Zum Hauptinhalt

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
30 JUNI 2017. - Decreet tot wijziging en optimalisatie van diverse bepalingen van het Wapenhandeldecreet van 15 juni 2012
Titre
30 JUIN 2017. - Décret portant modification et optimisation de diverses dispositions du Décret sur le commerce des armes du 15 juin 2012
Dokumentinformationen
Numac: 2017030839
Datum: 2017-06-30
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2017030839
Date: 2017-06-30
Moniteur: Voir
Tekst (37)
Texte (37)
Artikel 1. Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid.
Article 1er. Le présent décret règle une matière régionale.
Art. 2. In artikel 2 van het Wapenhandeldecreet van 15 juni 2012 worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in punt 6° wordt de volgende zinsnede opgeheven:
  ", met uitzondering van overbrengingen tussen twee lidstaten van de EU, waarbij de goederen op een van de volgende manieren worden getransporteerd:
  a) ze worden overgeladen van het ene transportmiddel op een ander transportmiddel;
  b) ze worden van een transportmiddel gelost en worden nadien opnieuw op hetzelfde transportmiddel geladen;";
  2° er wordt een punt 6° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "6° /1 doorvoerder: als die verschillend is van de exporteur en de vervoerder, de natuurlijke persoon of de rechtspersoon, al dan niet vertegenwoordigd door een derde, die bij de doorvoer optreedt als douaneagent, scheepsagent, expediteur of vervoerscommissionair;";
  3° er wordt een punt 7° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "7° /1 exporteur: de natuurlijke persoon of de rechtspersoon, al dan niet vertegenwoordigd door een derde, die een contract heeft gesloten met de bestemmeling in het land van bestemming of met de eindgebruiker in het land van eindgebruik en die het recht heeft te beslissen dat de betreffende goederen worden uitgevoerd of overgebracht vanuit het land van afzending naar het land van bestemming. Als er geen contract is gesloten, wordt onder de exporteur de persoon verstaan die het recht heeft te beslissen dat de betreffende goederen worden uitgevoerd of overgebracht vanuit het land van afzending naar het land van bestemming;";
  4° in punt 9° wordt de zinsnede "als vervat in resoluties 43/36L en 58/54 van de Algemene Vergadering van de VN" opgeheven;
  5° er wordt een punt 9° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "9° /1 importeur: de natuurlijke persoon of de rechtspersoon, al dan niet vertegenwoordigd door een derde, die een contract heeft gesloten met de afzender in het land van afzending en die het recht heeft te beslissen dat de betreffende goederen worden ingevoerd of overgebracht vanuit het land van afzending naar het Vlaamse Gewest. Als er geen contract is gesloten, wordt de aanvraag ingediend door de persoon die het recht heeft te beslissen dat de betreffende goederen worden ingevoerd of overgebracht vanuit het land van afzending naar het land van bestemming;";
  6° punt 13° wordt vervangen door wat volgt:
  "13° munitie: het hele stuk of de componenten ervan die worden gebruikt in een vuurwapen, als het voorhanden hebben of het verwerven van die componenten verboden of vergunningsplichtig is op basis van de Wapenwet van 8 juni 2006 en de uitvoeringsbesluiten ervan;";
  7° er wordt een punt 17° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "17° /1 vervoerder: als die verschillend is van de exporteur of de importeur, de natuurlijke persoon of de rechtspersoon, al dan niet vertegenwoordigd door een derde, die het transport van de in-, uit-, doorvoer of overbrenging uitvoert;";
  8° er worden een punt 19° en een punt 20° toegevoegd, die luiden als volgt:
  "19° Vuurwapenverordening 258/2012: verordening (EU) nr. 258/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 14 maart 2012 tot uitvoering van artikel 10 van het Protocol van de Verenigde Naties tegen de illegale vervaardiging van en handel in vuurwapens, hun onderdelen, componenten en munitie, tot aanvulling van het Verdrag van de Verenigde Naties ter bestrijding van grensoverschrijdende georganiseerde misdaad (VN-protocol inzake vuurwapens), en tot vaststelling van uitvoervergunningen voor vuurwapens, hun onderdelen, componenten en munitie en maatregelen betreffende de invoer en doorvoer ervan;
  20° Wassenaar Arrangement: het informele internationale regime inzake exportcontrole voor conventionele wapens en voor producten en technologieën voor tweeërlei gebruik, ingesteld door de slotverklaring van de bijeenkomst te Wassenaar op 19 december 1995.".
Art. 2. A l'article 2 du Décret sur le commerce des armes du 15 juin 2012, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le point 6°, le membre de phrase suivant est abrogé :
  " à l'exception du transfert entre deux Etats membres de l'UE, et pour lequel les biens sont transportés de l'une des manières suivantes :
  a) ils sont transbordés d'un moyen de transport à un autre moyen de transport ;
  b) ils sont déchargés d'un moyen de transport et sont ensuite à nouveau chargés sur le même moyen de transport ; " ;
  2° il est inséré un point 6° /1 rédigé comme suit :
  " 6/1° transitaire : si celle-ci diffère de l'exportateur et du transporteur, la personne physique ou la personne morale, représentée ou non par un tiers, qui agit lors du transit comme agent en douane, agent maritime, expéditeur ou commissionnaire de transport ; " ;
  3° il est inséré un point 7° /1 rédigé comme suit :
  " 7/1° exportateur : la personne physique ou la personne morale, représentée ou non par un tiers, qui a conclu un contrat avec le destinataire au pays de destination ou avec l'utilisateur final au pays d'utilisation finale, et qui a le droit de décider que les biens concernés sont exportés ou transférés du pays d'expédition au pays de destination. Si aucun contrat n'est conclu, on entend par exportateur la personne qui a le droit de décider que les biens concernés sont exportés ou transférés du pays d'expédition au pays de destination ; " ;
  4° dans le point 9°, le membre de phrase " en application des Résolutions 43/36L et 58/54 de l'Assemblée générale des Nations unies " est abrogé ;
  5° il est inséré un point 9° /1, rédigé comme suit :
  " 9/1° importateur : la personne physique ou la personne morale, représentée ou non par un tiers, qui a conclu un contrat avec l'expéditeur au pays d'expédition, et qui a le droit de décider que les biens concernés sont importés ou transférés du pays d'expédition à la Région flamande. Si aucun contrat n'est conclu, la demande est introduite par la personne qui a le droit de décider que les biens concernés sont importés ou transférés du pays d'expédition au pays de destination ; " ;
  6° le point 13° est remplacé par ce qui suit :
  " 13° munitions : l'ensemble de la cartouche ou ses éléments, utilisés dans une arme à feu, si la détention ou l'acquisition de ces éléments est interdite ou soumise à autorisation sur la base de la Loi sur les Armes du 8 juin 2006 et ses arrêtés d'exécution ; " ;
  7° il est inséré un point 17° /1, rédigé comme suit :
  " 17/1° transporteur : si celle-ci diffère de l'exportateur ou de l'importateur, la personne physique ou la personne morale, représentée ou non par un tiers, qui exécute le transport de l'importation, de l'exportation, du transit ou du transfert ; " ;
  8° il est ajouté un point 19° et un point 20°, rédigés comme suit :
  " 19° Règlement sur les armes à feu 258/2012 : le Règlement (UE) n° 258/2012 du Parlement européen et du Conseil du 14 mars 2012 portant application de l'article 10 du protocole des Nations unies contre la fabrication et le trafic illicites d'armes à feu, de leurs pièces, éléments et munitions, additionnel à la convention des Nations unies contre la criminalité transnationale organisée (protocole des Nations unies relatif aux armes à feu) et instaurant des autorisations d'exportation, ainsi que des mesures concernant l'importation et le transit d'armes à feu, de leurs pièces, éléments et munitions ;
  20° Arrangement de Wassenaar : le régime international informel de contrôle des exportations d'armements conventionnels et de biens et technologies à double usage civil et militaire, institué par la déclaration finale de la réunion à Wassenaar le 19 décembre 1995. ".
Art. 3. Aan artikel 3 van hetzelfde decreet wordt een paragraaf 5 toegevoegd, die luidt als volgt:
  " § 5. In overeenstemming met de overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte en de uitvoeringsbepalingen ervan en met de overeenkomsten inzake de wijze waarop de staten in kwestie worden betrokken bij de uitvoering, de toepassing en de ontwikkeling van het Schengenacquis, en de uitvoeringsbepalingen ervan, wordt:
  1° de in-, uit- en doorvoer, vermeld in paragraaf 2, vanuit en naar Noorwegen en IJsland gelijkgesteld met overbrenging en doorvoer vanuit en naar een andere lidstaat van de EU; en
  2° de in-, uit- en doorvoer, vermeld in paragraaf 3, vanuit en naar Noorwegen, IJsland, Liechtenstein en Zwitserland gelijkgesteld met overbrenging en doorvoer vanuit en naar een andere lidstaat van de EU.
  Als een wijziging van een overeenkomst als vermeld in het eerste lid, of de uitvoeringsbepalingen ervan dit vereist kan de Vlaamse Regering de gelijkstelling in het eerste lid inperken of uitbreiden naar andere landen.".
Art. 3. L'article 3 du même décret est complété par un paragraphe 5, rédigé comme suit :
  " § 5. Conformément à l'accord sur l'Espace économique européen et ses dispositions d'exécution, et aux accords sur la manière dont les états en question sont associés à l'exécution, l'application et le développement de l'acquis Schengen, et leurs dispositions d'exécution :
  1° l'importation, l'exportation et le transit, visés au paragraphe 2, provenant de et vers la Norvège et l'Islande sont assimilés au transfert et transit provenant de et vers un autre Etat membre de l'UE ; et
  2° l'importation, l'exportation et le transit, visés au paragraphe 3, provenant de et vers la Norvège, l'Islande, le Liechtenstein et la Suisse sont assimilés au transfert et transit provenant de et vers un autre Etat membre de l'UE.
  Si une modification d'un accord tel que visé à l'alinéa 1er, ou de ses dispositions d'exécution le requiert, le Gouvernement flamand peut limiter ou étendre l'assimilation visée à l'alinéa 1er, à d'autres pays. ".
Art. 4. Aan artikel 4 van hetzelfde decreet, waarvan de bestaande tekst paragraaf 1 zal vormen, wordt een paragraaf 2 toegevoegd, die luidt als volgt:
  " § 2. De volgende personen zijn hoofdelijk verantwoordelijk voor de aanvraag van vergunningen en voor de indiening van kennisgevingen:
  1° bij invoer en overbrenging naar het Vlaamse Gewest: de importeur en de vervoerder;
  2° bij uitvoer en overbrenging naar een andere EU-lidstaat: de exporteur, de vervoerder en, als die verschillend is, de persoon die de goederen op het Belgische grondgebied voorhanden heeft;
  3° bij doorvoer: de exporteur, de vervoerder en de doorvoerder.
  In het geval, vermeld in paragraaf 1, tweede lid, wijst de aanvrager een vertegenwoordiger met woonplaats of maatschappelijke zetel in het Vlaamse Gewest aan.
  De aanwijzing, vermeld in het tweede lid, is niet noodzakelijk als de aanvrager:
  1° een gecertificeerde persoon is;
  2° de EU, de NAVO, de VN, het IAEA is, of een andere intergouvernementele organisatie waarvan het Vlaamse Gewest of België lid is;
  3° een overheidsorgaan of een onderdeel van de strijdkrachten van een andere lidstaat van de EU of de NAVO is.
  In het geval, vermeld in paragraaf 1, tweede lid, brengt elke bij een voorgenomen in-, uit- of doorvoer betrokken partij met woonplaats of maatschappelijke zetel in het Vlaamse Gewest de aanvrager in voorkomend geval op de hoogte van de verplichtingen, vermeld in dit decreet, en kan die optreden als vertegenwoordiger, met behoud van de toepassing van artikel 10.".
