van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in de paragrafen 1 en 2 worden de woorden "moet de reserveonderofficier" vervangen door de woorden "moet de reserveonderofficier van niveau C";
2° in paragraaf 2, 2°, worden de woorden "die bestaan uit het bijwonen van" vervangen door de woorden "die bestaan uit het bijwonen van een vormingscyclus, die wordt gevormd door".
1° in de paragrafen 1 en 2 worden de woorden "moet de reserveonderofficier" vervangen door de woorden "moet de reserveonderofficier van niveau C";
2° in paragraaf 2, 2°, worden de woorden "die bestaan uit het bijwonen van" vervangen door de woorden "die bestaan uit het bijwonen van een vormingscyclus, die wordt gevormd door".
Art. 31. A l'article 63bis du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les modifications suivantes sont apportées:
1° dans les paragraphes 1er et 2, les mots "le sous-officier de réserve doit" sont chaque fois remplacés par les mots "le sous-officier de réserve du niveau C doit";
2° dans le paragraphe 2, 2°, les mots "qui consistent" sont remplacés par les mots "qui comprennent un cycle de formation, qui consiste".
1° dans les paragraphes 1er et 2, les mots "le sous-officier de réserve doit" sont chaque fois remplacés par les mots "le sous-officier de réserve du niveau C doit";
2° dans le paragraphe 2, 2°, les mots "qui consistent" sont remplacés par les mots "qui comprennent un cycle de formation, qui consiste".
Art. 32. Artikel 63quater van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, wordt vervangen als volgt:
"Art. 63quater. § 1. Om benoemd te worden tot de graad van adjudant, moet de reserveonderofficier van niveau C zeven jaar anciënniteit bezitten in de graad van eerste sergeant-majoor.
Om benoemd te worden tot de graad van adjudant, moet de reserveonderofficier van niveau B:
1° zeven jaar anciënniteit bezitten in de graad van eerste sergeant-majoor;
2° slagen in de in artikel 61bis van de wet bedoelde beroepsproeven.
§ 2. Om deel te nemen aan de beroepsproeven moet de reserveonderofficier van niveau B:
1° geslaagd zijn in de ingangstest voorafgaandelijk aan de bevorderingsprestaties ter voorbereiding van de beroepsproeven;
2° de bevorderingsprestaties ter voorbereiding van de beroepsproeven volbracht hebben, die bestaan uit het bijwonen van een vormingscyclus, die wordt gevormd door een theoretische vorming van vier al dan niet opeenvolgende weken, voorafgegaan door een informatiedag.
De eerste sergeant-majoor van niveau B gesproten uit het actief kader die definitief mislukt is voor de beroepsproeven in het reservekader, komt niet langer in aanmerking voor bevordering in het reservekader.".
"Art. 63quater. § 1. Om benoemd te worden tot de graad van adjudant, moet de reserveonderofficier van niveau C zeven jaar anciënniteit bezitten in de graad van eerste sergeant-majoor.
Om benoemd te worden tot de graad van adjudant, moet de reserveonderofficier van niveau B:
1° zeven jaar anciënniteit bezitten in de graad van eerste sergeant-majoor;
2° slagen in de in artikel 61bis van de wet bedoelde beroepsproeven.
§ 2. Om deel te nemen aan de beroepsproeven moet de reserveonderofficier van niveau B:
1° geslaagd zijn in de ingangstest voorafgaandelijk aan de bevorderingsprestaties ter voorbereiding van de beroepsproeven;
2° de bevorderingsprestaties ter voorbereiding van de beroepsproeven volbracht hebben, die bestaan uit het bijwonen van een vormingscyclus, die wordt gevormd door een theoretische vorming van vier al dan niet opeenvolgende weken, voorafgegaan door een informatiedag.
De eerste sergeant-majoor van niveau B gesproten uit het actief kader die definitief mislukt is voor de beroepsproeven in het reservekader, komt niet langer in aanmerking voor bevordering in het reservekader.".
Art. 32. L'article 63quater du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, est remplacé par ce qui suit:
"Art. 63quater. § 1er. Pour être nommé au grade d'adjudant, le sous-officier de réserve du niveau C doit avoir sept ans d'ancienneté dans le grade de premier sergent-major.
Pour être nommé au grade d'adjudant, le sous-officier de réserve du niveau B doit avoir:
1° sept ans d'ancienneté dans le grade de premier sergent-major;
2° réussi les épreuves professionnelles visées à l'article 61bis de la loi.
§ 2. Pour participer aux épreuves professionnelles le sous-officier de réserve du niveau B doit avoir:
1° réussi le test d'entrée préalable aux prestations d'avancement en préparation aux épreuves professionnelles;
2° effectué les prestations d'avancement en préparation aux épreuves professionnelles, qui comprennent un cycle de formation, qui consiste à suivre une phase de formation théorique de quatre semaines successives ou non, précédée d'une journée d'information.
Le premier sergent-major du niveau B issu du cadre actif, qui a définitivement échoué aux épreuves professionnelles dans le cadre de réserve, ne participe plus à l'avancement dans le cadre de réserve.".
"Art. 63quater. § 1er. Pour être nommé au grade d'adjudant, le sous-officier de réserve du niveau C doit avoir sept ans d'ancienneté dans le grade de premier sergent-major.
Pour être nommé au grade d'adjudant, le sous-officier de réserve du niveau B doit avoir:
1° sept ans d'ancienneté dans le grade de premier sergent-major;
2° réussi les épreuves professionnelles visées à l'article 61bis de la loi.
§ 2. Pour participer aux épreuves professionnelles le sous-officier de réserve du niveau B doit avoir:
1° réussi le test d'entrée préalable aux prestations d'avancement en préparation aux épreuves professionnelles;
2° effectué les prestations d'avancement en préparation aux épreuves professionnelles, qui comprennent un cycle de formation, qui consiste à suivre une phase de formation théorique de quatre semaines successives ou non, précédée d'une journée d'information.
