Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
21 DECEMBER 2013. - Wet tot versterking van de transparantie, de onafhankelijkheid en de geloofwaardigheid van de beslissingen en adviezen op het vlak van de gezondheid, de ziekteverzekering, de veiligheid van de voedselketen en het leefmilieu(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 20-02-2014 en tekstbijwerking tot 27-12-2016)
Titre
21 DECEMBRE 2013. - Loi visant à renforcer la transparence, l'indépendance et la crédibilité des décisions prises et avis rendus dans le domaine de la santé publique, de l'assurance-maladie, de la sécurité de la chaîne alimentaire et de l'environnement(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 20-02-2014 et mise à jour au 27-12-2016)
Dokumentinformationen
Info du document
Tekst (7)
Texte (7)
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.
Article 1er. La présente loi règle une matière visée à l'article 78 de la Constitution.
Art. 2. Voor de toepassing van deze wet wordt verstaan onder :
1. direct belang : directe band van een persoon als bedoeld in artikel 3 met een onderneming, instelling of organisatie waarvan de activiteiten, technieken, producten, processen, diensten of strategieën binnen het kader vallen van de bevoegdheden van de in artikel 3 bedoelde instanties, zoals beloning, bezit van aandelen en/of obligaties, een vergoeding in natura, een deskundigen- en consultancyverslag, de organisatie van en/of deelname aan congressen, de participatie aan en/of de financiering van wetenschappelijk onderzoek, octrooien;
2. indirect belang : indirecte band van een persoon als bedoeld in artikel 4 met een onderneming, instelling of organisatie waarvan de activiteiten, technieken, producten, processen, diensten of strategieën binnen het kader vallen van de bevoegdheden van de in artikel 3 bedoelde instanties, zoals een voordeel dat hij niet persoonlijk ontvangt, maar dat gaat naar een instantie, een vennootschap waarvoor die persoon werkt, naar zijn echtgenoot, degene met wie hij wettelijk of feitelijk samenwoont, een bloedverwant in de eerste graad in de nederdalende of de opgaande lijn;
3. belangenconflict : de situatie waarin de belangen van een persoon, zoals bedoeld in artikel 4, de conclusies van de in artikel 3 bedoelde instanties zouden kunnen beïnvloeden om daaruit een direct of indirect belang te ontlenen; ook banden met personen, ondernemingen, instellingen of groepen die in concurrentie kunnen komen met die welke in een bepaald advies worden genoemd kunnen een belangenconflict zijn;
4. algemene belangenverklaring : een verklaring op erewoord waarmee de persoon op wie deze wet van toepassing is de in artikel 3 bedoelde instantie inlicht over alle belangen die verband houden met de activiteiten van dat orgaan, die ten minste in de afgelopen drie jaar werden vastgesteld; de Koning bepaalt het model van de algemene belangenverklaring, evenals de nadere regels voor de indiening, bijwerking, bewaring en openbaarmaking, na advies van de in artikel 3 bedoelde instanties en van de in de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens bedoelde Commissie tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer.