Art. 4. L'article 4 du même décret, dont le texte actuel formera le paragraphe 1er, est complété par un paragraphe 2, rédigé comme suit :
  " § 2. Les personnes suivantes sont solidairement responsables de la demande d'autorisations et de l'introduction de notifications :
  1° en cas d'importation et de transfert à la Région flamande : l'importateur et le transporteur ;
  2° en cas d'exportation et de transfert à un autre Etat membre de l'UE : l'exportateur, le transporteur et, si celle-ci est différente, la personne qui détient les biens sur le territoire belge ;
  3° en cas de transit : l'exportateur, le transporteur et le transitaire.
  Dans le cas visé au paragraphe 1er, alinéa 2, le demandeur désigne un représentant ayant son domicile ou siège social en Région flamande.
  La désignation visée à l'alinéa 2 n'est pas nécessaire si le demandeur :
  1° est une personne certifiée ;
  2° est l'UE, l'OTAN, l'ONU, l'AIEA ou une autre organisation intergouvernementale dont la Région flamande ou la Belgique est membre ;
  3° est un organe public ou une entité des forces armées d'un autre Etat membre de l'UE ou de l'OTAN.
  Dans le cas visé au paragraphe 1er, alinéa 2, chaque partie associée à une importation, une exportation ou un transit envisagé(e) ayant son domicile ou siège social en Région flamande, informe le demandeur le cas échéant des obligations, visées au présent décret, et peut agir comme représentant, sans préjudice de l'application de l'article 10. ".
Art. 5. Aan artikel 6 van hetzelfde decreet wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "De vereiste, vermeld in artikel 40, § 4, geldt ook voor de definitieve uitvoer van vuurwapens, inclusief onderdelen en munitie ervan, die onder de toepassing van deze titel vallen en die geen civiele vuurwapens zijn.".
Art. 5. L'article 6 du même décret est complété par un alinéa trois, rédigé comme suit:
  " L'exigence, visée à l'article 40, § 4, vaut également pour l'exportation définitive d'armes à feu, y compris leurs pièces et munitions, qui relèvent de l'application du présent titre et qui ne sont pas des armes à feu civiles. ".
Art. 6. In artikel 8 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1 en 2 worden de woorden "uit- en doorvoer" telkens vervangen door het woord "uitvoer";
  2° aan paragraaf 2 wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "Een lijst van ander voor militair gebruik dienstig materiaal wordt bijgehouden en gepubliceerd op de website van de Vlaamse overheid.";
  3° er wordt een paragraaf 2/1 ingevoegd, die luidt als volgt:
  " § 2/1. In de volgende gevallen is een vergunning als vermeld in artikel 21 vereist voor de doorvoer van de goederen, vermeld in paragraaf 1 en 2:
  1° de goederen worden van het ene transportmiddel op een ander transportmiddel overgeladen en het gaat niet over een overbrenging tussen twee lidstaten van de EU;
  2° de goederen worden van een transportmiddel gelost en nadien opnieuw op hetzelfde transportmiddel geladen en het gaat niet over een overbrenging tussen twee lidstaten van de EU;
  3° de exporteur, de vervoerder of de doorvoerder van de goederen of een andere bij de voorgenomen doorvoer betrokken partij draagt er kennis van of wordt er door de dienst die de Vlaamse Regering daarvoor heeft aangewezen, van in kennis gesteld dat:
  a) de goederen bestemd zijn of kunnen zijn voor een land dat op het moment van de voorgenomen doorvoer onderworpen is aan een wapenembargo of andere beperkende maatregelen van de VN, de EU of de OVSE;
  b) de goederen bestemd zijn of kunnen zijn voor een land waarvoor op het moment van de voorgenomen doorvoer met toepassing van artikel 43 en bij wijze van algemene maatregel de toegekende uit- en doorvoervergunningen geschorst of ingetrokken zijn of met toepassing van artikel 43/1 door de Vlaamse Regering geen enkele overbrenging, uit- of doorvoer met dat land als land van bestemming of eindgebruik wordt toegestaan;
  c) de goederen bestemd zijn of kunnen zijn voor het plegen van genocide, misdaden tegen de mensheid of oorlogsmisdaden, omschreven in de internationale verdragen waarbij België partij is;
  d) de doorvoer strijdig is of kan zijn met de verplichtingen van het Vlaamse Gewest en België als partij bij internationale verdragen of als lid van internationale regimes op het gebied van non-proliferatie of ontwapening;
  e) de doorvoer een bedreiging vormt of kan vormen voor de openbare orde of veiligheid of de wezenlijke veiligheidsbelangen van het Vlaamse Gewest en België of van andere lidstaten van de EU of de NAVO of van bevriende landen of bondgenoten.
  Als de exporteur, de vervoerder of de doorvoerder van de goederen of een andere bij de voorgenomen doorvoer betrokken partij een redelijk vermoeden heeft dat de voorgenomen doorvoer onder een of meer van de gevallen, vermeld in het eerste lid, valt of kan vallen, brengt hij de dienst die de Vlaamse Regering daarvoor heeft aangewezen, daarvan op de hoogte.
  In afwijking van het eerste lid worden de gevallen van doorvoer, vermeld in het eerste lid, 1° en 2°, toegestaan op voorlegging van documenten waaruit de voorafgaande toestemming van het land van herkomst voor de uitvoer en de voorafgaande toestemming van het land van bestemming voor de invoer blijkt, of van documenten waaruit blijkt dat de uitvoer of invoer voltrokken kan worden zonder die voorafgaande toestemming, als het doorvoer betreft van een van de volgende soorten goederen:
  1° goederen waarvan het eindgebruik zich afspeelt in een andere lidstaat van de EER;
  2° goederen die eigendom zijn van de strijdkrachten van een andere lidstaat van de EER en die louter voor het eigen gebruik door de betreffende strijdkrachten worden doorgevoerd.
  De Vlaamse Regering kan bepalen dat de afwijking, vermeld in het derde lid, ook geldt voor een of meer lidstaten van de NAVO of van het Wassenaar Arrangement.";
  4° in paragraaf 3, tweede lid, worden de woorden "uit- en" opgeheven.
Art. 6. A l'article 8 du même décret les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans les paragraphes 1er et 2, les mots " l'exportation et le transit temporaire et définitif " sont remplacés par les mots " l'exportation définitive " et les mots " l'exportation et le transit temporaires et définitifs " sont chaque fois remplacés par les mots " l'exportation temporaire et définitive " ;
  2° le paragraphe 2 est complété par un alinéa 2, rédigé comme suit :
  " Une liste d'autre matériel à usage militaire est tenue et publiée sur le site web de l'Autorité flamande. " ;
  3° il est inséré un paragraphe 2/1, rédigé comme suit :
  " § 2/1. Dans les cas suivants, une licence telle que visée à l'article 21 est requise pour le transit des biens visés aux paragraphes 1er et 2 :
  1° les biens sont transbordés d'un moyen de transport à un autre moyen de transport et il ne s'agit pas d'un transfert entre deux Etats membres de l'UE ;
  2° les biens sont déchargés d'un moyen de transport et sont ensuite à nouveau chargés sur le même moyen de transport, et il ne s'agit pas d'un transfert entre deux Etats membres de l'UE ;
  3° l'exportateur, le transporteur ou le transitaire des biens ou une autre partie associée au transit envisagé, en a connaissance ou en est informé(e) par le service désigné à cet effet par le Gouvernement flamand, que :
  a) les biens sont ou peuvent être destinés à un pays qui, au moment du transit envisagé, est soumis à un embargo sur les armes ou à d'autres mesures restrictives imposées par l'ONU, l'UE ou l'OSCE ;
  b) les biens sont ou peuvent être destinés à un pays pour lequel, au moment du transit envisagé, en application de l'article 43 et à titre de mesure générale, les autorisations d'exportation et de transit accordées sont suspendues ou retirées ou, en application de l'article 43/1, aucuns transfert, exportation ou transit ne sont autorisés avec ce pays comme pays de destination ou d'utilisation finale ;
  c) les biens sont ou peuvent être destinés à commettre des génocides, des crimes contre l'humanité ou des crimes de guerre, décrits dans les traités internationaux auxquels la Belgique est partie ;
  d) le transit est ou peut être contraire aux obligations de la Région flamande et de la Belgique en tant que partie aux traités internationaux ou en tant que membre de régimes internationaux dans le domaine de la non-prolifération ou du désarmement ;
  e) le transit constitue ou peut constituer une menace pour l'ordre public ou la sécurité ou pour les intérêts essentiels de sécurité de la Région flamande et de la Belgique ou d'autres Etats membres de l'UE ou de l'OTAN ou de pays amis ou alliés.
  Si l'exportateur, le transporteur ou le transitaire des biens ou une autre partie associée au transit envisagé, a une présomption raisonnable que le transit envisagé relève ou peut relever d'un des cas, visés à l'alinéa 1er, il en informe le service désigné à cet effet par le Gouvernement flamand.
  Par dérogation à l'alinéa 1er, les cas de transit, visés à l'alinéa 1er, 1° et 2°, sont autorisés sur présentation de documents attestant de l'autorisation préalable du pays d'origine pour l'exportation, et de l'autorisation préalable du pays de destination pour l'importation, ou de documents dont il ressort que l'exportation ou l'importation peut être exécutée sans l'autorisation préalable, lorsqu'il s'agit du transit d'un des types de biens suivants :
  1° des biens dont l'utilisation finale se déroule dans un autre Etat membre de l'EER ;
  2° des biens qui sont la propriété des forces armées d'un autre Etat membre de l'EER, et qui sont transités uniquement en vue de l'utilisation propre par les forces armées en question.
  Le Gouvernement flamand peut arrêter que la dérogation, visée à l'alinéa 3, vaut également pour un ou plusieurs Etats membres de l'OTAN ou de l'Arrangement de Wassenaar. " ;
  4° dans le paragraphe 3, alinéa 2, les mots " l'exportation et l'importation temporaires et définitives nécessitent " sont remplacés par les mots " l'importation temporaire et définitive nécessite ".
Art. 7. In artikel 10 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1 wordt het woord "persoon" vervangen door de zinsnede "aanvrager of, als de aanvrager geen woonplaats of maatschappelijke zetel in België heeft, zijn vertegenwoordiger met woonplaats of maatschappelijke zetel in het Vlaamse Gewest,";
  2° paragraaf 2 wordt vervangen door wat volgt:
  " § 2. De machtiging, vermeld in paragraaf 1, wordt toegekend nadat is vastgesteld dat de aanvrager beschikt over de noodzakelijke moraliteit en betrouwbaarheid voor de uitoefening van activiteiten met betrekking tot defensiegerelateerde producten, ander voor militair gebruik dienstig materiaal en ordehandhavingsmateriaal.
  Bij de beoordeling van de moraliteit van de aanvrager wordt rekening gehouden met de strafbare feiten, gepleegd door de aanvrager, en, als de aanvrager een rechtspersoon is, iedere bestuurder, zaakvoerder, commissaris van de rechtspersoon en elke bijzondere gemachtigde van de rechtspersoon die bevoegd is voor in-, uit-, doorvoer en overbrenging, die zijn vastgesteld in een proces-verbaal of die aanleiding hebben gegeven tot een strafrechtelijke veroordeling of een maatregel die het verval van de strafvordering inhoudt, en kan het advies gevraagd worden van de procureur des Konings van het arrondissement waar de aanvrager is gevestigd, van de Veiligheid van de Staat, van de Administratie der Douane en Accijnzen van de FOD Financiën en van de federale politie.
  Bij de beoordeling van de betrouwbaarheid van de aanvrager wordt rekening gehouden met het interne programma tot naleving van de overbrengings- en uitvoercontroleprocedure of het uitvoerbeheerssysteem van de aanvrager en, als de aanvrager een rechtspersoon is, met de benoeming van een directielid van de aanvrager dat persoonlijk verantwoordelijk is voor in-, uit-, doorvoer en overbrenging.