Le premier sergent-major du niveau B issu du cadre actif, qui a définitivement échoué aux épreuves professionnelles dans le cadre de réserve, ne participe plus à l'avancement dans le cadre de réserve.".
Art. 33. Artikel 64 van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, wordt vervangen als volgt:
"Art. 64. § 1. Om in aanmerking te kunnen komen voor de benoeming tot de graad van adjudant-chef moet de reserveonderofficier:
1° zeven jaar anciënniteit in de graad van adjudant bezitten;
2° van niveau C, slagen in de beroepsproeven bedoeld in artikel 62, eerste lid van de wet;
3° van niveau B, de bevorderingsprestaties bedoeld in artikel 62, tweede lid van de wet op regelmatige wijze volbracht hebben.
§ 2. Om deel te nemen aan de beroepsproeven moet de reserveonderofficier van niveau C:
1° geslaagd zijn in de ingangstest voorafgaandelijk aan de bevorderingsprestaties ter voorbereiding van de beroepsproeven;
2° de bevorderingsprestaties ter voorbereiding van de beroepsproeven, volbracht hebben, die bestaan uit het bijwonen van een vormingscyclus, die wordt gevormd door een theoretische vorming van vier al dan niet opeenvolgende weken, voorafgegaan door een informatiedag.
§ 3. Om deel te nemen aan de bevorderingsprestaties bedoeld in paragraaf 1, 3°, moet de reserveonderofficier van niveau B geslaagd zijn in de ingangstest voorafgaandelijk aan de bevorderingsprestaties bedoeld in paragraaf 2, 1°. ".
"Art. 64. § 1. Om in aanmerking te kunnen komen voor de benoeming tot de graad van adjudant-chef moet de reserveonderofficier:
1° zeven jaar anciënniteit in de graad van adjudant bezitten;
2° van niveau C, slagen in de beroepsproeven bedoeld in artikel 62, eerste lid van de wet;
3° van niveau B, de bevorderingsprestaties bedoeld in artikel 62, tweede lid van de wet op regelmatige wijze volbracht hebben.
§ 2. Om deel te nemen aan de beroepsproeven moet de reserveonderofficier van niveau C:
1° geslaagd zijn in de ingangstest voorafgaandelijk aan de bevorderingsprestaties ter voorbereiding van de beroepsproeven;
2° de bevorderingsprestaties ter voorbereiding van de beroepsproeven, volbracht hebben, die bestaan uit het bijwonen van een vormingscyclus, die wordt gevormd door een theoretische vorming van vier al dan niet opeenvolgende weken, voorafgegaan door een informatiedag.
§ 3. Om deel te nemen aan de bevorderingsprestaties bedoeld in paragraaf 1, 3°, moet de reserveonderofficier van niveau B geslaagd zijn in de ingangstest voorafgaandelijk aan de bevorderingsprestaties bedoeld in paragraaf 2, 1°. ".
Art. 33. L'article 64 du même arrêté, remplacé par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, est remplacé par ce qui suit:
"Art. 64. § 1er. Pour être nommé au grade d'adjudant-chef, le sous-officier de réserve:
1° doit avoir sept ans d'ancienneté dans le grade d'adjudant;
2° du niveau C, doit avoir réussi les épreuves professionnelles visées à l'article 62, alinéa 1er, de la loi;
3° du niveau B, doit avoir régulièrement suivi les prestations d'avancement visées à l'article 62, alinéa 2, de la loi.
§ 2. Pour participer aux épreuves professionnelles le sous-officier de réserve du niveau C doit avoir:
1° réussi le test d'entrée préalable aux prestations d'avancement en préparation aux épreuves professionnelles;
2° effectué les prestations d'avancement en préparation aux épreuves professionnelles, qui comprennent un cycle de formation, qui consiste à suivre une phase de formation théorique de quatre semaines successives ou non, précédée d'une journée d'information.
§ 3. Pour participer aux épreuves professionnelles visées au paragraphe 1er, 3°, le sous-officier de réserve du niveau B doit avoir réussi le test d'entrée préalable aux prestations d'avancement visé au paragraphe 2, 1°. ".
"Art. 64. § 1er. Pour être nommé au grade d'adjudant-chef, le sous-officier de réserve:
1° doit avoir sept ans d'ancienneté dans le grade d'adjudant;
2° du niveau C, doit avoir réussi les épreuves professionnelles visées à l'article 62, alinéa 1er, de la loi;
3° du niveau B, doit avoir régulièrement suivi les prestations d'avancement visées à l'article 62, alinéa 2, de la loi.
§ 2. Pour participer aux épreuves professionnelles le sous-officier de réserve du niveau C doit avoir:
1° réussi le test d'entrée préalable aux prestations d'avancement en préparation aux épreuves professionnelles;
2° effectué les prestations d'avancement en préparation aux épreuves professionnelles, qui comprennent un cycle de formation, qui consiste à suivre une phase de formation théorique de quatre semaines successives ou non, précédée d'une journée d'information.
§ 3. Pour participer aux épreuves professionnelles visées au paragraphe 1er, 3°, le sous-officier de réserve du niveau B doit avoir réussi le test d'entrée préalable aux prestations d'avancement visé au paragraphe 2, 1°. ".
Art. 34. Artikel 64bis van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, wordt vervangen als volgt:
"Art. 64bis. § 1. Om in aanmerking te kunnen komen voor de benoeming tot de graad van adjudant-majoor moet de reserveonderofficier van niveau C vijf jaar anciënniteit in de graad van adjudant-chef bezitten.
