Artikel 1. De in bijlage vermelde ambtenaren van de Dienst Veiligheid van de Staat op het gebied van de kernenergie worden met ingang van 2 mei 2003 overgeplaatst naar de FOD Justitie.
Zij zijn aan het statuut van het Rijkspersoneel onderworpen.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
14 JULI 2004. - Koninklijk besluit houdende overdracht van het personeel van de Dienst Veiligheid van de Staat op het gebied van de kernenergie naar de Federale Overheidsdienst Justitie(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 09-09-2004 en tekstbijwerking tot 25-01-2013)
Titre
14 JUILLET 2004. - Arrêté royal portant transfert du personnel du Service de la Sûreté de l'Etat dans le domaine de l'énergie nucléaire au Service public fédéral Justice(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 09-09-2004 et mise à jour au 25-01-2013)
Dokumentinformationen
Info du document
Tekst (20)
Texte (20)
HOOFDSTUK I. - Overplaatsing van de ambtenaren van de Dienst Veiligheid van de Staat op het gebied van de kernenergie.
CHAPITRE I. - Transfert des agents du Service de la sûreté de l'Etat dans le domaine de l'énergie nucléaire.
Article 1. Les agents du Service de la sûreté de l'Etat dans le domaine de l'énergie nucléaire repris en annexe sont transférés au SPF Justice à la date du 2 mai 2003.
Ils sont soumis au statut des agents de l'Etat.
Ils sont soumis au statut des agents de l'Etat.
Art. 2. § 1. De ambtenaren van het niveau 1 van de Dienst Veiligheid van de Staat op het gebied van de kernenergie, die ter beschikking van het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle gesteld zijn, behouden hun graad, hun wedde en hun anciënniteit.
Onverminderd het artikel 1 tweede lid blijft het administratief en geldelijk statuut van de personeelsleden van de Dienst Veiligheid van de Staat op het gebied van de kernenergie geldig voor deze ambtenaren.
§ 2. De ambtenaren bedoeld in § 1 die niet voor de overplaatsing naar het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle opteren, worden ambtshalve geïntegreerd volgens de modaliteiten opgenomen in de artikelen 3 tot en met 5 van dit besluit en dit vanaf de eerste dag van de vierde maand die volgt op de maand waarin zij hun beslissing hebben genomen.
Onverminderd het artikel 1 tweede lid blijft het administratief en geldelijk statuut van de personeelsleden van de Dienst Veiligheid van de Staat op het gebied van de kernenergie geldig voor deze ambtenaren.
§ 2. De ambtenaren bedoeld in § 1 die niet voor de overplaatsing naar het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle opteren, worden ambtshalve geïntegreerd volgens de modaliteiten opgenomen in de artikelen 3 tot en met 5 van dit besluit en dit vanaf de eerste dag van de vierde maand die volgt op de maand waarin zij hun beslissing hebben genomen.
Art. 2. § 1er. Les agents du Service de la sûreté de l'Etat dans le domaine de l'énergie nucléaire du niveau 1 mis à la disposition de l'Agence fédérale de Contrôle nucléaire conservent leur grade, leur traitement et leur ancienneté.
Sans préjudice de l'article 1er alinéa 2, le statut administratif et pécuniaire des membres du Service de la Sûreté de l'Etat dans le domaine de l'énergie nucléaire reste valable pour ces agents.
§ 2. Les agents visés au § 1er qui n'optent pas pour le transfert à l'Agence fédérale de Contrôle nucléaire, sont intégrés d'office conformément aux modalités reprises aux articles 3 à 5 du présent arrêté et ceci à partir du premier jour du quatrième mois qui suit celui au cours duquel ils ont pris leur décision.
Sans préjudice de l'article 1er alinéa 2, le statut administratif et pécuniaire des membres du Service de la Sûreté de l'Etat dans le domaine de l'énergie nucléaire reste valable pour ces agents.
§ 2. Les agents visés au § 1er qui n'optent pas pour le transfert à l'Agence fédérale de Contrôle nucléaire, sont intégrés d'office conformément aux modalités reprises aux articles 3 à 5 du présent arrêté et ceci à partir du premier jour du quatrième mois qui suit celui au cours duquel ils ont pris leur décision.
Art. 3. § 1. De ambtenaren bedoeld in artikel 1, eerste lid, die titularis zijn van de graad van directeur van de veiligheid inzake kernenergie worden ambtshalve benoemd in de graad van adviseur-generaal.
§ 2. Voor de berekening van de graadanciënniteit worden de diensten gepresteerd in de graad van directeur van de veiligheid inzake kernenergie in aanmerking genomen.
§ 3. Zij worden ingeschaald in de weddenschaal 15A. Hun geldelijke anciënniteit wordt geacht verkregen te zijn in hun nieuwe weddenschaal.
§ 2. Voor de berekening van de graadanciënniteit worden de diensten gepresteerd in de graad van directeur van de veiligheid inzake kernenergie in aanmerking genomen.
§ 3. Zij worden ingeschaald in de weddenschaal 15A. Hun geldelijke anciënniteit wordt geacht verkregen te zijn in hun nieuwe weddenschaal.
Art. 3. § 1er. Les agents visés à l'article 1er, alinéa 1er, titulaires du grade de directeur de la sécurité nucléaire sont nommés d'office dans le grade de conseiller général.
§ 2. Pour le calcul de l'ancienneté de grade, sont admissibles les services prestés dans le grade de directeur à la sécurité nucléaire.
§ 3. Ils sont intégrés dans l'échelle de traitement 15A. Leur ancienneté pécuniaire est censée être acquise dans leur nouvelle échelle de traitement.