  De Vlaamse Regering stelt de procedure voor de aanvraag en toekenning en de nadere regels van de voorafgaande machtiging en de procedure voor het moraliteits- en betrouwbaarheidsonderzoek vast.".
Art. 7. A l'article 10 du même décret les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 1er, les mots " Toute personne " sont remplacés par le membre de phrase " Tout demandeur ou, si le demandeur n'a pas de domicile ou de siège social en Belgique, son représentant ayant son domicile ou siège social en Région flamande, " ;
  2° le paragraphe 2 est remplacé par ce qui suit :
  " § 2. L'autorisation visée au paragraphe 1er est accordée après avoir établi que le demandeur possède la moralité et la fiabilité nécessaires à l'exercice d'activités portant sur des produits liés à la défense, d'autre matériel à usage militaire et du matériel de maintien de l'ordre.
  Pour juger de la moralité du demandeur, il est tenu compte des faits punissables commis par le demandeur et, si le demandeur est une personne morale, tout administrateur, gérant, commissaire de la personne morale et tout mandataire particulier de la personne morale qui est compétent pour l'importation, l'exportation, le transit et le transfert, et ayant fait l'objet d'un procès-verbal ou ayant donné lieu à une condamnation pénale ou une mesure prévoyant l'extinction de l'action publique. Il est également possible de solliciter l'avis du procureur du Roi de l'arrondissement où le demandeur est établi, de la Sûreté de l'Etat, de l'Administration des Douanes et Accises du SPF Finances, et de la police fédérale.
  Pour juger de la fiabilité du demandeur, il est tenu compte du programme interne visant le respect de la procédure de contrôle du transfert et de l'exportation ou du système de gestion de l'exportation du demandeur et, si le demandeur est une personne morale, de la nomination d'un membre de direction du demandeur qui est personnellement responsable de l'importation, de l'exportation, du transit et du transfert.
  Le Gouvernement flamand fixe la procédure de demande et d'octroi et les modalités de l'autorisation précitée ainsi que la procédure applicable à l'enquête de moralité et de fiabilité. ".
Art. 8. Aan artikel 12, § 2, van hetzelfde decreet wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "De aanvrager houdt van de melding, vermeld in het tweede lid, een schriftelijk bewijs bij.".
Art. 8. L'article 12, § 2, du même décret est complété par un alinéa 3, rédigé comme suit :
  " Le demandeur tient une preuve écrite de la communication, visée à l'alinéa 2. ".
Art. 9. Aan artikel 14, § 6, van hetzelfde decreet wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "De dienst die de Vlaamse Regering daarvoor heeft aangewezen, kan de registratie weigeren als er gegronde redenen zijn om aan te nemen dat de persoon in kwestie niet over de evenredige en passende middelen en procedures beschikt om te kunnen voldoen aan de verplichtingen die op het vlak van de overbrengingscontrole en de rapportering, vermeld in artikel 12 en 49, verbonden zijn of kunnen zijn aan het gebruik van een algemene vergunning.".
Art. 9. L'article 14, § 6, du même décret, est complété par un alinéa 2, rédigé comme suit :
  " Le service désigné à cet effet par le Gouvernement flamand, peut refuser l'enregistrement s'il existe des raisons légitimes de supposer que la personne en question ne dispose pas de moyens et de procédures proportionnés et adéquats pour répondre aux obligations qui sont ou peuvent être liées à l'utilisation d'une licence générale, en matière de contrôle des transferts et d'établissement de rapports, visés aux articles 12 et 49. ".
Art. 10. In artikel 16, tweede lid, van hetzelfde decreet wordt punt 5° vervangen door wat volgt:
  "5° het gebruik van de algemene en de globale vergunning is niet toegestaan met toepassing van artikel 14, § 6, en artikel 15, § 3.".
Art. 10. Dans l'article 16, alinéa 2, du même décret, le point 5° est remplacé par ce qui suit :
  " 5° l'utilisation de la licence générale et globale n'est pas autorisée en application de l'article 14, § 6, et de l'article 15, § 3. ".
Art. 11. In artikel 19 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° paragraaf 2 wordt vervangen door wat volgt:
  " § 2. Met behoud van de toepassing van de relevante verplichtingen en verbintenissen van het Vlaamse Gewest en België voegt de aanvrager bij zijn aanvraag een verklaring van de eindgebruiker en, als dat van toepassing is, een internationaal invoercertificaat of een kopie van de invoervergunning.
  De Vlaamse Regering stelt de nadere regels van de verklaring van de eindgebruiker vast.";
  2° in paragraaf 3, eerste lid, worden tussen de woorden "verificatie van de eindgebruiker" en de woorden "of relevante verbintenissen" de woorden "of bijkomende gegevens" ingevoegd;
  3° aan paragraaf 3, tweede lid, wordt een punt 3° toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "3° het exportcontrolebeleid en de effectiviteit van het exportcontrolesysteem van het opgegeven land van eindgebruik buiten de EU aanleiding tot bezorgdheid zou kunnen geven.".
Art. 11. A l'article 19 du même décret les modifications suivantes sont apportées :
  1° le paragraphe 2 est remplacé par ce qui suit :
  " § 2. Sans préjudice de l'application des obligations et des engagements pertinents de la Région flamande et de la Belgique, le demandeur joint à sa demande une déclaration de l'utilisateur final et, si applicable, un certificat d'importation international ou une copie de la licence d'importation.
  Le Gouvernement flamand arrête les modalités de la déclaration de l'utilisateur final. " ;
  2° dans le paragraphe 3, alinéa 1er, les mots " ou des données supplémentaires " sont insérés entre les mots " vérification de l'utilisateur final " et les mots " ou des engagements pertinents " ;
  3° le paragraphe 3, alinéa 2, est complété par un point 3°, rédigé comme suit :
  " 3° la politique en matière de contrôle des exportations et l'efficacité du système de contrôle des exportations du pays mentionné d'utilisation finale en dehors de l'UE pourrait susciter des préoccupations. ".
Art. 12. In hetzelfde decreet wordt een artikel 19/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Art. 19/1. Personen die een individuele of globale vergunning aanvragen voor defensiegerelateerde producten die eerder vanuit een ander land zijn overgebracht of ingevoerd, en waaraan overbrengings- of uitvoervoorwaarden of overbrengings- of uitvoerbeperkingen verbonden zijn, voegen bij hun aanvraag de documenten die aantonen dat ze aan de voorwaarden en beperkingen hebben voldaan, eventueel met inbegrip van het feit dat ze van het land van herkomst de vereiste toestemming voor de overbrenging hebben verkregen.".
Art. 12. Dans le même décret, il est inséré un article 19/1, rédigé comme suit :
  " Art. 19/1. Les personnes qui demandent une licence individuelle ou globale pour des produits liés à la défense, qui sont transférés ou importés antérieurement depuis un autre pays, et qui sont assortis de conditions de transfert ou d'exportation ou de limites de transfert ou d'exportation, joignent à leur demande les documents attestant qu'ils ont répondu aux conditions et aux limites, y compris éventuellement le fait qu'ils ont obtenu l'autorisation de transfert requise du pays d'origine. ".
Art. 13. Aan artikel 20 van hetzelfde decreet wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "In elk geval kan de vergunning geweigerd worden als er een duidelijk risico bestaat dat de goederen in kwestie:
  1° een andere bestemming krijgen dan is aangegeven in de aanvraag of onder ongewenste voorwaarden opnieuw uitgevoerd of overgebracht worden;
  2° een bedreiging vormen voor de openbare orde of veiligheid of de wezenlijke veiligheidsbelangen van het Vlaamse Gewest en België of van andere lidstaten van de EU of de NAVO of van bevriende landen of bondgenoten.".
Art. 13. L'article 20 du même décret est complété par un alinéa 2, rédigé comme suit :
  " En tout cas, la licence peut être refusée s'il existe un risque manifeste que les biens en question :
  1° reçoivent une autre destination que celle indiquée dans la demande ou soient réexportées ou transférées dans des conditions indésirables ;
  2° constituent ou peuvent constituer une menace pour l'ordre public ou la sécurité ou pour les intérêts essentiels de sécurité de la Région flamande et de la Belgique ou d'autres Etats membres de l'UE ou de l'OTAN ou de pays amis ou alliés. ".
Art. 14. In artikel 24 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° paragraaf 2 wordt vervangen door wat volgt:
  " § 2. Met behoud van de toepassing van de relevante verplichtingen en verbintenissen van het Vlaamse Gewest en België voegt de aanvrager bij zijn aanvraag een verklaring van de eindgebruiker en, als dat van toepassing is, een internationaal invoercertificaat of een kopie van de invoervergunning.
  De Vlaamse Regering stelt de nadere regels van de verklaring van de eindgebruiker vast.";
  2° in paragraaf 3, eerste lid, worden tussen de woorden "verificatie van de eindgebruiker" en de woorden "of relevante verbintenissen" de woorden "of bijkomende gegevens" ingevoegd.
Art. 14. A l'article 24 du même décret les modifications suivantes sont apportées :
  1° le paragraphe 2 est remplacé par ce qui suit :
  " § 2. Sans préjudice de l'application des obligations et des engagements pertinents de la Région flamande et de la Belgique, le demandeur joint à sa demande une déclaration de l'utilisateur final et, si applicable, un certificat d'importation international ou une copie de la licence d'importation.
  Le Gouvernement flamand arrête les modalités de la déclaration de l'utilisateur final. " ;
  2° dans le paragraphe 3, alinéa 1er, les mots " ou des données supplémentaires " sont insérés entre les mots " vérification de l'utilisateur final " et les mots " ou des engagements pertinents ".
Art. 15. Artikel 25 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt:
  "Art. 25. Personen die een vergunning aanvragen voor goederen die eerder vanuit een ander land zijn overgebracht of ingevoerd, en waaraan overbrengings- of uitvoervoorwaarden of overbrengings- of uitvoerbeperkingen verbonden zijn, voegen bij hun aanvraag de documenten die aantonen dat ze aan de voorwaarden en beperkingen hebben voldaan, eventueel met inbegrip van het feit dat ze van het land van herkomst de vereiste toestemming voor de uitvoer hebben verkregen.".
Art. 15. L'article 25 du même décret est remplacé par ce qui suit :
  " Art. 25. Les personnes qui demandent une licence pour des biens qui sont transférés ou importés antérieurement depuis un autre pays, et qui sont assortis de conditions de transfert ou d'exportation ou de limites de transfert ou d'exportation, joignent à leur demande les documents attestant qu'ils ont répondu aux conditions et aux limites, y compris éventuellement le fait qu'ils ont obtenu l'autorisation d'exportation requise du pays d'origine. ".
Art. 16. In artikel 26 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 3, derde lid, worden de woorden "gebruikt zullen worden" vervangen door de woorden "gebruikt zouden worden";
  2° aan paragraaf 3, derde lid, worden de woorden "of voor het vergemakkelijken of in de hand werken daarvan" toegevoegd;
  3° in paragraaf 4, tweede lid, wordt het woord "zullen" telkens vervangen door het woord "kunnen";
  4° in paragraaf 5, tweede lid, paragraaf 6 en paragraaf 8, tweede en derde lid, wordt het woord "zullen" telkens vervangen door het woord "zouden".
Art. 16. A l'article 26 du même décret les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 3, alinéa 3, le mot " servent " est remplacé par le mot " serviraient " ;
  2° le paragraphe 3, alinéa 3, est complété par les mots " ou à leur facilitation ou promotion " ;
  3° dans le texte néerlandais du § 4, alinéa 2, le mot " zullen " est chaque fois remplacé par le mot " kunnen " ;
  4° dans le texte néerlandais du paragraphe 5, alinéa 2, paragraphe 6 et paragraphe 8, alinéas 2 et 3, le mot " zullen " est chaque fois remplacé par le mot " zouden ".