Om in aanmerking te kunnen komen voor de benoeming tot de graad van adjudant-majoor, moet de reserveonderofficier van niveau B:
1° vijf jaar anciënniteit bezitten in de graad van adjudant-chef;
2° slagen in de in artikel 62bis, eerste lid, van de wet bedoelde beroepsproeven.
§ 2. Om deel te nemen aan de beroepsproeven moet de reserveonderofficier van niveau B de bevorderingsprestaties bedoeld in artikel 64, § 2, 2°, op regelmatige wijze volbracht hebben.".
"Art. 64bis. § 1. Om in aanmerking te kunnen komen voor de benoeming tot de graad van adjudant-majoor moet de reserveonderofficier van niveau C vijf jaar anciënniteit in de graad van adjudant-chef bezitten.
Om in aanmerking te kunnen komen voor de benoeming tot de graad van adjudant-majoor, moet de reserveonderofficier van niveau B:
1° vijf jaar anciënniteit bezitten in de graad van adjudant-chef;
2° slagen in de in artikel 62bis, eerste lid, van de wet bedoelde beroepsproeven.
§ 2. Om deel te nemen aan de beroepsproeven moet de reserveonderofficier van niveau B de bevorderingsprestaties bedoeld in artikel 64, § 2, 2°, op regelmatige wijze volbracht hebben.".
Art. 34. L'article 64bis du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, est remplacé par ce qui suit:
"Art. 64bis. § 1er. Pour pouvoir être pris en considération pour la nomination au grade d'adjudant-major, le sous-officier de réserve du niveau C doit avoir cinq ans d'ancienneté dans le grade d'adjudant-chef.
Pour pouvoir être pris en considération pour la nomination au grade d'adjudant-major, le sous-officier de réserve du niveau B doit avoir:
1° cinq ans d'ancienneté dans le grade d'adjudant-chef;
2° réussi les épreuves professionnelles visées à l'article 62bis, alinéa 1er, de la loi.
§ 2. Pour participer aux épreuves professionnelles, le sous-officier de réserve du niveau B doit avoir régulièrement suivi les prestations d'avancement visées à l'article 64, § 2, 2°. ".
"Art. 64bis. § 1er. Pour pouvoir être pris en considération pour la nomination au grade d'adjudant-major, le sous-officier de réserve du niveau C doit avoir cinq ans d'ancienneté dans le grade d'adjudant-chef.
Pour pouvoir être pris en considération pour la nomination au grade d'adjudant-major, le sous-officier de réserve du niveau B doit avoir:
1° cinq ans d'ancienneté dans le grade d'adjudant-chef;
2° réussi les épreuves professionnelles visées à l'article 62bis, alinéa 1er, de la loi.
§ 2. Pour participer aux épreuves professionnelles, le sous-officier de réserve du niveau B doit avoir régulièrement suivi les prestations d'avancement visées à l'article 64, § 2, 2°. ".
Art. 35. Artikel 66quater van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, wordt opgeheven.
Art. 35. L'article 66quater du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, est abrogé.
Art. 36. In artikel 66sexies, eerste lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de woorden "64, § 2, 1°, en 66bis, § 2, 1°, " vervangen door de woorden "63quater, § 2, eerste lid, 1°, en 64, § 2, 1°, en § 3,".
Art. 36. Dans l'article 66sexies, alinéa 1er, du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les mots "64, § 2, 1°, et 66bis, § 2, 1°, " sont remplacés par les mots "63quater, § 2, alinéa 1er, 1°, et 64, § 2, 1°, et § 3,".
Art. 37. Artikel 66septies van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, wordt vervangen als volgt:
"Art. 66septies. Indien nodig, stelt de commandant van het vormingsorganisme waar de reservemilitair zijn vorming volgt, een deliberatie-commissie samen, die verantwoordelijk is voor de evaluatie van de reservemilitair na de vormingscyclus, bedoeld in de artikelen 57bis, § 2, 2°, 58, § 2, 3°, 58bis, § 2, 3°, 63bis, § 2, 2°, 63quater, § 2, eerste lid, 2°, en 64, § 2, 2°.
De nadere regels betreffende de vormingscycli van de voortgezette vorming worden nader bepaald in een reglement.
De leden van de deliberatiecommissie moeten de grondige kennis bezitten van de taal waarin de reservemilitair de vorming volgt.
De voorzitter van de deliberatiecommissie moet bekleed zijn met een hogere graad, of moet meer anciënniteit in dezelfde graad hebben, dan deze van de beoordeelde reservemilitair.
De reservemilitair die de toestemming bekomt om de beroepsproeven opnieuw af te leggen, kan deze afleggen na de betekening van de beslissing van de deliberatiecommissie, tijdens een volgende examensessie, op de datum bepaald door de voorzitter van de betrokken examencommissie, overeenkomstig de bepalingen van toepassing op de militairen van het actief kader, zonder dat hem vooraf nog bijkomende cursussen worden gegeven. De vormingscyclus mag niet opnieuw worden gevolgd.
De reservemilitair die opnieuw niet slaagt voor de beroepsproeven of ze niet aflegt binnen de opgelegde termijn, wordt als definitief mislukt beschouwd. Voor dit herexamen kan geen uitstel worden verleend.
Indien de reservemilitair meerdere dagen afwezig is tijdens de vorming, en de vorming bijgevolg niet op regelmatige wijze volgt, kan de commandant van het vormingsorganisme waar de reservemilitair zijn voortgezette vorming volgt, een gemotiveerd voorstel overmaken aan de DGHR, om een beslissing te nemen, waarbij de betrokken reservemilitair al dan niet de vorming stopt, uitzonderlijk de vorming, geheel of gedeeltelijk, opnieuw mag aanvatten of verderzetten bij de eerstvolgende sessie.".
