Zum Hauptinhalt

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
28 MAART 2003. - Decreet houdende wijziging van het decreet van 23 januari 1991 inzake de bescherming van het leefmilieu tegen de verontreiniging door meststoffen.
Titre
28 MARS 2003. - Décret modifiant le décret du 23 janvier 1991 relatif à la protection de l'environnement contre la pollution due aux engrais (TRADUCTION).
Dokumentinformationen
Numac: 2003035387
Datum: 2003-03-28
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2003035387
Date: 2003-03-28
Moniteur: Voir
Tekst (32)
Texte (32)
Artikel 1. Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid.
Article 1. Le présent décret règle une matière régionale.
Art. 2. In artikel 2, tweede lid, van het decreet van 23 januari 1991 inzake de bescherming van het leefmilieu tegen de verontreiniging door meststoffen, gewijzigd bij de decreten van 20 december 1995, 11 mei 1999 en 8 december 2000, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° de bepaling onder 5°, vervangen bij het decreet van 20 december 1995, wordt vervangen door wat volgt :
  " 5° nieuwe inrichting : een andere inrichting dan een bestaande landbouwinrichting of een bestaande veeteeltinrichting ";
  2° in de bepaling onder 9°, vervangen bij het decreet van 11 mei 1999, wordt het woord " aanslagjaar " geschrapt;
  3° de bepaling onder 10°, vervangen bij het decreet van 11 mei 1999, wordt vervangen door wat volgt :
  " 10° bedrijf : worden als één bedrijf beschouwd, een of meer veeteeltinrichtingen of landbouwinrichtingen die worden geëxploiteerd door een van de volgende categorieën personen :
  a) eenzelfde natuurlijke of rechtspersoon;
  b) echtgenoten of leden van eenzelfde gezin;
  c) een natuurlijke persoon en één of meer rechtspersonen waarin die natuurlijke persoon, zijn echtgeno(o)t(e) of een ander lid van zijn gezin belast is met de dagelijkse leiding;
  d) meerdere rechtspersonen waarin eenzelfde natuurlijke persoon, zijn echtgeno(o)t(e) of een ander lid van zijn gezin belast is met de dagelijkse leiding;
  e) verbonden ondernemingen in de zin van IV., A, § 1, van de bijlage bij het koninklijk besluit van 8 oktober 1976 met betrekking tot de jaarrekeningen van de ondernemingen; ";
  4° in de bepaling onder 12°, vervangen bij het decreet van 20 december 1995, worden tussen de woorden " duurzaam samenleeft en de " en de woorden " aangenomen kinderen " de woorden " met hem samenwerkende " ingevoegd;
  5° de bepaling onder 22°, vervangen bij het decreet van 11 mei 1999, wordt vervangen door wat volgt :
  " 22° mestverwerking : het behandelen, bewerken of verwerken van dierlijke mest op een dergelijke manier dat de nutriënten, vervat in de dierlijke mest :
  a) ofwel worden gemineraliseerd en de vaste residu's, die na de mineralisatie overblijven, niet op cultuurgrond gelegen in het Vlaamse Gewest worden opgebracht, tenzij die residu's eerst zijn behandeld tot kunstmest;
  b) ofwel worden gerecycleerd en het gerecycleerde eindproduct niet op cultuurgrond gelegen in het Vlaamse Gewest wordt opgebracht; ".
  6° de bepaling onder 54°, ingevoegd bij het decreet van 11 mei 1999, wordt vervangen door wat volgt :
  " 54° huiskavel : kadastraal perceel of kadastrale percelen gelegen in de gebieden, bedoeld in artikel 15ter, § 1, voorzover ze tot het bedrijf behoren conform aangifte 1998 (situatie 1997) of conform artikel 15bis, § 1, en die ofwel behoren bij de vergunde woning ofwel behoren bij de vergunde stal of stallen van de landbouw- of veeteeltinrichting en met de vergunde woning, stal of stallen een ononderbroken ruimtelijk geheel vormen. De begrenzing van de huiskavel vindt plaats op basis van een duidelijk herkenbaar specifiek gebruik of op basis van een in het landschap duidelijk herkenbaar element. Voor gebieden zoals bedoeld in artikel 15bis, § 1, of artikel 15ter, § 1, nieuw aangeduid vanaf 1 januari 2002, zijn huiskavels de percelen die ofwel behoren bij de vergunde woning ofwel bij de vergunde stal of stallen van de landbouw- of veeteeltinrichting en die met de vergunde woning, stal of stallen een ononderbroken ruimtelijk geheel vormen. De begrenzing van de huiskavel vindt plaats op basis van een duidelijk herkenbaar specifiek gebruik of op basis van een in het landschap duidelijk herkenbaar element; ";
  7° aan artikel 2, tweede lid, worden de bepalingen 55°, 56°, 57°, 58° en 59°, toegevoegd, die luiden als volgt :
  " 55° vergunde mestproductie : de mestproductie waarvoor een geldige milieuvergunning bestaat;
  56° intensief grasland : grasland dat niet valt onder de definities, bedoeld in artikel 2, tweede lid, 49°, 50°, 51°, 52° en 53°;
  57° park : een groene ruimte waar bij de aanleg, de inrichting en het beheer sociaalrecreatieve of esthetische overwegingen overheersen en waar gelijktijdig verschillende andere functies kunnen worden vervuld, zoals recreatieve, educatieve, economische, cultuurhistorische, landschappelijke, wetenschappelijke, ecologische, organismebeschermende en milieubeschermende functies. Een park bestaat naast open gedeelten waaronder waterpartijen, grasvelden, bloemperken, wandelwegen en andere infrastructuur, uit een afwisseling van bosgedeelten of gedeelten die begroeid zijn met bomen, kruiden en kruidachtige gewassen;
  58° inwerken van mest : de werkzaamheid waarbij mest na het uitspreiden ervan ofwel door grond wordt bedekt ofwel intensief met de grond wordt vermengd zodat de mest niet langer als zodanig op de grondoppervlakte ligt;
  59° effectieve groeiperiode : de periode van groei waarin significante stikstofopname optreedt, vastgesteld op basis van de stikstofopnamecurven van het gewas; ".
Art. 2. A l'article 2, alinéa 2, du décret du 23 janvier 1991 relatif à la protection de l'environnement contre la pollution due aux engrais, modifié par les décrets des 20 décembre 1995, 11 mai 1999 et 8 décembre 2000, sont apportées les modifications suivantes :
  1° la disposition sous 5°, remplacé par le décret du 20 décembre 1995, est remplacée par la disposition suivante :
  " 5° établissement neuf : un autre établissement qu'une exploitation agricole existante ou un élevage de bétail existant ";
  2° dans la disposition sous 9°, remplacée par le décret du 11 mai 1999, les mots " année d'imposition " sont supprimés;
  3° la disposition sous 10°, remplacée par le décret du 11 mai 1999, est remplacée par les dispositions suivantes :
  " 10° entreprise : sont considérés comme une seule entreprise, un ou plusieurs élevages de bétail ou exploitations agricoles qui sont exploités par une des catégories de personnes suivantes :
  a) une seule et même personne physique ou morale;
  b) des conjoints ou membres du même ménage;
  c) une personne physique et une ou plusieurs personnes morales au sein desquelles cette personne physique, son conjoint ou un autre membre de son ménage est chargé de la gestion journalière;
  d) plusieurs personnes morales au sein desquelles une seule et même personne physique, son conjoint ou un autre membre de son ménage est chargé de la gestion journalière;
  e) des entreprises liées au sens du IV., A, § 1er, de l'annexe à l'arrêté royal du 8 octobre 1976 relatif aux comptes annuels des entreprises; ";
  4° dans la disposition sous 12°, remplacée par le décret du 20 décembre 1995, le mot " aidants " est inséré entre les mots " ses enfants adoptifs " et les mots " ou de la personne ";
  5° la disposition sous 22°, remplacée par le décret du 11 mai 1999, est remplacée par les dispositions suivantes :
  " 22° transformation d'engrais : le traitement, le conditionnement ou la transformation d'effluents d'élevage de sorte que les éléments nutritionnels contenus dans les effluents d'élevage soient :
  a) soit minéralisés et les résidus compacts qui subsistent après minéralisation, ne soient pas épandus sur des terres arables situées en Région flamande, à moins que ces résidus n'aient au préalable été transformés en engrais artificiels;
  b) soit recyclés et le produit final recyclé ne soit pas épandu sur des terres arables situées en Région flamande; ";
  6° la disposition sous 54°, insérée par le décret du 11 mai 1999, est remplacée par les dispositions suivantes :
  " 54° parcelle domiciliaire : parcelle cadastrale ou parcelles cadastrales sises dans les zones, visées à l'article 15ter, § 1er, pour autant qu'elles appartiennent à l'entreprise conformément à la déclaration 1998 (situation 1997) ou à l'article 15bis, § 1er, qui appartiennent soit à l'habitation autorisée, soit à l'étable ou aux étables autorisés appartenant à l'élevage de bétail ou à l'entreprise agricole et formant un ensemble spatial ininterrompu avec l'habitation, l'étable ou les étables autorisés. La délimitation de la parcelle domiciliaire se fait sur la base d'une utilisation spécifique clairement reconnaissable ou sur la base d'un élément clairement reconnaissable dans le paysage. Pour les zones visée à l'article 15bis, § 1er, ou l'article 15ter, § 1er, qui sont nouvellement désignées à partir du 1er janvier 2002, des parcelles domiciliaires sont des parcelles appartenant soit à l'habitation autorisée, soit à l'étable ou aux étables autorisés appartenant à l'élevage de bétail ou à l'entreprise agricole et formant un ensemble spatial ininterrompu avec l'habitation, l'étable ou les étables autorisés. La délimitation de la parcelle domiciliaire se fait sur la base d'une utilisation spécifique clairement reconnaissable ou sur la base d'un élément clairement reconnaissable dans le paysage; ";
  7° à l'article 2, alinéa deux, sont ajoutées les dispositions 55°, 56°, 57°, 58° et 59°, rédigées comme suit :
  " 55° production d'engrais autorisée : la production d'engrais faisant l'objet d'une autorisation écologique valable;
  56° prairie intensive : la prairie non régie par les définitions visées à l'article 2, alinéa deux, 49°, 50°, 51°, 52° et 53°;
  57° parc : un espace vert dont l'aménagement, l'équipement ou la gestion s'inspirent de considérations socio-récréatives ou esthétiques et où plusieurs autres fonctions peuvent être réalisées simultanément telles que des fonctions récréatives, éducatives, économiques, culturo-historiques, paysagères, scientifiques, écologiques et protectrices des organismes et de l'environnement. Un parc comporte, outre des espaces libres, des plan d'eau, des pelouses, des parterres de fleurs, des sentiers et d'autres infrastructures, une alternance de zones boisées ou de zones couvertes d'arbres, d'herbes et de végétaux herbacés;
  58° incorporation au sol d'engrais : l'opération consistant à couvrir l'engrais de sol après son épandage ou à le mélanger intensivement avec le sol de sorte que l'engrais n'apparaît plus à la surface;
  59° période de croissance effective : la période de croissance durant laquelle une absorption azotée significative a lieu, mesurée sur la base des courbes d'absorption azotée des végétaux; ".