Art. 17. In artikel 28 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° aan punt 1° wordt de volgende zin toegevoegd:
  "Zo wordt een aanvraag geweigerd als vaststaat dat de toekenning van een vergunning strijdig is met een maatregel die opgelegd is met toepassing van artikel 43/1;";
  2° aan punt 3° wordt de volgende zin toegevoegd:
  "Zo wordt een aanvraag geweigerd als er een duidelijk risico bestaat dat de goederen of de technologie in kwestie gebruikt zouden worden voor de toepassing van de doodstraf of voor het vergemakkelijken of in de hand werken daarvan;".
Art. 17. A l'article 28 du même décret les modifications suivantes sont apportées :
  1° le point 1° est complété par la phrase suivante :
  " Ainsi, une demande est refusée lorsqu'il est établi que l'octroi d'une autorisation est contraire à une mesure imposée en application de l'article 43/1 ; " ;
  2° le point 3° est complété par la phrase suivante :
  " Ainsi, une demande est refusée lorsqu'il existe un risque manifeste que les biens ou la technologie en question servent à l'application de la peine capitale ou à sa facilitation ou promotion ; ".
Art. 18. Aan artikel 29 van hetzelfde decreet wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "Deze titel stelt tevens voorschriften vast over de uitvoer van civiele vuurwapens, onderdelen en munitie, in overeenstemming met artikel 3, 4, 7, 8, 9, 10 en 11 van Vuurwapenverordening 258/2012.".
Art. 18. L'article 29 du même décret est complété par un alinéa 2, rédigé comme suit :
  " Le présent titre établit également des prescriptions relatives à l'exportation d'armes à feu civiles, de pièces et de munitions, conformément aux articles 3, 4, 7, 8, 9, 10 et 11 du Règlement sur les armes à feu 258/2012. ".
Art. 19. In artikel 30 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1 wordt de zinsnede ", uit- en doorvoer" vervangen door de woorden "en uitvoer";
  2° aan paragraaf 1 worden een tweede tot en met een vijfde lid toegevoegd, die luiden als volgt:
  "In de volgende gevallen is ook een vergunning vereist voor de doorvoer van de goederen, vermeld in het eerste lid:
  1° de goederen worden van het ene transportmiddel op een ander transportmiddel overgeladen en het gaat niet over een overbrenging tussen twee lidstaten van de EU of over een uitvoer vanuit een EU-lidstaat op basis van Vuurwapenverordening 258/2012;
  2° de goederen worden van een transportmiddel gelost en nadien opnieuw op hetzelfde transportmiddel geladen en het gaat niet over een overbrenging tussen twee lidstaten van de EU of over een uitvoer vanuit een EU-lidstaat op basis van Vuurwapenverordening 258/2012;
  3° de exporteur, de vervoerder of de doorvoerder van de goederen of een andere bij de voorgenomen doorvoer betrokken partij draagt er kennis van of wordt er door de dienst die de Vlaamse Regering daarvoor heeft aangewezen, van in kennis gesteld dat:
  a) de goederen bestemd zijn of kunnen zijn voor een land dat op het moment van de voorgenomen doorvoer onderworpen is aan een wapenembargo of andere beperkende maatregelen van de VN, de EU of de OVSE;
  b) de goederen bestemd zijn of kunnen zijn voor een land waarvoor op het moment van de voorgenomen doorvoer met toepassing van artikel 43 en bij wijze van algemene maatregel de toegekende uit- en doorvoervergunningen geschorst of ingetrokken zijn of met toepassing van artikel 43/1 door de Vlaamse Regering geen enkele overbrenging, uit- of doorvoer met dat land als land van bestemming of eindgebruik wordt toegestaan;
  c) de goederen bestemd zijn of kunnen zijn voor het plegen van genocide, misdaden tegen de mensheid of oorlogsmisdaden, omschreven in de internationale verdragen waarbij België partij is;
  d) de doorvoer strijdig is of kan zijn met de verplichtingen van het Vlaamse Gewest en België als partij bij internationale verdragen of als lid van internationale regimes op het gebied van non-proliferatie of ontwapening;
  e) de doorvoer een bedreiging vormt of kan vormen voor de openbare orde of veiligheid of de wezenlijke veiligheidsbelangen van het Vlaamse Gewest en België of van andere lidstaten van de EU of de NAVO of van bevriende landen of bondgenoten.
  Als de exporteur, de vervoerder of de doorvoerder van de goederen of een andere bij de voorgenomen doorvoer betrokken partij een redelijk vermoeden heeft dat de voorgenomen doorvoer onder een of meer van de gevallen, vermeld in het tweede lid, valt of kan vallen, brengt hij de dienst die de Vlaamse Regering daarvoor heeft aangewezen, daarvan op de hoogte.
  In afwijking van het tweede lid worden de gevallen van doorvoer, vermeld in het tweede lid, 1° en 2°, toegestaan op voorlegging van documenten waaruit de voorafgaande toestemming van het land van herkomst voor de uitvoer en de voorafgaande toestemming van het land van bestemming voor de invoer blijkt, of van documenten waaruit blijkt dat de uitvoer of invoer voltrokken kan worden zonder die voorafgaande toestemming, als het doorvoer betreft van een van de volgende soorten goederen:
  1° goederen waarvan het eindgebruik zich afspeelt in een andere lidstaat van de EER;
  2° goederen die eigendom zijn van de strijdkrachten van een andere lidstaat van de EER en die louter voor eigen gebruik door de betreffende strijdkrachten worden doorgevoerd.
  De Vlaamse Regering kan bepalen dat de afwijking, vermeld in het vierde lid, ook geldt voor een of meer lidstaten van de NAVO of van het Wassenaar Arrangement.".
Art. 19. A l'article 30 du même décret les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 1er, le membre de phrase " l'exportation, le transit, " est remplacé par les mots " et l'exportation " ;
  2° le paragraphe 1er est complété par les alinéas 2 à 5 inclus, rédigés comme suit :
  " Dans les cas suivants, une autorisation est également requise pour le transit des biens, visés à l'alinéa 1er :
  1° les biens sont transbordés d'un moyen de transport à un autre moyen de transport et il ne s'agit pas d'un transfert entre deux Etats membres de l'UE ou d'une exportation depuis un Etat membre de l'UE sur la base du Règlement sur les armes à feu 258/2012 ;
  2° les biens sont déchargés d'un moyen de transport et sont ensuite à nouveau chargés sur le même moyen de transport, et il ne s'agit pas d'un transfert entre deux Etats membres de l'UE ou d'une exportation depuis un Etat membre de l'UE sur la base du Règlement sur les armes à feu 258/2012 ;
  3° l'exportateur, le transporteur ou le transitaire des biens ou une autre partie associée au transit envisagé, en a connaissance ou en est informée par le service désigné à cet effet par le Gouvernement flamand, que :
  a) les biens sont ou peuvent être destinés à un pays qui, au moment du transit envisagé, est soumis à un embargo sur les armes ou à d'autres mesures restrictives imposées par l'ONU, l'UE ou l'OSCE ;
  b) les biens sont ou peuvent être destinés à un pays pour lequel, au moment du transit envisagé, en application de l'article 43 et à titre de mesure générale, les autorisations d'exportation et de transit accordées sont suspendues ou retirées ou, en application de l'article 43/1, aucuns transfert, exportation ou transit ne sont autorisés avec ce pays comme pays de destination ou d'utilisation finale ;
  c) les biens sont ou peuvent être destinés à commettre des génocides, des crimes contre l'humanité ou des crimes de guerre, décrits dans les traités internationaux auxquels la Belgique est partie ;
  d) le transit est ou peut être contraire aux obligations de la Région flamande et de la Belgique en tant que partie aux traités internationaux ou en tant que membre de régimes internationaux dans le domaine de la non-prolifération ou du désarmement ;
  e) le transit constitue ou peut constituer une menace pour l'ordre public ou la sécurité ou pour les intérêts essentiels de sécurité de la Région flamande et de la Belgique ou d'autres Etats membres de l'UE ou de l'OTAN ou de pays amis ou alliés.
  Si l'exportateur, le transporteur ou le transitaire des biens ou une autre partie associée au transit envisagé, a une présomption raisonnable que le transit envisagé relève ou peut relever d'un des cas, visés à l'alinéa 2, il en informe le service désigné à cet effet par le Gouvernement flamand.
  Par dérogation à l'alinéa 2, les cas de transit, visés à l'alinéa 2, 1° et 2°, sont autorisés sur présentation de documents attestant de l'autorisation préalable du pays d'origine pour l'exportation, et de l'autorisation préalable du pays de destination pour l'importation, ou de documents dont il ressort que l'exportation ou l'importation peut être exécutée sans l'autorisation préalable, lorsqu'il s'agit du transit d'un des types de biens suivants :
  1° des biens dont l'utilisation finale se déroule dans un autre Etat membre de l'EER ;
  2° des biens qui sont la propriété des forces armées d'un autre Etat membre de l'EER, et qui sont transités uniquement en vue de l'utilisation propre par les forces armées en question.
  Le Gouvernement flamand peut arrêter que la dérogation, visée à l'alinéa 4, vaut également pour un ou plusieurs Etats membres de l'OTAN ou de l'Arrangement de Wassenaar. ".
Art. 20. In artikel 31, § 2, van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° het derde lid wordt vervangen door wat volgt:
  "In afwijking van het eerste lid wordt in de volgende gevallen de in-, uit-, doorvoer of overbrenging toegestaan zonder opgave van de betreffende serienummers, op voorwaarde dat ze uiterlijk twee werkdagen voor elke zending op basis van de toegekende vergunning worden meegedeeld aan de dienst die de Vlaamse Regering daarvoor heeft aangewezen:
  1° de civiele vuurwapens, onderdelen of munitie zijn besteld bij de producent en zijn nog in productie;
  2° de civiele vuurwapens, onderdelen of munitie zullen verworven worden in het kader van een veiling of een beurs.";
  2° het vierde en het vijfde lid worden opgeheven.
Art. 20. A l'article 31, § 2, du même décret, sont apportées les modifications suivantes :
  1° l'alinéa trois est remplacé par ce qui suit :
  " Par dérogation à l'alinéa 1er, l'importation, l'exportation, le transit ou le transfert sont autorisés sans mentionner le numéro de série correspondant, à condition qu'ils soient communiqués au plus tard deux jours ouvrables avant chaque envoi sur la base de l'autorisation accordée, au service désigné à cet effet par le Gouvernement flamand, dans les cas suivants :
  1° les armes à feu civiles, pièces et munitions ont été commandées auprès du producteur et sont encore en production ;
  2° les armes à feu civiles, pièces et munitions seront acquises dans le cadre d'une vente aux enchères ou d'une bourse. " ;
  2° les alinéas 4 et 5 sont abrogés.
Art. 21. Aan artikel 33, § 2, van hetzelfde decreet wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "De aanvrager houdt van de melding, vermeld in het tweede lid, een schriftelijk bewijs bij.".
Art. 21. L'article 33, § 2, du même décret est complété par un alinéa 3, rédigé comme suit :
  " Le demandeur tient une preuve écrite de la communication, visée à l'alinéa 2. ".
Art. 22. In artikel 36 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° aan paragraaf 1, eerste lid, wordt de zinsnede "of die voor doeleinden van demonstratie of expositie zonder verkoop of van onderhoud, evaluatie en herstelling voor de duur van de betreffende activiteiten tijdelijk vanuit en naar lidstaten van de EU over te brengen, op voorwaarde dat ze een bewijs kunnen voorleggen dat aantoont dat ze de goederen daadwerkelijk voor dergelijke activiteiten overbrengen" toegevoegd;
  2° in paragraaf 1, tweede lid, worden tussen de woorden "van deze" en het woord "kennisgeving" de woorden "open vergunning en" ingevoegd;
  3° paragraaf 2 wordt opgeheven.