"Art. 66septies. Indien nodig, stelt de commandant van het vormingsorganisme waar de reservemilitair zijn vorming volgt, een deliberatie-commissie samen, die verantwoordelijk is voor de evaluatie van de reservemilitair na de vormingscyclus, bedoeld in de artikelen 57bis, § 2, 2°, 58, § 2, 3°, 58bis, § 2, 3°, 63bis, § 2, 2°, 63quater, § 2, eerste lid, 2°, en 64, § 2, 2°.
De nadere regels betreffende de vormingscycli van de voortgezette vorming worden nader bepaald in een reglement.
De leden van de deliberatiecommissie moeten de grondige kennis bezitten van de taal waarin de reservemilitair de vorming volgt.
De voorzitter van de deliberatiecommissie moet bekleed zijn met een hogere graad, of moet meer anciënniteit in dezelfde graad hebben, dan deze van de beoordeelde reservemilitair.
De reservemilitair die de toestemming bekomt om de beroepsproeven opnieuw af te leggen, kan deze afleggen na de betekening van de beslissing van de deliberatiecommissie, tijdens een volgende examensessie, op de datum bepaald door de voorzitter van de betrokken examencommissie, overeenkomstig de bepalingen van toepassing op de militairen van het actief kader, zonder dat hem vooraf nog bijkomende cursussen worden gegeven. De vormingscyclus mag niet opnieuw worden gevolgd.
De reservemilitair die opnieuw niet slaagt voor de beroepsproeven of ze niet aflegt binnen de opgelegde termijn, wordt als definitief mislukt beschouwd. Voor dit herexamen kan geen uitstel worden verleend.
Indien de reservemilitair meerdere dagen afwezig is tijdens de vorming, en de vorming bijgevolg niet op regelmatige wijze volgt, kan de commandant van het vormingsorganisme waar de reservemilitair zijn voortgezette vorming volgt, een gemotiveerd voorstel overmaken aan de DGHR, om een beslissing te nemen, waarbij de betrokken reservemilitair al dan niet de vorming stopt, uitzonderlijk de vorming, geheel of gedeeltelijk, opnieuw mag aanvatten of verderzetten bij de eerstvolgende sessie.".
Art. 37. L'article 66septies du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, est remplacé par ce qui suit:
"Art. 66septies. Si nécessaire, le commandant de l'organisme de formation où le militaire de réserve suit sa formation, instaure une commission de délibération, qui est responsable de l'évaluation du militaire de réserve après le cycle de formation visée aux articles 57bis, § 2, 2°, 58, § 2, 3°, 58bis, § 2, 3°, 63bis, § 2, 2°, 63quater, § 2, alinéa 1er, 2°, et 64, § 2, 2°.
Les modalités relatives au cycle de formation de la formation continuée sont fixées dans un règlement.
Les membres de la commission de délibération doivent posséder la connaissance approfondie de la langue dans laquelle le militaire de réserve suit la formation.
Le président de la commission de délibération doit être revêtu d'un grade plus élevé, ou avoir plus d'ancienneté dans le même grade que celui du militaire de réserve évalué.
Le militaire de réserve qui a obtenu la permission de représenter les épreuves professionnelles, peut les représenter lors d'une session d'examen organisée ultérieurement après la notification de la décision de la commission de délibération, à la date fixée par le président du jury concerné, conformément aux dispositions applicables aux militaires du cadre actif, sans qu'il lui soit encore donné des cours complémentaires. Le cycle de formation ne peut pas être suivi à nouveau.
Le militaire de réserve qui échoue à nouveau aux épreuves professionnelles, ou qui ne les présente pas dans le délai imposé, est considéré comme ayant définitivement échoué.
Si le militaire de réserve est absent pour plusieurs jours pendant la formation et par conséquent, ne suit pas la formation régulièrement, le commandant de l'organisme de formation où le militaire de réserve suit sa formation continuée, peut transmettre une proposition motivée au DGHR, pour prendre une décision sur base de laquelle le militaire de réserve arrête sa formation ou non, peut exceptionnellement, entièrement ou partiellement, entamer une nouvelle formation ou la poursuivre avec la session suivante.".
"Art. 66septies. Si nécessaire, le commandant de l'organisme de formation où le militaire de réserve suit sa formation, instaure une commission de délibération, qui est responsable de l'évaluation du militaire de réserve après le cycle de formation visée aux articles 57bis, § 2, 2°, 58, § 2, 3°, 58bis, § 2, 3°, 63bis, § 2, 2°, 63quater, § 2, alinéa 1er, 2°, et 64, § 2, 2°.
Les modalités relatives au cycle de formation de la formation continuée sont fixées dans un règlement.
Les membres de la commission de délibération doivent posséder la connaissance approfondie de la langue dans laquelle le militaire de réserve suit la formation.
Le président de la commission de délibération doit être revêtu d'un grade plus élevé, ou avoir plus d'ancienneté dans le même grade que celui du militaire de réserve évalué.
Le militaire de réserve qui a obtenu la permission de représenter les épreuves professionnelles, peut les représenter lors d'une session d'examen organisée ultérieurement après la notification de la décision de la commission de délibération, à la date fixée par le président du jury concerné, conformément aux dispositions applicables aux militaires du cadre actif, sans qu'il lui soit encore donné des cours complémentaires. Le cycle de formation ne peut pas être suivi à nouveau.
Le militaire de réserve qui échoue à nouveau aux épreuves professionnelles, ou qui ne les présente pas dans le délai imposé, est considéré comme ayant définitivement échoué.