Art. 3. In artikel 3 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 20 december 1995 en 11 mei 1999, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° § 3, vervangen bij het decreet van 20 december 1995, wordt opgeheven;
  2° in § 6, vervangen bij het decreet van 20 december 1995, worden de woorden " punten 1°, b), c), en d) ; 2°, b), en c) ; en 3°, a) en 5° van § 1 " vervangen door de woorden " punten 1°, b), 2°, b), met uitzondering van de gegevens betreffende andere meststoffen, 3°, a), en 5°, van § 1. " ;
  3° aan § 7, vervangen bij decreet van 20 december 1995, wordt een zin toegevoegd, die luidt als volgt :
  " De Vlaamse regering bepaalt welke elementen van § 1, § 4, § 5 en § 6 in de modellen worden opgenomen in functie van de actuele noden. " ;
  4° aan § 7, vervangen bij het decreet van 20 december 1995, wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " Iedereen die dierlijke mest en andere meststoffen invoert in het Vlaamse Gewest is verplicht hiervan telkens aangifte te doen aan de Mestbank door middel van het mestafzetdocument, bedoeld in artikel 7. Dat mestafzetdocument geldt als aangifte. " ;
  5° in § 8, vervangen bij het decreet van 20 december 1995, wordt de verwijzing naar § 2 en § 3 geschrapt;
  6° aan § 9, vervangen bij decreet van 20 december 1995, wordt een zin toegevoegd, die luidt als volgt :
  " Deze geheimhoudingsverplichting doet geen afbreuk aan de regeling inzake openbaarmaking van milieu-informatie, als bedoeld in Hoofdstuk II - Passieve openbaarheid, van het decreet van 18 mei 1999 betreffende de openbaarheid van bestuur. ".
Art. 3. A l'article 3 du même décret, modifié par les décrets des 20 décembre 1995 et 11 mai 1999, sont apportées les modifications suivantes :
  1° le § 3, remplacé par le décret du 20 décembre 1995, est abrogé;
  2° dans le § 6, remplacé par le décret du 20 décembre 1995, les mots " points 1°, b), c), et d); 2°, b) et c); 3°, a) et 5° du § 1er " sont remplacés par les mots " points 1°, b), 2°, b), à l'exception des données concernant d'autres engrais, 3°, a), et 5°, du § 1er. ";
  3° au § 7, remplacé par le décret du 20 décembre 1995, est ajoutée une phrase, rédigée comme suit :
  " Le Gouvernement flamand détermine quels éléments des §§ 1er, 4, 5 et 6 seront repris dans les modèles en fonction des besoins actuels. ";
  4° au § 7, remplacé par le décret du 20 décembre 1995, est ajouté un alinéa deux, rédigé comme suit :
  " Toute personne important des effluents d'élevage et d'autres engrais en Région flamande, est tenue à en faire déclaration à la " Mestbank " à l'aide du document d'écoulement visé à l'article 7. Ce document d'écoulement tient lieu de déclaration. ";
  5 ° dans le § 8, remplacé par le décret du 20 décembre 1995, le renvoi aux §§ 2 et 3 est supprimé;
  6° au § 9, remplacé par le décret du 20 décembre 1995, est ajoutée une phrase rédigée comme suit :
  " Cette obligation de secret professionnel ne porte pas atteinte au régime de publicité des informations environnementales, tel que visé au Chapitre II - Publicité passive du décret du 18 mai 1999 relatif à la publicité de l'administration. "
Art. 4. In artikel 5, § 1, van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 11 mei 1999, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in de tabel worden de forfaitaire uitscheidingshoeveelheden, uitgedrukt in kg difosforpentoxide en stikstof per dier en per jaar, voor de hierna opgesomde diersoorten vervangen door de volgende hoeveelheden :
Art. 4. A l'article 5, § 1er, du même décret, remplacé par le décret du 11 mai 1999, sont apportées les modifications suivantes :
  1° dans le tableau, les quantités forfaitaires excrétées, exprimées en anhydride phosphorique et azote par animal et par an, sont remplacées par les quantités suivantes pour les espèces animales mentionnées ci-dessous :
        " Diersoort                   Difosforpentoxide          Stikstof
                                     (P2O5)-uitscheiding     (N)-uitscheiding
             -                                -                      -
                                       (kg/dier, jaar)       (kg/dier, jaar)
  PLUIMVEE
  opfokpoeljen van legkippen                0,21                   0,36
  opfokpoeljen van                          0,27                   0,47 ";
   slachtkuikenouderdieren
         " Espece d'animal                 Anhydride             Azote
                                          phosphorique       (N)-excretion
                                        (P2O5)-excretion
                                        (kg/animal, an)     (kg/animal, an)
  VOLAILLE
  Poules d'elevage de pondeuses               0,21               0,36
  Poules d'elevage d'animaux-parents          0,27               0,47 "
   de coquelets
  2° in de tabel worden de woorden " Andere runderen " vervangen door de woorden " I.3° Andere runderen ".
  2° dans le tableau les mots " Autres bovins " sont remplacés par les mots " I.3° Autres bovins ".
Art. 5. Aan artikel 7, § 2, van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 20 december 1995, wordt een 5° toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " 5° verplichte bestemming. ".
Art. 5. A l'article 7, § 2, du même décret, remplacé par le décret du 20 décembre 1995, est ajouté un 5°, rédigé comme suit :
  " 5° la destination obligatoire. "
Art. 6. In artikel 9 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 20 december 1995, 11 mei 1999, 3 maart 2000 en 8 december 2000, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 1, vervangen bij het decreet van 20 december 1995 en gewijzigd bij de decreten van 3 maart 2000 en 8 december 2000, wordt het tweede lid vervangen door wat volgt :
  " Het transport is verboden als blijkt dat de dierlijke mest of andere meststoffen zullen worden afgezet of vervoerd in strijd met de bepalingen van dit decreet en zijn uitvoeringsbesluiten. ";
  2° in § 2, eerste lid, vervangen bij het decreet van 20 december 1995 en gewijzigd bij het decreet van 11 mei 1999, wordt de eerste zin vervangen door wat volgt :
  " De Vlaamse regering kan de afzet van dierlijke mest door invoer, of de afzet van andere meststoffen evenals de afzet van mestoverschotten van producenten waarvan een of meer landbouw- of veeteeltinrichtingen gelegen zijn in een gemeente met een oorspronkelijke gemeentelijke productiedruk die hoger is dan 100 kg difosforpentoxide, beperken tot bepaalde gemeenten of arrondissementen. ";
  3° in § 2, tweede lid, vervangen bij het decreet van 20 december 1995 en gewijzigd bij het decreet van 11 mei 1999, wordt de eerste zin vervangen door wat volgt :
  " De Vlaamse regering kan producenten, waarvan geen enkele landbouw- of veeteeltinrichting gelegen is in een gemeente met een gemeentelijke productiedruk die hoger is dan 100 kg difosforpentoxide, verbieden hun mestoverschotten volledig of gedeeltelijk af te zetten in deze gemeenten. ";
  4° er wordt een § 2bis ingevoegd, die luidt als volgt :
  " § 2bis. De Vlaamse regering kan voor de afzet van mestoverschotten die uitsluitend bestaan uit een effluent na bewerking van dierlijke mest, andere bepalingen vastleggen dan die bedoeld worden in § 2, op basis van de samenstelling van de dierlijke mest waarvan het effluent de bewerkingsrest is. ";
  5° aan § 3, tweede lid, wordt een zin toegevoegd die luidt als volgt :
  " Deze totaliteit kan voor het gedeelte tussen het percentage bepaald in § 4, 4°, en de 100 %, ingevuld worden door de verwerking van de niet verwerkingsplichtige dierlijke mest afkomstig van een ander bedrijf. " ; (NOTA : Justel beschouwt dat de onderhavige wijziging, die geacht is op 16-02-2003 in werking te treden, vernietigd wordt door DVR 2003-12-12/35, art. 2, 2°, dat op 01-01-2003 in werking treedt.)
  6° in § 4, ingevoegd bij het decreet van 11 mei 1999 en gewijzigd bij het decreet van 3 maart 2000, worden telkens in 1° en 2° de woorden " op basis van de aangiften van 1998 " geschrapt.
Art. 6. A l'article 9 du même décret, modifié par les décrets des 20 décembre 1995, 11 mai 1999, 3 mars 2000 et 8 décembre 2000, sont apportées les modifications suivantes :
  1° dans le § 1er, remplacé par le décret du 20 décembre 1995 et modifié par les décrets des 3 mars 2000 et 8 décembre 2000, l'alinéa deux est remplacé par la disposition suivante :
  " Le transport est interdit s'il appert que les effluents d'élevage ou les autres engrais seront écoulés ou transportés en violation des dispositions du présent décret et de ses arrêtés d'exécution. ";
  2° dans le § 2, alinéa premier, remplacé par le décret du 20 décembre 1995 et modifié par le décret du 11 mai 1999, la première phrase est remplacée par la disposition suivante :
  " Le Gouvernement flamand peut limiter l'écoulement d'effluents d'élevage par importation ou l'écoulement d'autres engrais ainsi que l'écoulement d'excédents d'engrais des producteurs dont une ou plusieurs exploitations agricoles ou élevages de bétail sont situés dans une commune présentant une charge de production communale initiale supérieure à 100 kg d'anhydride phosphorique, à certaines communes ou arrondissements. ";
  3° dans le § 2, alinéa deux, remplacé par le décret du 20 décembre 1995 et modifié par le décret du 11 mai 1999, la première phrase est remplacée par la disposition suivante :
  " Le Gouvernement flamand peut interdire aux producteurs dont aucune exploitation agricole ou aucun élevage de bétail n'est situé dans une commune présentant une charge de production communale supérieure à 100 kg d'anhydride phosphorique, d'écouler en tout ou en partie leurs excédents d'engrais dans ces communes. ";
  4° Il est inséré un § 2bis, rédigé comme suit :
  " § 2bis. Le Gouvernement flamand peut, pour l'écoulement d'excédents d'engrais consistant exclusivement en un effluent après traitement des effluents d'élevage, arrêter d'autres dispositions que celles visées au § 2, en fonction de la composition des effluents d'élevage dont l'effluent est le résidu du traitement. "
  5° au § 3, alinéa deux, il est ajoutée une phrase, rédigée comme suit :
  " Cette totalité peut être réalisée pour la partie comprise entre le pourcentage fixé au § 4, 4°, et les 100 %, par la transformation des effluents d'élevage non soumis à transformation provenant d'une autre exploitation. "; (NOTE : Justel considère que la présente modification, censée entrer en vigueur le 16-02-2003, est rendue sans effet par DCFL 2003-12-12/35, art. 2, 2°, qui entre en vigueur le 01-01-2003.)
  6° dans le § 4, inséré par le décret du 11 mai 1999 et modifié par le décret du 3 mars 2000, les mots " sur la base des déclarations 1998 " sont chaque fois supprimés dans les 1° et 2°.