Art. 22. A l'article 36 du même décret les modifications suivantes sont apportées :
  1° le paragraphe 1er, alinéa 1er, est complété par le membre de phrase " ou à les transférer temporairement entre des Etats membres de l'UE, à des fins de démonstration ou d'exposition sans vente et d'entretien, d'évaluation et de réparation pour la durée des activités concernées, à condition d'être en mesure de prouver que les biens sont réellement transférés dans le cadre de ces activités " ;
  2° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, les mots " licence ouverte et " sont insérés entre les mots " cette " et le mot " notification ".
  3° le paragraphe 2 est abrogé.
Art. 23. In artikel 39 van hetzelfde decreet wordt paragraaf 2 vervangen door wat volgt:
  " § 2. In afwijking van artikel 38 kunnen personen die in het bezit zijn van de open vergunning, vermeld in artikel 36, § 1, op basis van een voorafgaande kennisgeving en voor de duur van de betreffende activiteiten vergunningsplichtige vuurwapens en vrij verkrijgbare vuurwapens die door de Vlaamse Regering niet vrijgesteld zijn van de vergunning tot in- en uitvoer, en onderdelen en munitie ervan tijdelijk in- en uitvoeren voor doeleinden van demonstratie of expositie zonder verkoop en van onderhoud, evaluatie, herstelling en tijdelijke opslag, op voorwaarde dat ze een bewijs kunnen voorleggen dat aantoont dat ze de goederen daadwerkelijk voor dergelijke activiteiten in- of uitvoeren.
  De Vlaamse Regering stelt de nadere regels van de kennisgeving, vermeld in het eerste lid, vast.".
Art. 23. Dans l'article 39 du même décret, le paragraphe 2 est remplacé par ce qui suit :
  " § 2. Par dérogation à l'article 38, les personnes en possession de la licence ouverte, visée à l'article 36, § 1er, peuvent, sur la base d'une notification préalable et pour la durée des activités concernées, temporairement importer et exporter des armes à feu soumises à autorisation et des armes à feu en vente libre qui ne sont pas exemptées de la licence d'importation et d'exportation, et leurs pièces et munitions, à des fins de démonstration ou d'exposition sans vente et d'entretien, d'évaluation, de réparation et de stockage temporaire, à condition d'être en mesure de prouver que les biens sont réellement importés ou exportés dans le cadre de ces activités.
  Le Gouvernement flamand arrête les modalités de la notification, visée à l'alinéa 1er. ".
Art. 24. In artikel 40 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 2, tweede lid, wordt de zinsnede "een document dat de eindgebruiker en het eindgebruik vermeldt, zoals een verklaring van de eindgebruiker" vervangen door de woorden "een verklaring van de eindgebruiker";
  2° aan paragraaf 2 wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "De Vlaamse Regering stelt de nadere regels van de verklaring van de eindgebruiker vast.";
  3° in paragraaf 3, eerste lid, worden tussen de woorden "verificatie van de eindgebruiker" en de woorden "of relevante verbintenissen" de woorden "of bijkomende gegevens" ingevoegd.
Art. 24. A l'article 40 du même décret les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 2, alinéa 2, le membre de phrase " un document sur lequel l'utilisateur et l'utilisation finaux sont indiqués, par exemple une déclaration de l'utilisateur final " est remplacé par les mots " une déclaration de l'utilisateur final " ;
  2° le paragraphe 2 est complété par un alinéa 3, rédigé comme suit :
  " Le Gouvernement flamand arrête les modalités de la déclaration de l'utilisateur final. " ;
  3° dans le paragraphe 3, alinéa 1er, les mots " ou des données supplémentaires " sont insérés entre les mots " vérification de l'utilisateur final " et les mots " ou des engagements pertinents ".
Art. 25. In artikel 43, § 1, van hetzelfde decreet worden tussen de woorden "van dit decreet" en de woorden "zijn toegekend" de woorden "of op basis van Vuurwapenverordening 258/2012" ingevoegd.
Art. 25. Dans l'article 43, § 1er, du même décret, les mots " ou sur la base du Règlement sur les armes à feu 258/2012 " sont insérés entre les mots " dans le cadre du présent décret " et le mot " , peut ".
Art. 26. In hetzelfde decreet wordt een titel 4/1 ingevoegd, die luidt als volgt:
  "Titel 4/1. - Algemene beperkende maatregelen".
Art. 26. Dans le même décret, il est inséré un titre 4/1, rédigé comme suit :
  " TITRE 4/1. - Mesures restrictives générales ".
Art. 27. In hetzelfde decreet wordt in titel 4/1, ingevoegd bij artikel 26, een artikel 43/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Art. 43/1. § 1. Als in een land omstandigheden plaatsvinden of hebben plaatsgevonden die een dermate belangrijk effect kunnen hebben op de toets, vermeld in artikel 26, 28, 41 en 42, en als wordt geoordeeld dat in die omstandigheden elke overbrenging, uit- of doorvoer met dat land als land van bestemming of eindgebruik in strijd zou zijn met de criteria, vermeld in de voormelde artikelen, kan de Vlaamse Regering beslissen dat voor een periode van ten hoogste zes maanden geen enkele overbrenging, uit- of doorvoer met dat land als land van bestemming of eindgebruik wordt toegestaan.
  De Vlaamse Regering vermeldt in de beslissing, vermeld in het eerste lid, voor welke eindgebruikers of categorieën van eindgebruikers en voor welke categorieën van goederen als vermeld in artikel 7, 8 en 30, de maatregel geldt.
  De Vlaamse Regering kan beslissen dat de overbrenging, uit- en doorvoer toch toegestaan kunnen worden als het betreffende land het land van bestemming, maar niet het land van eindgebruik is.
  § 2. Elke maatregel die met toepassing van paragraaf 1 wordt uitgevaardigd, wordt periodiek geëvalueerd.
  Als het op basis van de omstandigheden in het betreffende land op dat moment noodzakelijk wordt geacht, kan de maatregel, vermeld in paragraaf 1, telkens voor een periode van ten hoogste zes maanden verlengd of aangepast worden.
  § 3. De Vlaamse Regering stelt de procedure voor het opleggen, verlengen en aanpassen van de maatregel, vermeld in paragraaf 1, en de nadere regels ervan vast.
  De uitvaardiging, verlenging, niet-verlenging of aanpassing van de maatregel, vermeld in paragraaf 1, wordt onmiddellijk na de beslissing gemeld aan het Vlaams Parlement en gepubliceerd op de website van de Vlaamse overheid.".
Art. 27. Dans le même décret, dans le titre 4/1, inséré par l'article 26, il est inséré un article 43/1, rédigé comme suit :
  " Art. 43/1. § 1er. Si des circonstances se sont produites ou se produisent dans un pays, qui peuvent avoir un effet très important sur l'évaluation, visée aux articles 26, 28, 41 et 42, et si l'on estime que, dans ces circonstances, chaque transfert, exportation ou transit avec ce pays comme pays de destination ou d'utilisation finale serait contraire aux critères visés aux articles précédents, le Gouvernement flamand peut décider qu'aucun transfert, exportation ou transit avec ce pays comme pays de destination ou d'utilisation finale n'est autorisé pendant une période de six mois au maximum.
  Dans la décision visée à l'alinéa 1er, le Gouvernement flamand mentionne les utilisateurs finaux ou les catégories d'utilisateurs finaux et les catégories de biens tels que visés aux articles 7, 8 et 30, auxquels la mesure s'applique.
  Le Gouvernement flamand peut décider que le transfert, l'exportation et le transit peuvent tout de même être autorisés si le pays concerné est le pays de destination mais non pas le pays d'utilisation finale.
  § 2. Chaque mesure qui est émise en application du paragraphe 1er, est évaluée périodiquement.
  S'il est jugé nécessaire, sur la base des circonstances dans le pays concerné à ce moment-là, la mesure visée au paragraphe 1er peut être prolongée ou adaptée chaque fois pour une période de six mois au maximum.
  § 3. Le Gouvernement flamand arrête la procédure pour l'imposition, la prolongation et l'adaptation de la mesure, visée au paragraphe 1er, ainsi que les modalités en la matière.
  La promulgation, la prolongation, la non-prolongation ou l'adaptation de la mesure visée au paragraphe 1er, est communiquée immédiatement après la décision au Parlement flamand et publiée sur le site web de l'Autorité flamande. ".
Art. 28. In artikel 45, eerste lid, van hetzelfde decreet worden de woorden "machtiging of certificaat" vervangen door de zinsnede "machtiging, certificaat of schriftelijke bevestiging".
Art. 28. Dans l'article 45, alinéa 1er, du même décret, les mots " d'autorisation ou de certificat " sont remplacés par le membre de phrase " d'autorisation, de certificat ou de confirmation écrite ".
Art. 29. Artikel 46 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt:
  "Art. 46. § 1. Met behoud van de toepassing van de bevoegdheden van de officieren en agenten van gerechtelijke politie en de personeelsleden van de Administratie der Douane en Accijnzen van de FOD Financiën houden de personeelsleden die de Vlaamse Regering aanwijst, hierna toezichthouders te noemen, toezicht op de naleving van dit decreet, Vuurwapenverordening 258/2012, en de uitvoeringsbesluiten ervan.
  § 2. Als dat redelijkerwijs nuttig kan zijn voor de vervulling van hun opdracht, kunnen toezichthouders gebruikmaken van de volgende rechten:
  1° op elk moment, met het nodige materiaal, elke plaats betreden. Tot bewoonde lokalen hebben ze echter alleen toegang na voorafgaande en schriftelijke toestemming van de bewoner of na voorafgaande en schriftelijke machtiging van de rechter in de politierechtbank. In het laatste geval kunnen ze de bewoonde lokalen alleen betreden tussen vijf uur 's morgens en eenentwintig uur 's avonds;
  2° inzage vorderen in alle documenten, correspondentie en andere informatiedragers in welke vorm ook, en zich daarvan een kopie laten verstrekken of zelf een kopie maken;
  3° zaken onderzoeken of laten onderzoeken, beproeven of laten beproeven, monsters ervan nemen of laten nemen, en ze meten of laten meten en daarvoor verpakkingen openen of laten openen. Als het onderzoek niet ter plaatse uitgevoerd kan worden, mogen ze de zaken voor korte tijd meenemen tegen een door hen af te geven schriftelijk bewijs;
  4° relevante inlichtingen inwinnen;
  5° elke persoon ondervragen over feiten die ze nuttig achten voor de uitoefening van het toezicht;
  6° transportmiddelen kosteloos laten stoppen om de lading te onderzoeken of te laten onderzoeken, met inbegrip van de lading die zich op de kade of in opslagplaatsen in de haven bevindt en die bestemd is voor of afkomstig is van het transport over het water of in de lucht, en van de vervoersdocumenten. Als het onderzoek niet ter plaatse uitgevoerd kan worden, mogen ze bevelen dat de lading naar een andere plaats binnen een straal van 15 kilometer wordt overgebracht, op kosten van de verantwoordelijke voor de in-, uit-, doorvoer of overbrenging.
  Bij de uitoefening van hun rechten mogen toezichthouders vaststellingen doen met behulp van audiovisuele middelen, mogen ze zich laten bijstaan door personen die ze daarvoor hebben aangewezen op grond van hun deskundigheid, en kunnen ze de bijstand van de politie vorderen.
  Bij de ontdekking van een inbreuk kunnen toezichthouders, met het oog op de bewijsvoering, alle bewarende maatregelen met betrekking tot zaken nemen voor een termijn van hoogstens tweeënzeventig uur. Als de inbreuk een misdrijf als vermeld in artikel 47, § 1, betreft, brengt de toezichthouder die een dergelijke bewarende maatregel heeft genomen, die onmiddellijk ter kennis van de bevoegde procureur des Konings.
  Bij de uitoefening van hun rechten dragen toezichthouders een legitimatiebewijs bij zich, dat ze onmiddellijk tonen als dat gevraagd wordt. De Vlaamse Regering stelt de kenmerken van dat legitimatiebewijs vast.