§ 2. Pour le calcul de l'ancienneté de grade, sont admissibles les services prestés dans le grade de directeur à la sécurité nucléaire.
§ 3. Ils sont intégrés dans l'échelle de traitement 15A. Leur ancienneté pécuniaire est censée être acquise dans leur nouvelle échelle de traitement.
Art. 4. § 1. De ambtenaren bedoeld in artikel 1, eerste lid, die titularis zijn van de graad van eerstaanwezend veiligheidsadjunct inzake kernenergie worden ambtshalve benoemd in de graad van adjunct-adviseur.
§ 2. Voor de berekening van de graadanciënniteit worden de diensten gepresteerd in de graad van veiligheidsadjunct inzake kernenergie en van eerstaanwezend veiligheidsadjunct inzake kernenergie in aanmerking genomen.
§ 3. Zij worden ingeschaald in de weddenschaal 10C. Hun geldelijke anciënniteit wordt geacht verkregen te zijn in hun nieuwe weddenschaal.
§ 2. Voor de berekening van de graadanciënniteit worden de diensten gepresteerd in de graad van veiligheidsadjunct inzake kernenergie en van eerstaanwezend veiligheidsadjunct inzake kernenergie in aanmerking genomen.
§ 3. Zij worden ingeschaald in de weddenschaal 10C. Hun geldelijke anciënniteit wordt geacht verkregen te zijn in hun nieuwe weddenschaal.
Art. 4. § 1er. Les agents visés à l'article 1er titulaires du grade d'adjoint de sécurité nucléaire principal sont nommés d'office dans le grade de conseiller adjoint.
§ 2. Pour le calcul de l'ancienneté de grade, sont admissibles les services prestés dans le grade d'adjoint de sécurité nucléaire et d'adjoint de sécurité nucléaire principal.
§ 3. Ils sont intégrés dans l'échelle de traitement 10C. Leur ancienneté pécuniaire est censée être acquise dans leur nouvelle échelle de traitement.
§ 2. Pour le calcul de l'ancienneté de grade, sont admissibles les services prestés dans le grade d'adjoint de sécurité nucléaire et d'adjoint de sécurité nucléaire principal.
§ 3. Ils sont intégrés dans l'échelle de traitement 10C. Leur ancienneté pécuniaire est censée être acquise dans leur nouvelle échelle de traitement.
Art. 5. § 1. De ambtenaren bedoeld in artikel 1, eerste lid, die titularis zijn van de graad van veiligheidsadjunct inzake kernenergie worden ambtshalve benoemd in de graad van adjunct-adviseur.
§ 2. Voor de berekening van de graadanciënniteit worden de diensten gepresteerd in de graad van veiligheidsadjunct inzake kernenergie in aanmerking genomen.
§ 3. Zij worden ingeschaald in de weddenschaal 10B. Hun geldelijke anciënniteit wordt geacht verkregen te zijn in hun nieuwe weddenschaal.
§ 4. De ambtenaren bedoeld in § 3 verkrijgen na 18 jaar graadanciënniteit de weddenschaal 10C.
§ 2. Voor de berekening van de graadanciënniteit worden de diensten gepresteerd in de graad van veiligheidsadjunct inzake kernenergie in aanmerking genomen.
§ 3. Zij worden ingeschaald in de weddenschaal 10B. Hun geldelijke anciënniteit wordt geacht verkregen te zijn in hun nieuwe weddenschaal.
§ 4. De ambtenaren bedoeld in § 3 verkrijgen na 18 jaar graadanciënniteit de weddenschaal 10C.
Art. 5. § 1er. Les agents visés à l'article 1er, alinéa 1er titulaires du grade d'adjoint de sécurité nucléaire sont nommés d'office dans le grade de conseiller adjoint.
§ 2. Pour le calcul de l'ancienneté de grade, sont admissibles les services prestés dans le grade d'adjoint de sécurité nucléaire.
§ 3 Ils sont intégrés dans l'échelle de traitement 10B. Leur ancienneté pécuniaire est censée être acquise dans leur nouvelle échelle de traitement.
§ 4. Les agents visés au § 3 obtiennent l'échelle de traitement 10C après 18 ans d'ancienneté de grade.
§ 2. Pour le calcul de l'ancienneté de grade, sont admissibles les services prestés dans le grade d'adjoint de sécurité nucléaire.
§ 3 Ils sont intégrés dans l'échelle de traitement 10B. Leur ancienneté pécuniaire est censée être acquise dans leur nouvelle échelle de traitement.
§ 4. Les agents visés au § 3 obtiennent l'échelle de traitement 10C après 18 ans d'ancienneté de grade.
Art. 6. § 1. De ambtenaren bedoeld in artikel 1, eerste lid, die titularis zijn van de graad van directiesecretaris inzake kernenergie, worden ambtshalve benoemd in de graad van administratief deskundige.
§ 2. Voor de berekening van de graadanciënniteit worden de diensten gepresteerd in de graad van directiesecretaris inzake kernenergie in aanmerking genomen.
§ 3. De anciënniteit bekomen in het niveau 2+ wordt geacht verkregen te zijn in het niveau B.
§ 4. Zij worden ingeschaald in de weddenschaal BA1. Hun geldelijke anciënniteit wordt geacht verkregen te zijn in hun nieuwe weddenschaal.
§ 5. De ambtenaren bedoeld in § 4 bekomen, wanneer zij 9 jaar graadanciënniteit hebben, automatisch de hierna vermelde weddenschaal en dit ten vroegste op de datum van inwerkingtreding van dit besluit.