Si le militaire de réserve est absent pour plusieurs jours pendant la formation et par conséquent, ne suit pas la formation régulièrement, le commandant de l'organisme de formation où le militaire de réserve suit sa formation continuée, peut transmettre une proposition motivée au DGHR, pour prendre une décision sur base de laquelle le militaire de réserve arrête sa formation ou non, peut exceptionnellement, entièrement ou partiellement, entamer une nouvelle formation ou la poursuivre avec la session suivante.".
Art. 38. In artikel 68bis van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, worden de woorden "de verbreking van zijn wederdienstneming" vervangen door de woorden ", naar gelang het geval, de verbreking van zijn dienstneming of wederdienstneming of het ontslag bedoeld in artikel 33, § 1, eerste lid, van de wet".
Art. 38. A l'article 68bis du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, les mots "la résiliation de son rengagement" sont remplacé par les mots ", selon le cas, la résiliation de son engagement ou son rengagement ou la démission visée à l'article 33, § 1er, alinéa 1er, de la loi".
Art. 39. Het opschrift van hoofdstuk VIII van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
"Hoofdstuk VIII. - De vakrichtingen en de competentiepools".
"Hoofdstuk VIII. - De vakrichtingen en de competentiepools".
Art. 39. L'intitulé du chapitre VIII du même arrêté est remplacé par ce qui suit:
"Chapitre VIII. - Des filières de métiers et des pôles de compétence".
"Chapitre VIII. - Des filières de métiers et des pôles de compétence".
Art. 40. In artikel 85, eerste lid, van hetzelfde besluit worden de woorden "artikel 49" vervangen door de woorden "artikel 47".
Art. 40. Dans l'article 85, alinéa 1er, du même arrêté, les mots "l'article 49" sont remplacés par les mots "l'article 47".
Art. 41. In artikel 86 van hetzelfde besluit worden de woorden "artikel 49" vervangen door de woorden "artikel 47".
Art. 41. Dans l'article 86 du même arrêté, les mots "l'article 49" sont remplacés par les mots "l'article 47".
Art. 42. In artikel 87, eerste lid, van hetzelfde besluit worden de woorden "zijn korps" vervangen door de woorden "zijn vakrichting".
Art. 42. Dans l'article 87, alinéa 1er, du même arrêté, les mots "son corps" sont remplacés par les mots "sa filière de métiers".
Art. 43. Artikel 88 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
"Art. 88. De reserveonderofficier van niveau C die van ambtswege, ingevolge een wijziging in de organisatie van de krijgsmacht of op zijn aanvraag wordt overgeplaatst ingevolge de bepalingen van artikel 47 van de wet, neemt in zijn nieuwe vakrichting rang met zijn graad van sergeant en zijn anciënniteit in die graad. Hij wordt er gerangschikt na de onderofficieren van niveau C die op diezelfde datum als hij tot sergeant benoemd werden.
De reserveonderofficier van niveau B die van ambtswege, ingevolge een wijziging in de organisatie van de krijgsmacht of op zijn aanvraag wordt overgeplaatst ingevolge de bepalingen van artikel 47 van de wet, neemt in zijn nieuwe vakrichting rang met zijn graad van eerste sergeant-majoor en zijn anciënniteit in die graad. Hij wordt er gerangschikt na de onderofficieren van niveau B die op diezelfde datum als hij tot eerste sergeant-majoor benoemd werden.".
"Art. 88. De reserveonderofficier van niveau C die van ambtswege, ingevolge een wijziging in de organisatie van de krijgsmacht of op zijn aanvraag wordt overgeplaatst ingevolge de bepalingen van artikel 47 van de wet, neemt in zijn nieuwe vakrichting rang met zijn graad van sergeant en zijn anciënniteit in die graad. Hij wordt er gerangschikt na de onderofficieren van niveau C die op diezelfde datum als hij tot sergeant benoemd werden.
De reserveonderofficier van niveau B die van ambtswege, ingevolge een wijziging in de organisatie van de krijgsmacht of op zijn aanvraag wordt overgeplaatst ingevolge de bepalingen van artikel 47 van de wet, neemt in zijn nieuwe vakrichting rang met zijn graad van eerste sergeant-majoor en zijn anciënniteit in die graad. Hij wordt er gerangschikt na de onderofficieren van niveau B die op diezelfde datum als hij tot eerste sergeant-majoor benoemd werden.".
Art. 43. L'article 88 du même arrêté est remplacé par ce qui suit:
"Art. 88. Le sous-officier de réserve du niveau C qui est transféré d'office, à la suite d'une modification dans l'organisation des forces armées ou à sa demande en exécution des dispositions de l'article 47 de la loi, prend rang dans sa nouvelle filière de métiers avec son grade de sergent et son ancienneté dans ce grade. Il y est classé à la suite des sous-officiers du niveau C nommés sergent à la même date que lui.
Le sous-officier de réserve du niveau B qui est transféré d'office, à la suite d'une modification dans l'organisation des forces armées ou à sa demande en exécution des dispositions de l'article 47 de la loi, prend rang dans sa nouvelle filière de métiers avec son grade de premier sergent-major et son ancienneté dans ce grade. Il y est classé à la suite des sous-officiers du niveau B nommés premier sergent-major à la même date que lui.".
"Art. 88. Le sous-officier de réserve du niveau C qui est transféré d'office, à la suite d'une modification dans l'organisation des forces armées ou à sa demande en exécution des dispositions de l'article 47 de la loi, prend rang dans sa nouvelle filière de métiers avec son grade de sergent et son ancienneté dans ce grade. Il y est classé à la suite des sous-officiers du niveau C nommés sergent à la même date que lui.
Le sous-officier de réserve du niveau B qui est transféré d'office, à la suite d'une modification dans l'organisation des forces armées ou à sa demande en exécution des dispositions de l'article 47 de la loi, prend rang dans sa nouvelle filière de métiers avec son grade de premier sergent-major et son ancienneté dans ce grade. Il y est classé à la suite des sous-officiers du niveau B nommés premier sergent-major à la même date que lui.".