[1 5° "instanties" : de adviescolleges, comités, commissies en andere organen, bevoegd op het vlak van de volksgezondheid, de ziekteverzekering, de veiligheid van de voedselketen en het leefmilieu, die de opdracht hebben om objectieve adviezen uit te brengen en zijn samengesteld uit leden die ten persoonlijke titel en omwille van hun expertise zetelen; de instanties, samengesteld uit leden die belangengroepen vertegenwoordigen en die de opdracht hebben om de visie van belangengroepen samen te vatten en mee te delen, worden uitgesloten van de toepassing van deze wet.]1
1. direct belang : directe band van een persoon als bedoeld in artikel 3 met een onderneming, instelling of organisatie waarvan de activiteiten, technieken, producten, processen, diensten of strategieën binnen het kader vallen van de bevoegdheden van de in artikel 3 bedoelde instanties, zoals beloning, bezit van aandelen en/of obligaties, een vergoeding in natura, een deskundigen- en consultancyverslag, de organisatie van en/of deelname aan congressen, de participatie aan en/of de financiering van wetenschappelijk onderzoek, octrooien;
2. indirect belang : indirecte band van een persoon als bedoeld in artikel 4 met een onderneming, instelling of organisatie waarvan de activiteiten, technieken, producten, processen, diensten of strategieën binnen het kader vallen van de bevoegdheden van de in artikel 3 bedoelde instanties, zoals een voordeel dat hij niet persoonlijk ontvangt, maar dat gaat naar een instantie, een vennootschap waarvoor die persoon werkt, naar zijn echtgenoot, degene met wie hij wettelijk of feitelijk samenwoont, een bloedverwant in de eerste graad in de nederdalende of de opgaande lijn;
3. belangenconflict : de situatie waarin de belangen van een persoon, zoals bedoeld in artikel 4, de conclusies van de in artikel 3 bedoelde instanties zouden kunnen beïnvloeden om daaruit een direct of indirect belang te ontlenen; ook banden met personen, ondernemingen, instellingen of groepen die in concurrentie kunnen komen met die welke in een bepaald advies worden genoemd kunnen een belangenconflict zijn;
4. algemene belangenverklaring : een verklaring op erewoord waarmee de persoon op wie deze wet van toepassing is de in artikel 3 bedoelde instantie inlicht over alle belangen die verband houden met de activiteiten van dat orgaan, die ten minste in de afgelopen drie jaar werden vastgesteld; de Koning bepaalt het model van de algemene belangenverklaring, evenals de nadere regels voor de indiening, bijwerking, bewaring en openbaarmaking, na advies van de in artikel 3 bedoelde instanties en van de in de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens bedoelde Commissie tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer.
[1 5° "instanties" : de adviescolleges, comités, commissies en andere organen, bevoegd op het vlak van de volksgezondheid, de ziekteverzekering, de veiligheid van de voedselketen en het leefmilieu, die de opdracht hebben om objectieve adviezen uit te brengen en zijn samengesteld uit leden die ten persoonlijke titel en omwille van hun expertise zetelen; de instanties, samengesteld uit leden die belangengroepen vertegenwoordigen en die de opdracht hebben om de visie van belangengroepen samen te vatten en mee te delen, worden uitgesloten van de toepassing van deze wet.]1
Art. 2. Pour l'application de la présente loi, l'on entend par :
1. intérêt direct : lien direct d'une personne, telle que visée à l'article 3, avec une entreprise, un établissement ou organisme dont les activités, techniques, produits, procédés, services ou stratégies entrent dans le champ de compétences des instances visées à l'article 3 tel qu'une rémunération, la détention d'actions et/ou d'obligations, une rétribution en nature, un rapport d'expert et de consultance, l'organisation de et/ou la participation à des congrès, la participation à et/ou financement d'études scientifiques, de brevets;
2. intérêt indirect : lien indirect d'une personne, telle que visée à l'article 4, avec une entreprise, un établissement ou un organisme dont les activités, techniques, produits, procédés, services ou stratégies entrent dans le champ de compétences des instances visées à l'article 3 tel un avantage non perçu personnellement mais dont bénéficie une instance, une société pour laquelle travaille cette personne, son conjoint, cohabitant légal ou de fait, un descendant ou un ascendant au premier degré;
3. conflit d'intérêts : la situation dans laquelle les intérêts d'une personne, telle que visée à l'article 4, pourraient influencer les conclusions des instances visées à l'article 3 pour en tirer un intérêt direct ou indirect; des liens avec des personnes, des entreprises, des institutions, ou des groupements susceptibles d'être en concurrence avec celles visées par un avis déterminé peuvent également constituer un conflit d'intérêts;
4. déclaration générale d'intérêts : une déclaration sur l'honneur par laquelle la personne à qui cette loi s'applique informe l'instance visée à l'article 3 de l'ensemble des intérêts liés aux activités de cet organe, établis au minimum au cours des 3 dernières années; le modèle de la déclaration générale d'intérêts, ses modalités de dépôt, d'actualisation, de conservation et de publicité sont fixés par le Roi, après avis des instances visées à l'article 3 et l'avis de la commission de la protection de la vie privée visée par la loi du 8 décembre 1992 relative à la protection de vie privée à l'égard des traitements de données à caractère personnel.