15.323,33 - 23.823,00
3 x 1 x 252,18
2.2 x 390,04
2.2 x 672,31
9.2 x 624,27
Kl. 23 j. - N 2+ - G.A.
Indien zou blijken dat de algemene bepalingen inzake integratie gunstiger zijn dan deze van deze paragraaf, dan worden de voordeligste bepalingen toegepast.
§ 6. [1 ...]1
De ambtenaren, bedoeld in het vorige lid, die geslaagd zijn voor een competentiemeting, bekomen de competentietoelage onder de voorwaarden gesteld in artikel 35 van het koninklijk besluit van 10 april 1995 tot vaststelling van de weddenschalen der aan verscheidene federale overheidsdiensten gemene graden.
§ 2. Voor de berekening van de graadanciënniteit worden de diensten gepresteerd in de graad van directiesecretaris inzake kernenergie in aanmerking genomen.
§ 3. De anciënniteit bekomen in het niveau 2+ wordt geacht verkregen te zijn in het niveau B.
§ 4. Zij worden ingeschaald in de weddenschaal BA1. Hun geldelijke anciënniteit wordt geacht verkregen te zijn in hun nieuwe weddenschaal.
§ 5. De ambtenaren bedoeld in § 4 bekomen, wanneer zij 9 jaar graadanciënniteit hebben, automatisch de hierna vermelde weddenschaal en dit ten vroegste op de datum van inwerkingtreding van dit besluit.
15.323,33 - 23.823,00
3 x 1 x 252,18
2.2 x 390,04
2.2 x 672,31
9.2 x 624,27
Kl. 23 j. - N 2+ - G.A.
Indien zou blijken dat de algemene bepalingen inzake integratie gunstiger zijn dan deze van deze paragraaf, dan worden de voordeligste bepalingen toegepast.
§ 6. [1 ...]1
De ambtenaren, bedoeld in het vorige lid, die geslaagd zijn voor een competentiemeting, bekomen de competentietoelage onder de voorwaarden gesteld in artikel 35 van het koninklijk besluit van 10 april 1995 tot vaststelling van de weddenschalen der aan verscheidene federale overheidsdiensten gemene graden.
Art. 6. § 1er. Les agents visés à l'article 1er, alinéa 1er titulaires du grade de secrétaire de direction à la sécurité nucléaire sont nommés d'office dans le grade d'expert administratif.
§ 2. Pour le calcul de l'ancienneté de grade, sont admissibles les services prestés dans le grade de secrétaire de direction à la sécurité nucléaire.
§ 3. L'ancienneté acquise dans le niveau 2+ est censée être acquise dans le niveau B.
§ 4. Ils sont intégrés dans l'échelle de traitement BA1. Leur ancienneté pécuniaire est censée être acquise dans leur nouvelle échelle de traitement.
§ 5. Les agents obtiennent l'échelle de traitement reprise ci-dessous dès qu'ils comptent 9 ans d'ancienneté de grade, et ceci au plus tôt à la date d'entrée en vigueur du présent arrêté.
15.323, 33 - 23.823, 00
3 x 1 x 252,18
2.2 x 390,04
2.2 x 672,31
9.2 x 624,27
Cl. 23 a. - N 2+ - G.A.
S'il apparaît que les dispositions générales d'intégration sont plus avantageuses que celles du présent paragraphe, les dispositions les plus avantageuses s'appliquent.
§ 6. [1 ...]1
Les agents visés à l'alinéa précédent, lauréats d'une mesure de compétences, perçoivent l'allocation de compétences aux conditions fixées à l'article 35 de l'arrêté royal du 10 avril 1995 fixant les échelles de traitement des grades communs à plusieurs services publics fédéraux.
§ 2. Pour le calcul de l'ancienneté de grade, sont admissibles les services prestés dans le grade de secrétaire de direction à la sécurité nucléaire.
§ 3. L'ancienneté acquise dans le niveau 2+ est censée être acquise dans le niveau B.
§ 4. Ils sont intégrés dans l'échelle de traitement BA1. Leur ancienneté pécuniaire est censée être acquise dans leur nouvelle échelle de traitement.
§ 5. Les agents obtiennent l'échelle de traitement reprise ci-dessous dès qu'ils comptent 9 ans d'ancienneté de grade, et ceci au plus tôt à la date d'entrée en vigueur du présent arrêté.
15.323, 33 - 23.823, 00
3 x 1 x 252,18
2.2 x 390,04
2.2 x 672,31
9.2 x 624,27
Cl. 23 a. - N 2+ - G.A.
S'il apparaît que les dispositions générales d'intégration sont plus avantageuses que celles du présent paragraphe, les dispositions les plus avantageuses s'appliquent.
§ 6. [1 ...]1
Les agents visés à l'alinéa précédent, lauréats d'une mesure de compétences, perçoivent l'allocation de compétences aux conditions fixées à l'article 35 de l'arrêté royal du 10 avril 1995 fixant les échelles de traitement des grades communs à plusieurs services publics fédéraux.
Art. 7. § 1. De ambtenaren bedoeld in artikel 1, eerste lid, die titularis zijn van de graad van onderbureauchef inzake kernenergie worden ambtshalve benoemd in de graad van administratief assistent.
§ 2. Voor de berekening van de graadanciënniteit worden de diensten gepresteerd in de graden van opsteller inzake kernenergie en van onderbureauchef inzake kernenergie in aanmerking genomen.
§ 3. De anciënniteit bekomen in het niveau 2 wordt geacht verkregen te zijn in het niveau C.
§ 4. Zij worden ingeschaald in de weddenschaal CA2. Hun geldelijke anciënniteit wordt geacht verkregen te zijn in hun nieuwe weddenschaal.