Art. 7. In hetzelfde decreet wordt een artikel 9bis ingevoegd, dat luidt als volgt :
  " Artikel 9bis. De Vlaamse regering kan door een met redenen omklede beslissing individuele of collectieve afwijkingen toestaan voor de toepassing van de artikelen 7, 8 en 9 van dit decreet in geval van algemene of bijzondere maatregelen die genomen zijn met toepassing van de dierengezondheidswet van 24 maart 1987 ter voorkoming en bestrijding van dierenziekten, voor het gehele grondgebied van het Vlaamse Gewest of delen ervan. "
Art. 7. Dans le même décret, il est inséré un article 9bis, rédigé comme suit :
  " Article 9bis. Le Gouvernement flamand peut accorder des dérogations individuelles ou collectives par une décision motivée, pour l'application des articles 7, 8 et 9 du présent décret au cas où des mesures générales ou particulières seraient prises en application de la loi du 24 mars 1987 relative à la santé des animaux pour tout le territoire de la Région flamande ou ses parties. "
Art. 8. In artikel 14 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 11 mei 1999 en 3 maart 2000, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 4, 3°, vervangen bij het decreet van 11 mei 1999, wordt in de tabel het woord " 500 " vervangen door het woord " 450 ";
  2° § 6, vervangen bij het decreet van 11 mei 1999, wordt vervangen door wat volgt :
  " Ter verbetering van de nutriëntenaanwending op cultuurgrond kan de Vlaamse regering afwijkingen op de hoeveelheid stikstof en fosfor in de vorm van dierlijke mest, bewerkte dierlijke mest en andere meststoffen toestaan, als die dierlijke mest, bewerkte dierlijke mest, of andere meststoffen de stikstof in dusdanige vorm bevatten dat slechts een beperkt gedeelte van de totale stikstof vrijkomt in het jaar van de opbrenging. De afwijkingen mogen niet tot gevolg hebben dat hierdoor binnen een meerjarig perspectief van maximum drie jaar meer stikstof en fosfor wordt toegediend dan toegelaten volgens de bemestingsnormen, bedoeld in de artikelen 14, 15, 15bis en 15ter. De Vlaamse regering bepaalt tevens de modaliteiten waaronder en de wijze waarop deze afwijkingen kunnen worden toegestaan. "
Art. 8. A l'article 14 du même décret, modifié par les décrets des 11 mai 1999 et 3 mars 2000, sont apportées les modifications suivantes :
  1° dans le § 4, 3°, remplacé par le décret du 11 mai 1999, le mot " 500 " est remplacé par le mot " 450 " dans le tableau;
  2° le § 6, remplacé par le décret du 11 mai 1999, est remplacé par la disposition suivante :
  " En vue de l'amélioration de l'utilisation d'éléments nutritionnels sur des terres arables, le Gouvernement flamand peut accorder des dérogations à la quantité d'azote et de phosphore sous la forme d'effluents d'élevage, d'effluents d'élevage traités et d'autres engrais, lorsque ces effluents d'élevage, effluents d'élevage traités ou autres engrais contiennent l'azote sous une forme telle que seule une partie limitée de l'azote total est dégagée durant l'année de l'épandage. Les dérogations ne peuvent pas avoir pour conséquence que dans une perspective pluriannuelle de maximum trois ans, davantage d'azote et de phosphore soient administrés que la quantité admise conformément aux normes de fertilisation visées aux articles 14, 15, 15bis et 15ter. Le Gouvernement flamand détermine en outre les modalités et les conditions selon lesquelles ces dérogations peuvent être accordées. "
Art. 9. In artikel 15ter, § 2, 2°, en in artikel 15ter, § 2, derde lid, van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 11 mei 1999 en gewijzigd bij het decreet van 3 maart 2000, worden de woorden " tot 1 januari 2002 " vervangen door de woorden " tot 31 december 2007 of tot het natuurrichtplan in werking is getreden ".
Art. 9. Dans l'article 15ter, § 2, 2°, et l'article 15ter, § 2, alinéa trois, du même décret, insérés par le décret du 11 mai 1999 et modifiés par le décret du 3 mars 2000, les mots " jusqu'au 1er janvier 2002 " sont remplacés par les mots " jusqu'au 31 décembre 2007 " ou jusqu'à l'entrée en vigueur du plan directeur de la nature ".
Art. 10. Aan artikel 15quater van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 11 mei 1999, wordt een § 5 toegevoegd, die luidt als volgt :
  " § 5. Voor een perceel, gelegen in een fosfaatverzadigd gebied waarvan, op grond van analyse, wordt bewezen dat het fosfaatbindend vermogen van 0 tot 90 cm diepte, kleiner of gelijk is aan 25 mmol P per kg luchtdroge grond, en het gehalte aan Poxalaat van 0 tot 30 cm diepte kleiner of gelijk is aan 20 mmol P per kg luchtdroge grond, gelden de bepalingen van § 1 niet en wordt de bemesting beperkt tot de volgende hoeveelheden difosforpentoxide in kg per ha en per jaar : 90 voor grasland, 80 voor maïs, 70 voor gewassen met lage stikstofbehoefte, 70 voor andere gewassen. Daartoe wordt door de Mestbank een attest afgegeven. In dit geval zijn de kosten van de analyse ten laste van de Mestbank.
  De Vlaamse regering stelt de voorwaarden vast waaronder de Mestbank dit attest kan afgeven, bepaalt de wijze waarop de analyse uitgevoerd moet worden en erkent de laboratoria die gemachtigd zijn om de analyse uit te voeren. "
Art. 10. A l'article 15quater du même décret, inséré par le décret du 11 mai 1999, il est ajouté un § 5, rédigé comme suit :
  " § 5. Une parcelle située dans une zone saturée en phosphates pour laquelle une analyse ferait apparaître que la capacité de fixation de phosphates à une profondeur de 0 à 90 cm, est inférieure ou égale à 25 mmol P par kg de terre séchée à l'air et la teneur en Poxalate à une profondeur de 0 à 30 cm, est inférieure ou égale à 20 mmol P par kg de terre séchée à l'air, n'est pas régie par les dispositions du § 1er et la fertilisation est limitée aux quantités d'anhydride phosphorique en kg par ha et par an : 90 pour prairies, 80 pour maïs, 70 pour végétaux à faibles besoins en azote, 70 pour d'autres végétaux. La " Mestbank " délivre à cet effet une attestation. Dans ce cas, le frais d'analyse sont à charge de la " Mestbank ".
  Le Gouvernement flamand détermine les conditions dans lesquelles la " Mestbank " peut délivrer cette attestation, détermine les modalités d'exécution de l'analyse et reconnaît les laboratoires autorisées à la mettre en oeuvre. "
Art. 11. In artikel 15septies, 1°, eerste lid, van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 11 mei 1999, worden de volgende woorden geschrapt : " met uitzondering van de verhoging van de bemestingsnorm van 450 tot 500 kg N/ha voor " totale stikstof " voor grasland ".
Art. 11. Dans l'article 15septies, 1°, alinéa premier, du même décret, inséré par le décret du 11 mai 1999, les mots suivants sont supprimés : " à l'exception de l'augmentation de la norme de fertilisation de 450 à 500 kg de N/ha pour " l'azote total " pour des prairies ".
Art. 12. In artikel 15octies van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 11 mei 1999, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 1, eerste lid, worden de woorden " De vergoeding is eisbaar van zodra de overdracht vast gedateerd is. " vervangen door de woorden " De vergoeding is eisbaar zodra de overdracht een vaste dagtekening heeft gekregen. ";
  2° in § 3, tweede lid, worden de woorden " bij ter post aangetekende brief genotificeerd door het aankoopcomité. " vervangen door de woorden " met een aangetekende brief, genotificeerd door de Mestbank. ";
  3° aan § 3 worden een derde en vierde lid toegevoegd, die luiden als volgt :
  " In de volgende drie gevallen kan de aanvrager de zaak aanhangig maken bij de rechter van de plaats waar het goed gelegen is :
  1° bij ontstentenis van de notificatie binnen de gestelde termijn;
  2° als de Mestbank van oordeel is dat de aanvraag niet in aanmerking komt voor de vergoeding van patrimoniumverlies;
  3° als de aanvrager het genotificeerde bedrag te laag acht.
  De vordering moet, op straffe van verval, worden ingeleid binnen drie maanden na het verstrijken van de termijn waarbinnen de notificatie had moeten gebeuren of na de datum van de afgifte op de post van de notificatie door de Mestbank. ";
  4° in § 4 wordt het eerste lid vervangen door wat volgt :
  " Overeenkomstig de artikelen 15quinquies, § 3, en 15sexies, § 4, kunnen eigenaars van bebouwde percelen of cultuurgronden die gelegen zijn in de gebieden, bedoeld in de artikelen 15, § 6, 15bis, § 1, en 15ter, de verplichte aankoop vragen. De vergoeding waartegen de verplichte aankoop gebeurt, wordt vastgesteld overeenkomstig de vergoedingsregels die gelden voor onteigeningen ten algemene nutte. Er wordt geen rekening gehouden met de waardevermindering die voortvloeit uit de artikelen 15, § 6, 15bis, § 1, en 15ter, of uit de op basis van deze bepalingen genomen maatregelen. " ;
  5° in § 6 wordt het tweede lid vervangen door wat volgt :
  " De door de rechter vastgestelde vergoeding wordt, krachtens het vonnis en zonder dat het vooraf moet worden betekend, door de Mestbank in de Deposito- en Consignatiekas gestort. De Mestbank stelt de betrokkene in kennis van deze verrichting. ";
  6° in § 6 wordt het derde lid vervangen door wat volgt :
  " Op zicht van het vonnis en van het hypothecair getuigschrift, uitgereikt na de datum van overschrijving van het vonnis, is de beambte van de Deposito- en Consignatiekas gehouden het gestorte bedrag aan de rechthebbenden te overhandigen als er geen beslag op, of verzet tegen de gestorte sommen bestaat. "
Art. 12. A l'article 15octies du même décret, inséré par le décret du 11 mai 1999, sont apportées les modifications suivantes :
  1° dans le § 1er, alinéa premier, les mots " L'indemnité devient exigible dès que la cession porte une date définitive. " sont remplacés par les mots " L'indemnité devient exigible dès que la cession fait l'objet d'une date certaine. ";
  2° dans le § 3, alinéa deux, les mots " est notifiée au demandeur par le comité d'achat, par lettre recommandée à la poste " sont remplacés par les mots " est notifiée au demandeur par la " Mestbank ", par lettre recommandée. ";
  3° Il est ajouté au § 3, un alinéa trois et quatre, rédigés comme suit :
  " Dans les trois cas suivants, le demandeur peut saisir le juge du lieu où le bien est situé :
  1° à défaut de notification dans le délai imparti;
  2° si la " Mestbank " estime que la demande n'est pas éligible à une indemnité de perte de patrimoine;
  3° si le demandeur juge que le montant notifié est trop bas.