[1 5° "instances" : les collèges consultatifs, comités, commissions et autres organes compétents dans le domaine de la santé publique, de l'assurance-maladie, de la sécurité de la chaîne alimentaire et de l'environnement, qui ont pour mission d'émettre des avis objectifs et qui sont composés de membres siégeant à titre personnel et en raison de leur expertise; les instances composées de membres qui représentent des groupes d'intérêts et qui ont pour mission de synthétiser et de communiquer la vision de groupes d'intérêts, sont exclues de l'application de la présente loi.]1
1. intérêt direct : lien direct d'une personne, telle que visée à l'article 3, avec une entreprise, un établissement ou organisme dont les activités, techniques, produits, procédés, services ou stratégies entrent dans le champ de compétences des instances visées à l'article 3 tel qu'une rémunération, la détention d'actions et/ou d'obligations, une rétribution en nature, un rapport d'expert et de consultance, l'organisation de et/ou la participation à des congrès, la participation à et/ou financement d'études scientifiques, de brevets;
2. intérêt indirect : lien indirect d'une personne, telle que visée à l'article 4, avec une entreprise, un établissement ou un organisme dont les activités, techniques, produits, procédés, services ou stratégies entrent dans le champ de compétences des instances visées à l'article 3 tel un avantage non perçu personnellement mais dont bénéficie une instance, une société pour laquelle travaille cette personne, son conjoint, cohabitant légal ou de fait, un descendant ou un ascendant au premier degré;
3. conflit d'intérêts : la situation dans laquelle les intérêts d'une personne, telle que visée à l'article 4, pourraient influencer les conclusions des instances visées à l'article 3 pour en tirer un intérêt direct ou indirect; des liens avec des personnes, des entreprises, des institutions, ou des groupements susceptibles d'être en concurrence avec celles visées par un avis déterminé peuvent également constituer un conflit d'intérêts;
4. déclaration générale d'intérêts : une déclaration sur l'honneur par laquelle la personne à qui cette loi s'applique informe l'instance visée à l'article 3 de l'ensemble des intérêts liés aux activités de cet organe, établis au minimum au cours des 3 dernières années; le modèle de la déclaration générale d'intérêts, ses modalités de dépôt, d'actualisation, de conservation et de publicité sont fixés par le Roi, après avis des instances visées à l'article 3 et l'avis de la commission de la protection de la vie privée visée par la loi du 8 décembre 1992 relative à la protection de vie privée à l'égard des traitements de données à caractère personnel.
[1 5° "instances" : les collèges consultatifs, comités, commissions et autres organes compétents dans le domaine de la santé publique, de l'assurance-maladie, de la sécurité de la chaîne alimentaire et de l'environnement, qui ont pour mission d'émettre des avis objectifs et qui sont composés de membres siégeant à titre personnel et en raison de leur expertise; les instances composées de membres qui représentent des groupes d'intérêts et qui ont pour mission de synthétiser et de communiquer la vision de groupes d'intérêts, sont exclues de l'application de la présente loi.]1
Art. 3. Bij een besluit [1 ...]1 maakt de Koning de lijst op van de instanties die bevoegd zijn op het vlak van de volksgezondheid, de ziekteverzekering, de veiligheid van de voedselketen en het leefmilieu waarop deze wet van toepassing is, en hij werkt ze bij.
[1 De in het eerste lid bedoelde lijst bevat enkel instanties die :
- ofwel beslissingen nemen die een impact kunnen hebben op de rechten en plichten van individuele burgers, groepen of organisaties;
- ofwel adviezen uitbrengen met een bindend karakter voor de bevoegde minister of regering;
- ofwel adviezen of beleidsaanbevelingen uitbrengen die de wetenschappelijke evidentie vormen waarop besluitvorming is gebaseerd.]1
[1 De in het eerste lid bedoelde lijst bevat enkel instanties die :
- ofwel beslissingen nemen die een impact kunnen hebben op de rechten en plichten van individuele burgers, groepen of organisaties;
- ofwel adviezen uitbrengen met een bindend karakter voor de bevoegde minister of regering;
- ofwel adviezen of beleidsaanbevelingen uitbrengen die de wetenschappelijke evidentie vormen waarop besluitvorming is gebaseerd.]1
Art. 3. Le Roi [1 ...]1 établit et actualise la liste des instances compétentes dans le domaine de la santé publique, l'assurance-maladie, la sécurité de la chaîne alimentaire et l'environnement à laquelle la présente loi est d'application.