§ 5. [1 ...]1
De geslaagden die een anciënniteit van 4 jaar hebben in de weddenschaal CA2 bekomen de weddenschaal CA3 en dit op de eerste dag van de maand die volgt op de datum van het proces-verbaal van de competentiemeting.
De anciënniteit verworven in de weddenschaal 20E wordt in aanmerking genomen voor de berekening van deze 4 jaar.
De ambtenaren die gedurende 6 jaar de weddenschaal CA3 genoten bekomen de weddenschaal 22B voor zover er betrekkingen vacant zijn in deze schaal.
§ 2. Voor de berekening van de graadanciënniteit worden de diensten gepresteerd in de graden van opsteller inzake kernenergie en van onderbureauchef inzake kernenergie in aanmerking genomen.
§ 3. De anciënniteit bekomen in het niveau 2 wordt geacht verkregen te zijn in het niveau C.
§ 4. Zij worden ingeschaald in de weddenschaal CA2. Hun geldelijke anciënniteit wordt geacht verkregen te zijn in hun nieuwe weddenschaal.
§ 5. [1 ...]1
De geslaagden die een anciënniteit van 4 jaar hebben in de weddenschaal CA2 bekomen de weddenschaal CA3 en dit op de eerste dag van de maand die volgt op de datum van het proces-verbaal van de competentiemeting.
De anciënniteit verworven in de weddenschaal 20E wordt in aanmerking genomen voor de berekening van deze 4 jaar.
De ambtenaren die gedurende 6 jaar de weddenschaal CA3 genoten bekomen de weddenschaal 22B voor zover er betrekkingen vacant zijn in deze schaal.
Art. 7. § 1er. Les agents visés à l'article 1er, alinéa 1er titulaires du grade de sous-chef de bureau à la sécurité nucléaire sont nommés d'office dans le grade d'assistant administratif.
§ 2. Pour le calcul de l'ancienneté de grade, sont admissibles les services prestés dans les grades de rédacteur à la sécurité nucléaire et de sous-chef de bureau à la sécurité nucléaire.
§ 3. L'ancienneté acquise dans le niveau 2 est censée être acquise dans le niveau C.
§ 4. Ils sont intégrés dans l'échelle de traitement CA2. Leur ancienneté pécuniaire est censée être acquise dans leur nouvelle échelle de traitement.
§ 5. [1 ...]1
Les lauréats qui comptent une ancienneté de 4 ans dans l'échelle de traitement CA2 obtiennent l'échelle de traitement CA3 et ceci à partir du premier jour du mois qui suit la date du procès-verbal de la mesure de compétences.
L'ancienneté acquise dans l'échelle de traitement 20E compte pour le calcul de ces 4 ans.
Les agents qui ont bénéficié pendant 6 ans de l'échelle de traitement CA3 obtiennent l'échelle de traitement 22B dans la limite des emplois vacants de cette échelle.
§ 2. Pour le calcul de l'ancienneté de grade, sont admissibles les services prestés dans les grades de rédacteur à la sécurité nucléaire et de sous-chef de bureau à la sécurité nucléaire.
§ 3. L'ancienneté acquise dans le niveau 2 est censée être acquise dans le niveau C.
§ 4. Ils sont intégrés dans l'échelle de traitement CA2. Leur ancienneté pécuniaire est censée être acquise dans leur nouvelle échelle de traitement.
§ 5. [1 ...]1
Les lauréats qui comptent une ancienneté de 4 ans dans l'échelle de traitement CA2 obtiennent l'échelle de traitement CA3 et ceci à partir du premier jour du mois qui suit la date du procès-verbal de la mesure de compétences.
L'ancienneté acquise dans l'échelle de traitement 20E compte pour le calcul de ces 4 ans.
Les agents qui ont bénéficié pendant 6 ans de l'échelle de traitement CA3 obtiennent l'échelle de traitement 22B dans la limite des emplois vacants de cette échelle.
Art. 8. § 1. De ambtenaren bedoeld in artikel 1, eerste lid, die titularis zijn van de graad van hoofdklerkstenotypist(e) inzake kernenergie worden ambtshalve benoemd in de graad van administratief medewerker.
§ 2. Voor de berekening van de graadanciënniteit worden de diensten gepresteerd in de graden van klerkstenotypist(e) inzake kernenergie, eerste hoofdklerkstenotypist(e) inzake kernenergie en hoofdklerkstenotypist(e) inzake kernenergie in aanmerking genomen.
§ 3. De anciënniteit bekomen in het niveau 3 wordt geacht verkregen te zijn in het niveau D.
§ 4. Zij worden ingeschaald in de weddenschaal DA3. Hun geldelijke anciënniteit wordt geacht verkregen te zijn in hun nieuwe weddenschaal
§ 5. In afwijking van § 4, behouden de ambtenaren ambtshalve benoemd in de graad van administratief medewerker, die de hierna vermelde weddenschaal genoten, het voordeel van deze weddenschaal :
14.631,15 - 19.844, 79
3 x 1 x 218,66
4.2 x 2 x 266,79
10.2 x 2 x 349,05
Kl. 18 j. - N3 - G.A.
§ 2. Voor de berekening van de graadanciënniteit worden de diensten gepresteerd in de graden van klerkstenotypist(e) inzake kernenergie, eerste hoofdklerkstenotypist(e) inzake kernenergie en hoofdklerkstenotypist(e) inzake kernenergie in aanmerking genomen.
§ 3. De anciënniteit bekomen in het niveau 3 wordt geacht verkregen te zijn in het niveau D.