  Sous peine de déchéance, l'action doit être intentée dans les trois mois qui suivent l'expiration du délai de notification ou après la date de remise à la poste de la notification par la " Mestbank ". ";
  4° dans le § 4, l'alinéa premier est remplacé par la disposition suivante :
  " Conformément aux articles 15quinquies, § 3, et 15sexies, § 4, des propriétaires de parcelles bâties ou de terres arables situées dans les zones visées aux articles 15, § 6, 15bis, § 1er et 15ter, peuvent demander l'achat obligatoire. L'indemnité à laquelle s'effectue l'achat obligatoire est fixée conformément aux règles d'indemnisation qui s'appliquent aux expropriations d'utilité publique. Il n'est pas tenu compte de la diminution de valeur découlant des articles 15, § 6, 15bis, § 1er et 15ter ou des mesures adoptées sur la base de ces dispositions. ";
  5° dans le § 6, l'alinéa deux est remplacé par la disposition suivante :
  " L'indemnité définitivement fixée par le juge est, en vertu du jugement et sans que celui-ci ne doive être signifié au préalable, versée par la Mestbank à la Caisse de Dépôt et de Consignation. La " Mestbank " met l'intéressé au courant de cette opération. ";
  6° dans le § 6, l'alinéa trois est remplacé par la disposition suivante :
  " Sur le vu du jugement et du certificat hypothécaire délivré après la date de transcription du jugement, l'agent de la Caisse de Dépôt et de Consignation est tenu de remettre le montant versé aux ayants droit si les sommes versées ne font pas l'objet d'une saisie ou d'une opposition. "
Art. 13. In artikel 16 van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 11 mei 1999, wordt § 1 vervangen door wat volgt :
  " § 1. De opbrenging van dierlijke mest op andere grond dan cultuurgrond is verboden, behalve het opbrengen van stalmest en bewerkte dierlijke en andere meststoffen waarin de stikstof in dusdanige vorm aanwezig is dat slechts een beperkt deel van de totale stikstof vrijkomt in het jaar van de opbrenging, in het kader van de bemesting van de plantput bij aanplantingen langs wegen, bij bosaanplanting of bij het aanleggen en onderhoud van tuinen en parken. Het is eveneens verboden dierlijke mest, andere meststoffen en chemische meststoffen te lozen of te storten in openbare rioleringen, in oppervlaktewateren, alsmede op openbare wegen, bermen en op alle andere plaatsen die geen cultuurgronden zijn. "
Art. 13. Dans l'article 13 du même décret, remplacé par le décret du 11 mai 1999, le § 1er est remplacé par la disposition suivante :
  " § 1er. L'épandage d'effluents d'élevage sur des terres autres que des terres arables est interdit, sauf l'épandage de fumier et d'effluents d'élevage et autres engrais traités dont l'azote est présent dans une forme telle que seule une partie limitée de l'azote total est dégagée dans l'année d'épandage, dans le cadre de la fertilisation du trou de plantation lors de plantations le long des routes ou de plantations de bois. Il est également interdit de déverser ou de décharger des effluents d'élevage, d'autres engrais et engrais chimiques dans les égouts publics, dans les eaux de surface ainsi que sur les voies publiques, dans des bas-côtés et tout endroit autre que des terres arables. "
Art. 14. In artikel 17 van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 11 mei 1999 en gewijzigd bij het decreet van 3 maart 2000, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 1, 1° en 2°, vervangen bij het decreet van 11 mei 1999, worden de woorden " 21 september " vervangen door de woorden " 15 september ";
  2° in § 1, vervangen bij het decreet van 11 mei 1999, wordt de bepaling onder 3° vervangen door wat volgt :
  " 3° op alle zon- en feestdagen. Deze verbodsbepaling geldt evenwel niet voor chemische meststoffen; ";
  3° in § 2, 1°, worden de woorden " bedoeld in artikelen 15, § 6, 1° tot en met 3°, 15bis en 15ter; " vervangen door de woorden " bedoeld in de artikelen 15, § 6, 1° tot en met 3°, en § 6bis, 15bis en 15ter, ";
  4° in § 4, 2°, vervangen bij het decreet van 11 mei 1999, worden de woorden " worden ondergewerkt " vervangen door de woorden " worden ingewerkt ";
  5° in § 4, vervangen bij het decreet van 11 mei 1999 en gewijzigd bij het decreet van 3 maart 2000, wordt de bepaling onder 3° vervangen door wat volgt :
  " 3° onder emissiearme opbrenging van andere meststoffen, andere dan die bedoeld worden in 2°, en dierlijke mest, andere dan die bedoeld worden in 2°, wordt verstaan :
  a) voor grasland : zode-injectie ofwel sleepslangtechniek;
  b) voor niet-beteelde cultuurgrond : mestinjectie of het in twee opeenvolgende werkgangen uitspreiden en inwerken van de mest, waarbij de mest binnen twee uur na het uitspreiden moet zijn ingewerkt op het perceel in kwestie. Op zaterdagen is het verplicht om de dierlijke mest onmiddellijk in te werken;
  c) voor beteelde cultuurgronden andere dan grasland : mestinjectie of sleepslangtechniek; ";
  6° een § 4bis wordt ingevoegd, die luidt als volgt :
  " § 4bis. Effluenten afkomstig van de bewerking of verwerking van dierlijke mest, en die een lager gehalte hebben aan ammoniakale stikstof dan 1 kg NH4-N per 1000 1 of 1 kg NH4-N per 1000 kg, moeten niet worden ingewerkt.
  Daartoe wordt door de Mestbank een attest afgegeven dat bij de toediening van het effluent aanwezig moet zijn. De kosten van de analyse vallen ten laste van de aanvrager.
  De Vlaamse regering stelt de voorwaarden vast waaronder de Mestbank dit attest kan afgeven, bepaalt de wijze waarop de analyse uitgevoerd moet worden en erkent de laboratoria die gemachtigd zijn om die analyses uit te voeren; ";
  7° in § 6,1°, vervangen bij het decreet van 11 mei 1999, worden een d) en een e) toegevoegd, die luiden als volgt :
  " d) voor uitzonderlijke teelten die nog een belangrijke stikstofopname hebben in de periode van uitrijstop en waar de bodem onvoldoende stikstof kan leveren uit voorraad of mineralisatie;
  e) specifieke derogaties zoals bedoeld in artikel 15, § 9; ";
  8° in § 7, vervangen bij het decreet van 11 mei 1999, worden de woorden " In afwijking van § 1, 1° en 2° " vervangen door de woorden " In afwijking van § 1, 1° en 2°, en § 2, is de opbrenging van stalmest toegelaten tot 15 november en vanaf 15 januari. " ;
  9° in § 8, vervangen bij het decreet van 11 mei 1999, wordt de eerste zin vervangen door wat volgt :
  " In afwijking van § 1, 1° en 2°, is de opbrenging van andere meststoffen en bewerkte dierlijke mest die stikstof in dusdanige vorm bevatten, waarbij een beperkt gedeelte van de totale stikstof vrijkomt in het jaar van opbrenging of waarbij de inhoud aan totale stikstof laag is, steeds toegelaten; ";
  10° er wordt een § 9 toegevoegd, die luidt als volgt " § 9. De Vlaamse regering kan nadere voorwaarden bepalen met betrekking tot de toepassing van de algemene derogatie, zoals bedoeld in artikel 15, § 8, inzake de opbrenging van dierlijke mest, andere meststoffen en chemische meststoffen op cultuurgronden. ".
Art. 14. A l'article 17 du même décret, remplacé par le décret du 11 mai 1999 et modifié par le décret du 3 mars 2000, sont apportées les modifications suivantes :
  1° dans le § 1er, 1° et 2°, remplacé par le décret du 11 mai 1999, les mots " 21 septembre " sont remplacés par les mots " 15 septembre ";
  2° dans le § 1er, remplacé par le décret du 11 mai 1999, la disposition sous 3° est remplacée par la disposition suivante :
  " 3° tous les dimanches et jours fériés. Cette interdiction ne s'applique toutefois pas aux engrais chimiques; ";
  3° dans le § 2, 1°, les mots " visées aux articles 15, § 6, 1° jusqu'à 3°, 15bis et 15ter; " sont remplacés par les mots " visées aux articles 15, § 6, 1° jusqu'à 3°, et § 6bis, 15bis et 15ter, ";
  4° dans le § 4, 2°, remplacé par le décret du 11 mai 1999, les mots " sont enfouis ", sont remplacés par les mots " sont incorporés au sol ";
  5° dans le § 4, remplacé par le décret du 11 mai 1999 et modifié par le décret du 3 mars 2000, la disposition sous 3° est remplacée par la disposition suivante :
  " 3° on entend par épandage pauvre en émissions d'autres engrais, autres que ceux visés au 2°, et d'effluents d'élevage, autres que ceux visés au 2° :
  a) pour des prairies : soit, l'injection de mottes soit, la technique du boyau de traîne;
  b) pour des terres arables non cultivées : soit, par injection d'engrais soit, l'épandage et l'incorporation au sol des engrais durant deux sessions consécutives, les engrais devant être incorporés au sol dans les deux heures suivant l'épandage sur la parcelle en question. Les samedis, les effluents d'élevage doivent être immédiatement incorporés au sol;
  c) pour des terres arables cultivées autres que des prairies : soit, l'injection d'engrais soit, la technique du boyau de traîne; ";
  6° il est inséré un § 4bis, rédigé comme suit :
  " § 4bis. Les effluents issus du traitement ou de la transformation d'effluents d'élevage et dont la teneur en azote ammoniacal est inférieure à 1 kg NH4-N par 1000 l ou 1 kg NH4-N par 1000 kg ne doivent pas être incorporés au sol.
  A cet effet, la " Mestbank " délivre une attestation qui doit être présente à l'épandage de l'effluent. Les frais d'analyse sont à charge du demandeur.
  Le Gouvernement flamand détermine les conditions dans lesquelles la " Mestbank " peut délivrer cette attestation, détermine les modalités d'exécution de l'analyse et reconnaît les laboratoires autorisés à faire les analyses; ";
  7° au § 6, 1°, remplacé par le décret du 11 mai 1999, il est ajouté un d) et un e), rédigés comme suit :
  " d) des cultures exceptionnelles dont l'absorption azotée est importante dans la période d'interdiction d'épandage et où le sol peut dégager insuffisamment d'azote de réserve ou par minéralisation;
  e) des dérogations spécifiques, telles que visées à l'article 15, § 9; ";
  8° dans le § 7, remplacé par le décret du 11 mai 1999, les mots " Par dérogation au § 1er, 1° et 2° " sont remplacés par les mots " Par dérogation au § 1er, 1° et 2° et § 2 ", l'épandage de fumier est autorisé jusqu'au 15 novembre et à partir du 15 janvier. " ;
  9° dans le § 8, remplacé par le décret du 11 mai 1999, la première phrase est remplacée par la phrase suivante :
  " Par dérogation au § 1er, l° et 2°, l'épandage d'autres engrais et des effluents d'élevage traités contenant de l'azote sous une forme telle que seule une partie limitée de l'azote total est dégagée dans l'année d'épandage ou dont la teneur en azote total étant peu élevée, est toujours autorisé; ";
  10° il est ajouté un § 9, rédigé comme suit :
  " § 9. Le Gouvernement flamand peut arrêter des modalités quant à l'application de la dérogation générale, telle que visée à l'article 15, § 8 relative à l'épandage d'effluents d'élevage, d'autres engrais et des engrais chimiques sur des terres arables. ".
Art. 15. In artikel 18, § 2, van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 11 mei 1999 en gewijzigd bij het decreet van 3 maart 2000, en artikel 20bis, § 4, ingevoegd bij het decreet van 11 mei 1999 en gewijzigd bij het decreet van 3 maart 2000, wordt telkens het woord " overschrijving " vervangen door het woord " overschrijding ".
