Zum Hauptinhalt

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
24 NOVEMBER 2017. - Besluit van de administrateur-generaal tot wijziging van het besluit van de administrateur-generaal van het Agentschap voor Natuur en Bos van 2 mei 2017 houdende delegatie en toewijzing van bevoegdheden
Titre
24 NOVEMBRE 2017. - Arrêté de l'administrateur-général modifiant l'arrêté de l'administrateur-général de l'agence nature et forêts du 2 mai 2017 portant délégations et attributions de compérences. (TRADUCTION)
Dokumentinformationen
Numac: 2017206433
Datum: 2017-11-24
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Tekst (8)
Texte (1)
Artikel 1. In artikel 1 van het besluit van de administrateur-generaal van het Agentschap voor Natuur en Bos van 2 mei 2017 houdende delegatie en toewijzing van bevoegdheden, wordt punt 5° opgeheven.
Article M. (NOTE : pas de version française, voir version néerlandaise)
Art. 2. In artikel 13, § 1, van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het eerste lid, 13°, wordt de zinsnede "met betrekking tot het betaalsysteem vereffenaar kort tot een bedrag van 8.500 euro" vervangen door de zinsnede "via aanvaarde factuur tot een bedrag van 30.000,00 euro";
  2° in het tweede lid worden de woorden "de adjunct-directeur Scheldeprogramma, de programmacoördinator IHD-programma, de entiteitscoördinatoren" vervangen door de woorden "de regiocoördinatoren, de adjunct-directeur Scheldeprogramma, de programmacoördinator IHD-programma, de leidinggevende logistiek, de leidinggevende Patrimoniumbeheer van de entiteit Terreinbeheer Koepel, de entiteitscoördinatoren, de verantwoordelijke voor het Visserijfonds voor zover dit betrekking heeft op uitgaven van het Visserijfonds".
-
Art. 3. In artikel 15, § 1, tweede lid, van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in punt 1° worden de woorden "open aanbesteding of een open offerteaanvraag" vervangen door de woorden "openbare procedure";
  2° in punt 2° worden de woorden "beperkte aanbesteding of een beperkte offerteaanvraag" vervangen door de woorden "niet-openbare procedure";
  3° in punt 3° worden de woorden "onderhandelingsprocedure met bekendmaking" vervangen door de woorden "mededingingsprocedure met onderhandeling, of een vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking";
  4° in punt 4° wordt tussen de woorden "onderhandelingsprocedure zonder" en het woord "bekendmaking" het woord "voorafgaande" ingevoegd.
-
Art. 4. In artikel 18, § 1, tweede lid, van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in punt 1° worden de woorden "open aanbesteding of een open offerteaanvraag" vervangen door de woorden "openbare procedure";
  2° in punt 2° worden de woorden "beperkte aanbesteding of een beperkte offerteaanvraag" vervangen door de woorden "niet-openbare procedure";
  3° in punt 3° worden de woorden "onderhandelingsprocedure met bekendmaking" vervangen door de woorden "mededingingsprocedure met onderhandeling of een vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking";
  4° in punt 4° wordt tussen de woorden "onderhandelingsprocedure zonder" en het woord "bekendmaking" het woord "voorafgaande" ingevoegd.
-
Art. 5. In artikel 23, § 1, van hetzelfde besluit wordt punt 2° opgeheven.
-
Art. 6. In artikel 25 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1, 1°, wordt de zinsnede "44," opgeheven;
  2° in paragraaf 1 worden punt 2° tot en met 4° opgeheven;
  3° in paragraaf 3 wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
  "1° de volgende beslissingen nemen in verband met ingediende ontwerp-natuurbeheerplannen:
  a) beslissen over de goedkeuring van het natuurbeheerplan als vermeld in artikel 16octies, § 1, tweede lid van het decreet van 21 oktober 1997 en artikel 7 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de natuurbeheerplannen en de erkenning van natuurreservaten, in het geval dat het gaat om een natuurbeheerplan type vier. In voorkomend geval heeft deze taak ook betrekking op de beslissing over de goedkeuring van het ontwerp van een geïntegreerd beheersplan als vermeld in artikel 8.3.6 van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013;
  b) het nemen van de beslissingen inzake de opvolging en evaluatie van een natuurbeheerplan, als vermeld in artikel 11 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de natuurbeheerplannen en de erkenning van natuurreservaten, in het geval dat het gaat om een natuurbeheerplan type vier. In voorkomend geval heeft deze taak ook betrekking op de beslissing inzake de opvolging en evaluatie van een geïntegreerd beheersplan als vermeld in artikel 8.3.8 van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013;
  c) in voorkomend geval, het nemen van beslissingen inzake de wijziging van een natuurbeheerplan, als vermeld in artikel 12, § 2, § 3 en § 4, van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de natuurbeheerplannen en de erkenning van natuurreservaten, alsook het daarmee samenhangende herberekenen van de subsidies als vermeld in artikel 12, § 5, van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de subsidiëring van de planning, de ontwikkeling en de uitvoering van het geïntegreerd natuurbeheer, in het geval dat het gaat om een natuurbeheerplan type vier. In voorkomend geval heeft deze taak ook betrekking op de beslissing inzake de opvolging en evaluatie van een geïntegreerd beheersplan als vermeld in artikel 8.3.8 van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013;