§ 4. Zij worden ingeschaald in de weddenschaal DA3. Hun geldelijke anciënniteit wordt geacht verkregen te zijn in hun nieuwe weddenschaal
§ 5. In afwijking van § 4, behouden de ambtenaren ambtshalve benoemd in de graad van administratief medewerker, die de hierna vermelde weddenschaal genoten, het voordeel van deze weddenschaal :
14.631,15 - 19.844, 79
3 x 1 x 218,66
4.2 x 2 x 266,79
10.2 x 2 x 349,05
Kl. 18 j. - N3 - G.A.
Art. 8. § 1er. Les agents visés à l'article 1er, alinéa ler titulaires du grade de commis-sténodactylographe chef de sécurité nucléaire sont nommés d'office dans le grade de collaborateur administratif.
§ 2. Pour le calcul de l'ancienneté de grade, sont admissibles les services prestés dans les grades de commis-sténodactylographe à la sécurité nucléaire, de commis-sténodactylographe principal à la sécurité nucléaire et de commis-sténodactylographe chef à la sécurité nucléaire.
§ 3. L'ancienneté acquise dans le niveau 3 est censée être acquise dans le niveau D.
§ 4. Ils sont intégrés dans l'échelle de traitement DA3. Leur ancienneté pécuniaire est censée être acquise dans leur nouvelle échelle de traitement.
§ 5. En dérogation au § 4, les agents nommés d'office au grade de collaborateur administratif, qui bénéficiaient de l'échelle de traitement mentionnée ci-dessous, conservent l'avantage de cette échelle de traitement :
14.631,15 - 19.844,79
3 x 1 x 218,66
4.2 x 2 x 266,79
10.2 x 2 x 349,05
Cl. 18 a. - N3 - G.A.
§ 2. Pour le calcul de l'ancienneté de grade, sont admissibles les services prestés dans les grades de commis-sténodactylographe à la sécurité nucléaire, de commis-sténodactylographe principal à la sécurité nucléaire et de commis-sténodactylographe chef à la sécurité nucléaire.
§ 3. L'ancienneté acquise dans le niveau 3 est censée être acquise dans le niveau D.
§ 4. Ils sont intégrés dans l'échelle de traitement DA3. Leur ancienneté pécuniaire est censée être acquise dans leur nouvelle échelle de traitement.
§ 5. En dérogation au § 4, les agents nommés d'office au grade de collaborateur administratif, qui bénéficiaient de l'échelle de traitement mentionnée ci-dessous, conservent l'avantage de cette échelle de traitement :
14.631,15 - 19.844,79
3 x 1 x 218,66
4.2 x 2 x 266,79
10.2 x 2 x 349,05
Cl. 18 a. - N3 - G.A.
Art. 9. § 1. De ambtenaren bedoeld in artikel 1, eerste lid, die titularis zijn van de graad van eerste klerkstenotypist(e) inzake kernenergie worden ambtshalve benoemd in de graad van administratief medewerker.
§ 2. Voor de berekening van de graadanciënniteit worden de diensten gepresteerd in de graad van klerkstenotypist(e) inzake kernenergie en eerste hoofdklerkstenotypist(e) inzake kernenergie in aanmerking genomen.
§ 3. De anciënniteit bekomen in het niveau 3 wordt geacht verkregen te zijn in het niveau D.
§ 4. Zij worden ingeschaald in de weddenschaal DA1. Hun geldelijke anciënniteit wordt geacht verkregen te zijn in hun nieuwe weddenschaal.
§ 5. De ambtenaren bedoeld in § 4 bekomen na 18 jaar graadanciënniteit de weddenschaal DA2.
§ 2. Voor de berekening van de graadanciënniteit worden de diensten gepresteerd in de graad van klerkstenotypist(e) inzake kernenergie en eerste hoofdklerkstenotypist(e) inzake kernenergie in aanmerking genomen.
§ 3. De anciënniteit bekomen in het niveau 3 wordt geacht verkregen te zijn in het niveau D.
§ 4. Zij worden ingeschaald in de weddenschaal DA1. Hun geldelijke anciënniteit wordt geacht verkregen te zijn in hun nieuwe weddenschaal.
§ 5. De ambtenaren bedoeld in § 4 bekomen na 18 jaar graadanciënniteit de weddenschaal DA2.
Art. 9. § 1er. Les agents visés à l'article 1er, alinéa 1er titulaires du grade de commis-sténodactylographe principal de sécurité nucléaire sont nommés d'office dans le grade de collaborateur administratif.
§ 2. Pour le calcul de l'ancienneté de grade, sont admissibles les services prestés dans les grades de commis-sténodactylographe à la sécurité nucléaire et de commis-sténodactylographe principal à la sécurité nucléaire.
§ 3. L'ancienneté acquise dans le niveau 3 est censée être acquise dans le niveau D.
§ 4. Ils sont intégrés dans l'échelle de traitement DA1. Leur ancienneté pécuniaire est censée être acquise dans leur nouvelle échelle de traitement.
§ 5. Les agents visés au § 4 obtiennent l'échelle de traitement DA2 après 18 ans d'ancienneté de grade.
§ 2. Pour le calcul de l'ancienneté de grade, sont admissibles les services prestés dans les grades de commis-sténodactylographe à la sécurité nucléaire et de commis-sténodactylographe principal à la sécurité nucléaire.
§ 3. L'ancienneté acquise dans le niveau 3 est censée être acquise dans le niveau D.
§ 4. Ils sont intégrés dans l'échelle de traitement DA1. Leur ancienneté pécuniaire est censée être acquise dans leur nouvelle échelle de traitement.