Art. 15. Dans l'article 18, § 2, du même décret, remplacé par le décret du 11 mai 1999 et modifié par le décret du 3 mars 2000, et dans l'article 20bis, § 4, inséré par le décret du 11 mai 1999 et modifié par le décret du 3 mars 2000, le mot " overschrijving " dans le texte néerlandais, est remplacé chaque fois par le mot " overschrijding ".
Art. 16. In artikel 19 van hetzelfde decreet wordt de tweede zin geschrapt.
Art. 16. Dans l'article 19 du même décret, la deuxième phrase est supprimée.
Art. 17. In artikel 20, § 1, van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 20 december 1995, worden de woorden " in artikel 3, § 1,1°, b), 3°, a) en § 3 " vervangen door de woorden " in artikel 3, § 1, 1°, b), 3°, a), en § 7 ".
Art. 17. Dans l'article 20, § 1er, du même décret, remplacé par le décret du 20 décembre 1995, les mots " à l'article 3, § 1, 1°, b), 3° a) et § 3 " sont remplacés par les mots " à l'article 3, § 1er, 1°, b), 3° a) et § 7 ".
Art. 18. In artikel 20bis van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 11 mei 1999 en gewijzigd bij het decreet van 3 maart 2000, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° § 3 wordt vervangen door wat volgt :
  " § 3. De producent of gebruiker die opteert voor het nutriëntenbalansstelsel moet dat kenbaar maken aan de Mestbank aan de hand van de bijgevoegde stavingsstukken naar aanleiding van de aangifte conform artikel 3 betreffende het productiejaar waarop de aangifte betrekking heeft en naar aanleiding van een controle voor het lopende productiejaar en hij moet vermelden welke balans(en) als bedoeld in § 2 hij toegepast heeft of toepast, en hij moet opgeven of hij dat doet op individuele basis of in het kader van een milieubeleidsovereenkomst. ";
  2° aan § 5 wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt :
  " Bovendien wordt aan de producent of gebruiker die het nutriëntenbalansstelsel toepast en die de mestuitscheidingsbalans alsook de geëigende bescheiden ter staving van de aan- en afvoerposten van het productiejaar waarin de controle gebeurt door de toezichthoudende ambtenaren niet ter inzage kan geven, voor dat productiejaar het forfaitaire stelsel opgelegd, bedoeld in hoofdstuk V, afdeling 2. "
Art. 18. A l'article 20bis du même décret, inséré par le décret du 11 mai 1999 et modifié par le décret du 3 mars 2000, sont apportées les modifications suivantes :
  1° le § 3 est remplacé par la disposition suivante :
  " § 3. Le producteur ou l'utilisateur qui opte pour le régime du bilan nutritif doit le notifier à la " Mestbank " à l'aide des pièces justificatives jointes à l'occasion de la déclaration conformément à l'article 3, concernant l'année de production à laquelle la déclaration se rapporte et à l'occasion d'un contrôle pour l'année de production en cours et il doit mentionner quel(s) bilan(s) visé(s) au § 2 qu'il a appliqué(s) ou qu'il applique, tout en précisant s'il le fera sur base individuelle ou dans le cadre d'une convention environnementale. " ;
  2° il est ajouté au § 5, un alinéa deux, rédigé comme suit :
  " Au producteur ou utilisateur qui applique le régime du bilan nutritif et qui ne peut mettre à disposition le bilan d'excrétion d'engrais ainsi que les documents appropriés à l'appui des postes d'apport et d'écoulement de l'année de production au cours de laquelle le contrôle s'effectue par le fonctionnaires chargés du contrôle, il est imposé en outre pour cette année de production, le régime forfaitaire, visé au chapitre V, section 2. ".
Art. 19. In artikel 21 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 20 december 1995, 19 december 1997, 11 mei 1999, 8 december 2000 en 21 december 2001, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° een § 3bis wordt ingevoegd, die luidt als volgt :
  " § 3bis. In geval het totale bedrag van de drie basisheffingen, zoals bepaald in artikel 21, § 1, § 2 en § 3, van een bedrijf kleiner is dan 25 euro, dan wordt dit bedrag niet geïnd. " ;
  2° in § 5, gewijzigd bij de decreten van 20 december 1995, 19 december 1997 en 21 december 2001, worden in het laatste lid de woorden " in § 3 van artikel 3 " vervangen door de woorden " in § 7 van artikel 3 ";
  3° in § 6, gewijzigd bij de decreten van 25 juni 1992, 20 december 1995, 11 mei 1999, 3 maart 2000, 8 december 2000 en 21 december 2001, worden in 1° de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° de definitie van MPFp wordt vervangen door wat volgt :
  " MPFp = de forfaitaire productie van dierlijke mest, uitgedrukt in kg P205, zijnde het product van de gemiddelde veebezetting in de veeteelt- of landbouwinrichting gedurende het voorbije kalenderjaar en de overeenkomstige forfaitaire uitscheidingshoeveelheden per dier uitgedrukt in kg P205, zoals vastgesteld in artikel 5, § 1. Als de producent gebruik maakt van het nutriëntenbalansstelsel van het type mestuitscheidingsbalans, wordt voor de diersoort andere varkens met een gewicht van 20 tot 110 kg de waarde 5,33 kg P205 per dier per jaar gebruikt tenzij de reële uitscheidingshoeveelheid hoger is. In dat geval wordt de reële uitscheidingshoeveelheid gebruikt die verkregen is in de mestuitscheidingsbalans; ";
  2° de woorden " MPBnforf " en " MPpforf " worden vervangen door de woorden " MPBFn " en " MPFp ".;
  4° een § 7 wordt toegevoegd, die luidt als volgt :
  " § 7. In geval het bedrag van de superheffing SH1 of SH2, zoals bepaald in artikel 21, § 6, van een producent kleiner is dan 25 euro, dan wordt dat bedrag niet geïnd. ";
  5° een § 8 wordt toegevoegd, die luidt als volgt :
  " § 8. Voor wat betreft het aanslagjaar 2001, wordt de heffing niet geïnd voorzover het totale bedrag van de heffingen van § 1, § 2 en § 3, of § 6 niet hoger was dan 12,39 euro. "
Art. 19. A l'article 21 du même décret, modifié par les décrets des 20 décembre 1995, 19 décembre 1997, 11 mai 1999, 8 décembre 2000 et 21 décembre 2001, sont apportées les modifications suivantes :
  1° il est inséré un § 3bis, rédigé comme suit :
  " § 3bis. Au cas où le montant total des trois redevances de base, telles que fixées à l'article 21, §§ 1er, 2 et 3, d'une entreprise est inférieur à 25 euros, ce montant n'est pas perçu. " ;
  2° dans le § 5, modifié par les décrets des 20 décembre 1995, 19 décembre 1997 et 21 décembre 2001, les mots " à l'article 3, § 3 " sont remplacés par les mots " à l'article 3, § 7 " dans l'alinéa dernier;
  3° au § 6, modifié par les décrets des 25 juin 1992, 20 décembre 1995, 11 mai 1999, 3 mars 2000, 8 décembre 2000 et 21 décembre 2001, sont apportées les modifications suivantes dans le 1° :
  1° la définition de MPFp est remplacée par la définition suivante :
  MPFp = la production forfaitaire d'effluents d'élevage, exprimée en kg de P2O5, à savoir le produit de la densité moyenne du bétail dans l'élevage de bétail ou l'exploitation agricole au cours de l'année civile écoulée et les quantités d'excrétion brutes forfaitaires correspondantes par animal, exprimées en kg de P2O5, telles que fixées a l'article 5, § 1er. Si le producteur applique le régime de bilan nutritif du type bilan d'excrétion d'engrais, il est appliqué pour l'espèce animale autres porcs, ayant un poids de 20 à 110 kg, la valeur de 5,33 kg P2O5 par animal et par an; à moins que les quantités d'excrétion ne soient supérieures. Dans ce cas les quantités d'excrétion réelles obtenues dans le bilan d'excrétion d'engrais sont utilisées; ";
  2° les mots " MPBnforf " et " MPpforf " sont remplacés par les mots " MPBFn " et MPFp ".;
  4° il est ajouté un § 7, rédigé comme suit :
  " § 7. Si le montant de la redevance complémentaire SH1 ou SH2, telle que fixée à l'article 21, § 6, d'un producteur est inférieure à 25 euros, ce montant n'est pas perçu. " ;
  5° il est ajouté un § 8, rédigé comme suit :
  " § 8. Pour ce qui concerne l'année d'imposition 2001, la redevance n'est pas perçue dans la mesure où le montant total des redevances des § 1er, 2, 3 ou 6, ne dépassait pas les 12,39 euros. "
Art. 20. Aan artikel 22 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 20 december 1995, wordt een § 8 toegevoegd, die luidt als volgt :
  " § 8. Tegen deze beslissing kan uiterlijk binnen een termijn van 3 maanden nadat de heffingsplichtige er kennis van had, op straffe van verval, een vordering ingesteld worden bij de rechtbank van eerste aanleg. "
Art. 20. A l'article 22 du même décret, modifié par le décret du 20 décembre 1995, il est ajouté un § 8, rédigé comme suit :
  " § 8. Sous peine de déchéance, une action peut être intentée auprès du tribunal de première instance contre cette décision, au plus tard dans un délai de 3 mois après que le redevable en ait pris connaissance. "
Art. 21. In artikel 25 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 20 december 1995, 11 mei 1999 en 21 december 2001, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° § 7, ingevoegd bij het decreet van 11 mei 1999 en gewijzigd bij het decreet van 21 december 2001, wordt opgeheven;
  2° een § 9, § 10, § 11 en § 12, worden toegevoegd, die luiden als volgt :
  " § 9. Onder voorbehoud van de toepassing van de bepalingen van hoofdstuk XI, wordt lastens degene die met overtreding van artikel 4 het voorgeschreven register niet bijhoudt een administratieve geldboete opgelegd van 250 euro.
  § 10. Onder voorbehoud van de toepassing van de bepalingen van hoofdstuk XI, wordt lastens elke erkende mestvoerder een administratieve geldboete opgelegd van 10 euro per mestafzetdocument dat niet binnen de gestelde termijn werd bezorgd aan de Mestbank.
  § 11. Onder voorbehoud van de toepassing van de bepalingen van hoofdstuk XI, wordt lastens degene die met overtreding van artikel 20bis, § 5, eerste lid, de jaarlijks opgemaakte balansen, alsook de geëigende bescheiden ter staving van de aan- en afvoerposten gedurende de gestelde termijn niet ter inzage houdt van de toezichthoudende ambtenaren, een administratieve geldboete opgelegd van 250 euro.
  § 12. Onder voorbehoud van de toepassing van de bepalingen van hoofdstuk XI, wordt lastens de mestvoerder of de exploitant van een verzamelpunt, een bewerkingseenheid, of een verwerkingseenheid een administratieve geldboete opgelegd van 200 euro, als hij de bepalingen, die vermeld staan in de documenten die het vervoer van mest steeds vergezellen, bedoeld in artikel 7 en artikel 8, niet naleeft. ".