  d) beslissen om een natuurbeheerplan op te heffen als vermeld in artikel 16decies, § 1, eerste lid, van het decreet van 21 oktober 1997 en artikel 15, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de natuurbeheerplannen en de erkenning van natuurreservaten. In voorkomend geval heeft deze taak ook betrekking op de opheffing van een geïntegreerd beheersplan als vermeld in artikel 8.3.10 van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013;
  e) toestaan om een natuurbeheerplan op te heffen na verzoek van de beheerder van het terrein waarop het natuurbeheerplan betrekking heeft, als vermeld in artikel 16decies, § 2, van het decreet van 21 oktober 1997 en artikel 15, § 2, van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de natuurbeheerplannen en de erkenning van natuurreservaten. In voorkomend geval heeft deze taak ook betrekking op de opheffing van een geïntegreerd beheersplan als vermeld in artikel 8.3.10 van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013;";
  4° in paragraaf 3 wordt een punt 2°/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "2°/1 de volgende beslissingen nemen in verband met het verlenen van subsidies in het kader van goedgekeurde natuurbeheerplannen:
  a) het nemen van de beslissingen inzake de terugvordering van subsidies als vermeld in artikel 16decies, § 1, van het decreet van 21 oktober 1997, artikel 17 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de natuurbeheerplannen en de erkenning van natuurreservaten en artikel 10 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de subsidiëring van de planning, de ontwikkeling en de uitvoering van het geïntegreerd natuurbeheer;
  b) het lanceren van een projectoproep als vermeld in artikel 25, artikel 40 en artikel 49 van besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de subsidiëring van de planning, de ontwikkeling en de uitvoering van het geïntegreerd natuurbeheer;
  c) het herberekenen van de subsidies als vermeld in artikel 45, § 2, van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de subsidiëring van de planning, de ontwikkeling en de uitvoering van het geïntegreerd natuurbeheer;";
  5° in paragraaf 3 worden punt 3° en punt 4° opgeheven.
-
Art. 7. In artikel 26 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 2, 1°, wordt de zinsnede "30," opgeheven;
  2° in paragraaf 2 wordt punt 3° opgeheven;
  3° aan paragraaf 4 worden een punt 5° tot en met punt 7° toegevoegd, die luiden als volgt:
  "5° individuele afwijkingen toestaan van de verbodsbepalingen van artikel 7 van het besluit van de Vlaamse Regering van 23 juli 1998 tot vaststelling van nadere regels ter uitvoering van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu, overeenkomstig artikel 10 van het voormelde besluit, op voorwaarde dat de aanvrager de zorgplicht, opgelegd door artikel 14 van het voormelde decreet naleeft, en op voorwaarde dat het hoofd van het Agentschap, bij het verlenen van de afwijking, uitdrukkelijk voldoet aan de bepalingen van artikel 16 van het voormelde decreet inzake het tegengaan van vermijdbare schade, of aan de bepalingen van artikel 36ter, § 3, van het voormelde decreet, als dat van toepassing is;
  6° de volgende beslissingen nemen in verband met ingediende ontwerp-natuurbeheerplannen:
  a) beslissen over het al dan niet volledig zijn van het verkennende deel 1 van een ontwerp-natuurbeheerplan, alsook het nemen van een inhoudelijk beoordelende beslissing over dit deel 1, als vermeld in artikel 4 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de natuurbeheerplannen en de erkenning van natuurreservaten. In voorkomend geval heeft deze taak ook betrekking op de beslissing over het al dan niet volledig zijn van het verkennende deel van een geïntegreerd beheersplan als vermeld in artikel 8.3.3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013;
  b) beslissen over het al dan niet volledig zijn van de overige delen van een ontwerp-natuurbeheerplan, als vermeld in artikel 5, § 3, van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de natuurbeheerplannen en de erkenning van natuurreservaten. In voorkomend geval heeft deze taak ook betrekking op de beslissing over het al dan niet volledig zijn van het ontwerp van een geïntegreerd beheersplan als vermeld in artikel 8.3.6 van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013;
  c) in voorkomend geval, het gezamenlijk met de indiener van het natuurbeheerplan bepalen van een plaats in de omgeving van het terrein waarvoor een natuurbeheerplan wordt opgesteld waar dat natuurbeheerplan voor consultatie ter inzage wordt gelegd, als vermeld in artikel 6 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de natuurbeheerplannen en de erkenning van natuurreservaten. In voorkomend geval heeft deze taak ook betrekking op het gezamenlijk met de indiener van het natuurbeheerplan bepalen van een plaats als vermeld in artikel 8.3.6 van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013;