§ 5. Les agents visés au § 4 obtiennent l'échelle de traitement DA2 après 18 ans d'ancienneté de grade.
Art. 10. § 1. De ambtenaren bedoeld in artikel 1, eerste lid, die titularis zijn van de graad van eerstaanwezend bode-kamerbewaarder inzake kernenergie worden ambtshalve benoemd in de graad van administratief medewerker.
§ 2. De ambtenaren bedoeld in artikel 1, eerste lid, die titularis zijn van de graad van autobestuurder-mecanicien inzake kernenergie worden ambtshalve benoemd in de graad van technisch medewerker.
§ 3. De berekening van de graad- en de niveauanciënniteit gebeurt vanaf de datum van hun benoeming in de nieuwe graad.
§ 2. De ambtenaren bedoeld in artikel 1, eerste lid, die titularis zijn van de graad van autobestuurder-mecanicien inzake kernenergie worden ambtshalve benoemd in de graad van technisch medewerker.
§ 3. De berekening van de graad- en de niveauanciënniteit gebeurt vanaf de datum van hun benoeming in de nieuwe graad.
Art. 10. § 1er. Les agents visés à l'article 1er, alinéa 1er titulaires du grade de messager-huissier principal de sécurité nucléaire sont nommés d'office dans le grade de collaborateur administratif.
§ 2. Les agents visés à l'article 1er, alinéa 1er titulaires du grade de conducteur d'auto-mécanicien de sécurité nucléaire sont nommés d'office dans le grade de collaborateur technique.
§ 3. Le calcul de l'ancienneté de grade et de niveau se fait à partir de la date de leur nomination dans le nouveau grade.
§ 2. Les agents visés à l'article 1er, alinéa 1er titulaires du grade de conducteur d'auto-mécanicien de sécurité nucléaire sont nommés d'office dans le grade de collaborateur technique.
§ 3. Le calcul de l'ancienneté de grade et de niveau se fait à partir de la date de leur nomination dans le nouveau grade.
Art. 11. § 1. De ambtenaren ambtshalve benoemd in de graad van administratief medewerker op 2 mei 2003 worden ingeschaald in de weddenschaal DA1 op voorwaarde dat ze een door het Opleidingsinstituut van de Federale Overheid georganiseerde opleiding gevolgd hebben die gericht is op de essentiële competenties vereist voor de functie.
§ 2. De ambtenaren ambtshalve benoemd in de graad van technisch medewerker op 2 mei 2003 worden ingeschaald in de weddenschaal DT2 voorwaarde dat ze een door het Opleidingsinstituut van de Federale Overheid georganiseerde opleiding gevolgd hebben die gericht is op de essentiële competenties vereist voor de functie.
§ 3. De ambtenaren die de opleiding niet gevolgd hebben behouden de weddenschaal die ze genoten in hun oude graad en die opgenomen zijn in bijlage 7 bij het koninklijk besluit van 5 september 2002 houdende hervorming van de loopbaan van sommige ambtenaren in de Rijksbesturen.
§ 2. De ambtenaren ambtshalve benoemd in de graad van technisch medewerker op 2 mei 2003 worden ingeschaald in de weddenschaal DT2 voorwaarde dat ze een door het Opleidingsinstituut van de Federale Overheid georganiseerde opleiding gevolgd hebben die gericht is op de essentiële competenties vereist voor de functie.
§ 3. De ambtenaren die de opleiding niet gevolgd hebben behouden de weddenschaal die ze genoten in hun oude graad en die opgenomen zijn in bijlage 7 bij het koninklijk besluit van 5 september 2002 houdende hervorming van de loopbaan van sommige ambtenaren in de Rijksbesturen.
Art. 11. § 1er. Les agents nommés d'office au grade de collaborateur administratif sont intégrés au 2 mai 2003 dans l'échelle de traitement DA1 à condition d'avoir suivi une formation axée sur les compétences essentielles requises par la fonction, organisée par l'Institut de Formation de l'Administration fédérale.
§ 2. Les agents nommés d'office au grade de collaborateur technique sont intégrés au 2 mai 2003 dans l'échelle de traitement DT2 à condition d'avoir suivi une formation axée sur les compétences essentielles requises par la fonction, organisée par l'Institut de Formation de l'Administration fédérale.
§ 3. Les agents qui n'ont pas suivi la formation conservent l'échelle de traitement dont ils bénéficiaient dans leur ancien grade et qui sont reprises à l'annexe 7 de l'arrêté royal du 5 septembre 2002 portant réforme de la carrière de certains agents des administrations de l'Etat.
§ 2. Les agents nommés d'office au grade de collaborateur technique sont intégrés au 2 mai 2003 dans l'échelle de traitement DT2 à condition d'avoir suivi une formation axée sur les compétences essentielles requises par la fonction, organisée par l'Institut de Formation de l'Administration fédérale.
§ 3. Les agents qui n'ont pas suivi la formation conservent l'échelle de traitement dont ils bénéficiaient dans leur ancien grade et qui sont reprises à l'annexe 7 de l'arrêté royal du 5 septembre 2002 portant réforme de la carrière de certains agents des administrations de l'Etat.
Art. 12. § 1. De ambtenaren bekomen in de weddenschaal DA1 of DT2 een wedde gelijk aan of onmiddellijk hoger dan de wedde die ze genoten in hun oude graad.
Wanneer in hun weddenschaal van het niveau 4, de ambtenaren aan de maximumwedde van deze schaal worden bezoldigd, worden zij in de weddenschaal DA1 of DT2 geïntegreerd op de eerste trap van de intermediaire loonopslag die uit de integratie voortvloeit.