Art. 21. A l'article 25 du même décret, modifié par les décrets des 20 décembre 1995, 11 mai 1999 et 21 décembre 2001, sont apportées les modifications suivantes :
  1° le § 7, inséré par le décret du 11 mai 1999 et modifié par le décret du 21 décembre 2001, est abrogé;
  2° sont ajoutés, les §§ 9, 10, 11 et 12, rédigés comme suit :
  " § 9. Sous réserve de l'application des dispositions du chapitre XI, une amende administrative de 250 euros est imposée à charge de celui qui, en violation de l'article 4, ne tient pas à jour le registre prescrit.
  § 10. Sous réserve de l'application des dispositions du chapitre XI, une amende administrative de 10 euros est imposée à charge de chaque transporteur d'engrais agréé, par document d'écoulement qui n'est pas transmis à la " Mestbank " dans les délais prescrits.
  § 11. Sous réserve de l'application des dispositions du chapitre XI, une amende administrative de 250 euros est imposée à charge de celui qui, en violation de l'article 20bis, § 5, alinéa premier, ne met pas à la disposition des fonctionnaires chargés du contrôle, au cours des délais impartis, les bilans établis annuellement ainsi que les documents appropriés à l'appui des postes d'apport et d'écoulement.
  § 12. Sous réserve de l'application des dispositions du chapitre XI, une amende administrative de 200 euros est imposée à charge du transporteur d'engrais ou de l'exploitant d'un point de rassemblement, d'une unité de traitement ou d'une unité de transformation, s'il ne respecte pas les dispositions stipulées dans les documents accompagnant le transport d'engrais, visé aux articles 7 et 8. ".
Art. 22. In artikel 33 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 11 mei 1999, 3 maart 2000 en 8 december 2000, worden volgende wijzigingen aangebracht :
  1° § 2 wordt vervangen door wat volgt :
  " § 2. Op basis van het voortgangsrapport, bedoeld in artikel 34, over het jaar 2005, beslist de Vlaamse regering ten laatste op 31 oktober 2006 over de opheffing van de standstill, bedoeld in § 1, en de modaliteiten ervan met ingang van 1 januari 2007. ";
  2° in § 3 en § 5 worden de woorden " 31 december 2001 ", " 1 januari 2002 " en " aanslagjaar 2000 (bedrijfssituatie 1999) respectievelijk vervangen door de woorden " 31 december 2005 ", " 1 januari 2006 " en " aanslagjaar 2005 (bedrijfssituatie 2004) ".
Art. 22. A l'article 33 du même décret, modifié par les décrets des 11 mai 1999, 3 mars 2000 et 8 décembre 2000, sont apportées les modifications suivantes :
  1° le § 2 est remplacé par la disposition suivante :
  " § 2. Sur la base du rapport d'avancement, visé à l'article 34, relatif à l'année 2005, le Gouvernement flamand décide le 31 octobre 2006 au plus tard sur la levée du standstill visée au § 1er, et de ses modalités à partir du 1er janvier 2007. ";
  2° dans les §§ 3 et 5, les mots " 31 décembre 2001 ", " 1er janvier 2002 " et " l'année d'imposition 2000 (situation de l'entreprise 1999) " sont respectivement remplacés par les mots " 31 décembre 2005 ", 1er janvier 2006 " et " l'année d'imposition 2005 (situation de l'entreprise 2004) ".
Art. 23. In artikel 33bis van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 11 mei 1999 en gewijzigd bij de decreten van 3 maart 2000, 8 december 2000 en 9 maart 2001, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 2, gewijzigd bij de decreten van 11 mei 1999, 3 maart 2000 en 8 december 2000, worden in de tabel de forfaitaire uitscheidingshoeveelheden, uitgedrukt in kg difosforpentoxide en stikstof per dier en per jaar voor de hierna opgesomde diersoort vervangen door de volgende hoeveelheden :
Art. 23. A l'article 33bis du même décret, inséré par le décret du 11 mai 1999 et modifié par les décrets des 3 mars 2000, 8 décembre 2000 et 9 mars 2001, sont apportées les modifications suivantes :
  1° dans le § 2, modifié par les décrets des 11 mai 1999, 3 mars 2000 et 8 décembre 2000, les quantités d'excrétion forfaitaires, exprimées en kg d'anhydride phosphorique et d'azote par animal et par an, sont remplacées dans le tableau par les quantités suivantes pour les espèces animales sousmentionnées :
  " Diersoort             Difosforpentoxide         Stikstof (N)-uitscheiding
                         (P2O5)-uitscheiding
                           (kg/dier, jaar)               (kg/dier, jaar)
  PLUIMVEE
  opfokpoeljen                  0,21                         0,36 ";
  " Espece d'animal         Excretion d'anhydride       Excretion d'azote (N)
                                phosphorique
                              (P2O5)-excretion
                               (kg/animal, an)             (kg/animal, an)
  VOLAILLE
  Poules d'elevage                  0,21                       0,36 "
  2° in § 2, gewijzigd bij de decreten van 11 mei 1999, 3 maart 2000 en 8 december 2000, wordt voetnoot (2) vervangen door wat volgt :
  " (2) Voor de berekening van de nutriëntenhalte mag, ingeval bij de aangifte van 1998, 1997 of 1996 de diersoort " zeugen inclusief biggen " werd aangegeven en de biggen niet werden aangegeven onder " biggen minder dan 10 weken " een extra nutriëntenhalte, genoemd compensatie biggen, worden toegekend die berekend wordt als volgt :
  1° voor de P205-uitscheiding : met de hoeveelheid gelijk aan het aantal aangegeven " zeugen inclusief biggen " x 8,08 kg P205;
  2° voor de N-uitscheiding : met de hoeveelheid gelijk aan het aantal aangegeven " zeugen inclusief biggen " x 9,84 kg N.
  De " compensatie biggen " mag vanaf 1 januari 2003 enkel gebruikt worden voor de productie afkomstig van biggen met een gewicht van 7 tot 20 kg die geboren zijn op de inrichting waaraan de " compensatie biggen " toegekend werd;
  3° in § 2, gewijzigd bij de decreten van 11 mei 1999, 3 maart 2000 en 8 december 2000, wordt in voetnoot (3) het tweede lid vervangen door wat volgt
  " Het aantal zeugen dat in aanmerking genomen wordt voor deze extra nutriëntenhalte, genoemd compensatie opfokzeugen, is beperkt tot viermaal het aantal aangegeven " andere varkens ". " ;
  4° in § 2, gewijzigd bij de decreten van 11 mei 1999, 3 maart 2000 en 8 december 2000, wordt in voetnoot (5) het tweede lid vervangen door wat volgt :
  " Het deel van de nutriëntenhalte dat toegekend werd voor de diersoorten waarvoor een herberekening werd toegestaan, mag enkel gebruikt worden voor de productie afkomstig van deze diersoorten. " ;
  5° in § 5 wordt twee maal de datum " 31 december 2004 " vervangen door de datum " 31 december 2006 ";
  6° er wordt een § 10 toegevoegd, die luidt als volgt :
  " § 10. Ingeval de op basis van § 1, 2 of 3 toegekende nutriëntenhalte NHn en/of NHp van een landbouw- en/of veeteeltinrichting, lager is dan 85 % van de in artikel 21, § 6, bepaalde productie MPBFn en/of MPFp van het aanslagjaar 2001, wordt voor de landbouw- en/of veeteeltinrichtingen waaraan een nutriëntenhalte toegekend werd op voorlegging door de vergunninghouder van de toegekende milieuvergunning, de nutriëntenhalte NHn en NHp herberekend en ambtshalve toegekend op basis van 75 % van de in deze milieuvergunning vastgelegde vergunde productie. Indien echter een hogere productie wordt bewezen op basis van de mestaangifte van het aanslagjaar 2001 die de in deze milieuvergunning vastgelegde vergunde productie niet overschrijdt, wordt deze laatste productie als basis voor de herberekening in aanmerking genomen. Deze herberekende nutriëntenhalte geldt met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2002 en wordt alleen toegekend voorzover er voor het aanslagjaar 2003 minstens één aangifteplichtige gekend is bij de Mestbank. De voorwaarden en bepalingen vermeld in § 1, § 1bis, § 2, § 4, eerste lid, § 5, § 8 en § 9 blijven van toepassing bij de herberekening. "
  2° dans le § 2, modifié par les décrets des 11 mai 1999, 3 mars 2000 et 8 décembre 2000, la note (2) est remplacée par les dispositions suivantes :
  " (2) Pour le calcul de la teneur en éléments nutritionnels, et dans la mesure où l'espèce " truies en ce compris des porcelets " a été déclarée lors de la déclaration de 1998, 1997 ou 1996 et que les porcelets n'ont pas été déclarés dans la rubrique " porcelets de moins de 10 semaines ", une teneur en éléments nutritionnels supplémentaire, dénommé compensation porcelets, peut être accordée, calculée comme suit :
  1° pour l'excrétion de P2O5 : la quantité égale au nombre de " truies en ce compris les porcelets " déclarées x 8,08 kg P2O5;
  2° pour l'excrétion N : la quantité égale au nombre de " truies en ce compris les porcelets " déclarées x 9,84 kg N;
  La " compensation porcelets " ne peut être appliquée à partir du 1er janvier 2003 que pour la production provenant de porcelets d'un poids de 7 à 20 kg qui sont nés à l'établissement auquel la " compensation porcelets " est accordée;
  3° dans le § 2, modifié par les décrets des 11 mai 1999, 3 mars 2000 et 8 décembre 2000, l'alinéa deux dans la note (3) est remplacé par la disposition suivante :
  " Le nombre de truies pris en compte pour cette teneur en éléments nutritionnels supplémentaire, dénommée compensation truies d'élevage, est limité à 4 fois le nombre " autres porcs " déclarés. " ;
  4° dans le § 2, modifié par les décrets des 11 mai 1999, 3 mars 2000 et 8 décembre 2000, l'alinéa deux dans la note (5) est remplacé par la disposition suivante :
  " La partie de la teneur en éléments nutritionnels qui est attribuée aux espèces animales faisant l'objet d'un recalcul, peut uniquement être utilisée pour la production provenant de ces espèces animales. " ;
  5° dans le § 5, la date " 31 décembre 2004 " est deux fois remplacée par la date " 31 décembre 2006 ";
  6° il est ajouté un § 10 rédigé comme suit :
  " § 10. Au cas où la teneur en élements nutritionnels NHn et/ou NHp d'une exploitation agricole et/ou d'un élevage de bétail, accordée en vertu des §§ 1er, 2 ou 3, est inférieure à 85 %de la production MPBFn et/ou MPFp pour l'année d'imposition 2001, déterminée à l'article 21, § 6, la teneur en élément nutritionnels NHn et NHp des exploitations agricoles et/ou élevages de bétail auxquels une teneur en éléments nutritionnels a été accordée sur production de l'autorisation écologique par le titulaire de l'autorisation, est recalculée et accordée d'office sur la base de75 %de la production autorisée prévue par l'autorisation écologique. Si, toutefois, une production plus élevée est prouvée sur la base de la déclaration d'engrais pour l'année d'imposition 2001, qui ne dépasse pas la production autorisée prévue par cette autorisation écologique, cette dernière production fait d'office d'assiette pour le recalcul. Cette teneur en éléments nutritionnels recalculée rétroagit au 1er janvier 2002 et n'est accordée que dans la mesure où, pour l'année d'imposition 2003, au moins une personne soumise à déclaration est connue à la " Mestbank ". Les conditions et dispositions prescrites au § 1er, § 1erbis, § 2, § 4, alinéa premier, § 5, § 8 et § 9 demeurent d'application au recalcul. ".