Art. 44. In hetzelfde besluit wordt het opschrift van hoofdstuk X vervangen als volgt:
"Hoofdstuk X. - De overgang en de promotie op diploma".
"Hoofdstuk X. - De overgang en de promotie op diploma".
Art. 44. Dans le même arrêté, l'intitulé du chapitre X est remplacé par ce qui suit:
"Chapitre X. - Du passage et de la promotion sur diplôme".
"Chapitre X. - Du passage et de la promotion sur diplôme".
Art. 45. Artikel 99 van hetzelfde besluit, opgeheven bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, wordt hersteld als volgt:
"Art. 99. Voor zover zij niet onverenigbaar zijn met de bepalingen van dit besluit en de wet, zijn de bepalingen betreffende de overgang en de promotie op diploma van het koninklijk besluit van 7 november 2013 betreffende de overgang binnen dezelfde personeelscategorie, de sociale promotie en de promotie op diploma naar een hogere personeelscategorie van toepassing op de reservemilitairen en de kandidaat-reservemilitairen.".
"Art. 99. Voor zover zij niet onverenigbaar zijn met de bepalingen van dit besluit en de wet, zijn de bepalingen betreffende de overgang en de promotie op diploma van het koninklijk besluit van 7 november 2013 betreffende de overgang binnen dezelfde personeelscategorie, de sociale promotie en de promotie op diploma naar een hogere personeelscategorie van toepassing op de reservemilitairen en de kandidaat-reservemilitairen.".
Art. 45. L'article 99 du même arrêté, abrogé par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, est rétabli dans la rédaction suivante:
"Art. 99. Pour autant qu'elles ne soient pas incompatibles avec les dispositions du présent arrêté et de la loi, les dispositions concernant le passage et la promotion sur diplôme de l'arrêté royal du 7 novembre 2013 relatif au passage au sein de la même catégorie de personnel, à la promotion sociale et à la promotion sur diplôme vers une catégorie de personnel supérieure sont applicables aux militaires de réserve et candidats militaires de réserve.".
"Art. 99. Pour autant qu'elles ne soient pas incompatibles avec les dispositions du présent arrêté et de la loi, les dispositions concernant le passage et la promotion sur diplôme de l'arrêté royal du 7 novembre 2013 relatif au passage au sein de la même catégorie de personnel, à la promotion sociale et à la promotion sur diplôme vers une catégorie de personnel supérieure sont applicables aux militaires de réserve et candidats militaires de réserve.".
Art. 46. De artikelen 91 en 92 van hetzelfde besluit worden opgeheven.
Art. 46. Les articles 91 et 92 du même arrêté sont abrogés.
Art. 47. In hetzelfde besluit wordt de bijlage B, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, vervangen door de bijlage gevoegd bij dit besluit.
Art. 47. Dans le même arrêté, l'annexe B, modifié par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, est remplacée par l'annexe jointe au présent arrêté.
HOOFDSTUK 2. - Wijziging van het koninklijk besluit van 11 september 2003 betreffende de werving van de militairen
CHAPITRE 2. - Modification de l'arrêté royal du 11 septembre 2003 relatif au recrutement des militaires
Art. 48. In hoofdstuk II van het koninklijk besluit van 11 september 2003 betreffende de werving van de militairen, wordt het opschrift van afdeling VI, vervangen bij het koninklijk besluit van 16 oktober 2009, vervangen als volgt:
"Afdeling VI. - De studievoorwaarden voor de werving van de kandidaat-reservemilitairen".
"Afdeling VI. - De studievoorwaarden voor de werving van de kandidaat-reservemilitairen".
Art. 48. Dans le chapitre II de l'arrêté royal du 11 septembre 2003 relatif au recrutement des militaires, remplacé par l'arrêté royal du 16 octobre 2009, l'intitulé de la section VI est remplacé par ce qui suit:
"Section VI. - Des conditions d'études pour le recrutement des candidats militaires de réserve".
"Section VI. - Des conditions d'études pour le recrutement des candidats militaires de réserve".
Art. 49. Artikel 21 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
"Art. 21. Om de hoedanigheid van kandidaat-reserveofficier van niveau A, kandidaat-reserveonderofficier van niveau B of kandidaat-reserveonderofficier van niveau C te kunnen verwerven, moet de sollicitant voldoen aan de studievoorwaarden bedoeld in, naargelang het geval, de artikelen 3ter, eerste lid en tweede lid, en 3quater, eerste lid, tweede en derde lid van het koninklijk besluit van 3 mei 2003 betreffende het statuut van de militairen van het reservekader van de krijgsmacht.".
"Art. 21. Om de hoedanigheid van kandidaat-reserveofficier van niveau A, kandidaat-reserveonderofficier van niveau B of kandidaat-reserveonderofficier van niveau C te kunnen verwerven, moet de sollicitant voldoen aan de studievoorwaarden bedoeld in, naargelang het geval, de artikelen 3ter, eerste lid en tweede lid, en 3quater, eerste lid, tweede en derde lid van het koninklijk besluit van 3 mei 2003 betreffende het statuut van de militairen van het reservekader van de krijgsmacht.".
Art. 49. L'article 21 du même arrêté, est remplacé par ce qui suit:
"Art. 21. Pour pouvoir acquérir la qualité de candidat officier de réserve du niveau A, de candidat sous-officier de réserve du niveau B ou de candidat sous-officier de réserve du niveau C, le postulant doit satisfaire aux conditions d'études visées, selon le cas, aux articles 3ter, alinéas 1er et 2, et 3quater, alinéas 1er, 2 et 3, de l'arrêté royal du 3 mai 2003 relatif au statut des militaires du cadre de réserve des forces armées.".