[1 La liste visée à l'alinéa premier comprend uniquement les instances qui :
- soit prennent des décisions susceptibles d'avoir un impact sur les droits et devoirs de citoyens individuels, de groupes ou d'organisations;
- soit émettent des avis à caractère contraignant pour le ministre ou le gouvernement compétents;
- soit émettent des avis ou des recommandations politiques constituant le fondement scientifique sur lequel repose le processus décisionnel.]1
[1 La liste visée à l'alinéa premier comprend uniquement les instances qui :
- soit prennent des décisions susceptibles d'avoir un impact sur les droits et devoirs de citoyens individuels, de groupes ou d'organisations;
- soit émettent des avis à caractère contraignant pour le ministre ou le gouvernement compétents;
- soit émettent des avis ou des recommandations politiques constituant le fondement scientifique sur lequel repose le processus décisionnel.]1
Art. 4. Eenieder die betrokken is bij het uitbrengen van adviezen, voorstellen, aanbevelingen of besluiten die uitgaan van een in artikel 3 bedoelde instantie, ongeacht of hij er lid van is, dan wel als expert werd benoemd of uitgenodigd of als wetenschappelijk verslaggever aangesteld, stelt bij zijn ambtsaanvaarding een algemene belangenverklaring op.
De in het eerste lid bedoelde persoon mag pas nadat de verklaring is onderschreven en/of bijgewerkt, deelnemen aan de werkzaamheden, beraadslagingen en stemmingen van de instantie waarin hij zitting heeft. [1 De in artikel 3 bedoelde instanties kunnen beslissen om de algemene belangenverklaringen van hun leden of experts te publiceren op een website of met behulp van een ander communicatiekanaal publiek te maken]1.
De in artikel 3 bedoelde instanties lichten de bij deze wet bedoelde personen in over de verplichtingen die krachtens dit artikel op hen rusten en over de te volgen procedure om zich daaraan te conformeren [1 ...]1.
[1 ...]1.
De in het eerste lid bedoelde persoon mag pas nadat de verklaring is onderschreven en/of bijgewerkt, deelnemen aan de werkzaamheden, beraadslagingen en stemmingen van de instantie waarin hij zitting heeft. [1 De in artikel 3 bedoelde instanties kunnen beslissen om de algemene belangenverklaringen van hun leden of experts te publiceren op een website of met behulp van een ander communicatiekanaal publiek te maken]1.
De in artikel 3 bedoelde instanties lichten de bij deze wet bedoelde personen in over de verplichtingen die krachtens dit artikel op hen rusten en over de te volgen procedure om zich daaraan te conformeren [1 ...]1.
[1 ...]1.
Art. 4. Chaque personne associée à l'émission d'avis, de propositions, de recommandations ou de décisions émanant d'une instance visée à l'article 3 qu'elle en soit membre effectif, expert nommé ou invité, rapporteur scientifique, établit, lors de sa prise de fonctions, une déclaration générale d'intérêts.
La personne visée à l'alinéa 1er ne peut prendre part aux travaux, délibérations et votes de l'instance au sein de laquelle elle siège qu'une fois la déclaration souscrite et/ou actualisée. [1 Les instances visées à l'article 3 peuvent décider de publier les déclarations générales d'intérêts de leurs membres ou experts sur un site internet ou de les rendre publiques au moyen d'un autre canal de communication]1.
Les instances visées à l'article 3 informent les personnes visées par la présente loi des obligations qui sont les leurs en vertu du présent article et de la procédure à suivre pour s'y conformer [1 ...]1.
[1 ...]1.
La personne visée à l'alinéa 1er ne peut prendre part aux travaux, délibérations et votes de l'instance au sein de laquelle elle siège qu'une fois la déclaration souscrite et/ou actualisée. [1 Les instances visées à l'article 3 peuvent décider de publier les déclarations générales d'intérêts de leurs membres ou experts sur un site internet ou de les rendre publiques au moyen d'un autre canal de communication]1.