Art. 24. In artikel 33ter van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 11 mei 1999 en gewijzigd bij het decreet van 3 maart 2000, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 1, 1°, worden de woorden " tot en met 31 december 2004 : " vervangen door de woorden " tot en met 31 december 2006 : ";
  2° in § 1, 1°, wordt c) vervangen door wat volgt :
  " c) kan met betrekking tot de diersoorten, bedoeld in artikel 5, alleen een milieuvergunning of akte die geldt als vergunning als bedoeld in het decreet van 28 juni 1985 betreffende de milieuvergunning worden verleend voor :
  1) de gehele of gedeeltelijke overname van de nog geldige milieuvergunningen van een bestaande veeteeltinrichting;
  2) de hernieuwing van de op het moment van de vergunningsaanvraag nog geldige milieuvergunningen van een bestaande veeteeltinrichting;
  3) de verandering van een bestaande vergunde veeteeltinrichting die geen stijging van de vergunde mestproductie van de bestaande veeteeltinrichting tot gevolg heeft;
  4) de uitbreiding met stijging van de vergunde mestproductie van een bestaande veeteeltinrichting die niet gelegen is in een ruimtelijk kwetsbaar gebied en die beschikt over een nutriëntenhalte, in combinatie met de volledige stopzetting van een bestaande veeteeltinrichting, die beschikt over een nutriëntenhalte. De aanvrager van de uit te breiden veeteeltinrichting moet tevens houder zijn van de milieuvergunning van de stop te zetten veeteeltinrichting. De stop te zetten inrichting mag geen stopzettingsvergoeding verkregen hebben in het kader van het decreet van 9 maart 2001 tot regeling van de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest. Het gedeelte dat kan bijdragen tot de uitbreiding wordt beperkt tot 75 % van de vergunning en tot 75 % van de nutriëntenhalte van de stop te zetten veeteeltinrichting;
  5) de exploitatie van een nieuwe veeteeltinrichting in agrarisch gebied of landschappelijk waardevol agrarisch gebied in combinatie met de volledige stopzetting van een bestaande veeteeltinrichting, die beschikt over een nutriëntenhalte, gelegen in een ander gebied dan agrarisch gebied of landschappelijk waardevol agrarisch gebied. De aanvrager van de nieuwe veeteeltinrichting moet tevens sinds 5 jaar houder zijn van de milieuvergunning van de stop te zetten veeteeltinrichting. De stop te zetten inrichting mag geen stopzettingsvergoeding verkregen hebben in het kader van het decreet van 9 maart 2001 tot regeling van de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest;
  6) de herlokalisatie van een bestaande veeteeltinrichting voortvloeiende uit ruilverkaveling, landinrichting, natuurinrichting en/of onteigeningen van openbaar nut, op voorwaarde dat de nieuwe of bijkomende mestproductie niet hoger is dan deze van de definitief stopgezette, bestaande veeteeltinrichting. De stop te zetten inrichting mag geen stopzettingsvergoeding verkregen hebben in het kader van het decreet van 9 maart 2001 tot regeling van de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest.
  Uitgezonderd in geval van overname mag de vergunning alleen toegekend worden of de akte alleen verleend worden, voorzover de aanvrager van de vergunning of degene die de melding van verandering doet dezelfde natuurlijke of rechtspersoon is als degene die voor deze inrichting bij de Mestbank gekend is als producent.
  Voor de gevallen, vermeld onder 4), 5) en 6), moeten de stallen voldoen aan door de Vlaamse regering bepaalde voorwaarden met betrekking tot de ammoniakemissies en de toepassing van beste beschikbare technieken. " ;
  3° in § 1, 2°, worden de woorden " vanaf 1 januari 2005 : " vervangen door de woorden " vanaf 1 januari 2007 : ";
  4° in § 1, 2°, b), i), worden de woorden " bekomen na 1 januari 2005, " op drie plaatsen vervangen door de woorden " bekomen na 1 januari 2007, ".
Art. 24. A l'article 33ter du même décret, inséré par le décret du 11 mai 1999 et modifié par le décret du 3 mars 2000, sont apportées les modifications suivantes :
  1° dans le § 1er, 1°, les mots " jusqu'au 31 décembre 2004 inclus " sont remplacés par les mots " jusqu'au 31 décembre 2006 inclus; ";
  2° dans le § 1er, 1°, le c) est remplacé par les dispositions suivantes :
  " c) pour ce qui concerne les espèces animales visées à l'article 5, seule une autorisation écologique ou acte tenant lieu d'autorisation, tels que visés dans le décret du 28 juin 1985 relatif à l'autorisation écologique ne peut être délivré pour :
  1) la reprise partielle ou totale des autorisations écologiques valables d'un élevage de bétail existant;
  2) le renouvellement des autorisation écologiques valables d'un elevage de bétail existant au moment de la demande d'autorisation;
  3) la transformation d'un élevage de bétail autorisé existant qui ne conduit pas à une hausse de la production d'engrais autorisée de l'élevage de bétail existant;
  4) l'extension d'un élevage de bétail existant conduisant à une hausse de la production d'engrais autorisée qui n'est pas situé dans une zone vulnérable et qui dispose d'une teneur en éléments nutritionnels, en combinaison avec l'arrêt définitif d'un élevage de bétail existant disposant d'une teneur en éléments nutritionnels. Le demandeur de l'élevage de bétail à étendre doit également être titulaire de l'autorisation écologique de l'élevage de bétail faisant l'objet de l'arret. L'élevage qui cessera ses activités ne peut avoir obtenu aucune indemnité d'arrêt dans le cadre du décret du 9 mars 2001réglant l'arrêt volontaire, complet et définitif de la production de tous les effluents d'élevage provenant d'une ou plusieurs espèces animales. La partie susceptible de contribuer à l'extension est limitée à 75 % de l'autorisation et à 75 % de la teneur en éléments nutritionnels de l'élevage de bétail qui cessera ses activités;
  5) l'exploitation d'un nouvel élevage de bétail situé dans une zone agricole ou une zone d'intérêt paysager, en combinaison avec l'arrêt complet des activités d'un élevage de bétail existant, qui dispose d'une teneur en éléments nutritionnels, situé dans une zone autre qu'une zone agricole ou une zone d'intérêt paysager. Le demandeur du nouvel élevage de bétail doit également être titulaire depuis 5 ans de l'autorisation écologique de l'élevage de bétail qui cessera ses activités. L'élevage qui cessera ses activités ne peut avoir obtenu aucune indemnité d'arrêt dans le cadre du décret du 9 mars 2001 réglant l'arrêt volontaire, complet et définitif de la production de tous les effluents d'élevage provenant d'une ou plusieurs espèces animales;
  6) la relocalisation d'un élevage de bétail existant découlant de remembrements, d'aménagement du territoire, d'aménagement de la nature et/ou d'expropriations d'utilité publique, à la condition que la production d'engrais nouvelle ou supplémentaire n'est pas supérieure à celle de l'élevage de bétail existant qui a définitivement cessé ses activités. L'élevage qui cessera ses activités ne peut avoir obtenu aucune indemnité d'arrêt dans le cadre du décret du 9 mars 2001 réglant l'arrêt volontaire, complet et définitif de la production de tous les effluents d'élevage provenant d'une ou plusieurs espèces animales.
  Sauf dans le cas d'une reprise, l'autorisation ou l'acte peuvent seulement être accordés dans la mesure où le demandeur de l'autorisation ou celui qui notifie la transformation, est la même personne physique ou morale que celle qui est connue comme producteur à la " Mestbank " pour cet établissement.
  Dans les cas cités sous 4), 5) et 6), les étables doivent remplir les conditions que le Gouvernement flamand fixe quant aux émissions d'ammoniac et l'application des meilleures techniques disponibles. ";
  3° dans le § 1er, 2°, les mots " à partir du 1er janvier 2005 : " sont remplacés par les mots " à partir du 1er janvier 2007 : ";
  4° dans le § 1er, 2°, b), i), les mots " obtenue après le 1er janvier 2005, " sont remplacés par les mots " obtenue après le 1er janvier 2007, ".
Art. 25. In artikel 33ter, § 1, 4°, van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 9 maart 2001, worden de woorden " Een verhoging van de mestproductie of nieuwe mestproductie is uitgesloten " vervangen door de woorden " Een verhoging van de vergunde mestproductie of een nieuwe vergunde mestproductie is uitgesloten ".
Art. 25. Dans l'article 33ter, § 1er, 4° du même décret, inséré par le décret du 9 mars 2001, les mots " Une hausse de la production d'engrais ou une nouvelle production d'engrais est exclue " sont remplaces par les mots " Une hausse de la production d'engrais autorisée ou une nouvelle production d'engrais autorisée est exclue ".
Art. 26. In artikel 33ter, § 4, van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 3 maart 2000 en gewijzigd bij het decreet van 8 december 2000, worden in het eerste lid de woorden " nadere regels " vervangen door de woorden " extra regels " en worden de volgende vier streepjes toegevoegd :
  " - veeteeltinrichtingen, onlosmakelijk verbonden aan onderzoeksinstellingen;
  - veeteeltinrichtingen, onlosmakelijk verbonden aan het beheer van erkende natuurreservaten en Vlaamse natuurreservaten;
  - veeteeltinrichtingen, onlosmakelijk verbonden aan het beheer van militaire domeinen, resulterend onder het protocol dat de overdracht regelt van het beheer van militaire domeinen van het Ministerie van Defensie naar de administratie van de Vlaamse Gemeenschap (AMINAL);
  - veeteeltinrichtingen, onlosmakelijk verbonden aan het beheer van dijken in opdracht van openbare besturen. ".
Art. 26. Dans l'article 33ter, § 4, du même décret, inséré par le décret du 3 mars 2000 et modifié par le décret du 8 décembre 2000, les mots " règles complémentaires " sont remplacés par les mots " regles supplémentaires " et les quatre tirets suivants sont ajoutés dans l'alinéa premier :
  " - élevages de bétail faisant partie intégrante d'instituts de recherche;
  - élevages de betail faisant partie intégrante de la gestion des réserves naturelles agréees et des réserves naturelles flamandes;
  - élevages de bétail faisant partie intégrante de la gestion de domaines militaires, relavant du protocole réglant la transfert de la gestion des domaines militaires du Ministère de la Défense à l'administration de la Communauté flamande (AMINAL);
  - élevages de bétail faisant partie intégrante de la gestion des digues pour le compte des administrations publiques. "
Art. 27. In artikel 34, § 1, tweede streepje, worden de woorden " het jaar 2004 " vervangen door de woorden " het jaar 2006 ".
Art. 27. Dans l'article 34, § 1er, deuxième tiret, les mots " jusqu'en 2004 inclus " sont remplacés par les mots " jusqu'en 2006 inclus ".