  Iedereen verleent aan toezichthouders binnen de door hen gestelde termijn alle medewerking die ze redelijkerwijs kunnen vragen bij de uitoefening van hun toezichtrechten. Het verhinderen van het door of krachtens dit decreet geregelde toezicht wordt bestraft conform artikel 48, § 1, tweede lid.
  § 3. Toezichthouders zijn bevoegd om de misdrijven, vermeld in artikel 47, § 1, op te sporen en vast te stellen door een proces-verbaal. Dat proces-verbaal geldt tot bewijs van het tegendeel.
  De toezichthouder bezorgt zijn proces-verbaal onmiddellijk aan de bevoegde procureur des Konings, samen met een schriftelijk verzoek waarin de procureur des Konings gevraagd wordt zich uit te spreken over de al dan niet strafrechtelijke behandeling van de inbreuk in kwestie.
  Een kopie van elk proces-verbaal wordt ook bezorgd aan de dienst, vermeld in artikel 48, en, als dat relevant is, aan de bevoegde dienst van de Administratie der Douane en Accijnzen van de FOD Financiën.
  De Vlaamse Regering kan aan toezichthouders de hoedanigheid toekennen van officier van gerechtelijke politie.
  § 4. Toezichthouders zijn bevoegd om andere inbreuken op de bepalingen van het decreet, Vuurwapenverordening 258/2012, en van de uitvoeringsbepalingen dan de misdrijven, vermeld in artikel 47, § 1, op te sporen met gebruik van de rechten, vermeld in paragraaf 2, en die inbreuken vast te stellen in een verslag van vaststelling.
  Een kopie van het verslag van vaststelling wordt onmiddellijk bezorgd aan de betrokken personen en aan de dienst, vermeld in artikel 48.
  Als in samenhang met de inbreuk in kwestie een misdrijf als vermeld in artikel 47, § 1, wordt vastgesteld, wordt de vaststelling van de inbreuk opgenomen in het proces-verbaal, vermeld in paragraaf 3.".
Art. 29. L'article 46 du même décret est remplacé par ce qui suit :
  " Art. 46. § 1er. Sans préjudice de l'application des pouvoirs des officiers et agents de police judiciaire et des membres du personnel de l'Administration des Douanes et Accises du SPF Finances, les membres du personnel désignés par le Gouvernement flamand, ci-après dénommés les surveillants, assurent le contrôle du respect du présent décret, du Règlement sur les armes à feu 258/2012, et de ses arrêtés d'exécution.
  § 2. Si cela s'avère raisonnablement nécessaire pour l'accomplissement de leur mission, les surveillants peuvent appliquer les droits suivants :
  1° pénétrer dans tout endroit et ce, à tout moment et en utilisant le matériel nécessaire. Les surveillants n'ont accès à des locaux habités qu'après autorisation écrite préalable de l'habitant ou après autorisation écrite préalable du juge au tribunal de police. Dans ce dernier cas, ils peuvent uniquement accéder aux locaux habités entre cinq heures du matin et neuf heures du soir ;
  2° exiger la communication de tout document, correspondance et autre support d'information sous n'importe quelle forme et en réclamer ou réaliser soi-même une copie ;
  3° (faire) contrôler les colis, les (faire) soumettre à des tests, les (faire) échantillonner, les (faire) évaluer et (faire) procéder à l'ouverture des emballages. Si le contrôle ne peut être effectué sur place, les surveillants seront autorisés à emporter les colis pour une durée limitée moyennant la remise d'une preuve écrite ;
  4° rassembler les informations pertinentes ;
  5° questionner toute personne en matière de faits qu'ils estiment pertinents lors de l'exercice du contrôle ;
  6° arrêter gratuitement des moyens de transport afin d'examiner ou de faire examiner la charge, y compris la charge qui se trouve sur le quai ou dans des entrepôts dans le port et qui provient de ou est destinée au transport par eau ou par air, ainsi que les documents de transport. Si l'examen ne peut pas avoir lieu sur place, ils peuvent ordonner le transfert de la charge vers un autre endroit dans un rayon de 15 kilomètres, à charge du responsable de l'importation, de l'exportation, du transit ou du transfert.
  Dans le cadre de l'exercice de leurs droits, les surveillants sont autorisés à procéder à des constats au moyen de matériel audiovisuel et peuvent être assistés par des personnes désignées par leurs soins sur la base de leurs compétences. Les surveillants peuvent également réclamer l'assistance de la police.
  Lors de la constatation d'une infraction, les surveillants peuvent, en vue de leur argumentation, prendre toute mesure conservatoire relative aux affaires pour un délai d'au maximum septante-deux heures. Si l'infraction concerne un délit tel que visé à l'article 47, § 1er, le surveillant qui a pris une telle mesure conservatoire, en informe immédiatement le procureur du Roi compétent.
  Dans le cadre de l'exercice de leurs droits, les surveillants sont en possession d'un titre de légitimation qu'ils présentent immédiatement en cas de demande. Le Gouvernement flamand arrête les caractéristiques de ce titre de légitimation.
  Chacun doit accorder l'assistance que les surveillants peuvent raisonnablement demander lors de l'exercice de leurs droits de surveillance dans les délais demandés par ces derniers. Toute entrave au contrôle réglementé par ou en vertu du présent décret, sera punie conformément à l'article 48, § 1er, alinéa 2.
  § 3. Les surveillants sont compétents pour rechercher et constater dans un procès-verbal les délits visés à l'article 47, § 1er. Ce procès-verbal fait foi jusqu'à preuve du contraire.
  Le surveillant transmet son procès-verbal immédiatement au procureur du Roi compétent, conjointement avec une demande écrite écrite dans laquelle le procureur du Roi est demandé de se prononcer sur la procédure pénale ou non de l'infraction en question.
  Une copie de chaque procès-verbal est également transmise au service, visé à l'article 48 et, s'il est pertinent, au service compétent de l'Administration des Douanes et Accises du SPF Finances.
  Le Gouvernement flamand peut attribuer aux surveillants la qualité d'officier de police judiciaire.
  § 4. Les surveillants sont compétents pour rechercher des infractions aux dispositions du décret, au Règlement sur les armes à feu 258/2012, et aux dispositions d'exécution, autres que les délits visés à l'article 47, § 1er, en appliquant les droits, visés au paragraphe 2, et pour constater ces infractions dans un rapport de constatation.
  Une copie du rapport de constatation est immédiatement transmise aux personnes concernées et au service visé à l'article 48.
  Si, en rapport avec l'infraction en question, un délit tel que visé à l'article 47, § 1er, est constaté, la constatation de l'infraction est reprise au procès-verbal, visé au paragraphe 3. ".
Art. 30. In artikel 47 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1, eerste lid, wordt de zinsnede "inbreuken en pogingen tot inbreuk op de bepalingen van dit decreet en van de uitvoeringsbepalingen ervan" vervangen door de woorden "de inbreuken en pogingen tot inbreuk, vermeld in deze paragraaf, op de bepalingen van dit decreet, Vuurwapenverordening 258/2012, en van de uitvoeringsbepalingen ervan";
  2° aan paragraaf 1, eerste lid, wordt de volgende zin toegevoegd:
  "Die inbreuken worden misdrijven genoemd.";
  3° in paragraaf 1, tweede lid, wordt tussen de zinsnede "artikel 3, § 1, eerste lid," en de woorden "en de uit- en doorvoer" de zinsnede "in-," ingevoegd en worden tussen de woorden "of de OVSE" en de woorden "wordt bestraft" de woorden "en de pogingen daartoe" ingevoegd;
  4° in paragraaf 1, derde lid, worden tussen de woorden "van dit decreet" en "aan een vergunning" de woorden "of op basis van Vuurwapenverordening 258/2012" ingevoegd en wordt tussen de zinsnede "toegekende vergunning," en de woorden "wordt bestraft" de woorden "en de pogingen daartoe" ingevoegd;
  5° in paragraaf 1 wordt het vierde lid opgeheven;
  6° in paragraaf 1, vijfde lid, dat het vierde lid wordt, worden de woorden "vierde lid" vervangen door de woorden "derde lid";
  7° in paragraaf 2, eerste lid, wordt de zin "Onder poging tot inbreuk als vermeld in paragraaf 1, eerste lid, worden de volgende handelingen verstaan" vervangen door de zin "Met poging tot inbreuk als vermeld in paragraaf 1, eerste lid, worden de volgende handelingen gelijkgesteld.";
  8° in paragraaf 2, eerste lid, 1°, wordt de zinsnede "het verzenden, vervoeren of voorhanden hebben" vervangen door de zinsnede "het verzenden, vervoeren, verwerven of voorhanden hebben";
  9° in paragraaf 2, eerste lid, 2°, worden tussen de woorden "van dit decreet" en de woorden "en de uitvoeringsbepalingen ervan" de woorden ", Vuurwapenverordening 258/2012," ingevoegd.
Art. 30. A l'article 47 du même décret les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 1er, alinéa 1er, le membre de phrase " toute infraction ou tentative d'infraction aux dispositions du présent décret et ses modalités d'application sera punie " est remplacé par les mots " les infractions et tentatives d'infraction, mentionnées dans le présent paragraphe, aux dispositions du présent décret, au Règlement sur les armes à feu 258/2012 et ses dispositions d'exécution seront punies " ;
  2° le paragraphe 1er, alinéa 1er, est complété par la phrase suivante :
  " Ces infractions sont dénommées délits. " ;
  3° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, le membre de phrase " l'importation, " est inséré entre le membre de phrase " de l'article 3, § 1er, premier alinéa, ainsi que " et les mots " l'exportation, le transit ", et les mots " et toute tentative à cet effet " sont insérés entre les mots " ou l'OSCE " et les mots " sera puni " ;
  4° dans le paragraphe 1er, alinéa 3, les mots " ou sur la base du Règlement sur les armes à feu 258/2012 " sont insérés entre les mots " sur la base du présent décret " et les mots " ou de toute autre manière ", et les mots " , et toute tentative à cet effet, " sont insérés entre le membre de phrase " aux conditions d'application de la licence, " et les mots " sera puni " ;
  5° dans le paragraphe 1er, l'alinéa 4 est abrogé ;
  6° dans le paragraphe 1er, alinéa 5, qui devient l'alinéa 4, les mots " à quatre " sont remplacés par les mots " à trois " ;
  7° dans le paragraphe 2, alinéa 1er, la phrase " Par tentative d'infraction, au sens du paragraphe 1er, aliéna 1er, il convient d'entendre les opérations suivantes " est remplacée par la phrase " Les opérations suivantes sont assimilées à une tentative d'infraction telle que visée au paragraphe 1er, alinéa 1er : " ;
  8° dans le paragraphe 2, alinéa 1er, 1°, le membre de phrase " l'envoi, le transport ou la possession " est remplacé par le membre de phrase " l'envoi, le transport, l'acquisition ou la possession " ;
  9° dans le paragraphe 2, alinéa 1er, les mots " , du Règlement sur les armes à feu 258/2012, " sont insérés entre les mots " du présent décret " et les mots " et de ses modalités d'exécution ".