De nuttige anciënniteit van deze ambtenaren wordt vastgesteld op basis van het resultaat van hun inschaling.
In afwijking van de artikelen 14, 15, 17 en 18 van het koninklijk besluit van 29 juni 1973 houdende bezoldigingsregeling van het personeel van de federale overheidsdiensten, wordt deze nuttige anciënniteit de fictieve geldelijke anciënniteit bepaald in het enig niveau D.
Het verschil tussen de geldelijke en de nuttige anciënniteit verworven in de oude weddenschaal wordt meegenomen in de nieuwe weddenschaal en is beperkt tot elf maanden.
§ 2. Onverminderd de voorgeschreven reglementaire voorwaarden, kunnen de ambtenaren slechts de weddenschaal DA2 of DT3 bekomen mits ze slagen voor een door SELOR - Selectiebureau van de federale overheid georganiseerde competentietest die gelijkwaardig is aan de vergelijkende - selectie voor werving in die graad.
In afwijking van het eerste lid, kunnen de ambtenaren van niveau 4 die op datum van hun ambtshalve benoeming in niveau D een anciënniteit hebben van ten minste zes jaar in hun oude graad van niveau 4 aan de in het eerste lid bedoelde selectietest deelnemen.
Wanneer in hun weddenschaal van het niveau 4, de ambtenaren aan de maximumwedde van deze schaal worden bezoldigd, worden zij in de weddenschaal DA1 of DT2 geïntegreerd op de eerste trap van de intermediaire loonopslag die uit de integratie voortvloeit.
De nuttige anciënniteit van deze ambtenaren wordt vastgesteld op basis van het resultaat van hun inschaling.
In afwijking van de artikelen 14, 15, 17 en 18 van het koninklijk besluit van 29 juni 1973 houdende bezoldigingsregeling van het personeel van de federale overheidsdiensten, wordt deze nuttige anciënniteit de fictieve geldelijke anciënniteit bepaald in het enig niveau D.
Het verschil tussen de geldelijke en de nuttige anciënniteit verworven in de oude weddenschaal wordt meegenomen in de nieuwe weddenschaal en is beperkt tot elf maanden.
§ 2. Onverminderd de voorgeschreven reglementaire voorwaarden, kunnen de ambtenaren slechts de weddenschaal DA2 of DT3 bekomen mits ze slagen voor een door SELOR - Selectiebureau van de federale overheid georganiseerde competentietest die gelijkwaardig is aan de vergelijkende - selectie voor werving in die graad.
In afwijking van het eerste lid, kunnen de ambtenaren van niveau 4 die op datum van hun ambtshalve benoeming in niveau D een anciënniteit hebben van ten minste zes jaar in hun oude graad van niveau 4 aan de in het eerste lid bedoelde selectietest deelnemen.
Art. 12. § 1er. Les agents obtiennent dans l'échelle DA1 ou DT2 le traitement égal ou immédiatement supérieur au traitement dont ils bénéficiaient dans leur ancien grade.
Lorsque dans leur échelle de traitement du niveau 4, les agents sont rémunérés au traitement maximum de cette échelle, ils sont intégrés dans l'échelle DA1 ou DT2 au premier échelon de l'augmentation intercalaire issue de l'intégration.
L'ancienneté utile de ces agents est fixée sur base du résultat de leur intégration.
Par dérogation aux articles 14, 15, 17 et 18 de l'arrêté royal du 29 juin 1973 portant statut pécuniaire du personnel des services publics fédéraux, cette ancienneté utile devient l'ancienneté pécuniaire fictive fixée dans le seul niveau D.
La différence entre l'ancienneté pécuniaire et l'ancienneté utile acquises dans l'ancienne échelle est reprise dans la nouvelle échelle de traitement et est limitée à onze mois.
§ 2. Sans préjudice des conditions réglementaires prescrites, les agents ne peuvent obtenir l'échelle de traitement DA2 ou DT3 qu'à condition de réussir un test de compétences équivalent à la sélection comparative pour le recrutement dans ce grade, organisé par SELOR - Bureau de sélection de l'administration fédérale.
Par dérogation à l'alinéa 1er, les agents du niveau 4, qui comptent à la date de leur nomination d'office dans le niveau D une ancienneté de six ans au moins dans leur ancien grade du niveau 4, peuvent participer au test de compétences visé à l'alinéa 1er.
Lorsque dans leur échelle de traitement du niveau 4, les agents sont rémunérés au traitement maximum de cette échelle, ils sont intégrés dans l'échelle DA1 ou DT2 au premier échelon de l'augmentation intercalaire issue de l'intégration.
L'ancienneté utile de ces agents est fixée sur base du résultat de leur intégration.
Par dérogation aux articles 14, 15, 17 et 18 de l'arrêté royal du 29 juin 1973 portant statut pécuniaire du personnel des services publics fédéraux, cette ancienneté utile devient l'ancienneté pécuniaire fictive fixée dans le seul niveau D.
La différence entre l'ancienneté pécuniaire et l'ancienneté utile acquises dans l'ancienne échelle est reprise dans la nouvelle échelle de traitement et est limitée à onze mois.
§ 2. Sans préjudice des conditions réglementaires prescrites, les agents ne peuvent obtenir l'échelle de traitement DA2 ou DT3 qu'à condition de réussir un test de compétences équivalent à la sélection comparative pour le recrutement dans ce grade, organisé par SELOR - Bureau de sélection de l'administration fédérale.