Les instances visées à l'article 3 informent les personnes visées par la présente loi des obligations qui sont les leurs en vertu du présent article et de la procédure à suivre pour s'y conformer [1 ...]1.
[1 ...]1.
Art. 5. [1 Alle in deze wet bedoelde instanties stellen hun eigen systeem op voor het beheer van belangenconflicten. Er wordt bij de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu een Deontologisch Comité opgericht die ermee belast wordt de systemen voor het beheer van belangenconflicten door te lichten en bijsturingen voor te stellen.
Het Deontologisch Comité kan een onderzoek instellen naar potentiële belangenconflicten. Het kan hierbij zowel gaan om belangenconflicten die vermeld werden, als om belangenconflicten die niet vermeld werden in de algemene belangenverklaringen van de in artikel 4 bedoelde personen. Dit onderzoek kan opgestart worden op eigen initiatief of na een klacht. Indien het onderzoek aan het licht brengt dat er een bepaling van artikel 6, § 1, overtreden werd, licht het Comité het openbaar ministerie in.
De in deze wet bedoelde instanties maken hun systeem voor het beheer van belangenconflicten en de in artikel 4 bedoelde belangenverklaringen over aan het Deontologisch Comité die deze laatsten in een register bijhoudt.
De Koning bepaalt de nadere toepassingsregels van dit artikel, met inbegrip van de regels betreffende de samenstelling en de werkwijze van voornoemd Deontologisch Comité, en met inbegrip van een voor alle instanties gemeenschappelijk model voor de algemene belangenverklaring. ]1
Het Deontologisch Comité kan een onderzoek instellen naar potentiële belangenconflicten. Het kan hierbij zowel gaan om belangenconflicten die vermeld werden, als om belangenconflicten die niet vermeld werden in de algemene belangenverklaringen van de in artikel 4 bedoelde personen. Dit onderzoek kan opgestart worden op eigen initiatief of na een klacht. Indien het onderzoek aan het licht brengt dat er een bepaling van artikel 6, § 1, overtreden werd, licht het Comité het openbaar ministerie in.
De in deze wet bedoelde instanties maken hun systeem voor het beheer van belangenconflicten en de in artikel 4 bedoelde belangenverklaringen over aan het Deontologisch Comité die deze laatsten in een register bijhoudt.
De Koning bepaalt de nadere toepassingsregels van dit artikel, met inbegrip van de regels betreffende de samenstelling en de werkwijze van voornoemd Deontologisch Comité, en met inbegrip van een voor alle instanties gemeenschappelijk model voor de algemene belangenverklaring. ]1
Art. 5. [1 Toutes les instances visées par la présente loi établissent leur propre système de gestion des conflits d'intérêts. Un Comité déontologique est institué auprès du SPF Santé publique, Sécurité de la Chaîne alimentaire et Environnement, qui est chargé d'analyser les systèmes de gestion de conflits d'intérêts et de proposer des ajustements.
Le Comité déontologique peut ouvrir une enquête sur des conflits d'intérêts potentiels. Il peut s'agir, en l'occurrence, aussi bien de conflits d'intérêts mentionnés que de conflits d'intérêts non mentionnés dans les déclarations générales d'intérêts des personnes visées à l'article 4. Le Comité peut lancer cette enquête de sa propre initiative ou à la suite d'une plainte. Si l'enquête révèle qu'une disposition de l'article 6, § 1er, a été transgressée, le Comité en informe le ministère public.
Les instances visées par la présente loi communiquent leur système de gestion de conflits d'intérêts et transmettent les déclarations d'intérêts visées à l'article 4 au Comité déontologique qui enregistre ces dernières dans un registre.