"Art. 21. Pour pouvoir acquérir la qualité de candidat officier de réserve du niveau A, de candidat sous-officier de réserve du niveau B ou de candidat sous-officier de réserve du niveau C, le postulant doit satisfaire aux conditions d'études visées, selon le cas, aux articles 3ter, alinéas 1er et 2, et 3quater, alinéas 1er, 2 et 3, de l'arrêté royal du 3 mai 2003 relatif au statut des militaires du cadre de réserve des forces armées.".
Art. 50. Artikel 22 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 7 november 2013 wordt opgeheven.
Art. 50. L'article 22 du même arrêté, modifié par l'arrêté royal du 7 novembre 2013, est abrogé.
HOOFDSTUK 3. - Overgangs- en slotbepalingen
CHAPITRE 3. - Dispositions transitoires et finales
Art. 51. De reserveofficieren van niveau A die de dag vóór de datum van inwerkingtreding van de bepalingen van het artikel 23, 2° en 3°, geslaagd zijn voor de beroepsproeven voor de bevordering tot de graad van majoor of, in geval van een herexamen of een uitstel, die hiervoor ten laatste op 31 december 2020 geslaagd zijn, moeten de test betreffende de kennis van het Engels bepaald in artikel 58, § 2, 2°, van het koninklijk besluit van 3 mei 2003 betreffende het statuut van de militairen van het reservekader van de krijgsmacht, ingevoegd door artikel 23 van dit besluit niet afleggen, om in de voorwaarden te blijven voor de bevordering tot de graad van majoor.
Art. 51. Les officiers de réserve du niveau A qui, la veille de la date d'entrée en vigueur des dispositions de l'article 23, 2° et 3°, ont réussi les épreuves professionnelles pour l'avancement au grade de major ou, dans le cas d'un examen de repêchage ou d'un ajournement, qui les réussissent au plus tard le 31 décembre 2020, ne doivent pas, pour rester dans les conditions pour l'avancement au grade de major, présenter le test relatif à la connaissance de l'anglais fixé par l'article 58, § 2, 2°, de l'arrêté royal du 3 mai 2003 relatif au statut des militaires du cadre de réserve des forces armées, inséré par l'article 23 du présent arrêté.
Art. 52. In afwijking van het koninklijk besluit van 7 november 2013 betreffende de overgang binnen dezelfde personeelscategorie, de sociale promotie en de promotie op diploma naar een hogere personeelscategorie, binnen de drie jaren die volgen op de inwerkingtreding van dit besluit, mag de reservemilitair, die de dag vóór de inwerkingtreding van deze bepaling de leeftijd van 45 jaar niet bereikt heeft, voor zover hij aan de andere aanvaardingsvoorwaarden betreffende de promotie op diploma, bedoeld in de wet van 16 mei 2001 houdende statuut van de militairen van het reservekader van de krijgsmacht en in het koninklijk besluit van 3 mei 2003 betreffende het statuut van de militairen van het reservekader van de krijgsmacht voldoet, een aanvraag indienen voor een promotie op diploma.
Art. 52. En dérogation à l'arrêté royal du 7 novembre 2013 relatif au passage au sein de la même catégorie de personnel, à la promotion sociale et à la promotion sur diplôme vers une catégorie de personnel supérieure, dans les trois ans qui suivent l'entrée en vigueur du présent arrêté, le militaire de réserve, qui la veille de l'entrée en vigueur de la présente disposition n'a pas encore atteint l'âge de 45 ans, pour autant qu'il satisfasse aux autres conditions d'agrément concernant la promotion sur diplôme, fixées dans la loi du 16 mai 2001 portant statut des militaires du cadre de réserve des forces armées et dans l'arrêté royal du 3 mai 2003 relatif au statut des militaires du cadre de réserve des forces armées, peut introduire une demande pour une promotion sur diplôme.
Art. 53. Treden in werking op 1 januari 2019:
1° de wet van 19 juli 2018 tot wijziging van de wet van 16 mei 2001 houdende statuut van de militairen van het reservekader van de Krijgsmacht;
2° dit besluit, met uitzondering van artikel 23, 2° en 3°, dat in werking treedt op 1 januari 2020.
1° de wet van 19 juli 2018 tot wijziging van de wet van 16 mei 2001 houdende statuut van de militairen van het reservekader van de Krijgsmacht;
2° dit besluit, met uitzondering van artikel 23, 2° en 3°, dat in werking treedt op 1 januari 2020.
Art. 53. Entrent en vigueur le 1er janvier 2019:
1° la loi du 19 juillet 2018 modifiant la loi du 16 mai 2001 portant statut des militaires du cadre de réserve des forces armées;
2° le présent arrêté, à l'exception de l'article 23, 2° et 3°, qui entre en vigueur le 1er janvier 2020.
1° la loi du 19 juillet 2018 modifiant la loi du 16 mai 2001 portant statut des militaires du cadre de réserve des forces armées;
2° le présent arrêté, à l'exception de l'article 23, 2° et 3°, qui entre en vigueur le 1er janvier 2020.