  d) beslissen over de goedkeuring van een ontwerp-natuurbeheerplan als vermeld in artikel 16octies, § 1, tweede lid van het decreet van 21 oktober 1997 en artikel 7 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de natuurbeheerplannen en de erkenning van natuurreservaten, in het geval dat het gaat om een natuurbeheerplan type één, twee of drie. In voorkomend geval heeft deze taak ook betrekking op de beslissing over de goedkeuring van het ontwerp van een geïntegreerd beheersplan als vermeld in artikel 8.3.6 van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013;
  e) het nemen van beslissingen inzake de opvolging en evaluatie van een natuurbeheerplan, als vermeld in artikel 11 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de natuurbeheerplannen en de erkenning van natuurreservaten, in het geval dat het gaat om een natuurbeheerplan type één, twee of drie. In voorkomend geval heeft deze taak ook betrekking op de beslissing inzake de opvolging en evaluatie van een geïntegreerd beheersplan als vermeld in artikel 8.3.8 van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013;
  f) in voorkomend geval, het nemen van de beslissingen inzake de wijziging van een natuurbeheerplan, als vermeld in artikel 12, § 2, § 3 en § 4, van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de natuurbeheerplannen en de erkenning van natuurreservaten, alsook het daarmee samenhangende herberekenen van de subsidies als vermeld in artikel 12, § 5, van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de subsidiëring van de planning, de ontwikkeling en de uitvoering van het geïntegreerd natuurbeheer, in het geval dat het gaat om een natuurbeheerplan type één, twee of drie. In voorkomend geval heeft deze taak ook betrekking op het nemen van de beslissingen inzake de wijziging van een geïntegreerd beheersplan als vermeld in artikel 8.3.9 van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 betreffende de uitvoering van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013;
  7° de volgende beslissingen nemen in verband met het verlenen van subsidies in het kader van goedgekeurde natuurbeheerplannen:
  a) het herberekenen van een subsidie als vermeld in artikel 3, § 2, zesde lid van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de subsidiëring van de planning, de ontwikkeling en de uitvoering van het geïntegreerd natuurbeheer;
  b) het verzoeken van de begunstigde van een subsidie om het te veel betaalde bedrag terug te betalen als vermeld in artikel 3, § 2, zevende lid van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de subsidiëring van de planning, de ontwikkeling en de uitvoering van het geïntegreerd natuurbeheer;
  c) beslissen over het al dan niet volledig zijn van een subsidieaanvraag, als vermeld in artikel 7, § 1, en artikel 36, eerste lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de subsidiëring van de planning, de ontwikkeling en de uitvoering van het geïntegreerd natuurbeheer;
  d) afwijkingen toestaan op de verbintenis om, bij het bekomen van een aankoopprojectsubsidie met het oog op bebossing, de betrokken bebossing gedurende minstens 25 jaar na de uitvoering van alle aanplantingen in stand te houden als bos, als vermeld in artikel 38, 3°, van het besluit van 14 juli 2017 betreffende de subsidiëring van de planning, de ontwikkeling en de uitvoering van het geïntegreerd natuurbeheer.";
  5° in paragraaf 5 wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
  "1° adviezen verlenen die in regelgeving voorzien zijn in hoofde van het agentschap, met uitzondering van:
  a) het advies dat wordt gevraagd in het kader van het recht van voorkoop vermeld in artikel 6 van het besluit van de Vlaamse regering van 23 juli 1998 tot vaststelling van nadere regels ter uitvoering van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu. Overeenkomstig artikel 27, § 2, van dit besluit is die taak toebedeeld aan het hoofd van de entiteit Terreinbeheer Koepel;
  b) het advies dat wordt gevraagd als vermeld in artikel 36ter, § 3, van het decreet van 21 oktober 1997. Overeenkomstig artikel 25, § 3, van dit besluit is die taak toebedeeld aan het hoofd van de entiteit AVES;";
  6° aan paragraaf 5 wordt een punt 3° toegevoegd, dat luidt als volgt:
  " 3° het aanvragen van adviezen in de gevallen waarin dat in regelgeving voorzien is in hoofde van het agentschap.".
-
Art. 8. In artikel 30 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1 wordt punt 9° opgeheven;
  2° paragraaf 3 wordt vervangen door wat volgt:
  " § 3. De regiobeheerders hebben, elk binnen hun territoriale bevoegdheid, delegatie om het beheer van natuurdomeinen waar te nemen, daarbij inbegrepen het opstellen van natuurbeheerplannen die ter goedkeuring dienen voorgelegd aan de minister, overeenkomstig artikel 8 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de natuurbeheerplannen en de erkenning van natuurreservaten.";
  3° er wordt een paragraaf 4 toegevoegd, die luidt als volgt:
  " § 4. De regiobeheerders hebben, elk binnen hun territoriale bevoegdheid, delegatie om de uitgave van werkingskosten en schuldvorderingen voortvloeiende uit overheidsopdrachten via een aanvaarde factuur tot een bedrag van 8.500,00 EUR, exclusief BTW, goed te keuren.".
-