Le Roi précise les règles d'application du présent article, y compris les règles relatives à la composition et au mode de fonctionnement du Comité déontologique précité et y compris un modèle commun à toutes les instances de déclaration générale d'intérêts.]1
Le Comité déontologique peut ouvrir une enquête sur des conflits d'intérêts potentiels. Il peut s'agir, en l'occurrence, aussi bien de conflits d'intérêts mentionnés que de conflits d'intérêts non mentionnés dans les déclarations générales d'intérêts des personnes visées à l'article 4. Le Comité peut lancer cette enquête de sa propre initiative ou à la suite d'une plainte. Si l'enquête révèle qu'une disposition de l'article 6, § 1er, a été transgressée, le Comité en informe le ministère public.
Les instances visées par la présente loi communiquent leur système de gestion de conflits d'intérêts et transmettent les déclarations d'intérêts visées à l'article 4 au Comité déontologique qui enregistre ces dernières dans un registre.
Le Roi précise les règles d'application du présent article, y compris les règles relatives à la composition et au mode de fonctionnement du Comité déontologique précité et y compris un modèle commun à toutes les instances de déclaration générale d'intérêts.]1
Art. 6. § 1. Met gevangenisstraf van acht dagen tot een maand en met geldboete van 100 euro tot 1.000 euro, of met een van die straffen alleen wordt gestraft, hij die verzuimt de in artikel 4, vierde lid, bedoelde algemene belangenverklaring op te maken of bij te werken.
Met gevangenisstraf van een maand tot een jaar en met geldboete van 200 euro tot 15.000 euro, of met een van die straffen alleen wordt gestraft :
1. eenieder die onjuiste informatie verstrekt die afbreuk doet aan de oprechtheid van zijn verklaring;
2. eenieder die ongunstige informatie verdoezelt of misleidende informatie verspreidt tijdens de in artikel 4, tweede lid, bedoelde werkzaamheden en beraadslagingen.
Eenieder die een andere bepaling van deze wet overtreedt, wordt gestraft met een geldboete van 50 euro tot 100 euro.
§ 2. Indien een persoon die aan de werkzaamheden, beraadslagingen of stemmingen heeft deelgenomen bij een belangenconflict betrokken is, [1 maakt]1 het in artikel 5, eerste lid, bedoelde Comité, [1 een rapport over aan de bevoegde minister en, indien van toepassing, aan de leidende ambtenaar van de administratie bij welke de betrokken instantie ingericht is, over de impact van dat belangenconflict op de deugde-lijkheid]1 van het advies, het voorstel, de aanbeveling of de beslissing van die instantie. [1 Op basis van dit rapport kan de bevoegde minister beslissen een nieuw advies, voorstel, aanbeveling of beslissing te vragen aan de instantie die vervolgens uitspraak doet zonder dat de persoon die bij het belangenconflict is betrokken, aan de werkzaamheden deelneemt. Ter bevordering van de transparantie worden de rapporten door het Deontologisch Comité openbaar gemaakt.]1
De Koning bepaalt de regels voor de toepassing van deze paragraaf.
Met gevangenisstraf van een maand tot een jaar en met geldboete van 200 euro tot 15.000 euro, of met een van die straffen alleen wordt gestraft :
1. eenieder die onjuiste informatie verstrekt die afbreuk doet aan de oprechtheid van zijn verklaring;
2. eenieder die ongunstige informatie verdoezelt of misleidende informatie verspreidt tijdens de in artikel 4, tweede lid, bedoelde werkzaamheden en beraadslagingen.
Eenieder die een andere bepaling van deze wet overtreedt, wordt gestraft met een geldboete van 50 euro tot 100 euro.
§ 2. Indien een persoon die aan de werkzaamheden, beraadslagingen of stemmingen heeft deelgenomen bij een belangenconflict betrokken is, [1 maakt]1 het in artikel 5, eerste lid, bedoelde Comité, [1 een rapport over aan de bevoegde minister en, indien van toepassing, aan de leidende ambtenaar van de administratie bij welke de betrokken instantie ingericht is, over de impact van dat belangenconflict op de deugde-lijkheid]1 van het advies, het voorstel, de aanbeveling of de beslissing van die instantie. [1 Op basis van dit rapport kan de bevoegde minister beslissen een nieuw advies, voorstel, aanbeveling of beslissing te vragen aan de instantie die vervolgens uitspraak doet zonder dat de persoon die bij het belangenconflict is betrokken, aan de werkzaamheden deelneemt. Ter bevordering van de transparantie worden de rapporten door het Deontologisch Comité openbaar gemaakt.]1
De Koning bepaalt de regels voor de toepassing van deze paragraaf.