Art. 31. In artikel 48 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het eerste lid, waarvan de bestaande tekst paragraaf 1 zal vormen, worden de woorden "een overtreding van de bepalingen van dit decreet of van de uitvoeringsbepalingen ervan" vervangen door de zinsnede "een misdrijf of een poging tot misdrijf als vermeld in artikel 47, § 1,";
  2° in het eerste lid, 1°, wordt de zinsnede "ten minste 50 euro en ten hoogste het dubbel van de waarde van de goederen in kwestie" vervangen door de zinsnede "ten minste 150 euro en ten hoogste 150.000 euro of het dubbel van de waarde van de goederen in kwestie, indien hoger voor misdrijven, vermeld in artikel 47, § 1, eerste lid, en ten minste 50 euro en ten hoogste 50.000 euro of het dubbel van de waarde van de goederen in kwestie, indien hoger voor misdrijven, vermeld in artikel 47, § 1, tweede lid,";
  3° aan het eerste lid wordt de volgende zin toegevoegd:
  "De geldboete wordt vermeerderd met de opdeciemen die van toepassing zijn voor de strafrechtelijke geldboeten.";
  4° er wordt tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "In de gevallen waarin een daarvoor bevoegde instantie andere inbreuken op de bepalingen van het decreet, Vuurwapenverordening 258/2012, en van de uitvoeringsbepalingen dan de misdrijven, vermeld in artikel 47, § 1, heeft vastgesteld, of een poging daartoe, kan de dienst die de Vlaamse Regering daarvoor heeft aangewezen, beslissen om een administratieve geldboete op te leggen die ten minste 10 euro bedraagt en ten hoogste 10.000 euro of het dubbel van de waarde van de goederen in kwestie, als die hoger is. De geldboete wordt vermeerderd met de opdeciemen die van toepassing zijn voor de strafrechtelijke geldboeten.";
  5° het bestaande tweede en derde lid vormen paragraaf 2;
  6° er worden een paragraaf 3 tot en met paragraaf 5 toegevoegd, die luiden als volgt:
  " § 3. In geval van betwisting van de beslissing, vermeld in paragraaf 1, moet op straffe van verval binnen een termijn van twee maanden vanaf de ontvangst van de kennisgeving van de beslissing met de indiening van een verzoekschrift beroep aangetekend worden bij de rechtbank van eerste aanleg in het rechtsgebied waar de betrokken persoon zijn woonplaats of maatschappelijke zetel heeft.
  Als de betrokken persoon geen woonplaats of maatschappelijke zetel in België heeft, moet het beroep aangetekend worden bij de rechtbank van eerste aanleg van Brussel.
  TITEL Vbis. van boek II van het vierde deel van het Gerechtelijk Wetboek is van overeenkomstige toepassing. Het beroep schorst de uitvoering van de beslissing.
  § 4. Bij verzachtende omstandigheden kan door de dienst, vermeld in paragraaf 1, bij het opleggen van de geldboete, vermeld in paragraaf 1, of door de rechtbank van eerste aanleg, in geval van beroep, het bedrag van de opgelegde geldboete worden verminderd, zelfs tot onder het toepasselijke minimumbedrag.
  § 5. Op verzoek van de betrokken persoon kan de geldboete of het activiteitenverbod, vermeld in paragraaf 1, worden opgelegd met uitstel van tenuitvoerlegging gedurende een proefperiode die niet minder dan een jaar en niet meer dan drie jaar mag bedragen.
  Het uitstel wordt van rechtswege herroepen als gedurende de proeftijd een nieuwe inbreuk als vermeld in dit decreet, is gepleegd, met een veroordeling tot een straf of het opleggen van een administratieve geldboete of activiteitenverbod tot gevolg.".
Art. 31. A l'article 48 du même décret les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans l'alinéa 1er, dont le texte actuel formera le paragraphe 1er, les mots " une infraction aux dispositions du présent décret ou ses modalités d'exécution " sont remplacés par le membre de phrase " une infraction ou une tentative d'infraction telle que visée à l'article 47, § 1er, " ;
  2° dans l'alinéa 1er, 1°, le membre de phrase " d'un montant minimum de 50 euros et, au maximum, correspondant au double de la valeur des marchandises en question " est remplacé par le membre de phrase " d'un montant minimal de 150 euros et d'un montant maximal de 150.000 euros ou le double de la valeur des marchandises en question, si celle-ci est supérieure pour des délits visés à l'article 47, § 1er, et d'un montant minimal de 50 euros et d'un montant maximale de 50.000 euros ou le double de la valeur des marchandises en question, si celle-ci est supérieure pour des délits, visés à l'article 47, § 1er, alinéa 2, " ;
  3° l'alinéa 1er est complété par la phrase suivante :
  " L'amende est majorée des décimes additionnels applicables aux amendes pénales. " ;
  4° entre les alinéas 1er et 2, il est inséré un nouvel alinéa, rédigé comme suit :
  " Dans les cas auxquels une instance compétente a constaté des infractions aux dispositions du décret, du Règlement sur les armes à feu 258/2012, et aux dispositions d'exécution, autres que les délits, visés à l'article 47, § 1er, ou une tentative à cet effet, le service désigné à cet effet par le Gouvernement flamand peut décider d'imposer une amende administrative d'un montant minimal de 10 euros et d'un montant maximal de 10.000 euros ou le double de la valeur des marchandises en question, si celle-ci est supérieure. L'amende est majorée des décimes additionnels applicables aux amendes pénales. " ;
  5° les alinéas 2 et 3 actuels forment le paragraphe 2 ;
  6° il est ajouté des paragraphes 3 à 5 inclus, rédigés comme suit :
  " § 3. En cas de contestation de la décision visée au paragraphe 1er, le recours doit être introduit, sous peine de déchéance, dans les deux mois de la réception de la notification de la décision, au moyen d'une requête, devant le tribunal de première instance du ressort dans lequel la personne concernée a son domicile ou siège social.
  Lorsque la personne concernée n'a pas de domicile ou de siège social en Belgique, le recours doit être formé auprès du tribunal de première instance de Bruxelles.
  Le Titre Vbis du Livre II de la quatrième partie du Code judiciaire s'applique par analogie.
  L'appel suspend l'exécution de la décision.
  § 4. Si des circonstances atténuantes peuvent être invoquées, le montant de l'amende imposée peut être réduit par le service visé au paragraphe 1er lors de l'imposition de l'amende visée au paragraphe 1er, ou en cas de recours, par le tribunal de première instance, même à un montant inférieur au montant minimal applicable.
  § 5. Sur la demande de la personne concernée, l'amende ou l'interdiction d'activités, visée au paragraphe 1er, peut être imposée avec report d'exécution durant une période d'essai qui ne peut pas être inférieure à un an et ne peut dépasser trois ans.
  Le report sera révoqué de plein droit si, pendant la période d'essai, une nouvelle infraction telle que visée au présent décret est commise, entraînant la condamnation à une peine ou l'imposition d'une amende ou d'une interdiction d'activités. ".
Art. 32. In hetzelfde decreet wordt een artikel 48/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Art. 48/1. Er wordt een Fonds Wapenhandelgerelateerde Boeten opgericht, hierna het fonds te noemen.
  Het fonds is een begrotingsfonds als vermeld in artikel 12 van het decreet van 8 juli 2011 houdende regeling van de begroting, de boekhouding, de toekenning van subsidies en de controle op de aanwending ervan, en de controle door het Rekenhof.
  Het fonds wordt gespijsd door de invordering van de administratieve boeten, vermeld in artikel 48 van dit decreet, en artikel 24, § 2, van het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest betreffende de uitvoering van de overeenkomst tot verbod van de ontwikkeling, de productie, de aanleg van voorraden en het gebruik van chemische wapens en inzake de vernietiging van deze wapens, gedaan te Parijs op 13 januari 1993 (de Overeenkomst).
  Het fonds wordt aangewend voor het toezicht op de naleving van dit decreet, de uitvoering en de handhaving ervan, en voor initiatieven om de compliance van de Vlaamse defensie-industrie, wapenhandelaars en wapenbezitters te bevorderen, zoals informatiesessies en documentatiemateriaal.
  De rekenplichtige die de ontvangsten gedaan heeft, beschikt rechtstreeks over de kredieten van het fonds.".
Art. 32. Dans le même décret, il est inséré un article 48/1, rédigé comme suit :
  " Art. 48/1. Il est créé un " Fonds d'Amendes liées au Trafic d'Armes ", dénommé ci-après le fonds.
  Le fonds est un fonds budgétaire, tel que visé à l'article 12 du décret du 8 juillet 2011 réglant le budget, la comptabilité, l'attribution de subventions et le contrôle de leur utilisation, et le contrôle par la Cour des Comptes.
  Le fonds est alimenté par le recouvrement des amendes administratives, visées à l'article 48 du présent décret, et à l'article 24, § 2, de l'accord de coopération du 17 décembre 2015 modifiant l'accord de coopération du 2 mars 2007 entre l'Etat fédéral, la Région flamande, la Région wallonne et la Région de Bruxelles-Capitale relatif à l'exécution de la Convention sur l'interdiction de la mise au point, de la fabrication, du stockage et de l'emploi des armes chimiques et sur leur destruction, faite à Paris le 13 janvier 1993 (la Convention).
  Le fonds est affecté au contrôle du respect du présent décret, à son exécution et son maintien, et aux initiatives visant à promouvoir la conformité de l'industrie de défense, d'armuriers et de propriétaires d'armes flamands, telles que des sessions d'information et de la documentation.
  L'agent comptable ayant perçu les recettes dispose directement des crédits du fonds. ".
Art. 33. In artikel 49, § 3, eerste lid, 5°, van hetzelfde decreet worden de woorden "vierde lid" vervangen door de woorden "tweede lid".
Art. 33. Dans l'article 49, § 3, alinéa 1er, 5°, du même décret, les mots " alinéa 4 " sont remplacés par les mots " alinéa 2 ".
Art. 34. In artikel 50 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° aan paragraaf 1 wordt een punt 7° toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "7° de maatregelen opgelegd met toepassing van artikel 43/1.";
  2° paragraaf 2 wordt vervangen door wat volgt:
  " § 2. In het jaarlijks verslag, vermeld in paragraaf 1, brengt de Vlaamse Regering aan het Vlaams Parlement verslag uit over het gebruik van de algemene vergunningen, vermeld in artikel 14, § 2, en van globale vergunningen als vermeld in artikel 15.
  Per algemene vergunning wordt een overzicht gegeven van het aantal personen dat van de vergunning heeft gebruikgemaakt en van de totale waarde in euro van de verrichte overbrengingen, uitgesplitst in de lidstaat van bestemming, de categorie van de bestemmeling, het land van eindgebruik, als dat verschillend is van het land van bestemming, de categorie van de eindgebruiker, als die verschillend is van de bestemmeling, en de categorie van de defensiegerelateerde producten.
  Per globale vergunning wordt een overzicht gegeven van de totale waarde in euro van de verrichte overbrengingen, uitgesplitst in de lidstaat van bestemming, de categorie van de bestemmeling, het land van eindgebruik, als dat verschillend is van het land van bestemming, de categorie van de eindgebruiker, als die verschillend is van de bestemmeling, en de categorie van de defensiegerelateerde producten.";
  3° paragraaf 3 wordt vervangen door wat volgt:
  " § 3. In het jaarlijkse verslag, vermeld in paragraaf 1, en in een halfjaarlijks verslag brengt de Vlaamse Regering aan het Vlaams Parlement verslag uit over de toegekende vrijstellingen, over andere vergunningen die toegekend en geweigerd zijn dan de vergunningen, vermeld in paragraaf 2, en over de toegekende en geweigerde verlengingen van die vergunningen.
  Per land wordt een overzicht gegeven van het aantal vrijstellingen, vergunningen en verlengingen die zijn toegekend en geweigerd, en van de totale waarde daarvan in euro.
  Per toegekende vrijstelling en per toegekende of geweigerde vergunning of verlenging voor dat land worden vervolgens de volgende gegevens opgelijst:
  1° de categorie van de defensiegerelateerde producten, het ander voor militair gebruik dienstig materiaal, het ordehandhavingsmateriaal, de civiele vuurwapens, de onderdelen of de munitie in kwestie;
  2° het land van eindgebruik, als dat verschillend is van het land van bestemming;
  3° de categorieën van de bestemmelingen;
  4° de categorieën van de eindgebruikers, als die verschillend zijn van de bestemmelingen;
  5° de waarde in euro van de vrijstelling, vergunning of verlenging;
  6° als dat van toepassing is, het criterium of de criteria, vermeld in artikel 26 en 28, op basis waarvan de vergunning of verlenging is geweigerd.";
  4° er worden een paragraaf 3/1 en een paragraaf 3/2 ingevoegd, die luiden als volgt:
  " § 3/1. In het jaarlijkse verslag, vermeld in paragraaf 1, en in een halfjaarlijks verslag brengt de Vlaamse Regering aan het Vlaams Parlement verslag uit over de afgeleverde voorlopige adviezen, vermeld in artikel 9, § 1, en over de toegekende en geweigerde schriftelijke bevestigingen, vermeld in artikel 9, § 2.