Art. 54. De minister bevoegd voor Defensie is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 54. Le ministre qui a la Défense dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N. Tabel tot vaststelling van de vereiste minimum anciënniteit voor bevordering
Art. N. Annexe B à l'arrêté royal du 3 mai 2003 relatif au statut des militaires du cadre de réserve des Forces armées
Tableau fixant l'ancienneté minimale exigée pour l'avancement
Tableau fixant l'ancienneté minimale exigée pour l'avancement
| CATEGORIE RESERVEPERSONEEL | GRAAD IN HET RESERVEKADER | ANCIENNITEIT IN DE VORIGE GRAAD (JAREN) | |
| normale bevordering= X | versnelde bevordering = Z | ||
| VRIJWILLIGER | Korporaal | 7 | 6 |
| Korporaal-chef | 9 | 8 | |
| Eerste korporaal-chef | 9 | 8 | |
| ONDEROFFICIER | Eerste sergeant | 5 | 4 |
| Eerste sergeant-chef (1) | 9 (1) | 8 (1) | |
| Eerste sergeant-majoor (3) | 7 | 6 | |
| Adjudant | 7 | 6 | |
| Adjudant-chef | 7 | 6 | |
| Adjudant-majoor | 5 | 4 | |
| OFFICIER | Luitenant | 5 | 4 |
| Kapitein | 6 | 5 | |
| Kapitein-commandant | 6 | 5 | |
| Majoor | 20 (2) | 16 (2) | |
| Luitenant-kolonel | 5 | 4 | |
| Kolonel | 5 | 4 | |
| Generaal-majoor | 5 | 4 | |
| Luitenant-generaal | 5 | 2 | |
RESERVEPERSONEEL GRAAD IN HET
RESERVEKADER ANCIENNITEIT IN DE VORIGE GRAAD (JAREN)normale
bevordering= X versnelde
bevordering = Z
VRIJWILLIGER Korporaal 7 6Korporaal-chef 9 8Eerste korporaal-chef 9 8ONDEROFFICIER Eerste sergeant 5 4Eerste sergeant-chef (1) 9 (1) 8 (1)Eerste sergeant-majoor (3) 7 6Adjudant 7 6Adjudant-chef 7 6Adjudant-majoor 5 4OFFICIER Luitenant 5 4Kapitein 6 5Kapitein-commandant 6 5Majoor 20 (2) 16 (2)Luitenant-kolonel 5 4Kolonel 5 4Generaal-majoor 5 4Luitenant-generaal 5 2
(1) Enkel voor de onderofficier die verzaakt heeft aan de bevordering of die het brevet van keuronderofficier niet heeft behaald
(2) Minimum totaal aantal jaren anciënniteit als officier (NIET de majoor aangeworven in het kader van de bijzondere laterale werving)
(3) Enkel Niv C
Indien de duur van het behoren tot de onmiddellijk beschikbare reserve kleiner is dan de vereiste minimum anciënniteit voor de vermelde bevordering, wordt de anciënniteit in de vorige graad berekend volgens de formule:
A = X - ((Y/Z) x (X - Z))
A = vereiste anciënniteit in de vorige graad.
X = aantal vereiste jaren anciënniteit bij normale bevordering.
Y = aantal jaren in de onmiddellijk beschikbare reserve.
Z = aantal vereiste jaren anciënniteit bij versnelde bevordering.
Het resultaat wordt afgerond naar het lagere trimester.
Periodes van minder dan één jaar komen niet in aanmerking voor de berekening van Y.
| CATEGORIE DE PERSONNEL DE RESERVE | GRADE DANS LE CADRE DE RESERVE | ANCIENNETE DANS LE GRADE PRECEDENT (ANNEES) | |
| avancement normal= X | avancement accéléré= Z | ||
| VOLONTAIRE | Caporal | 7 | 6 |
| Caporal-chef | 9 | 8 | |
| Premier caporal-chef | 9 | 8 | |
| SOUS-OFFICIER | Premier sergent | 5 | 4 |
| Premier sergent-chef (1) | 9 (1) | 8 (1) | |
| Premier sergent-major | 7 | 6 | |
| Adjudant | 7 | 6 | |
| Adjudant-chef | 7 | 6 | |
| Adjudant-major | 5 | 4 | |
| OFFICIER | Lieutenant | 5 | 4 |
| Capitaine | 6 | 5 | |
| Capitaine-commandant | 6 | 5 | |
| Major | 20 (2) | 16 (2) | |
| Lieutenant-colonel | 5 | 4 | |
| Colonel | 5 | 4 | |
| Général-major | 5 | 4 | |
| Lieutenant-général | 5 | 2 | |
PERSONNEL DE
RESERVE GRADE DANS LE CADRE DE RESERVE ANCIENNETE DANS LE GRADE PRECEDENT (ANNEES)avancement
normal= X avancement
accéléré= Z
VOLONTAIRE Caporal 7 6Caporal-chef 9 8Premier caporal-chef 9 8SOUS-OFFICIER Premier sergent 5 4Premier sergent-chef (1) 9 (1) 8 (1)Premier sergent-major 7 6Adjudant 7 6Adjudant-chef 7 6Adjudant-major 5 4OFFICIER Lieutenant 5 4Capitaine 6 5Capitaine-commandant 6 5Major 20 (2) 16 (2)Lieutenant-colonel 5 4Colonel 5 4Général-major 5 4Lieutenant-général 5 2
(1) Uniquement pour le sous-officier ayant renoncé à l'avancement ou n'ayant pas obtenu le brevet de sous-officier d'élite
(2) Nombre total au minimum d'années d'ancienneté comme officier (PAS le major recruté dans le cadre du recrutement spécial latéral)
(3) Uniquement le Niv C
Si la durée d'appartenance à la réserve immédiatement disponible est inférieure à l'ancienneté minimale requise pour l'avancement accéléré, l'ancienneté dans le grade précédent est calculée suivant la formule :
A = X - ((Y/Z) x (X - Z))
A = ancienneté requise dans le grade précédent.
X = nombre d'années d'ancienneté requises pour l'avancement normal.
Y = nombre d'années d'ancienneté dans la réserve immédiatement disponible.
Z = nombre d'années d'ancienneté requises pour l'avancement accéléré.
Le résultat est arrondi vers le trimestre inférieur.
Des périodes de moins d'un an ne sont pas prises en compte pour le calcul de Y.