Art. 6. § 1er. Est puni d'un emprisonnement de huit jours à un mois et d'une amende de 100 euros à 1.000 euros, ou de l'une de ces peines seulement, celui qui, dans les cas visés à l'article 4, alinéa 4, omet d'établir ou d'actualiser sa déclaration générale d'intérêts.
Est puni d'un emprisonnement d'un mois à un an et d'une amende de 200 euros à 15.000 euros ou de l'une de ces peines seulement :
1. quiconque fournit une information mensongère qui porte atteinte à la sincérité de sa déclaration;
2. quiconque dissimule des informations négatives ou diffuse des informations trompeuses lors des travaux et délibérations, tels que visés à l'article 4, alinéa 2.
Est puni d'une amende de 50 euros à 100 euros quiconque contrevient à une autre disposition de la présente loi.
§ 2. S'il apparaît qu'une personne ayant participé aux travaux, à la délibération ou aux votes d'une instance visée par la loi est concernée par un conflit d'intérêts, le Comité visé à l'article 5, alinéa 1er, devra [1 transmettre au ministre compétent et, le cas échéant, au fonctionnaire dirigeant de l'administration auprès de laquelle l'instance concernée est instituée, un rapport sur l'impact de ce conflit d'intérêts sur la légitimité]1 de l'avis, de la proposition, de la recommandation ou de la décision prise par cette instance.[1 Sur la base de ce rapport, le ministre compétent peut décider de demander un nouvel avis, une nouvelle proposition, recommandation ou décision à l'instance, qui statue ensuite sans que la personne impliquée dans le conflit d'intérêts ne participe aux travaux. Pour favoriser la transparence, les rapports sont rendus publics par le Comité déontologique.]1
Le Roi détermine les règles d'application du présent paragraphe.
Est puni d'un emprisonnement d'un mois à un an et d'une amende de 200 euros à 15.000 euros ou de l'une de ces peines seulement :
1. quiconque fournit une information mensongère qui porte atteinte à la sincérité de sa déclaration;
2. quiconque dissimule des informations négatives ou diffuse des informations trompeuses lors des travaux et délibérations, tels que visés à l'article 4, alinéa 2.
Est puni d'une amende de 50 euros à 100 euros quiconque contrevient à une autre disposition de la présente loi.
§ 2. S'il apparaît qu'une personne ayant participé aux travaux, à la délibération ou aux votes d'une instance visée par la loi est concernée par un conflit d'intérêts, le Comité visé à l'article 5, alinéa 1er, devra [1 transmettre au ministre compétent et, le cas échéant, au fonctionnaire dirigeant de l'administration auprès de laquelle l'instance concernée est instituée, un rapport sur l'impact de ce conflit d'intérêts sur la légitimité]1 de l'avis, de la proposition, de la recommandation ou de la décision prise par cette instance.[1 Sur la base de ce rapport, le ministre compétent peut décider de demander un nouvel avis, une nouvelle proposition, recommandation ou décision à l'instance, qui statue ensuite sans que la personne impliquée dans le conflit d'intérêts ne participe aux travaux. Pour favoriser la transparence, les rapports sont rendus publics par le Comité déontologique.]1
Le Roi détermine les règles d'application du présent paragraphe.
Art. 7. Deze wet treedt in werking op de eerste dag van de 24e maand na de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad.
De Koning kan een datum van inwerkingtreding bepalen voorafgaand aan de in het eerste lid vermelde datum.
De Koning kan een datum van inwerkingtreding bepalen voorafgaand aan de in het eerste lid vermelde datum.
Art. 7. La présente loi entre en vigueur le premier jour du 24e mois suivant sa publication au Moniteur belge.
Le Roi peut fixer une date d'entrée en vigueur antérieure à celle mentionnée à l'alinéa 1er.
Le Roi peut fixer une date d'entrée en vigueur antérieure à celle mentionnée à l'alinéa 1er.