  Per voorlopig advies worden vervolgens de volgende gegevens opgelijst:
  1° het type van de aanvraag:
  a) in-, uit-, doorvoer of overbrenging;
  b) tijdelijke of definitieve in-, uit-, doorvoer of overbrenging;
  2° de categorie van de defensiegerelateerde producten, het ander voor militair gebruik dienstig materiaal, of het ordehandhavingsmateriaal in kwestie;
  3° de landen van afzending;
  4 de landen van bestemming;
  5° de landen van eindgebruik, als die verschillend zijn van de landen van bestemming;
  6° de categorieën van de bestemmelingen;
  7° de categorieën van de eindgebruikers, als die verschillend zijn van de bestemmelingen;
  8° het positieve of negatieve oordeel over de voorgelegde in-, uit-, doorvoer of overbrenging;
  9° als dat van toepassing is, het criterium of de criteria, vermeld in artikel 11, 26 en 28, waarop het negatieve oordeel is gebaseerd.
  Per toegekende en geweigerde schriftelijke bevestiging wordt vervolgens een technische beschrijving gegeven van de goederen waarvoor de schriftelijke bevestiging is gevraagd.
  § 3/2. Maandelijks wordt een verslag met een overzicht van de in de afgelopen maand toegekende vrijstellingen en de toegekende en geweigerde vergunningen en verlengingen gepubliceerd op de website van de Vlaamse overheid.
  Het verslag, vermeld in het eerste lid, bevat dezelfde gegevens als de gegevens, vermeld in paragraaf 2.".
Art. 34. A l'article 50 du même décret les modifications suivantes sont apportées :
  1° le paragraphe 1er est complété par un point 7°, rédigé comme suit :
  " 7° les mesures imposées en application de l'article 43/1. " ;
  2° le paragraphe 2 est remplacé par ce qui suit :
  " § 2. Dans le rapport annuel, visé au paragraphe 1er, le Gouvernement flamand fait rapport au Parlement flamand à propos de l'utilisation des licences générales, visées à l'article 14, § 2, et des licences globales, visées à l'article 15.
  Chaque licence générale doit être accompagnée d'un relevé du nombre de personnes qui ont utilisé la licence et de la valeur totale en euros des transferts effectués, classés par Etat membre de destination, catégorie du destinataire, pays d'utilisation finale, si celui-ci est différente du pays de destination, catégorie de l'utilisateur final, si celui-ci est différent du destinataire, et catégorie des produits liés à la défense.
  Chaque licence globale doit être accompagnée d'un relevé de la valeur totale en euros des transferts effectués, classés par Etat membre de destination, catégorie du destinataire, pays d'utilisation finale, si celui-ci est différente du pays de destination, catégorie de l'utilisateur final, si celui-ci est différent du destinataire, et catégorie des produits liés à la défense. " ;
  3° le paragraphe 3 est remplacé par ce qui suit :
  " § 3. Dans le rapport annuel visé au paragraphe 1er, et dans un rapport semestriel, le Gouvernement flamand fait rapport au Parlement flamand sur les dispenses accordées, sur des licences octroyées et refusées, autres que celles visées au paragraphe 2, et sur les prolongations octroyées et refusées de ces licences.
  Un aperçu du nombre de dispenses et de licences et de prolongations octroyées et refusées ainsi que de leur valeur totale en euros est fourni pour chaque pays.
  Les données suivantes sont ensuite répertoriées pour chaque dispense accordée et pour chaque licence ou prolongation octroyée ou refusée à ce pays :
  1° la catégorie des produits liés à la défense, l'autre matériel à usage militaire, le matériel de maintien de l'ordre, les armes à feu civiles, les pièces ou munitions en question ;
  2° le pays d'utilisation finale, si celui-ci est différent du pays de destination ;
  3° les catégories des destinataires ;
  4° les catégories des utilisateurs finaux, si ceux-ci sont différents des destinataires ;
  5° la valeur en euros de la dispense, de la licence ou de la prolongation ;
  6° si d'application, le critère ou les critères, visés aux articles 26 et 28, sur la base desquels la licence ou la prolongation est refusée. " ;
  4° il est inséré un paragraphe 3/1 et un paragraphe 3/2, rédigés comme suit :
  " § 3/1. Dans le rapport annuel, visé au paragraphe 1er, et dans un rapport semestriel, le Gouvernement flamand fait rapport au Parlement flamand sur les avis provisoires délivrés, visés à l'article 9, § 1er, et sur les confirmations écrites accordées et refusées, visées à l'article 9, § 2.
  Par avis provisoire, les données suivantes sont ensuite répertoriées :
  1° le type de la demande :
  a) importation, exportation, transit ou transfert ;
  b) importation, exportation, transit ou transfert temporaire ou définitif ;
  2° la catégorie des produits liés à la défense, de l'autre matériel à usage militaire, ou du matériel devant servir au maintien de l'ordre ;
  3° les pays d'expédition ;
  4° les pays de destination ;
  5° les pays d'utilisation finale, si ceux-ci sont différents des pays de destination ;
  6° les catégories des destinataires ;
  7° les catégories des utilisateurs finaux, si ceux-ci sont différents des destinataires ;
  8° l'évaluation positive ou négative de l'importation, de l'exportation, du transit ou du transfert soumis ;
  9° si d'application, le critère ou les critères, visés aux articles 11, 26 et 28, sur lesquels l'évaluation négative est basée.
  Par confirmation écrite accordée et refusée, une description technique est ensuite donnée des biens pour lesquels la confirmation écrite est demandée.
  § 3/2. Un rapport mensuel contenant un relevé des dispenses accordées et des licences et prolongations accordées et refusées au cours du mois écoulé, est publié sur le site web de l'Autorité flamande.
  Le rapport visé à l'alinéa 1er comprend les mêmes données que celles visées au paragraphe 2. ".
Art. 35. In artikel 3 van het decreet van 8 juli 2016 houdende instemming met het samenwerkingsakkoord van 17 december 2015 tot wijziging van het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest betreffende de uitvoering van de overeenkomst tot verbod van de ontwikkeling, de productie, de aanleg van voorraden en het gebruik van chemische wapens en inzake de vernietiging van deze wapens, gedaan te Parijs op 13 januari 1993 (de Overeenkomst), waarvan het bestaande eerste lid paragraaf 1 zal vormen en het bestaande tweede tot en met het vijfde lid paragraaf 2 zullen vormen, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het bestaande tweede lid worden de woorden "het eerste lid" vervangen door de zinsnede "paragraaf 1";
  2° er worden een paragraaf 3 tot en met 5 toegevoegd, die luiden als volgt:
  " § 3. Bij verzachtende omstandigheden kan bij het opleggen van de geldboete, vermeld in paragraaf 1, het bedrag van de opgelegde geldboete worden verminderd, zelfs tot onder het toepasselijke minimumbedrag.
  § 4. Op verzoek van de betrokken persoon kan de geldboete of het activiteitenverbod, vermeld in paragraaf 1, worden opgelegd met uitstel van tenuitvoerlegging gedurende een proefperiode die niet minder dan een jaar en niet meer dan drie jaar mag bedragen.
  Het uitstel, vermeld in het eerste lid, wordt van rechtswege herroepen als gedurende de proeftijd een nieuwe inbreuk als vermeld in het voormelde samenwerkingsakkoord en de uitvoeringsbesluiten ervan, is gepleegd, met een veroordeling tot een straf of het opleggen van een administratieve geldboete of activiteitenverbod tot gevolg.
  § 5. De personeelsleden die met toepassing van artikel 46 van het Wapenhandeldecreet van 15 juni 2012 zijn aangewezen om toezicht te houden op de naleving van het voormelde decreet en de uitvoeringsbesluiten ervan, houden ook toezicht op de naleving van het voormelde samenwerkingsakkoord en de uitvoeringsbesluiten ervan en zijn bevoegd om de inbreuken op het samenwerkingsakkoord en de uitvoeringsbesluiten ervan op te sporen en vast te stellen door een proces-verbaal.
  De bepalingen in artikel 46, § 1 en § 3, van het voormelde decreet zijn van overeenkomstige toepassing.".
Art. 35. A l'article 3 du décret du 8 juillet 2016 portant assentiment à l'accord de coopération du 17 décembre 2015 modifiant l'accord de coopération du 2 mars 2007 entre l'Etat fédéral, la Région flamande, la Région wallonne et la Région de Bruxelles-Capitale relatif à l'exécution de la Convention sur l'interdiction de la mise au point, de la fabrication, du stockage et de l'emploi des armes chimiques et sur leur destruction, faite à Paris le 13 janvier 1993 (la Convention), dont l'alinéa 1er actuel formera le paragraphe 1er et les alinéas 2 à 5 inclus actuels formeront le paragraphe 2, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans l'alinéa 2 actuel, les mots " à l'alinéa premier " sont remplacés par le membre de phrase " au paragraphe premier " ;
  2° il est ajouté des paragraphes 3 à 5 inclus, rédigés comme suit :
  " § 3. Si des circonstances atténuantes peuvent être invoquées, le montant de l'amende imposée peut être réduit lors de l'imposition de l'amende visée au paragraphe 1er, même à un montant inférieur au montant minimal applicable.
  § 4. Sur la demande de la personne concernée, l'amende ou l'interdiction d'activités, visée au paragraphe 1er, peut être imposée avec report d'exécution durant une période d'essai qui ne peut pas être inférieure à un an et ne peut dépasser trois ans.
  Le report visé à l'alinéa 1er sera révoqué de plein droit si, pendant la période d'essai, une nouvelle infraction telle que visée à l'accord précité et ses arrêtés d'exécution est commise, entraînant la condamnation à une peine ou l'imposition d'une amende administrative ou d'une interdiction d'activités.
  § 5. Les membres du personnel désignés en application de l'article 46 du Décret sur le commerce des armes du 15 juin 2012 pour contrôler le respect du décret précité et de ses arrêtés d'exécution, contrôlent également le respect de l'accord de coopération précité et de ses arrêtés d'exécution, et sont compétents pour rechercher et constater par procès-verbal les infractions à l'accord de coopération et à ses arrêtés d'exécution.
  Les dispositions de l'article 46, § 1er et § 3 du décret précité s'appliquent par analogie. ".
Art. 36. Artikel 19 van het decreet van 20 december 2013 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2014, gewijzigd bij het decreet van 8 juli 2016, wordt opgeheven.
Art. 36. L'article 19 du décret du 20 décembre 2013 contenant diverses mesures d'accompagnement du budget 2014, modifié par le décret du 8 juillet 2016, est abrogé.
Art. 37. Artikel 32, 35 en 36 treden in werking op de datum van inwerkingtreding van het samenwerkingsakkoord van 17 december 2015 tot wijziging van het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest betreffende de uitvoering van de overeenkomst tot verbod van de ontwikkeling, de productie, de aanleg van voorraden en het gebruik van chemische wapens en inzake de vernietiging van deze wapens, gedaan te Parijs op 13 januari 1993 (de Overeenkomst).
Art. 37. Les articles 32, 35 et 36 entrent en vigueur à la date d'entrée en vigueur de l'accord de coopération du 17 décembre 2015 entre l'Etat fédéral, la Région flamande, la Région wallonne et la Région de Bruxelles-Capitale relatif à l'exécution de la Convention sur l'interdiction de la mise au point, de la fabrication, du stockage et de l'emploi des armes chimiques et sur leur destruction, faite à Paris le 13 janvier 1993 (la Convention).