Par dérogation à l'alinéa 1er, les agents du niveau 4, qui comptent à la date de leur nomination d'office dans le niveau D une ancienneté de six ans au moins dans leur ancien grade du niveau 4, peuvent participer au test de compétences visé à l'alinéa 1er.
HOOFDSTUK II. - Slotbepalingen.
CHAPITRE II. - Dispositions finales.
Art. 13. Het artikel 226 alsook de artikelen 229 tot 240 van het koninklijk besluit van 5 september 2002 houdende hervorming van de loopbaan van sommige ambtenaren in de Rijksbesturen zijn van toepassing op de ambtenaren geïntegreerd in de niveaus B en C.
Art. 13. L'article 226 ainsi que les articles 229 à 240 de l'arrêté royal du 5 septembre 2002 portant réforme de la carrière de certains agents des administrations de l'Etat sont d'application aux agents intégrés dans les niveaux B et C.
Art. 14. Artikel 1 van het koninklijk besluit van 13 mei 1999 tot vaststelling van de loopbaan en het geldelijk statuut van de personeelsleden van de Dienst veiligheid van de Staat op het gebied van de kernenergie wordt vervangen door de volgende bepaling :
" Artikel 1. De weddenschalen verbonden aan de graden van de personeelsleden van de Dienst veiligheid van de Staat op het gebied van de kernenergie, zijn de volgende :
- veiligheidsofficier inzake kernenergie : 13A
- eerstaanwezend veiligheidsadjunct inzake kernenergie : 10C
- veiligheidsadjunct inzake kernenergie : 10B, na achttien jaar graadanciënniteit geniet hij een wedde in de weddenschaal 10C. "
" Artikel 1. De weddenschalen verbonden aan de graden van de personeelsleden van de Dienst veiligheid van de Staat op het gebied van de kernenergie, zijn de volgende :
- veiligheidsofficier inzake kernenergie : 13A
- eerstaanwezend veiligheidsadjunct inzake kernenergie : 10C
- veiligheidsadjunct inzake kernenergie : 10B, na achttien jaar graadanciënniteit geniet hij een wedde in de weddenschaal 10C. "
Art. 14. L'article 1er de l'arrêté royal du 13 mai 1999 fixant la carrière et le statut pécuniaire des membres du personnel du service de la sûreté de l'Etat dans le domaine de l'énergie nucléaire est remplacé par la disposition suivante :
" Article 1er. Les échelles de traitements attachés aux grades des membres du personnel du service de la sûreté de l'Etat dans le domaine de l'énergie nucléaire, sont les suivantes :
- officier de sécurité nucléaire : 13A
- adjoint de sécurité nucléaire principal : 10C
- adjoint de sécurité nucléaire : 10B, après dix-huit ans d'ancienneté de grade, il bénéficie d'un traitement dans l'échelle de traitement 10C. "
" Article 1er. Les échelles de traitements attachés aux grades des membres du personnel du service de la sûreté de l'Etat dans le domaine de l'énergie nucléaire, sont les suivantes :
- officier de sécurité nucléaire : 13A
- adjoint de sécurité nucléaire principal : 10C
- adjoint de sécurité nucléaire : 10B, après dix-huit ans d'ancienneté de grade, il bénéficie d'un traitement dans l'échelle de traitement 10C. "
Art. 15. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 2 mei 2003.
Art. 15. Le présent arrêté produit ses effets le 2 mai 2003.
Art. 16. Onze Minister van Justitie is belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 14 juli 2004.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Begroting en Overheidsbedrijven,
J. VANDE LANOTTE
De Minister van Justitie,
Mevr. L. ONKELINX
Gegeven te Brussel, 14 juli 2004.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Begroting en Overheidsbedrijven,
J. VANDE LANOTTE
De Minister van Justitie,
Mevr. L. ONKELINX
Art. 16. Notre Ministre de la Justice est chargé de l'exécution du présent arrêté.
Donné à Bruxelles, le 14 juillet 2004.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre du Budget et des Entreprises publiques,
J. VANDE LANOTTE
La Ministre de la Justice,
Mme L. ONKELINX
Donné à Bruxelles, le 14 juillet 2004.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre du Budget et des Entreprises publiques,
J. VANDE LANOTTE
La Ministre de la Justice,
Mme L. ONKELINX
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N. Lijst der ambtenaren.
(Lijst niet opgenomen om technische redenen. Zie B.S. 09-09-2004, p. 65874).
Gezien om gevoegd te worden bij Ons besluit van 14 juli 2004.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Justitie,
Mevr. L. ONKELINX
De Minister van Begroting en Overheidsbedrijven,
J. VANDE LANOTTE.
(Lijst niet opgenomen om technische redenen. Zie B.S. 09-09-2004, p. 65874).
Gezien om gevoegd te worden bij Ons besluit van 14 juli 2004.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Justitie,
Mevr. L. ONKELINX
De Minister van Begroting en Overheidsbedrijven,
J. VANDE LANOTTE.
Art. N. Liste des fonctionnaires.
(Liste non reprise pour motifs techniques. Voir M.B. 09-09-2004, p. 65874).
Vu pour être annexé à notre arrêté du 14 juillet 2004.
ALBERT
Par le Roi :
La Ministre de la Justice,
Mme L. ONKELINX
Le Ministre du Budget et des Entreprises publiques,
J. VANDE LANOTTE.
(Liste non reprise pour motifs techniques. Voir M.B. 09-09-2004, p. 65874).
Vu pour être annexé à notre arrêté du 14 juillet 2004.
ALBERT
Par le Roi :
La Ministre de la Justice,
Mme L. ONKELINX
Le Ministre du Budget et des Entreprises publiques,
J. VANDE LANOTTE.