Art. 28. Aan artikel 35, § 1, eerste lid, van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 20 december 1995, worden de volgende woorden toegevoegd " en toezicht op de rubrieken 9 (dieren) en 28.2 (opslagplaats van dierlijke mest) en 28.3 (inrichtingen waar dierlijke mest bewerkt of verwerkt wordt), bedoeld in de lijst als bijlage 1 gevoegd bij het besluit van de Vlaamse regering van 6 februari 1991 houdende de vaststelling van het Vlaamse reglement betreffende de milieuvergunning. "
Art. 28. A l'article 35, § 1er, alinéa premier, du même décret, modifié par le décret du 20 décembre 1995, sont ajoutés les mots suivants :
  " et surveillent les rubriques 9 (animaux) et 28.2 (dépôts d'engrais animaux) et 28.3 (établissements pour le traitement et la transformation d'engrais animaux), visées dans la liste jointe comme annexe 1 à l'arreté du Gouvernement flamand du 6 février 1991 fixant le règlement flamand relatif à l'autorisation écologique. "
Art. 29. In artikel 36 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 20 december 1995 en 8 december 2000, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° aan § 1, 1°, van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 20 december 1995, wordt een h) toegevoegd, die luidt als volgt :
  " h) voertuigen doen halt houden. ";
  2° een § 6 wordt toegevoegd, die luidt als volgt :
  " § 6. De staalname en de analyse moet gebeuren conform het methodenboek met bemonsterings- en analyseprocedures in het kader van het Mestdecreet. "
Art. 29. A l'article 36 du même décret, modifié par les décrets des 20 décembre 1995 et 8 décembre 2000, sont apportées les modifications suivantes :
  1° au § 1er, 1° du même décret, modifié par le décret du 20 décembre 1995, il est ajouté un h), rédigé comme suit :
  " h) faire arrêter les véhicules. ";
  2° il est ajouté un § 6, rédigé comme suit :
  " § 6. L'échantillonnage et l'analyse s'effectueront conformément au livre des méthodes reprenant les procédures d'échantillonnage et d'analyse dans le cadre du décret sur les engrais. "
Art. 30. Aan artikel 37 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 20 december 1995, 11 mei 1999, 8 december 2000 en 21 december 2001, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 1, 2°, en § 2, 2° en 4°, gewijzigd bij het decreet van 20 december 1995, wordt het woord " diersoorten " vervangen door de woorden " diersoorten en andere meststoffen ";
  2° in § 1, gewijzigd bij de decreten van 20 december 1995, 11 mei 1999, 8 december 2000 en 21 december 2001, wordt 3° vervangen door wat volgt :
  " 3° degene die dierlijke mest of andere meststoffen op cultuurgrond opbrengt in overtreding met artikel 17; ";
  3° in § 2, gewijzigd bij de decreten van 20 december 1995, 11 mei 1999, 8 december 2000 en 21 december 2001, wordt 1° vervangen door wat volgt :
  " 1° degene die met overtreding van artikel 3 de voorgeschreven aangifte niet binnen de gestelde termijn of foutief of onvolledig indient; ";
  4° in § 2, 2°, gewijzigd bij het decreet van 20 december 1995, worden de woorden " artikel 7 " vervangen door de woorden " artikel 7 en artikel 8 ";
  5° in § 2, gewijzigd bij de decreten van 20 december 1995, 11 mei 1999, 8 december 2000 en 21 december 2001, wordt 3° vervangen door wat volgt :
  " 3° degene die met overtreding de in de artikelen 7 en 8 bedoelde dierlijke mest, afkomstig van de in artikel 5 opgesomde diersoorten en andere meststoffen, geproduceerd op een bedrijf of ingevoerd van buiten het Vlaamse Gewest, of andere meststoffen heeft vervoerd zonder het voorgeschreven mestafzetdocument juist en volledig op te maken en binnen de gestelde termijn over te zenden aan de Mestbank; ";
  6° in § 2, gewijzigd bij de decreten van 20 december 1995, 11 mei 1999, 8 december 2000 en 21 december 2001, wordt 8° vervangen door wat volgt :
  " 8° degene die een gemeld transport niet uitvoert overeenkomstig de bepalingen in het opgemaakte document, bedoeld in artikel 7 of artikel 8, dat het vervoer van mest steeds moet vergezellen. ";
  7° in § 3, gewijzigd bij de decreten van 20 december 1995, 11 mei 1999, 8 december 2000 en 21 december 2001, wordt een 1°bis ingevoegd, dat luidt als volgt :
  " 1°bis De mestvoerder of de exploitant van een verzamelpunt, een bewerkingseenheid, of een verwerkingseenheid die de bepalingen, vermeld in de documenten die het vervoer van mest steeds vergezellen, bedoeld in artikel 7 en artikel 8, niet naleeft. ";
  8° in § 3, gewijzigd bij de decreten van 20 december 1995, 11 mei 1999, 8 december 2000 en 21 december 2001, wordt 2° vervangen door wat volgt :
  " 2° degene die op cultuurgrond een hoeveelheid dierlijke mest, andere meststoffen of chemische meststoffen opbrengt of laat op brengen, groter dan de toegelaten hoeveelheden uitgedrukt in kg P2O5 en in kg N. ";
  9° in § 3, gewijzigd bij de decreten van 20 december 1995, 11 mei 1999, 8 december 2000 en 21 december 2001, wordt 5° vervangen door wat volgt :
  " 5° degene die diervoeders levert, aanvoert of laat aanvoeren zonder dat hij de geëigende correcte en volledige bescheiden ter staving van de aanvoerposten en afvoerposten, vermeld in artikel 20bis, heeft opgemaakt. ".
Art. 30. A l'article 37 du même décret, modifié par les decrets des 20 décembre 1995, 11 mai 1999, 8 décembre 2000 et 21 décembre 2001, sont apportées les modifications suivantes :
  1° dans le § 1er, 2° et le § 2, 2° et 4°, modifiés par le décret du 20 décembre 1995, les mots " d'autres engrais " sont ajoutés après les mots " espèces animales énumérées à l'article 5 ";
  2° dans le § 1er, modifié par les décrets des 20 décembre 1995, 11 mai 1999, 8 décembre 2000 et 21 décembre 2001, le 3° est remplace par la disposition suivante :
  " 3° celui qui, en infraction à l'article 17, épand des effluents d'élevage ou d'autres engrais sur des terres arables; ";
  3° dans le § 2, modifié par les décrets des 20 décembre 1995, 11 mai 1999, 8 décembre 2000 et 21 décembre 2001, le 1° est remplacé par la disposition suivante :
  " 1° celui qui, en infraction a l'article 3, ne fait pas ou de manière fautive ou incomplète, la déclaration prescrite dans le délai imparti; ";
  4° dans le § 2, 2°, modifié par le décret du 20 décembre 1995, les mots " l'article 7 " sont remplacés par les mots " l'article 7 et l'article 8 ";
  5° dans le § 2, modifié par les décrets des 20 décembre 1995, 11 mai 1999, 8 décembre 2000 et 21 décembre 2001, le 3° est remplacé par la disposition suivante :
  " 3° celui qui, en infraction aux articles 7 et 8, a transporté des effluents d'élevage provenant des espèces animales énumérées à l'article 5 et autres engrais, produits par une entreprise ou importé en Région flamande, ou d'autres engrais sans avoir rempli dûment le document d'écoulement d'effluents d'élevage prescrit et l'avoir transmis à la " Mestbank " dans le délai fixé; ";
  6° dans le § 2, modifié par les décrets des 20 décembre 1995, 11 mai 1999, 8 décembre 2000 et 21 décembre 2001, le 8° est remplacé par la disposition suivante :
  " 8° celui qui ne procède pas à un transport notifie conformément aux dispositions du document établi, visé à l'article 7 ou l'article 8, qui doit toujours accompagner le transport d'engrais. ";
  7° dans le § 3, modifié par les décrets des 20 décembre 1995, 11 mai 1999, 8 décembre 2000 et 21 décembre 2001, il est inséré un 1°bis, rédigé comme suit :
  " 1°bis Le transporteur d'engrais ou l'exploitant d'un point de rassemblement, d'une unité de traitement ou d'une unité de transformation qui ne respecte pas les dispositions reprises dans les documents accompagnant toujours le transport d'engrais, visés aux articles 7 et 8. ";
  8° dans le § 3, modifié par les décrets des 20 décembre 1995, 11 mai 1999, 8 décembre 2000 et 21 décembre 2001, le 2° est remplacé par la disposition suivante :
  " 2° celui qui épand ou fait épandre sur une terre arable une quantité d'effluents d'élevage, d'autres engrais ou d'engrais chimiques supérieure aux quantités admises, exprimées en kg P2O5 et en kg N. ";
  9° dans le § 3, modifié par les décrets des 20 décembre 1995, 11 mai 1999, 8 décembre 2000 et 21 décembre 2001, le 5° est remplacé par la disposition suivante :
  " 5° celui qui livre, achemine ou fait acheminer des aliments pour animaux sans qu'il ait établi les documents corrects et complets appropriés a l'appui des postes d'apport et d'écoulement, cités à l'article 20bis. "
Art. 31. In artikel 38 van het decreet van 11 mei 1999 tot wijziging van het decreet van 23 januari 1991 inzake de bescherming van het leefmilieu tegen de verontreiniging door meststoffen en tot wijziging van het decreet van 28 juni 1985 betreffende de milieuvergunning, gewijzigd bij de decreten van 3 maart 2000 en 8 december 2000, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° aan het eerste lid wordt een bepaling onder 3° toegevoegd, die luidt als volgt :
  " 3° de bepalingen van artikel 26,4° met betrekking tot de invoering van artikel 21, § 6, 1°, die in werking treden op 1 januari 2002. " ;
  2° in het tweede lid wordt de bepaling onder 1° geschrapt.
Art. 31. A l'article 38 du décret du 11 mai 1999 modifiant le décret du 23 janvier 1991 relatif à la protection de l'environnement contre la pollution due aux engrais et modifiant le décret du 28 juin 1985 relatif à l'autorisation ecologique, modifié par les décrets des 3 mars 2000 et 8 décembre 2000, sont apportées les modifications suivantes :
  1° à l'alinéa premier, il est ajouté une disposition sous 3°, rédigé comme suit :
  " 3° dispositions de l'article 26, 4° concernant l'instauration de l'article 21, § 6, 1° qui entrent en vigueur le 1er janvier 2002. ";
  2° dans l'alinéa deux, la disposition sous 1°, est supprimée.
Art. 32. Dit decreet treedt in werking op 16 februari 2003 met uitzondering van artikel 9, dat uitwerking heeft met ingang van 1 januari 2002, en artikel 12, dat in werking treedt op de datum die de Vlaamse regering zal vaststellen.
  Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
  Brussel, 28 maart 2003.
  De minister-president van de Vlaamse regering,
  P. DEWAEL
  De Vlaamse minister van Leefmilieu en Landbouw,
  V. DUA.
Art. 32. Le présent décret entre en vigueur le 16 février 2003, à l'exception de l'article 9, qui produit ses effets le 1er janvier 2002 et l'article 12 qui produit ses effets à la date que le Gouvernement flamand fixe.
  Promulguons le présent décret, ordonnons qu'il soit publié au Moniteur belge.
  Bruxelles, le 28 mars 2003.
  Le Ministre-Président du Gouvernement flamand,
  P. DEWAEL
  La Ministre flamande de l'Environnement et de l'Agriculture,
  V. DUA.